Verklaring van achternamen V

V.

Vaal, (de); Vael: Bijnaam vaal‘ bleek’.

Vaals, van. Plaatsnaam, Nederlands-Limburg.

Vaan, de. Waarschijnlijk aanpasing van Devanne(s).

Vaandrager: Vaandeldrager, vaandrig.

Vaart, van der, Vaerent, van der, Varent, van der, Varen, van der, van de Varent, Van der Vaere, Vervaart, Vaartjes, Vervaert, Vervaeren, de Tervarent, Poldervaart: Plaatsnaam (ter) Varent ‘plaats waar varens groeien’.

Vaarst, Vast. Vadersnaam. Nederlandse vorm van heiligennaam Vedastus.

Vaart, van der, van de Vaert, Vervaart, Vervaert: Variant van Van der Vaerent.

Vaarts. Waarschijnlijk hypercorrect voor Vaas.

Vaarzon: Vermoedelijk de Engelse familienaam Farson ‘fair son’.

Vaassen, Vaes, Vaessen, Vas: Vadersnaam. Zoon van Vaas, korte vorm van de voornaam Servaas, de heiligennaam Servatius.

Vaate, van der, van de Vaaten, van de Vaten, bij de Vaate, bij de Vate, van der Vaet, Vervaat, Vervaet, Vervat. Familienaam naar de plaatsnaam ‘vate’: drinkplaats voor dieren, openbare waterput.

Vaccin, Vachin. Afleiding van Frans Vache; koe, rund.

Vachaudez, Wachaudez, Wachaudé: Picardisch vassiau d'es: bijenkorf. Beroepsnaam van de imker.

Vacher, Vachier, Vacheer, Vaccher, Wachez, Vacquier, Vaquier, Vackier, Vaquer, Vaquez, Levacher, Desvachez, Desvages: Beroepsnaam. Frans vacher, Picardisch vacquier: koewachter.

Vache, Vaché: Afleiding van Vache: koe of spelling voor Vacher.

Vacht, de. Beroepsnaam van de vachtkoper of vachtploter. Zie De Vachter.

Vachter, (de). Beroepsnaam van de vachtkoper of -ploter, die de wol van de schapenvacht afsteekt.

Vacogne, Wacogne: 1. Dialect vorm van de streeknaam Gascogne. 2. Plaatsnaam Vacognes (Calvados). 3. Waarschijnlijk een plaatsnaam in het Boonse (Pas-de-Calais).

Vadder, de, Vaddere, de. Familienaam uit het Middelnederlandse vadder: doopvader, geestelijke vader. Vergelijk Vedder, Duits Gevatter, Pâte, Frans Parrain.

Vader, Vaders, de Vaere, de Vaar, de Vare, de Vaert, Devard. Bijnaam voor de vader om hem te onderscheiden van de zoon die dan meestal dezelfde doopnaam. Als familienaam ging hij dan over op andere kinderen. Op dezelfde manier ontstond ook de familienaam Zoon(s),

Vaeck. Middelnederlands vaec: vaak, slaperigheid. Vergelijk Duits Schlaf. 2. Picardisch vaque, Latijn vacca: koe. Bijnaam.

Vaek van, van Vaeck, van Vack, Vervaeke, Vervaek, Vervaeck, Vervaecke, Vervack, Vervacke, Vervaekt, Vervackt, Vervaque, Vervalcke, Vervarcke. Familienaam afgeleid van de plaatsnaam vake' = vlechtwerk als afdamming in een beek. Deze plaatsnaam komt op verschillende plaatsen voor.

Vael, Vaele, Vaelen, de Vaal, Falewee. Bijnaam: vaal (bleek), blond.

Vaeren, Varen, Varent, Vaerent, van der, van de Varent, van der Vaere, Vervaeren, de Tervarent. Familienaam uit de plaatsnaam (ter) Varent: plaats waar varens groeien. Wellicht ergens in Limburg en mogelijk in Tremelo (Vlaams-Brabant).

Vaerman, Vaermans, Vaereman, Vaeremans, Varemans, Vareman, Varremans, Faerman: 1. Middenenderlands vaerman: varensgezel, matroos, voetknecht. 2. Afleiding van Van der Vaeren(t).

Vaernewijck, (van), (van) Vaernewyck, (van) Vaerenwijck, Vaerenwyck, van Vaerenewijck, Vaerenewyck, (van) Varenwyck, Varenwyck, (van) Vaerewijck, Varewijck, Varewyck, Varewyk, Vaerwyck, Varnewyck, Varnewijk. Familienaam afgeleid van de plaatsnaam Varenwijk. Deze plaatsnaam komt onder andere voor in Bavikhove, Zevergem en Gent.

Vaerten, Vaarten: Afleiding van (Van der) Vaert

Vaes, Vaas, Vaessen, Vaessens, Vaesen, Vaesens, Vasen, Vase, Vassen, Vaasse, Vaasen, Vahsen, Vass, Vas, Vassen, Vasse, Voos, Voosen, Voose, Voois, Vooys, de, Vooijs, Voesen, Voes, Vossen, Voest, Voez, Voz, Vohsen, Vohs, Vose, Vause, Voshen, Vosen, Faas, Faasse, Faes, Faasen, Faase, Facen, Faassen, Faessen, Faesen, Fasen, Fazinga, Faasma Foes. Vadersnaam (verkorting) uit de Latijnse heiligennaam Servatius of Bonifacius. Sint-Servaas was bisschop van Tongeren-Maastricht en is de patroonheilige van Maastricht. Vandaar de grote verering en bekendheid in Limburg en Rijnland.

Vaesken, Veuskens: Vadersnaam. Afleiding van Vaes = Servaes.

Vaeye, Vaeyens, Vaij, Vayens, Vaye, Vuye, Vuije, Vye: Wellicht variant van Waeye.

Vaeyendries. Plaatsnaam Voyendries bij Turnhout (Antwerpen).

Vaganée. Plaatsnaam Vaganay of Vaganet, (Rhône).

Vagnier. 1. Variant van Wagnier. 2. Zie Vanier.

Vaguet. Vadersnaam. Afleiding van Germaanse voornaam Wago.

Vahlenkamp: Plaatsnaam, 1211 Walencamp in Marcq-en-Baroeul (Nord), Walloncamp bij Quévy (Henegouwen), Wallekamp in Rekkem (West-Vlaanderen).

Vaillant, Vaillants, Vailland, Levaillant: Oudfrans vaillant: dapper, voornaam, trots.

Vaillemans. Variant van Vellemans, met gemouilleerde 1?

Vaillier. Variant van Frans Valier, Franse dialect vorm van heiligennaam Valerius.

Vainqueur. Reïnterpretatie van Fincoeur.

Vairet, Vairé, Veyret, Waayeret. Naam uit het Oudfranse vairet: gevlekt, gestippeld. Bijnaam naar één of andere lichamelijke eigenschap (huid - haar - handen).

Vairon, Vairont. Oudfrans vairon: gevlekt, gestippeld, in twee kleuren. Bijnaam.

Vaise. Vadersnaam. Verkort van Gervaise, oude vorm van Gervais.

Vaisière, Vaissière, Vaissier, Vaisiere, Vayssier, Veyssière, Veyssières, Vessière, Vessie, Vessiere, Vessie: Afleiding van dialect Frans vaisse: notenboom. Plaatsnaam: plaats waar notenbomen groeien

Viasset, Veysset: Afleidig van vaisse: notenboom. Vergelijk Vaissière.

Val, Vaux, Veau, Veaux, Leval, Leva, Levaz, Levae, Levaux, Levau, Leveaux, Leveau, Levay, Levo, Levooz, Levoz, Lévoz, Lévo, Deleva, Delaval, Delvalle, Delval, Delvael, Delvae, Delva, Delvas, Dalva, Delvaen, Delvau, Delvaulx, Delvaux, Delvax, Delveaux, Delveau, Dellevaux, Delvoor, Delvo, Delvoux, Delvou, Devalle, Deval, De Vaal, Devaulx, Devau, Devaud, Devault, Deveau, Deveaux, Devau, Devaux, Desvaux, Desvaux, Devo, Deveeuw, Deveuw, Duval, Duva, Duvael, Duvault, Duvau, Duvaux, Duveau, Familienaam uit de zeer verspreide plaatsnamen: Val, Vaulx, Le Val. Dit betekent: dal.

Valck, Valcke, Valckx, Valcks, Valkx, De Valke, De Valk, De Valck, Valcq, (de) Valque, Falck, Falcq, Falek, Falque, Falques. 1. Beroepsnaam van de valkenier. 2. Vadersnaam uit de Germaanse voornaam Falco: valk.

Vale: Verkort uit van der Vale. Plaatsnaam Vaal, Le Val, Vaulx, van Frans Val ‘vallei, dal’.

Valenberg Van, Valenberghs, Valemberg. Familienaam uit de plaatsnaam Valenberg (s' Hertogenbosch, Veluwe).

Valent: Occitaans valent, Italiaans valente ‘moedig, sterk, flink’. Bijnaam.

Valentijn, Valentijns, Valenteyns, Valentyns, Valenteyns, Valetyn, Valetyns, Valentin, Valentine, Valentini, Valentiny, Valentino, Valentim, Valantin, Falentin, Fallentheyn, Fallenteyn, Fallenthein: Vadersnaam. Latijnse heiligennaam Valentinus.

Valet, Valez, Vallet, Vallez, Valley, Valles, Vaulet, Varlet, Varlz, Varley, Varlé, Warlet, Warlez, Levarlet, Levalet. 1. Naam uit het Oudfranse va(r)let: jongen, knaap, page, schildknaap, leerjongen. 2. Zie ook Vaulet.

Valeton: Oudfrans val(e)ton, verkleinvorm van valet, varlet ‘jongen, knaap, edelknaap, page, schildknaap, leerjongen’.

Valgaeren, Valgaerts, Valgaers. Familienaam uit de Oudmiddelnederlandse plaatsnaam (verspreid in Limburg) valgader: valhek (Valveken betekent zowat hetzelfde).

Valing: Vadersnaam. Afleiding van de oude Germaanse voornaam Falho of Valbert.

Valk, Valke, (de); de Valck, Valcke, Valcks, Valckse, Valckx, Valkx, Valckx, Valcq. (de) Valque, Falck, Falcq, Falek, Falque, Falques: 1. Beroepsbijnaam van de valkenaar ‘de beambte belast met de zorg over de voor de jacht afgerichte valken’. 1311 Jan Valke (op zijn zegel staan drie vogels); Aardenburg. 2. Het lidwoord kan secundair zijn, omdat de naam niet meer begrepen werd als voornaam. Vadersnaam. Germaanse voornaam Falco ’valk’.

Vale, van der, van der Vael, van (der) Val, van (der) Valle, van de Valle, Vervaele, Vaele, Vaele, Vervalle, van Valen: Plaatsnaam Ter

Vaal, Val, Frans Val: vallei, dal. Vergelijk Val. Van Val(le) en Van de Valle kunnen varianten zijn van Van (de) Wal(le).

Valembois. Plaatsnaam Val-en-bois: dal in het bos (Meuse).

Valenberg, van, Valenberghs, Valemberg: Plaatsnaam Valenberg (Gelderland).

Valence, Vallance: 1. Plaatsnaam. Franse naam van de Spaanse stad Valencia. Eventueel Franse plaatsnaam Valence (in 6 dep.). 2. Eventueel moedersnaam. Latijnse heiligennaam Valentia.

Valencia: Plaatsnaam. Spaanse stad Valencia.

Valençon, Valenson, Valanson: Vadersnaam. Afleiding van heiligennaam Valentius.

Valencyn, Valencyns, Valencijns: Plaatsnaam Valencijn, Frans Valenciennes (Nord).

Valenduc. Plaatsnaam Val-Duc in Hamme-Mille (Waals-Brabant).

Valenne. Plaatsnaam in Feschaux, Namen?

Valent, Valente, Valenti, Valiante, Valiente, Valinte: Occidentaals valent, Italiaans valente: moedig, sterk, flink. Bijnaam. Vergelijk Vaillant.

Valentijn, Valentijns,Valenteyns, Valentyns, Valentyn, Valentine, Valentin, Valentini, Valentiny, Valentino, Valentim, Valantin, Falentin, Fallenthyn, Fallenteyn, Fallenthein: Vadersnaam. Latijnse heiligennaam Valentinus. Moedersnaam Valentine. Is Falentin een plaatsnaam? Misschien reïnterpretatie van Phalempin.

Valère, Valeyre, Valere, Valair, Valerius, Valeri, Valerio, Walerius, Valério, Valero, Valéry, Valleri, Vallery, Vallieri, Vallier: Vadersnaam. Latijnse heiligennaam Valerius.

Valériane, Valeriane, Valériana: Vadersnaam. Latijnse heiligennaam Valerianus.

Valet, Valez, Vallet, Vallez, Valley, Valles, Vaulet, Varlet, Varlez, Varley, Varlé, Warlet, Warlez, Levarlet, Levalet. Oudfrans va(r)let: jongen, knaap, edelknaap, page, schildknaap, leerjongen. Vergelijk De Cnaep. 2. Zie ook Vaulet.

Valette, Vallette, Varlette. Vrouwelijk. van Valet. 2. Plaatsnaam Valette: klein dal, in Florennes (Namen).

Valgaeren, Valgaers, Valgaerts: Plaatsnaam. Middenenderlands valgader: valhek; vergelijk Valveken. Verspreide Limburgse plaatsnaam. 1364 Valgaders velt, St.-Truiden. Valkenveld.

Valière, Vallière: Moedersnaam Valière, van heiligennaam Valeria.

Valk, van der. Plaatsnaam Valk in Kapelle-op-den-Bos (Vlaams-Brabant), Eigenbrakel (Waals-Brabant), Varendonk (Antwerpen), Belsele (Oost-Vlaanderen). De Valk in Ede (Gelderland).

Valkenaar, Valkenaars, Valkenaert, Valkeneere, Valkeneers, Valkeners, Valkeneire, Valekenaers, (de) Valckenier, Valckenier, Valckeniers, Valkenier, Valkeniers, Valckenaers, Valckeneers, Valckeneire, Falgoneer, (de) Valckenaere, Valkenaere, de Valckeneer, de Valkeneer, de Valkener, de Valckenaers, Walkenaere, Valquenart, Walckenier, Walkenier, Velkeneers, Velkener, Velkeniers, de Walkeneer, Devalkeneer, Wolkenaer, Wolkenar, Wolkener. Beroepsnaam van de valkenier: degene die met de zorg voor de afgerichte valken belast was. Frans Fauconnier.

Valkenberg, Valkemberg, Valquelberg: Plaatsnaam Valkenberg in Nederbrakel (Oost-Vlaanderen), Poperinge (West-Vlaanderen), Gilze (Noord-Brabant) en Epe (Gelderland). Valkenberg is ook de oude Nederlands naam van Fauquembergues (Pas-de-Calais, Oost-Vlaanderen). Maar berg-en burg-namen werden vaak verward, zodat ook wel Valkenburg bedoeld kan zijn.

Valkenburg, van, (van) Valkenborgh, (van) Valckenborgh, Valkenborghs, Valkenborgh, Valkenborg: 1. Plaatsnaam Valkenburg (Nederlands-Limburg, Zuid-Holland). 2. Plaatsnaam, Zuid-Holland. Vergelijk ook Valkenberg.

Valkenisse, van: Plaatsnaam Valkenisse (Zeeland).

Valkhoff: Plaatsnaam ‘valkenhof’. Wellicht de Duitse plaatsnaam Falkenhof (Baden-Württemberg, Hessen).

Vallé, Vallée, Valée, Vallee, Valee, Vallez, Vallaeyes, Vallaeys, Vallaeys, Vallaey Lavallée, Lavallé, Lavallée, Lavalée, Lavallee, Lavalleye, Lavalley, Lavalaye, Delevallée, de la Vallée, de Laveleye; Delaveleye, Delevallé, Delevallée, Delevallez, Delvallée, Delvallee, Delvallez, Delvallet, Delvalley, Devallé, Deallée, Devalet, Devallez, Devalez. Familienaam uit de verspreide plaatsnaam vallée: dal, vallei.

Vallin, Vallyn,Valin,Valens,Vaelen: Vadersnaam. Oudevoornaam van Germaanse voornaam Falho of Valbert

Valmond. Plaatsnaam Valmont (Seine-Mar., Moselle).

Valois, Vallois: Plaatsnaam Valois, naam van een streek in Frankrijk (Aisne, Oise). Of Vallois (Meurthe-et-Mos.).

Valot, Vallot, Varlot, Varloteuax, Varloteau, Walot, Walo: 1. Vadersnaam. Afleiding van Germaanse voornaam Walo. Zie Wallon 1. 2. Oudfrans valot, variant van Valet.

Valschaerts. Bijnaam voor een valsaard. Zie Walschaert.

Valtin. Vadersnaam van Valentin. Vergelijk Velten.

Valton, Walton: Oudfrans val(e)ton, afleiding van Valet.

Valstar, Valster: Scandinavische familienaam Falster?

Valvekens. Plaatsnaam (Val)veken: sluitboom, valhek. Vergelijk Van der Veken.

Valy, Vally, Valli, Vali. Plaatsnaam Valy, Meuse.

Vamaymbeck. Wellicht (Frans-Vlaanderen) van Van Heymbeeck.

Vambenette. Verhaspeling van Van Beneden.

Vamos. Waarschijnlijk van Van Os.

Van, de, De Van, Devan. Waarschijnlijk aanpassing van Devannes.

Vanden. Verkorting van familienaam met Van den-aanloop? Vondelingnaam?

Vander, van Der. Wellicht Waalse afkorting van een Vlaamse familienaam met Van der-aanloop.

Vanderoux, Vanderoel, van der Roi: Vadersnaam. Romaanse vorm van Germaanse voornaam Wandrolf: Wandrulfus.

Vandenbergh. Vandenberg. Plaatsnaam.

Vandersborst. Verhaspeling van Van den Bosch (vergelijk Vandesbosch) of Van der Borcht.

Vander Hüff. Afgeleid van 'hof' = hoeve. Beroepsnaam voor een boer of landbouwhelper. Als vergelijking: bijvoorbeeld Huffmeier of Hüffmeier betekent hoevebezitter. De oorspronkelijke schrijfwijze is moeilijk te achterhalen omdat het een inwijking in Amerika betreft waarbij op dat moment geen vaste schrijfregels bestonden. De oorspronkelijke Hoefman, Hoffman bevestigen alleen maar dat er een verband is met 'hof' of 'hoeve'. Het (huidige) land van oorsprong vinden is nog moeilijker. Op het moment van de emigratie 'Peter Stuyvesant' lagen schrijfwijze/landverwantschap en uitspraak van het 'Duits' en het 'Nederlands' nog veel dichter bij mekaar dan nu. Met zekerheid kan je dus zeggen dat de afkomst uit het 'Germaanse' taalgebied is. De aanwezigheid van 'hüff', 'hoff', 'hofment', ondersteunen echter dat het Duitse taalgebied iets waarschijnlijker is.

Vandesbosch. Vervorming (Luxemburg) van Van den Bosch.

Vandesbroeck. Waalse spelling voor Van den Broek.

Vandesmal, Vandesmael, Vandesmaele, van de(der) Smal, Vandresmal, Wandesmal: Romaanse weergave van Van de Maele. De spelling des is de Romaans weergave van de uitspraak de (Vergelijk Vandesbroeck). Of reïnterpretatie van Vandersman, Wandersmann?

Vandesmanne. Waarschijnlijk door associatie met -man- namen, van Vandesmal. Beide namen komen in Henegouwen voor. Of = Vandersman. Vandesquille: Aaanpassing (Henegouwen) van Van de Skilde, Van der Schelde.

Vandefrosse, Van der Fosse. Vertaling van Delfosse.

Vandresse, Vandrèche: Samengetrokken van Vander Esse.

Vandrestin. Waalse spelling voor Van der Steen.

Vandrestranten: Vervorming (Frans-Vlaanderen) van Van der Straeten.

Vandrouf. Samengetrokken van Van der Hoef.

Vandy, Vendy: Waals of Picardisch variant van Vandier, variant van Gandier, Romaanse vorm van Germaanse voornaam Gandhari.

Vane, Vaane: Beroepsbijnaam van de vaandeldrager, vaandrig.

Vanêgue, Wanegue, Wannègue: Aaanpassing van Van Hege (zie van Eeghem), maar ook Van Hecke is niet uit te sluiten; vergelijk Wanecque.

Vanguers. Familienaam in Luxemburg. Waarschijnlijk verhaspeling van Wageners.

Vanguestaine, Vanguestenne. Als van-naam verhaspelde (Luik) familienaam Haug(l)ustaine= Hagelsteen.

Vanier, Vaniez, Vannier, Vanni, Vanniez, Vanye, Vany, Vagnier, Levannier: Beroepsnaam. Oudfrans vanier: mandenvlechter.

Vanlebroeck. Waalse aanpassing van Van den Broeck.

Vankan, Vankann. Plaatsnaam, van Kan.

Vanuscorps, Vannuscorps: Zinwoord van nu corps: naaktloper.

Varebeke, (de). Variant van Van Waerbeke, van Waerebeek.

Varel: Uit Varelle, van Verelle, Verhelle, van van der Helle?

Varenberge, van, van Varenbergh, van Varenberg, van Vaerenbergh, van Vaerenberghe, van Vaerenberg, van Vaerebergh, Vaerenbergh, Vaerenberg, van Vaeremberg, van Varemberg, van Varembergh, Varenberg, Varenberghs, Wahrenberg. Familienaam afgeleid van de verspreide plaatsnaam 'Varenberg': berg waarop veel varens groeien.

Varendonck, Vaerendonck, Voorendonck: Plaatsnaam Varendonk (Provincie Antwerpen) en in Melsele, Temse, Wondelgem (Oost-Vlaanderen), Duffel, Tnh. (Antwerpen).

Varewijck, Varwijk: Plaatsnaam Vaarnewijk in Bavikhove, (West-Vlaanderen), Gent en Zevergem (Oost-Vlaanderen).

Varga, Vargas, Vargaz. Varga is Hongaars en betekent dan schoenmaker (beroepsnaam). Varga en vooral de andere varianten zijn ook Spaans/Portugees komend uit de gelijknamige plaatsnaam of uit de algemene plaatsnaam varga (die zowel nat weiland, een klein huisje of een steile heuvel betekent). Wanneer de naam buiten Hongarije/Spanje/Portugal voorkomt is het soms moeilijk om de oorsprong te bepalen.

Varik, (van); van Vark: Plaatsnaam Varik in Neerijnen (Gelderland).

Varkenvisser, Varkevisser, Varckevanger: Visser van bruinvissen, zeevarkens.

Varsebrouck, Varsebroek. Plaatsnaam Verse Broek? Of reïnterpretatie van Vorsenbroek: broek met kikvorsen.

Varsseveld, van. Plaatsnaam in Wisch, Gelderland.

Vasco, Vasko, Vasquez, Vasques, Vazquez, Fasko: Vasco, volksnaam van de Bask.

Vasmel: Wellicht variant van Vasmeer. Vadersnaam., Friese voornaam Vas(t)mer, Vasmar. Germaanse voornaam Fastmar.

Vasseur: Oudfrans Vavasseur ‘houder van een achterleen, vazal’.

Vasonne, Vasoune, Vasanne. Plaatsnaam?

Vassal, Vassalle, Vassaux: Oudfrans vassal: vazal, leenman. Vergelijk Leemans.

Vassard, Vassart. Vadersnaam. Afleiding van heiligennaam Servatius. Zie Vaes.

Vasseur, Vasseux, Levasseur, Vavasseur: Oudfrans vavasseur: bouder van een achterleen, vazal. Vergelijk Vassal.

Vast, de: Bijnaam, vast ‘sterk, krachtig’? Vergelijk Duits Fest. Of met volksetymologisch lidwoord voor Vast, van Vaast, Nederlandse vorm van de heiligennaam Vedastus.

Vastenavont, Vastenavond, Vastenavondt. Bijnaam voor een (Vastenavond) feestvierder. Vergelijk Carême, Duits Fastnacht.

Vasmeer, Vastmeer. Vadersnaam. Friese voornaam Vasmer, Vastmer, Vasmar. Germaanse voornaam Fastmar.

Vastenhoudt, Vastenhout (van), Vastenhoud, Vastenhouw, Vastenholt, Vastenhold, van Fastenhout, Vastenau, Vastenauw, (van) Vastenou, Vastenouw, Fastenau. Plaatsnaam Vastenhouw(Vasten, wellicht eigennam uit Vaes/Faes + holt) in Nieuw Dordrecht (Drenthe).

Vastershaeghe, Vasterhaeghe, Vastersaegher, Vastersavendts, Vastesagher, Vastesaegher, Vastesaeger, Waestersaghen, Waestersaghem, Wastersaeghen, Wasterzak. Familienaam uit de plaatsnaam Vasterhage, wellicht in Geeraardsbergen.

Vaster, de. Reïnterpretatie van de voornaam Vaster = Vastraad? Of variant van De Vester?

Vastman, Vastmans, Vastemans. Vadersnaam uit een Germaanse Vast-naam (zoals bijvoorbeeld Festraets, Westra).

Vastrade, Vastrat, Verstraet, Verstraete, Vestraets, Fesstraets, Festraets, Festeraerts, Festraerts, Festrate, de Faestraets, de Foestraets, Waestraete, Wastraete, Wastrat, Westra, Westrade, Westraete, Westaedt, Faster, Vasters, Vesters, Vester, Festers. Vadersnaam uit het Germaanse fast-rêd Vast-­raad': Fastarat, Fastrad(us), Vastrad(us).

Vate, bij de, van de(der), bij, van de Vaate, Vervaat, Vervaet, Vervat: Plaatsnaam Vate ‘drinkplaats voor dieren, openbare waterput’.

Vatteroth. Duitse plaatsnaam Vatterode.

Vaubant. Plaatsnaam Vauban (Saône-et-Loire).

Vaubert. Wellicht spelling voor Fobert.

Vaucamps, Vaucampt, Vaucan, Vaucant, Vaudchamp, Waucampt: Plaatsnaam Vauchamps (Marne).

Vauclair, Vanclair, Vanclaire, Vanclercq, Vanclère : Plaatsnaam Vauclerc (Marne, Aisne) van vallis clara: helder dal.

Vaudevoorde. Leesfout voor Vandevoorde.

Vaudreville. Plaatsnaam, Manche.

Vaughan. Bijnaam. Wels fychan: klein, om de zoon van de vader te onderscheiden.

Vaulet, Vallet, Valet, Vallez, Valez, Valley. 1. Naam uit het Oudfranse val: dal. Plaatsnaam; klein dal. 2. Zie Valet.

Vauquelin. Vadersnaam. Afleiding van Vauquier, Wauquier.

Vantard. Vadersnaam. Romaanse vorm van Germaanse voornaam wald-hard 'heerser-sterk': Walthart.

Vaute. Vaders-, moedersnaam van Wouter/Vautier.

Vauterin, Vautrin, Vautrain, Vatrin: Vadersnaam. Vleivorm van Wautier, Germaanse voornaam Wouter. Vergelijk Wautrin.

Vautravers. Plaatsnaam Val travers: dwars dal.

Vautron, Vautrot. Vadersnaam. Afleiding van de voornaam Wautier, Vautier, Wouter.

Vavache. Door reduplicatie van Vache?

Vaxelaire. Franse aanpassing van Duits Wechsler.

Vecchi, Vecchion, Vecchione, Vecchiarino, Vecchilato. Italiaanse bijnaam Vecchio; oud.

Vèche, Vêche: Vèche/vaiche, dialect variant van Frans vache: koe. Bijnaam. Vergelijk Pollevaiche.

Vechten. 1. Bijnaam voor een vechter? 2. Vadersnaam van heiligennaam Victor.

Vecqueray, Vecqueraij, Vecray, Vicqueray, Viggria, Wégria: Waalse bijnaam vècrê: kleine bisschop.

Veder, (de) Vedere, Veders, Veeders, Veer: 1. Beroepsbijnaam van de verenkoopman, pluimenhandelaar of maker van veren. Duits Feder. 2. Variant van van Vedder?

Vedder. Nederduits Vedders, Vetter, Duits Fedder: oom (vaders broer), mannelijke verwante, neef. Vergelijk De Vadder.

Veedeleer, de, Videler, Fiddelaers, Fiddelers, Fyddelaers, Fideler, Fiedelers, Fiedlers, Fiedler, Fidlers, Fidler, Feidler: Beroepsnaam van de vedelaar, vedelspeler, vioolspeler.

Vedermans, Vedermans, Veerman, Veermans, Veremans, (de) Veirman: Beroepsnaam van de verenkoopman of de maker van veren voor pijlen.

Vedrin. Plaatsnaam Vedrin, Namen.

Veeck. Korte vorm voor van der Veken.

Veef. Misschien dialect vorm voor weduwe. Vergelijk Duitse familienaam Witwensohn.

Veegaete, van de, den, Veevaete, van den Weegaete, van den Wegaete: Plaatsnaam Veegat: pad, opening waardoor het vee gedreven wordt.

Veegaert: Lijkt wel een afleiding te zijn van Middelnederlands vege, veech ‘de dood nabij’. Maar vermoedelijk veeleer een vervorming van van den

Veekman: Zoals Vekeman(s) afleiding van van der Veke.

Veekhoven, van Veckhoven, van Veeckhoven, Vecoven, van Vechoven: Plaatsnaam Vedikhoven in Dormaal (Vlaams-Brabant).

Veelbehr: Wellicht de Duitse familienaam Vielberth, Filbert, van Filibert. Vadersnaam.

Veele, Veelen, van, Veel: Plaatsnaam Veele in Vlagtwedde (Groningen).

Veelhaver, Vielhaber: Nederlands, Nederduitse en hypercorrecte Duitse bijnaam: veel haver. Bijnaam voor een rijke haverkoopman.

Veelmann. Beroepsnaam van de Veelhauer; vijlenmaker.

Veen, (de), de Veene, Veens: Verkort van Van (der) Veen. Vergelijk De Ven.

Veen, (van): Plaatsnaam Veen in Aalburg (Noord-Brabant). Of verkort uit van der Veen.

Veen, van de (der); van der Feen, van der Veene, Terveen, van Venen, Verveen, van ‘t Veen: Plaatsnaam Veen ‘veengrond, turfgrond’ (Groningen, Noord-Brabant, Overijssel, Utrecht).

Veenbaas: Een Baas die op een veen woonde?

Veenemans, Veenema: Afleiding van van (der) Veen.

Veenendaal, (van): Plaatsnaam Veenendaal (Utrecht).

Veenenga, Veninga, Venia, Veenje, Feninga (de beste vorm), Fenenga, Fenega, Feening, Fening, Veenink, Venink, allen vadersnamen in verschillende vormen van een oude vadersnaam Fene, die waarschijnlijk oorspronkelijk één is met de oud-Germaanse persoonsnaam Fin.

Veenhof. Plaatsnaam, Drenthe, en in Wijchen, Gederland.

Veening, Vienings, Venema, Veninga: Vadersnaam. Afleiding van Vene, bakervorm van Germaans frith-naam.

Veenis. Waarschijnlijk variant van Venicx.

Veenman, Veenmans, Veeman, Veeneman: Afleiding van Van Veen.

Veenstra. Friese afleiding van plaatsnaam Veen.

Veer, de: Aanpassing van Devert, zie Levert.

Veer, van de (der), van ’t Veer, van der/den Veere, van de(der) Veire, van de Vieren, van Veeren, van Verre, van de Vere, van der Veeren, van der Verren, van der Veren, van de Verre, van 't Veer, van der Vieren, Verveer, Terveer, ter Veer, Veersma, Veerink, Haneveer. Familienaam afgeleid van de plaatsnaam ‘veer’' = oversteekplaats. De familienaam kan een plaatsnaam of een beroepsnaam zijn (veerman). De plaatsnaam Veer(e) komt in Vlaanderen, maar zeker in Nederland, zeeland, zeer veel voor. De familienaam minder. Plaatsnaam Veer of Veere, Zeeland.

Veerbeek: Wellicht de plaatsnaam Weerbeek in Eibergen (Gelderland).

Veerdonk, van de, der. Plaatsnaam, hoogte bij een veer.

Veerd, van der, Verveert. Plaatsnaam De Veert in Tielt.

Veerhoek: Plaatsnaam ‘plaats, hoek aan een veer’ (Zeeland). De Veerhoekpolder ligt ten westen van Oostburg.

Veerkamp: Plaatsnaam ‘kamp bij een veer’.

Veerman, (de), Veereman, Veermans, Veremans, Vereman, Verreman, (de) Veirman, Veireman: 1. Beroepsnaam van de veerman, pachter van een veer(pont). 2. Zie Vederman.

Veers, van. Plaatsnaam Veers, Kessel, Nederlands-Limburg.

Veesaert: Afleiding van Middelnederlands vesen ‘fluisteren’, vergelijk Vlaams vezelen.

Veestraete, Veestraeten. Plaatsnaam Veestraat: straat waarlangs vee gedreven wordt.

Veevaert. Familienaam in N. Frankrijk. Waarschijnlijk van Van Veevaete.

Veeweyde, van de Veeweij: Plaatsnaam Veeweide: algemene weide, wei waarop ieders vee mocht grazen (vooral Vlaams-Brabant, Limburg).

Vega, Veiga. Spaanse plaatsnaam; weide.

Vegelin (van Claerbergen), Vegelien (van Claerbergen), Vegeling. De familie Vegelin komt oorspronkelijk uit Fribourg oftewel Freiburg in Zwitserland. De familienaam wordt voor het eerst genoemd in de vijftiende eeuw. Men schrijft dan Fögili, Vögili of Fegili, wat waarschijnlijk eens 'krijgsman' betekende. Hans Fegili was hofmeester aan het hof van de Franse koning Louis XI (1423-1483) en werd door deze koning in de adelstand verheven. Kort na 1500 kreeg Georg de titel Heer van Claerbergen achter de familienaam. Het bedoelde gebied Claerbergen lag in het Duitse hertogdom Brunswijk (Braunschweig). Wanneer Philip Ernst (1613-1693) naar Fryslân komt, wordt het eerste stukje van zijn familienaam niet steeds op dezelfde manier geschreven. Stadhouder Willem Frederik spelt de naam van zijn hofmeester bijvoorbeeld als Veuglin, Veugelin of Veugling. In de achttiende eeuw wordt meestal Vegilin geschreven, maar in de loop van de tijd leest men steeds vaker Vegelin".

Veger: Beroepsnaam van een veger, bijvoorbeeld schoorsteenveger, harnasveger, zwaardveger.

Veghel, van, van Veggel, van Vegchel, Vegel. Plaatsnaam Veghel, Noord-Brabant.

Vegt, van der: Plaatsnaam De Vecht in Voorst (Gelderland).

Vegter, Fechter, Vechter, Vegt. Vadersnaam, van Latijn Victor; overwinnaar,

Vegten, van, Vegte: Plaatsnaam Vechten in Bunnik (Utrecht).

Vehent. Naam waarvan de betekenis onzeker is. Wellicht ontstaan uit de verschrijving van een andere naam. Een paar mogelijkheden: 1. Variant van Venten. Zie bij Winten. 2. Variant van Verhenne. Zie Renne. 3. Variant van Veret. Zie Reet(h) Van. 4. Variant van Vent. Zie bij Vent. De laatste mogelijkheid is wellicht het meest waarschijnlijk.

Vehoff: Duitse plaatsnaam Viehhof (Beieren).

Veil. Beroepsnaam van de veilmeester, die veilt, verkoopt.

Veilen, van der, van de Velle. Door ld/ll -assimilatie van Van der Velde.

Veillasse. Reïnterpretatie van Villers?

Veiller, Veillez, Veillet, Veilleys, Deveillée, Duveillier, Duveiller, Duveilliez, Duveillié, Duveillée, Duveillez, Duvellié, Duvellier, Duvellier, Duvelliez. Variant van Villier, Duvillier, mede door associatie met Frans veiller (zie Vilers).

Veillet, Veillez. Afleiding van vieil, Frans vieux: oud. 2. Zie Veiller.

Veismans. Afleiding van Middelnederlands vels; rots of van Van Velsen.

Veke, van der, (van der) Veeke, van der Veeken, van der Weken, van der Wekke, van der Wekken, Veken, van de(der), van der Vekens, van der Veiken, van der Veek, van der Veecken, van der Veeken, van der Vecken, van der Veck, van der Weken, van der Weckene, van der Weckené, van der Wieken, verveeken, Verveecke, Vervekken, Verveckken, Vervecken, Vekemans, Vekeman, Veckemans, Veckeman, Veeckmans, Veeckman, Veekman, Veekmans, Veckmans, Veckman, Veeckmans, Veekemans, Veyckemans, Veijckemans, Veijkemans: Plaatsnaam Veken ‘hek, (slag)boom, weideafsluiting’. Plaatsnaam De Veeken in Opmeer (Noord-Holland).

Vekener, Veckeneer. Beroepsnaam van de man die de afsluitboom opent en sluit. Vergelijk Van der Veken.

Vekens, Veekens, Veckens. 1. Plaatsnaam Veken. Zie Van der Veken. 2. Middelnederlands vedekin, afleiding van vede: penis. Vergelijk Merlevede. Bijnaam.

Vêla, Vella, Vêlez: Spaanse familienaam: waker, wachter.

Velaerts, Velaert, Veelaert. 1. Beroepsnaam uit het werkwoord vedelen: op de vedel, de viool spelen. 2. Of afgeleid van veilen: te koop aanbieden, veilen. Beroepsnaam van de veilingmeester.

Velaer, de, de Veleer, de Vêler: Beroepsnaam van de vedelaar, die de vedel bespeelt, muzikant. Vergelijk De Vedeleer.

Velasco, Velasquez, Velazquez: Spaanse familienaam van Baskische oorsprong. Afleiding op -sko van bêla: kraai.

Velde (van de(den), Van de(der) Velde, Velden, (van den, de/in’t, ter) Veld, Veldt, van der Vellen, van der Velle, van der Vele, Vandrevelle, Wandervelle, ten Velden, ten Velde, van 't Velt, van Tvelt, van ’t Veldt, van 't Veld, Veldman, Veltman, Velderman, Veldboer, van Twel: Verspreide plaatsnaam Veld ‘veld, onbebouwd land’.

Veldekens. Afleiding, vleivorm van Van den Velde.

Veldens: Vadersnaam. Variant van Veltens, afleiding van de voornaam Valentijn.

Velder, de, Velders, Vellere, Veller; Waarschijnlijk variant van De Vilder, onder invloed van vel: huid. Vergelijk Duits Feller.

Velderman, Velders, Vilders, Velder: Afleiding van de Velder? Of veeleer ontstaan uit Veldeman, afleiding van van de Velde.

Veldhoen, Veldhaens: Middelnederlands velthoen ‘patrijs, fazant’. Bijnaam of beroepsbijnaam. Vergelijk Nederduits Veldhoen, Duits Fasan, Urhahn.

Veldhoven, (van) Velthoven, van Vilthoven: Plaatsnaam Veldhoven (Noord-Brabant).

Veldhuis, Velthuis: Plaatsnaam Veldhuis (Noord-Holland) en in Haaksbergen Overijssel, Weerselo, Overijssel of Feldhaus (Nedersaksen).

Veldhuis, Velthuyse, Velthuys, Velthuis. Plaatsnaam Veldhuis, Noord-Holland. Of Nederduitse plaatsnaam Feldhaus, Nedersaksen.

Veldhuizen, (van), Veldhuyzen, van, Veldhuijzen, Velthuisen: Plaatsnaam Veldhuizen (Drenthe, Gelderland, Utrecht).

Veldink: Plaatsnaam Velding, Veldink in Tubbergen, Overijssel en Zwolle, Overijssel.

Veldkamp, Veltkamp: Plaatsnaam Veldkamp in Enschede, Overijssel, maar verder heel verspreid.

Vêle, van de. Waarschijnlijk verhaspeling van Van de Velde. Of eventueel Vandeville.

Velghe, Velge, Velghes, Vervelghe. Uit het Middelnederlandse velge: velg, duig. Beroepsbijnaam van de velgkapper, wielenmaker of kuiper.

Vélinaire. Verfransing van Duits Wellner?

Veling, Velings. Vadersnaam. Afleiding van Germaanse naam Vélo, van fïlu 'veel'.

Vêlions. Waarschijnlijk variant van Vallons.

Velisch, Welis, Welisch, Wells: Slavische familienaam. afleiding van Velislav. Vergelijk Tsjechisch Velisek.

Velk, van. Plaatsnaam Veldeke, Limburg.

Velle, Vellen. Naam uit het Middelnederlandse vel(le): vel, huid, bont, perkament. Beroepsbijnaam van de bontwerker.

Vellekoop: Beroepsnaam van de vellenkoper, huidenkoper.

Vellema, Vellenga, Vellinga: Vadersnaam. Fellema, Fellinga, Friese afleiding van de Friese voornaam Felle.

Vellema, Velleman, Vellemans: 1. Beroepsnaam van de huidenkoper. 2. Variant van Welleman. 3. Door assimilatie ld/ll van Veldeman, zie bij Velde.

Velpen, van der, van Vulpen, van Fulpen, Velpmans: Plaatsnaam Velpen in Halen (Belgisch-Limburg), of Velp in Grave (Noord-Brabant) Velpen (bij Doorn, Utrecht: 1469 op Velpen, of Velp in Rheden (Gelderland).

Velpmans. Afleiding van Van Velpen.

Velque. Romaanse (Henegouwen) uitspraak van Waals-Vlaamse familienaam Velghe.

Vels: Duitse plaatsnaam Fels, Middelnederlands vels ‘rots’.

Velsen, van; van Velze, van Velzen: Plaatsnaam Velsen (Noord-Holland).

Velten, Veltens, Felten, Feltenne, Feltesse, Feltes, Feltus, Veldens, Velden: Vadersnaam. Vleivorm en afleiding van heiligennaam Valentijn.

Veltenaar. Variant van Velkeneer, Valkenaer? Wellicht veeleer aaanpassing van Duitse familienaam Veltner, van Veldner 'op de velden'.

Velter, de, Veltere, de, Develtere, de Welter, (de) Vilter, Vilters. 1. Beroepsnaam voor de viltbewerker. 2. Een familie Velter is afkomstig van 1746 Rutpert opt Velt (Leveroij, Nederlands Limburg).

Velthem, van, van Velthom,van Veltom. Naam uit de plaatsnaam Velten (Vlaams-Brabant) of Veltum (Nederlands-Limburg).

Veltman, Veltmans, Veldemans, Veldmans, Veltemans: Afleiding Van van de Velde.

Velthof. Verspreide Duitse plaatsnaam Feldhof.

Veltjen, Veltjens, Veltgens, Veltyen, Feltgen, Feltges, Feidges: Vadersnaam. Afleiding van Velten = Valentijn.

Veldekens, afleiding van Middelnederlands velt.

Velu, Velus, Vellut, Velut: Bijnaam. Oudfrans velu: harig, ruig, behaard.

Velzeboer. Wellicht aanpassing van plaatsnaam Phalsbourg, Moselle.

Ven, de, de Vinne: Middenenderlands ven(ne), vin(ne), vemme, vimme: vin (van vis), schub, stekel. Bijnaam.

Ven, van de(den, der), van de(den, der) Venne, van der Venden, van de(der) Vennet, Ven, Vamdervenet, van de Vannet, van de Vennes, van de(der) Vinne, van de Vin, van der Vinnen, van der Vinne, van der Venne, van den Vinne, Vervenne, Verven, Varvennes, Varvenne, Verveynne, Vennekens: Zeer verspreide plaatsnaam ten/ter Ven(ne), Vin(ne)‘veen(land), land waar turf gestoken wordt, waterig stuk land’.

Venant. Vadersnaam. Latijnse heiligennaam Venantius.

Vendel, van de, Vendelmans, Vaendel. Plaatsnaam.

Vendelbos. Aanpassing van Deense familienaam Vendelbo.

Vendelmans. Afleiding van Venlo, Nederlands-Limburg?

Vendeloo, van: Plaatsnaam Venlo (Nederlands Limburg), met d-invoeging (vergelijk donder, van donre); vergelijk 1100 Uennelon.

Vendels. 1. Zie Windels. 2. Vondelingnaam: 17 dececember 1789 Begga Vendels, Bs.

Venderick, Venderickx, Vendrickx, Vendrix, Vendrig, Vinderick. Vadersnaam. Variant van Winderickx/Wenderickx (zie Winric) en vergelijk Windelinckx. 2. Of Vendrik is een Nederlandse, Nederduitse vorm van Duits Fahn(d)rich: vaandrig.

Vendevielle, Vendeville, Venteville, Devendeville, Vandeville: Plaatsnaam Vendeville (Nord).

Venditti. Vadersnaam. Zuid Italiaanse vorm van Benedetti, van heiligennaam Benedictus.

Vendredi, Vendredy: Frans pendant van Vrijdag.

Vendry. Vadersnaam. Romaanse vorm van de Germaanse voornaam Vendrik. Zie Venderick.

Venekamp: Plaatsnaam Venekamp in Roden (Drenthe).

Venneman, Veneman, Venema: Afleiding van van de Ven.

Venelle, Venault: Oudfrans venel: koopwaar, winkel. Beoepsnaam voor een koopman, winkelier.

Venesoen. Vadersnaam Venezoon, zoon van Vene, bakervorm van Germaanse frith-naam, zoals Vredenand. Vergelijk Venicx. Vergelijk Duits Vendensohn.

Venet. Beroepsnaam van de koopman, van Oudfrans veneter: verkopen.

Venetië, van: Plaatsnaam, de Italiaanse stad Venetië.

Venezia, Veneziano, Veneziani, Venetsanos, Venetsianos, Venecani: Herkomstnaam: Venetiaan.

Venhoven, Veenhof: Plaatsnaam. Vergelijk Veenhof in Gieten (Drenthe).

Venhuis, Venhaus: Twentse familienaam. Plaatsnaam Veenhuis (Gelderland).

Venhuizen, Veenhuizen, van, Veenhuis: Plaatsnaam als Venhuizen (Noord-Holland).

Venicx, Venix, Veninx, Veninga, Vennix, Vennincx, Vennik, Vennin, Vennens, Vennen: Vadersnaam. Afleiding van Vene, bakervorm van Germaanse frith-naam; vergelijk Venesoen. Zie ook Fenix.

Venier, (de) Veniere, Veny, Vény, Devenye, Devenyi: Beoepsnaam. Oudfrans vanier, Frans vannier: mandenmaker.

Venkeler, Venckeleer, Venckeleir, Venckelier, Venqueleir, Venquelier: Waarschijnlijk variant van Winkeleer.

Vennaert. Afleiding van Van de Venne.

Vennekamp. Plaatsnaam Venekamp in Roden, Drenthe.

Vennekens. Vleivorm van Van de Venne. Ook plaatsnaam Venneken.

Venneman, Vennemans, Venman, Venmans, Veenman: Afleiding van van den Ven.

Venicx, Vennix, Venix, Veninga, Vennix, Vennincx, Vennik, Vennin, Vennen, Vennen, Veenis: Vadersnaam. Afleiding van Vene, bakervorm van Germaans frith-naam.

Vennin. Frans venin: gif, venijn. Bijnaam. 2. Zie Venicx.

Venrooij, van, (van) Venrooy: Plaatsnaam Venray (Nederlands-Limburg).

Venster, van de. Reïnterpretatie van Van Deventer? Maar vergelijk 1374 Amelric van der Viervensteren = A. van der Voervensteren.

Vent, de, de Vendt, de Vindt, Devente, Vente: Nederlands vent, van Middelnederlands vennoot, veynoot ‘deelgenoot in een handelszaak, kameraad, ambtgenoot, handwerksgezel, vent, man, kerel’.

Ventât. Waals vinta, Oudfrans ventail. Beroepsnaam van de molenaar ?

Venter, (de), Devente. 1. Beroepsnaam voor een venter, verkoper. 2. Lees Deventer = van Deventer.

Ventevitter: Wellicht verhaspeling van Venteville.

Ventôse, Ventose: Waarschijnlijk vondelingnaam: gevonden in de maand Ventôse van de republikeinse kalender.

Ventevogel: Variant van de Vlaamse familienaam Vindevogel. Bijnaam. Middelnederlands vinne‘ vlerk, vleugel’ + vogel. De betekenis is dus ‘vogel met vleugels, vlugge vogel, vluggerd, die er vaak op uit vliegt’. Maar Kortrijks vindeveugel is ‘iemand die je nooit thuis vindt’, vergelijk Duits Fundevogel.

Ventre. Bijnaam naar de dikke buik. Vergelijk Buick.

Ventura, Ventor, Venturoni, Venturato, Venturelli, Venturelia, Venturi, Venturini, Venturoso, Venturuzzo. Italiaanse familienaam, verkort uit Bonaventura: goed geluk. Vergelijk Bonneure.

Venu. Bijnaam (bien)venu: welkom? Of voor een nieuwkomer.

Venus. Vondelingnaam. Op 26 mei 1652 werd in Antwerpen Jan Venus in de Venusstraat gevonden.

Venuto, Venuti. Italiaanse familienaam van Benvuto; welkom.

Veraart, Verraat, Veraert: 1. Moedersnaam. Ver Aert ‘vrouw Aardje’? 2. Van der Aart.

Veracht, Verachten, Veragten, Vrachten: Moedersnaam Ver A(e)chte:vrouw Agatha. Zie Aegten.

Verachter, Verachtert, Veraghtert, Veracthert, Varacteri. Plaatsnaam Achtert: stuk land achter een ander perceel of andere plaats.

Veranneman, Verhanneman, Verraneman, Verhalleman, Veralleman, Verholleman, Verolleman, Verhenneman, Verenneman, Verrenneman. Moedersnaam uit Ver Anna (vrouw Anna) + man: man van vrouw Anna.

Veraleweck. 1. Zie (van) Halewijck. 2. Moedersnaam Ver Heilwigen ?

Verbaandert, Verbaendert, Verbaanders, Verbaan, Verbanderd. Familienaam uit de plaatsnaam Baandert (Nederlands-Limburg).

Verardi, Verardo. Italiaanse vadersnaam Berardi, Berardo. Germaanse voornaam Berhard.

Verbaandert, Verbaendert, Verbaanderd, Verbanderd: Plaatsnaam Baandert (Nederlands-Limburg).

Verbaarendse, Verbarendse. 1. Vadersnaam, variant van Barendse, zie bij Bernard. 2. Moedersnaam uit Ver (=vrouwe) - Barendse.

Verbaas. Nederlandse aanpassing van Engelse Forbes. Plaatsnaam in Aberdeenshire.

Verbaet, Verbaeten. Moedersnaam Ver Bâte: vrouw Beatrix. Zie Baete. 2. Zie van (der) Baeten.

Verbanck: Uit van der Banck. Plaatsnaam ter Bank, in Heverlee (Vlaams-Brabant), Moen, Waregem (West-Vlaanderen), Haasdonk, Temse (Oost-Vlaanderen).

Verbanis. Verhaspeling van Verbays.

Verbeelen, Verbelen, Verbeylen, Verbylen, Verbeijlen, Verbijlen. 1. Moedersnaam uit Ver Bele: vrouwe Bele of Ver Bêle: vrouw Bêle. 2. Theoretisch mogelijk van Van der Beelen.

Verbeem, Verbeeme, Verbeemen, Verbeen: Plaatsnaam Beemen, samengetrokken uit Bohemen.

Verbeeren, Verbeiren, Verbeirens, Verberne, Verbiere, Verbieren, Verbeuren. Familienaam afgeleid van de plaatsnaam Beringen te Haacht en te Pepingen ( = mogelijk de plaats waar de stam (inga) van ene Ber ( = dapper als een beer) leefde en het Middelnederlandse 'bere' betekent onder andere ook modder).

Verbeerst, Verbeest, Verbeyst, Verbeijst, van Beest, van der Beerst. Familienaam uit de plaatsnaam (ter) Beerst (West-Vlaanderen). Zie ook Verbeyst.

Verbelien. Moedersnaam Ver Belie: vrouw Mabelie of Sibelie. Zie Belien.

Verberkt, Verberk, Verbert: Van der Berkt. Plaats ter Berkt ‘plaats waar berken groeien, berkenbos’. Ook plaatsnaam Berkt (Noord-Brabant).

Verbert, Verberten, Verbercht, Verbergt, Verberght, Verberdt, Verbart: 1. Moedersnaam Ver Ber(ch)te ‘vrouw Berta, Berte’. Germaanse voornaam. 2. Soms uit Verberkt. 3. Uit de plaatsnaam Berkt: berkenbos. 4. Uit de plaats Berkt (Noord-Brabant).

Verbesselen, Verbesselt, Verbecelte, Verbestel, Verbeustel, Verbustel, Verbutsel. Moedersnaam Bessele, uit de Germaanse Betsa-naam. Een afleiding van berth-naam.

Vertessen; moedersnaam, Ver Tesse; vrouw Eustachia. Vergelijk Tesse. Tessens.

Verbesse, Verbessem. 1. Moedersnaam uit Ver Besse(n) (vrouwe) Germaanse voornaam Beza (afleiding van een berth-naam). 2. Of uit de plaatsnaam Bessemt (Grimbergen, Hombeek, Tervuren, Vlaams-Brabant), plaats waar bezemrijs, brem groeit

Verbeyst, Verbeijst, Verbeijstza. 1. Zie Verbeerst. 2. Wellicht echter Vlaams-Brabantse variant van Verbi(e)st. Zie bij Biest (van der).

Verbeijt, Verbuijt: West-Vlaamse verhaspeling van Marbaix (plaatsnaam in Henegouwen). Ludovicus Marbey fs. Martinuis trouwt in Tielt in 1654 als Verbey; zijn kinderen worden gedoopt als respectievelijk Marbey, Verbey, Verbreyt; ze trouwen als Verbreyt.

Verbielen, Verbillen: Moedersnaam Ver Biele, Bille: vrouw Mabelie of Sibelie. Zie Belie(n).

Verbilt, Verbeelt, Verbeeld, Van der Bilt. Plaatsnaam De Bilt (Utrecht), Bilt (Nederlands-Limburg), Het Bildt (Friesland). Bilt: nieuw aangewassen land.

Verbiest, Verbist: Plaatsnaam ter Biest ‘plaats waar biezen groeien’.

Verbinnen, Verbennen. Familienaam uit de vage plaatsaanduiding: Van D(a)erbinnen, vergelijk Verboven.

Verblakt: Van der Blaakt. Plaatsnaam Blaak in Etten (Noord-Brabant), Ridderkerk (Zuid-Holland), bij Tilburg (Noord-Brabant), in Dongen (Noord-Brabant), Heinenoord en Mijnsheerenland (Zuid-Holland).

Verblijdt, Verblydt. Waarschijnlijk een reïnterpretatie, bijvoorbeeld van Verbreyt (r//-wisseling).

Verbocht, Voorbogt. 1. Plaatsnaam Bocht in Hombeek (Antwerpen), Zemst (Vlaams-Brabant), Meerhout (Antwerpen) en Lommel (Limburg: afgeheinde plaats in de open lucht, schuthok (voor vee) 2. Door assimilatie van Verborgt; zie (van der) Borgt.

Verboekend, Verboket, Verboeket: Waarschijnlijk uit Verboekt. Plaatsnaam Boekt, Bokt in Peer, Zolder (Limburg), Boeket bij Nederweert (Nederlands-Limburg): plaats waar beuken groeien.

Verbogen, Verboogen: Variant van Verboven, door v/g-wisseling.

Verbois, Verdbois: Verspreide Waalse plaatsnaam en huisnaam Vert-Bois: Groen Bos.

Verboom, Verboomen, Verboonen, Verboon. Variant van Van der Boom(en). Dit uit de plaatsnaam Boom, Bomen.

Verboven: Uit van D(a)erboven.

Verborgstadt, Verborgstads, Plaatsnaam, bijvoorbeeld Borgstede bij Hamburg of Borgstedt bij Kiel.

Verbreyt. Moedersnaam. 2. Waals-Vlaamse verhaspeling van Marbaix (zie Demarbaix). Ludovicus Marbey fs. Martinus trouwt in Tielt in 1654 als Verbey; zijn kinderen worden gedoopt als respectievelijk Marbey, Verbey, Verbreyt; ze trouwen als Verbreyt.

Verbroucht. Waarschijnlijk verschrijving voor Verbrouck.

Verbust, Verbost, Verbuyst, Verbuijst: Uit van der Burst. Plaatsnaam Burst (Oost-Vlaanderen).

Verbustel, Verbeustel. Zie Verbesselen. 2. Uit Verbiestel van plaatsnaam Biestlo.

Verbutsel. Waarschijnlijk variant van Verbustel. Eventueel van Van Butsel.

Verbuijt, Verbuyt: 1. Waarschijnlijk variant van Verbryt. 2. Ferbuyt, van Ferbu, van 1172 Ferrebo, een zinwoord ferre bos = ferre boeuf, een naam voor de hoefsmid die ossen, runderen beslaat.

Vercaempt, Vercampt, Vercamp, Verkampt, Verkant, Vercant, Caempt, Vercaempst, Vercampst, Vercampts, Vercaemst, Verkaemst, Vercamst, Kamst. Familienaam uit de plaatsnaam Caempts: plaats waar kemp, hennep groeit. Of mogelijk de naam voor de teler van hennep, dat gebruikt werd op henneptouwen te maken.

Vercagne, Vercaingne, Vercaigne, Vercaignie, Vercaeygne. Familienaam uit de plaatsnaam La Cagne in Esquerdes (Pas-de Calais) of ter Caignem in Watermaal (Brussel).

Vercheval. Bijnaam naar het uithangbord: groen paard.

Verclemmen. Moedersnaam Ver Clemme: vrouw Clementia. Zie Clemmen(s).

Vercleren, Verkleeren, Verclairen: Moedersnaam Ver Clere: vrouw Clara.

Vercors, Vercour, Verdcourt, Vertcourt, Vetcourt. Huisnaam Le Verd Coeur: het Groene Hart in Luik. 2. Plaatsnaam Vercourt (Somme). 3. Plaatsnaam Verte-Cour in Glons (Luxemburg).

Vercoville. Verkeerde lezing van Vercouille (vroeger was u = v).

Vercraeije: Plaatsnaam of huisnaam De Kraai(e).

Vercijs: Samengetrokken uit van der Cijs/Sijs/Chijs. Een plaatsnaam Cijs is vermoedelijk ‘cijnsgrond’.

Verdaet, Verdat. Hypercorrect voor Verdoot?

Verdaas: Wellicht schrijf- of leesfout voor Verdoes.

Verdaasdonk: Plaatsnaam Daasdonk in Waarschoot (Oost-Vlaanderen) en Dentergem (West-Vlaanderen) en bij Galder (Noord-Brabant).

Verdavoine, Verdavaine. Frans verte avoine: groene haver. Bijnaam of beroepsnaam.

Verdé, Verde, Verdez, Verdee, Verdée: 1. Afleiding van Oudfrans verde: groen. 2. Vadersnaam. Afleiding van Germaanse frith-naam.

Verdebout. Vadersnaam. Germaanse voornaam frith-balth 'vredemoedig': Fridubold. Frethebaldus. 2. Plaatsnaam Vert Debout in Velaines (Henegouwen)?

Verdeermen: Schrijffout voor Verdurmen.

Verdeghem, (van) Verdegem, (van); van Verdeghen, (van) Veerdeghem, van Veerdegem, van Veirdeghem, van Veirdegem, van Vaardegem, van Vaardighem, van Vaardigem: Plaatsnaam Verdegem in Beveren-Roeselare (West-Vlaanderen), Veerdegem in Machelen-Deinze (Oost-Vlaanderen).

Verdel, Verdeau, Verday: Bijnaam. Oudfrans verdel: papegaai.

Verdellen, Verdel, Van der Dellen. Plaatsnaam Délie: dal.

Verdenet. Plaatsnaam Verdonnet (Côte-d'Or). 2. Verdonnet, afleiding van Verdon 1.

Verdenne, Verdinne: Plaatsnaam Verdenne in Marenne of Waha (Luxemburg).

Verdeur, Verdeure, Verduere: 1. Vondelingnaam: 1753 Jacobus van der Deuren ante portam inventitiomm; 1757 Catharina Verdeuren ante portam templi jesuitarum, Lv. 2. Vervorming: 1672 Jacobus Verdière, Bg. (vader van) 1674 Jacoba Verdeere, Bg. = 1711 Jacoba Verdeuren, Schriek = 1774 Jacoba van Doren, Schriek. 3. Zie Verdure.

Verdevoye. Verspreide plaatsnaam Verde voie, verte voie: groene weg. Vergelijk Van Groenwege.

Verdeyen, Verdeye, Verdijen: Aanpaasing van Verdée (zie Verdé).

Verdick: Door t-apaocope uit Verdickt, Verdijkt. Plaatsnaam Dijkt ‘plaats met dijken’.

Verdie, Verdy, Duverdierr: Beroepsnaam. Oudfrans verdier‘ boswachter’. Waarschijnlijk niet te scheiden van Verdière. In elk geval is Duverdier op te vatten als de la Verdière.

Verdière, Verdiere, Verdierre, Verdriêre, Verdriere. Oudfrans verdière: groengors (vogel). Bijnaam. 2. Plaatsnaam Verdière: bosgebied onder toezicht van een boswachter.

Verdeye, Verdeyen, Verdijen. Naam uit de familienaam Verdée. 1. Bijnaam uit het Oudfranse verde: groen. 2. Vadersnaam uit een Germaanse frith-naam.

Verdijck, Verdijk, Verdyck, Verdyk, Verdikt, Verdickt, Verdick, Verdique, Verdicq, Verduyckt, Verduijckt van der Dijk. Familienaam uit de Collectieve plaatsnaam Dijkt: plaats met dijken.

Verdin, Verdingh, Verding, Verdijn, Verdyn. 1. Zie Duverdyn. 2. Variant van Ferdin.

Verdoes, Doest, Döst, Van der Does. Plaatsnaam ter Does ‘moeras met bomen en struiken, licht veen, turfland, veenland. Does waternaam bij Leiden in Zuid-Holland. Ter Doest in Lissewege (West-Vlaanderen).

Verdon, Verdoene, Verdron: 1. Afleiding van Oudfrans verde: groen. Bijnaam. 2. Plaatsnaam Verdon (Marne).

Verdonck, Verdonckt, Verdonk, Verdonq, Verdonc. Donk; zandhoogte in moerasachtig terrein. Zie van der Donck.

Verdonkschot, Verdonschot. Familienaam uit de plaatsnaam Donschot in Deurne (Noord-Brabant).

Verdouw: Misschien de aanpassing van de familienaam Fardeau ‘last’.

Verdoy. Moedersnaam Ver Doye: vrouw Dooie, Dode, van Germaanse voornaam Doda. Vergelijk Doyen.

Verdroncken. Waarschijnlijk reïnterpretatie van Verdonck.

Verdru, Verdruye, Verdruije: Plaatsnaam Verde Rue: groene straat, in Acquin, Caffiers (Pas-de-Calais), Haveskerke, Komen, Oud-Berkijn (Nord).

Verduemen: Schrijf -of leesfout voor Verdurmen.

Verdugt: 1660 Verducht, 1690 Verduft, Verdugh, Nieuwland.

Verduyn, Verduin, Verduijn, Verduyn, Verdun: 1. Uit Verduijnt, van der Duint, van der Duunt. Plaatsnaam ter Duunt ‘groep duinen, zandheuvels’, in Zwevezele, West-Vlaanderen. 2. Plaatsnaam Verduren, Verduin, Verdun in Frankrijk. Wellicht door mensen afkomstig en vandaar naar Vlaanderen gebracht. Wellicht migratie van de Franse plaatsnaam Verdun.

Verdult: Bijnaam. Verdoold of uit Verdwaald.

Verdure, Laverdure, Lavardeure, Laverdeur, Verdeure, Verdeur, Verduere: 1. Plaatsnaam Verdure: groen, gebladerte, loof. 2. De vormen op -eur kunnen een beroepsnaam zijn. Oudfrans verdeur: boswachter.

Verduystert. Waarschijnlijk reïnterpretatie van Verduyst, van Van der Duist. Plaatsnaam Ter Duust in 1460, in St.-Martens-Leerne (Oost-Vlaanderen) en Vosselare (Oost-Vlaanderen).

Verdwaaid. Bijnaam? Vondelingnaam?

Vereeke, Vereeken, Vereecke, Vereecken, Vereecque, Vereque, Vereck, Verecken, Vereckens, Verheecke, Verheecken, Verheeke, Verheeken, Vereesken, Verheecke, Vreeke, Vreeken, Vreke, Vréke: 1. Uit van der Eeken ‘van der Eiken’. Vergelijk van der Eijk. 2. Eventueel korte vorm van Van der Vereeke. Zie Van der Vreken.

Veremme, Verheem: 1. Moedersnaam Ver Emme, Ver Imme: vrouw Emma. 2. Zie Verhamme.

Verenne, Vérenne, Verennes: 1. Zie van Renne. 2. Plaatsnaam Verenne in Serinchamps, Dion en Pesche (Namen), van Latijn vitrina: glasblazerij.

Verept, Verrept. 1. Familienaam uit de plaatsnaam Ter Ept: plaats waar eppe (moerasplant) groeit, in Waarloos, Antwerpen. 2. In een aantal gevallen is het zeker een variant van Verreth (of varianten): Van Reeth (uit de plaatsnaam - provincie Antwerpen). In het Mechelse is dit zeker het geval.

Vereuille. Aanpassing van Verhulle?

Vereijs: Vadersnaam. Spelling met ingelaste toonloze klinker e voor Vreijs, korte vorm van Laureis (Laurens), Lavreysen.

Verfaillie, Verfaille: De plaatsnaam Faille, Falie is in West-Vlaanderen erg verspreid. Het is de naam van een falie ‘mantel, kap’. De plaatsnaam steunt op de L-vorm van een perceel, zoals van een kap.

Verflieren: Plaatsnaam Flieren (Gelderland). Maar in 1799 is Willem Verflieren in Woensel de zoon van Joannes van Flierde. De naam gaat dus waarschijnlijk terug op van Vlierden. Plaatsnaam Vlierden (Noord-Brabant).

Vergaelen, Vergalen, Vergallen, Vergalle. Naam uit de plaatsnaam (ter) Galen in Vorst (Antwerpen) of elders.

Vergaerde, Vergaert: Plaatsnaam Gaerde: tuin, hof.

Vergeerbergen. Moedersnaam Ver, Vrouw Geerberge. Germaanse voornaam Gerberga.

Vergers: Middelnederlands verger ‘onderzoeker’? Verger kan ook een Franse naam zijn, verkort uit Duverger ‘van den boomgaard’. Maar de naam Verger werd pas in 1808 in Gupen aangenomen door Martin Verger, vroeger Mozes Michel.

Vergetin. Dubbel afleiding. (-et-in) van Frans verge: roede (onder meer landmaat).

Vergeyle, Vergeylen, Vergeele, Vergheyeln, Verghylen, Vergheijlen, Vergeijlen, Vergels. 1. Moedersnaam uit Ver Geile: vrouwe Geile. Geile komt uit de Germaanse voornaam Geila. Germaanse gaila; vrolijk, van Nederlands geil. 2. Zie ook Gheylen van der.

Vergine, Vergin, Vergien: Moedersnaam. Latijnse heiligennaam Virgin(i)a.

Vergisson, Vergison. Plaatsnaam Vergisson (Saône-et-Loire). 2. Zie Fernagut.

Vergne, Vergnes, Vergnaus, Vergnion, Vergnon, Vergniolle, Verne, Vernet, Vernez, Vernel, Verneau, Vernaut, Vernaus, Vernhet: Oudfrans ver(g)ne: els (boom) en afleiding. Verspreide plaatsnaam. Vergelijk Vernay.

Vergoossen, Vergoosen. Moedersnaam Ver Goosse: vrouw Gose. Germaanse voornaam Godeza, vrouwelijke afleiding van God-naam. Vergelijk Goossens, Vergouts.

Vergouts, Vergauts, Verguts: Moedersnaam. 1. Ver: vrouw + Germaanse voornaam Godeza, afleiding van God-naam, zoals Godevaart. 2. Germaanse voornaam Golda. Vergelijk Vergult, Verguldezoone.

Vergouwen, Vergauwe, Vergauwen, Vergauwens. 1. Familienaam uit de plaatsnaam Gauwen in Haasdonk en Temse. 2. Ook in Noord-Holland is er een plaatsnaam Gouw.

Vergueten, Verguet. Wellicht verhaspeld van Verguchte(n).

Verguize, Verguijze: Vermoedelijk een spelling voor Verjuys, van Verjus ‘sap van onrijpe druiven’. De naam werd in 1700 in Assenede geherinterpreteerd als Voorhuyse.

Vergult, Verguldt, Vergoltz, Vergôls. Moedersnaam Ver Gult: vrouw Golda, Germaanse voornaam. Vergelijk Vergouts, Verguldezoone. 2. Moedersnaam Ver Godild. Germaanse voornaam gud-hild 'god-strijd'.

Vergunst: Uit van der Gunst, misschien uit van der Gust, van van der Gucht‘gehucht’ of uit van der Ginste.

Verguyse. Waarschijnlijk spelling voor Verjuys; zie Verju(s). De naam werd in 1700 in Assenede geherinterpreteerd als Voorhuyse.

Verhaar, Verhaaren, Verharen, Verhaart, Verhaere, Verhaeren, Verharne: Met paragogische t uit Verhaar, van van der Haar. Vrij verspreide plaatsnaam Haar ‘zandige heuvelrug’.

Verhack, Veracke, Verack, Verackx, Veracx, Verrax. Familienaam afgeleid van de plaatsnaam Ter Haecs, Aex = bijlvormig stuk grond (onder andere in Ieper).

Verhaert, Verhard, Verhaard, Verraert, Verrart, Verraedt, Verraed: Uit Verhaar (met paragogische t) of hypercorrect voor Veraert, Van Aert (zie van der Aerden).

Verhallen: Uit van der Hallen. Verspreide plaatsnaam ter Halle(n) ‘hal’.

Verhamme, Verham, Veramme, Veremme, Voorhamme, Verheem: Van der Hamme. Plaatsnaam 1319 ter Hamme, Menen.

Verharen: Plaatsnaam Haren ‘zandige heuvelrug’. Haren (Groningen, Noord-Brabant, Vlaams-Brabant).

Verhavert, Verhaevert, Verhaever, Verraver, Veraver, Verhovert. 1. Familienaam uit de plaatsnaam Havert: haverveld, plaats waar veel haver groeit. 2. Sommige namen komen wellicht uit Avoort; voorde doorwaadbare oversteekplaats door de rivier.

Verhe, Verhee, Verhé. Hypercorrecte spelling voor Veree, van Vander Ee. Plaatsnaam Ee: water. 2. Variant voor Van Hee.

Verheedt, Van der Heet. Plaatsnaam Heet, variant van Heide. Zie Van der Heiden.

Verhegge, Verheggen: Uit van der Heggen. Plaatsnaam (ter) Hegge(n)‘heg, haag, omheining’.

Verheire. 1. Zie Van der Heeren. 2. Aaanpassing van Romaans Ferraire, Ferrere: smid.

Verherbrugge, Verherbruggen: Plaatsnaam Heerbrugge in Lokeren (Oost-Vlaanderen).

Verhetsel, Moedersnaam Ver Hetsele: vrouw Hezela, Germ.aanse voornaam.

Verheuge, Verheugen, Verheughe. Vermoedelijk variant van Verhoogen. Familienaam uit de plaatsnaam Op den Hoge (onder andere in Budingen en Geetbets). Ook Nederduitse fmailienaam.

Verheust, Vareust, Varheust, Varreust, van Reust: Verheus, Verreus, Verrues, van van Rues. Plaatsnaam (les) Rues: straten. Zie Delarue.

Verheve, Verheven. Moedersnaam Ver Eve; vrouw Eva.

Verheydt, Verheijdt, Verheyt: Hypercorrect voor Verreydt of variant van Verheyde.

Verheyleweghen, Verheylewegen, Verheylenweghe, Verheijleweghem: Moedersnaam Vrouw Heilwig. Germaanse voornaam hail-wîg 'heel-strijd': Helewigis; Heylewig.

Verhoestraete, Verhoestrate, Verhoegstraete, van der Ougstraete, Verhougstraete, Verhoughstraete, Verhoustraete, Verhoustraeten, Verhousstraete, Verhoufstraten, Verrougstraete, Verougstraete, Veroudstraete, (van) Roestraete, Roestraeten, Roestrate, Roestraten, Roelstrate.

Naam uit de plaatsnaam Houtstraat (op diverse plaatsen, onder andere Oigem, Pittem). Zie Haustraete.

Verhonig, Veronig. Uit Oostenrijkse familienaam Fronig, Frônig. Wellicht variant van Fro(h)ning, afleiding van frôn: wat tot de heer behoort, (vronen) of variant van Frômig, Fromig, afleing van Germaanse rem-naam.

Verhoole: Plaatsnaam Hool (Noord-Brabant, Drenthe) ‘moerassige plek’.

Verhoosel: Uit van der Hoorsel. Plaatsnaam Hoorzele bij Lochristi en Waasmunster (Oost-Vlaanderen).

Verhooset: Plaatsnaam Holset (Nederlands-Limburg), uitspraak hozelt. Of verhaspeling van Verhoosel?

Verhost. Zie Van de Roost. 2. Uit Verhorst, door assimilatie rs/s.

Verhuizen, Verhoijsen: Wellicht reïnterpretatie van Vreysen.

Verhulsdonk. Plaatsnaam Hulsdonk, Noord-Brabant.

Verhulsen. Waarschijnlijk variant van Verhulsel, eventueel van Van Hulsen.

Veriepe, Verhiepe, Veryepe, Verjepe: Plaatsnaam Iepe: iep, olm (boom).

Vering, Veering, Fehring, Feringa en Van Feringa, Veeren, Fehres, Veere, Feerma, Ferens, Feersma, Veersma en VeersemaVadersnaam uit Ve(e)re, Fere, Friese vorm van Faro, dit uit de Germaanse voornaam, dit uit ferdh-nanth, Ferdinand, Vredenand. Of van een me niet bekende plaatsnaam Feringen is de geslachtsnaam Feringer afgeleid; eindelijk nog Feerwert een dorp in Groningerland en Feringa-sate te Visvliet in diezelfde Ommelanden. De oude mannen voornaam Fere kan echter ook een samentrekking zijn van Feder, een naam die eveneens bij de oude Germanen in zwang was, en waarvan de oost-Friese, uitgestorvene geslachtsnaam Federinga het patroniem is. Van deze volle form Federinga zou dan Feringa een samengetrokken vorm kunnen zijn.

Veris, Véris, Vérius: Vadersnaam. Korte vorm van Latijnse heiligennaam Severius.

Veriter, Vériter, Vérité: Waals (Gaume) aanpassing van Duits Wirether = Weihretter, Weihreuter, Weihrauter, van Weinraute/Weihraute: Ruta graveolens, wijnruit (kruidnaam).

Verjaal: Wellicht van Franse vadersnaam. Fréal, van Germaanse voornaam Friwald.

Verjans, Verians, Verians, Vérians, Veryans, Voorjans, Verjutten. Moedersnaam uit Ver Jan(ne): zoon van vrouw Johanna, in de middeleeuwen werd de naam Johanna fagekort tot Jutte.

Verjauw. Verschrijving van Fargeau/Forgeau. Zie bij Forgeot. G.M. Forgiau is de vader van de kinderen die in Wezemaal ingeschreven zijn vanaf ca. 1730 als: Fourgouw, Fourgiois, Fargauw, Versiau, Vergau, Fariauw, Verjou en Veriauw.

Verju, Verjus, Vérius, Vergieu: Oudfrans ver(t)jus: sap van onrijpe druiven, in de keuken gebruikt als azijn en voor het aanmaken van sausen. Vergelijk Engels verjuice en Waals-Vlaams verjuus. Beroepsnaam.

Verkaart, Van der Kaart. Plaatsnaam Kaart in Brasschaat (Provincie Antwerpen).

Verkade. Plaatsnaam Kade, hypercorrect voor kaai: lage dijk, overdam, aanlegplaats voor schepen. Vergelijk Van der Kaa(ij). Plaatsnaam Kade (Noord-Brabant), De Kade (Gelderland).

Verkaik: Plaatsnaam Kadijk in Bergambacht (Zuid-Holland): 1683 Kaik. Ook waterloop Kaaik bij Assendelft (Noord-Holland).

Verken, Verkens, Verckens, Vercken, Verkenne. Bijnaam naar een of andere eigenschap van het dier of beroepsbijnaam voor de varkenshoeder of -fokker.

Verkest, Verkeste, Verckist, Verkist: Uit Verkerst, van der Kerst. Plaatsnaam Kerst (hofstede onder andere te Gids (West-Vlaanderen) ‘plaats waar kers (bijvoorbeeld waterkers) groeit’.

Verkeij: Wellicht vervormd uit Verkleij.

Verkissen, Van der Kissen, Van der Kessen. Van der Kersen. Plaatsnaam Ter Kersene in Aarsele, Dentergem en Markegem. Vandaar de Kissenstraat in Dentergem; Kersenstraat in Tielt: 1635 Kessenstraet.

Verkoelen, Van der Koelen, Limburgse vorm voor van der Kuylen, Verkuil, Verkuylen. Plaatsnaam Kuil(e)‘kuil, groeve, hol’.

Verkooren, Vercooren, Verckoren. 1. Moedersnaam uit Ver Coren: vrouwe Cornelia. 2. Of uit de plaatsnaam Van der Coren: gebied waarbinnen een keure rechtsgeldig is.

Verkooyen, Verkooij, Verkooijen, Verkoyen, Verkoijen, Verkoeyen, Vercoyen, Koyen, Koijen. Naam uit de plaatsnaam Kooi(e): kooi, schaapskooi, eendenkooi.

Verkouck. Waarschijnlijk verschrijving van Verknocke.

Verkroost, Van der Kroost.Variant van Vertroost? Of plaatsnaam de (Kroost) De Troost in Zeist (Utrecht).

Verl. Plaatsnaam Verl, Noordrijn-Westfalen.

Verlaat, van ‘t: Plaatsnaam Verlaat ‘sluis of schut, plaats waar men schepen of water doorlaat’. Verlaat bij Almkerk (Zuid-Holland), in Steenwijkerwoud, Overijssel.

Verlaenen. Moedersnaam Ver Lane: vrouw Juliane. Zie Laenen. 2. Zie Van der Laan.

Verlaere, Verlaers, Verlaar: Moedersnaam Ver Lare: vrouw Hilaria. Latijnse heiligennaam Hilaria, Ilaria.

Verlaet, Verlat. Van der Lat. Plaatsnaam Lat, misschien te vergelijken met IJslands ledja: slijk, Oudhoogduits letto: leem. 2. Uit Verla(e)ckt. Zie Van (de) Laak.

Verlande, Verlant: Waarschijnlijk hypercorrecte reïnterpretatie van Verlende, respectievelijk Verlent.

Verlaine, Verlein, Verleine, Verlenne, Verleyn: Plaatsnaam (Luik) en in Tohogne en Tournay (Luxemburg). De dichter P. Verlaine (1844-1896) stamt uit Tohogne.

Verlay, Van der Laey. Plaatsnaam De Laaie: waterloop, in Ieper en Kaaskerke.

Verlee, Verlé, Verlée. 1. Zie Lee Van der. 2. Naam uit de plaatsnaam Verlée (Namen).

Verlecke. Huisnaam in Brugge: 1351 huus dat men heet ter Lecke. 2. Riviernaam de Lek in Nederland, waarnaar de heerlijkheid De Lek bij Lekkerkerk (Zuid-Holland) vernoemd is.

Verlegh, Verleg. Plaatsnaam Leg, Noord-Brabant.

Verlende, van der Lende. Plaatsnaam ter Lende = ter Linde. Zie Van der Linde(n).

Verlet, Verles, Verlez, Verley. 1. Naam uit het Oudfranse verel: grendel. Beroepsbijnaam. 2. Zie ook Verlee en Letten Van der.

Verleure. Moedersnaam Ver Leure, Lore; vrouw Laura. Vergelijk Verloren.

Verley. 1. Variant van Verleye(n), zie bij Leye(n) Van der. 2. Zie ook Verlet.

Verliefde, Verliefden. Hoofdzakelijk Oost-Vlaamse familienaam. Daarom in de eerste plaats reïnterpretatie van Van Lierde (zoals Van Liefde). 2. Eventueel een moedersnaam.

Verloigne, Verloingne, Verlonje. Plaatsnaam Luingne (Henegouwen), in Zuid-West-Vlaanderen als loendzje uitgesproken. De waterloop La Luigne.

Verlomme, Van der Lomme. Plaatsnaam Lomme (Nord).

Verloop. Beroepsnaam. Middenenderlands voorlope(r): voorbode, voorman, leider.

Verloren. 1. Moedersnaam Ver Lore; vrouw Laura. 2. Mogelijk ook een vondelingennaam: 'een verloren gelegd kind'.

Verlot, Verlodt, Verloot. Moedersnaam Vrouw Lot, korte vorm van vleivorm op -lot(e). Zie Lotens. 2. Dialect uitspraak van Verla(e)t.

Verly, Verlye, Verlie: Plaatsnaam Verly (Aisne) en in Robelmont (Luxemburg).

Verlyck. Plaatsnaam De Lijk in Averbode en St.-Pieters-Rode (Vlaams-Brabant), Lijke in Vurste (Oost-Vlanderen).

Verma. Door d-syncope van Vermade, Van der Made; zie van der Maeten.

Vermaak: Wellicht uit Vermaerke, van van der Mark.

Vermachelen. 1. Moedersnaam Ver Machele/Mechele: vrouw Machtildis, Mathilde. Vergelijk Machtelinck(x), Mechele. 2. Eventueel = Van Machelen.

Vermaillen. Waarschijnlijk variant van Vernaillen; rn wordt makkelijk rm (Vergelijk Van Doorme, van Van Doorne).

Vermandel, Vermandele, Vermander, Vermandere: Van der Mandel. Plaatsnaam ter Mandere/Mandel in Sint-Baafs-Vijve (West-Vlaanderen), naar de riviernaam de Mandel, zijrivier van de Leie.

Vermarien, Vermaere, Vermaeren: Moedersnaam Ver Marie: vrouw Maria. Zie ook Marien, Maris.

Vermaut, Vermout, Vermaux, Vermauwt, Vermaute, Vermoet. Vadersnaam uit Fremault, Fermaut, de Romaanse vorm van de Germaanse voornaam Vromoud; frum-wald. Zie Fremault.

Vermegen: Plaatsnaam Megen (Noord-Brabant).

Vermet, Vermetten: 1. Moedersnaam Ver ‘vrouw’ Mette ‘Machteld, Mechthild’. 2. Eventueel, van van der Met(t)en. Plaatsnaam Met(te), Meet ‘hooiland, weiland’.

Verminck, Vermincksel, Vermynck: Ontrond uit Vermunck, van ter Munk ‘bij de monniken’. Variant van Vermunicht, zie daar. Vermincksel is volksetymologisch (Middelnederlands minke = mincsel: verminking).

Vermont: Vadersnaam. Germaanse voornaam far-mund of frith-mund: Feremundus, Fri(du)mundus.

Vermorgen, Vermogen: Variant van Vermorken, van Vermarcke. Zie bij Mark van der.

Vermorken: Uit van der Morken, dialectische uitspraak van van der Marken.

Vermout, Vermoet: Vadersnaam. Van Fremault, Fermaut, Romaanse vorm van de Germaanse voornaam Vromoud.

Vermote, Vermoote, Vermot, Vermotte. 1. Zie Van der Mot(en). 2. Moedersnaam uit Ver Mote; vrouw Maria.

Vermue: Zuid-Bevelandse familienaam, van van der Mude. Noordzee-Germaans mude, mui(de), van Germaans Munthja ‘monding, van meers in deltagebied’. Bijvoorbeeld de Muide in Gent.

Vermunicht, Verminck, Vermincksel, Vermynck. Familienaam afgeleid van de plaatsnaam Ter Munich: bij de monniken.

Vermunt, Van der Munt. De Munt is de plaats waar gemunt wordt, waar de munt geslagen wordt.

Vermussche, Vermuse: Waarschijnlijk reïnterpretatie (onder invloed van de familienaam Mussche) van Vermeersche, Vermesse.

Vermuyten, Vermuijten. Familienaam uit de plaatsnaam Muite: kooi, vogelkooi, hol, gevangenis, kerker.

Verna. Misschien Waalse uitspraak van Verneau.

Vernacht. Gereïnterpreteerde vorm van Vernackt.

Vernaechten, Veraechtens. Moedersnaam Veren Aechten, verbogen vorm van Ver Aechte: zoon van vrouw Agatha. Zie Aegten.

Vernaelde, Vernail, Vernaillen, Vernalde: Moedersnaam Veren Alden, verbogen vorm van Ver Aide, vrouw Aida, Germaanse voornaam. Of van Vernalen: veren; vrouw Adelen.

Vernaeve, Vernaev: Moedersnaam. Veren Ave ‘vrouw Ava’, Germaanse voornaam.

Vernal, Vernalen. Moedersnaam Veren Adelen; zoon van vrouw Adela. Germaanse voornaam.

Vernaleken. Moedersnaam; zoon van vrouw Aleke, laatste is een afkorting van Ale, van Adela, Athala (ook Edele).

 Vernamelen. Moedersnaam Ver (vrouw) Amele, korte vorm van Germaanse voornaam Amelberge.

Vernasse, Vernassen. Moedersnaam Veren Asse(n): vrouw Asse, Germaanse voornaam Adza, afleiding van athal-naam.

Vernasselen. Moedersnaam Veren Assele, Asselen; vrouw Assele. Vergelijk Asselman.

Vernay, Duvernay, Duvernoy, Devernay, de Verneij, de Verney: Verspreide Franse plaatsnaam (le) Vernay (Rhône, Saône-et-Loire), Verney (Normandie): plaats waar elzen groeien.

Vernelen. Moedersnaam uit Ver Nele: vrouw Cornelia of vrouw Petronilla.

Vernes: Uit van der Nes/Nest. Vernhout, Fernhout: Plaatsnaam Vernhout (Noord-Brabant) en bij Wisch (Gelderland). Fernholte in Attendorn (Noordrijn-Westfalen).

Verneuil. Plaatsnaam Verneuil (Aisne, Marne, Oise, Meuse).

Verniel: Variant van moedersnaam Vernelen? Niel, van Petronilla?

Vernier, Verniere, Vernie, Verniers.1. Beroepsnaam. Oudfrans vernier ‘verkoper van lentevruchten’. 2. Vadersnaam, Normandische vorm van Wernier(s). Zie Werner.

Verniest, Vernieste. Waarschijnlijk van Verriest.

Vernieuwe: Moedersnaam. Vernieven, Veren leven, van Ver leve ‘vrouw Eva’.

Vernijns, Vernyns: Limburgse familienaam, daarom waarschijnlijk van Severijns, met epenthetische n (zie Ferin).

Vernimmen, Vernimme, Vernimmer, Vernemmen, Verniemmen: Moedersnaam Veren Immen, verbogen vorm van Ver Imme ‘vrouw Emma’.

Vernin. Afleiding van Verne? Of Frans venin: gif. Bijnaam. Vergelijk dialect fernijn, van venijn.

Vernis. Vervorming van Vernest of Verniest? Of plaatsnaam Verny (Moselle)?

Vernooij, Vernooijs, Vernooy, Verno: 1. Moedersnaam Veren Ode ‘vrouw Ode’. Germaanse voornaam Auda, Oda. 2. Uit van Rhenoij, Rhenoy. Plaatsnaam in Geldermalsen (Gelderland).

Vernou. Plaatsnaam Vernou (onder meer Seine-et-Marne), Vernoux (onder meer in Ain).

Verocq. Waalse uitspraak van Verroken (of Veracq)?

Véron, Veron, Verons, Verrons, Verron, Verhons, Vroon, Veronnez, Verroens, Voorons. Vadersnaam uit de heiligennaam Veronus (patroonheilige van Lembeek bij Halle (Vlaams-Brabant). Lokale vorm is Vroen, van Frans Véron.

Veroone, Verhoene, Vroonen, Vronen, Verrone, Verroonen, Vroon. Moedersnaam, zoon van Ver One: Vrouw van Ono (: Germaanse voornaam). Zie ook Vroon.

Veroyen, Verroye, Verroeye, Vroye, Vroy: 1. Moedersnaam Ver Ode: vrouw Auda, Oda. Zie Oyen 1, Vernooy. 2. Van der Oyen; zie van Ooyen.

Verpaele, Verpalen: Uit van der Paal, van der Palen. Plaatsnaam. Middelnederlands pael(e), pale ‘(grens)paal’. Ook plaatsnaam Paal in Hulst (Zeeland).

Verpeut, Verpeuten. Uit Van der Put/Peut (zie van den Putte) of variant van Verpoot(en).

Verplaeste, Verplaetre, Verplaestre: Verhaspeling (Frans-Vlaanderen) van Verplaetse, met metathesis ts/st.

Verplakke, Verplak: Vermoedelijk uit Verplanke.

Verpoelt, Verpoylt, Verpuylt: Verpoelkt, van Verpoelk van Van der Poelk. Plaatsnaam Poelk in Meerbeke (Oost-Vlaanderen) en Pamel (Vlaams-Brabant).

Verrraes, Verras, Veras: Verraes, van van Raes. Plaatsnaam Raas ‘geul, kreek, droog liggend land tussen geulen’.

Verrassel: Uit Verasselt, van Verhasselt, van van der Hasselt. Plaatsnaam ter Hasselt ‘plaats waar hazelaren groeien, hazelarenbosje’.

Verrecas, Varkas: De oudste met naam bekende voorvader van de Brugse famille Verrecas is Martinus, in Hongarije geboren en in Brugge in 1752 als Forgatz opgeschreven; hij overlijdt in 1761 als Vercas. Vanaf 1786 Pieter Jacobus Verrecas dragen alle Brugse afstammelingen de naamvorm Verrecas. Aaanpassing van de Hongaarse familienaam Farkas.

Verreman. Afleiding van Middenenderlands varre, verre: (jonge) stier. Beroepsnaam van stierenfokker? Of variant van Vereman(s)?

Verrewegen, van. Reïnterpretatie van Van Herrewegen.

Verrie, Verrier, Verïer, Verriez, Veriez, Vériez, Veyrier, Leverrier, Veerjee, Verrière, Veirière, Véryère, Véry, Verry, Verryère: Beroepsnaam. Frans verrier: glasmaker, glazenier.

Verroken, Verhoken, Verroken, van Van der Roken. Plaatsnaam. picardisch Roke, Frans roche: rots, steenberg, rotsachtige plaats. Vander Roke ook als vertaling van Dele Roke (vergelijk Delaroche). Plaatsnaam,1275 Roke in Vloesberg. 2. Eventueel van Van (den) Roken, Van den Rodeken. Plaatsnaam Rodeken, afleiding van Rode, onder meer in Dentergem, Bekkevoort, Roken in Nieuwerkerken-Aalst.

Verrooten, Verrote, Verrotte: Van der Rooten. Plaatsnaam Rote: vlasroot, plaats of waterloop waar vlas geroot wordt. Plaatsnaam in Weelde (Antwerpen).

Verrue, Verhue, Verheu, Verreu, Van der Rue. Plaatsnaam (la) Rue: straat; zie Delarue.

Versaen. 1. Moedersnaam Vrouwe Suzanna. Vergelijk Sanna. 2. In Merchtem in 1730 variant van Van Saen.

Versaevel: Uit van der Savel. Plaatsnaam Zavel ‘zand, plein’.

Versaille, Versailles, Versaeilie, Versaeillie: Plaatsnaam Versailles (Seine-et-Oise).

Versaud. Plaatsnaam Verseau (Saône-et-Loire).

Verschaetse, Verschatse, Verschatze, Verschetse, Verschetze. Naam uit Van der Schaetse, waarbij Schaetse waarschijnlijk een huisnaam is. Schaats: stelt, kruk.

Versbraegen. Waarschijnlijk leesfout voor Verschraegen.

Verschaeken. Reïnterpretatie van Verschagen?

Verschaete. Hypercorrect voor Verschoote.

Verschaffel, Verschaffelt: Plaatsnaam 1427 ter Scaffelt, Schaffelt, Aaigem (Oost-Vlaanderen).

Verschaetse, Verschatse, Verschattze, Verschetse, Verschetze, Van der Schaetse. Wellicht huisnaam Ter Schaetse: stelt, kruk. Vergelijk Schaetsaert. Vergelijk Delecosse, Dezecache.

Verschage, Verschaeve: Uit van der Schage. Verschaeve door g/v-wisseling. Plaatsnaam ter Schage ‘kreupelhout, bosje (aan rand van een veld). Vergelijk Engels shaw, Zweeds skog, Deens skov. Plaatsnaam Schage in Woumen (West-Vlaanderen), Schagen in Rozendaal (Noord-Brabant). In Roeselare: 1474-1778 (heerlijkheid) vander Schage = 1645 vande Schave.

Verschakelen. Variant van Verschaeken?

Verschelling: Plaatsnaam Schellingen in Oosterhout (Noord-Brabant). Vermoedelijk veeleer vervorming van Verschelde(n).

Verschemoet, Vesschemoet, Vesgemoet. Naam uit "verse moed": bijnaam voor iemand die met frisse moed aan het werk gaat. Duits Frischmuth, Frischermuth.

Verscheyden, Versheijden, Verscheijden: Uit Verschelden, met gepalataliseerde 1 (vergelijk Waals-Vlaams suifer, van sulfer).

Verschiere: Contaminatie van Verschure en de West-Vlaamse familienaam Versieren, Verzieren? Wellicht uit de plaatsnaam La Vaissière (Cantal, Lozère) ‘plaats waar notenbomen groeien’?

Verschonen: Vermoedelijk vervormd uit Verschoren.

Verschoor, Verschoore, Verschooren, Verschoren, Verschore, Verschorren, Verschorre, Verscoore, van de(den) Schoor, van Schooren, van Schoore van Schoren. Familienaam uit de plaatsnaam Schoor, Schor, Schorre aangeslibd land dat rijp is om ingedijkt te worden, moeras. 2. Zie ook Schoor.

Verschrage, Verschragen, Verschraage, Verschraegen, Schrage: Uit van der Schrage(n). Plaatsnaam Schrage ‘droog, dor’. In Eksaarde (Oost-Vlaanderen): 1571 int Scrage, de Scrage.

Verschroeven. Brabantse uitspaak van Verschraeven.

Verschuyl. Naam uit schuil (plaats).

Versé, Versée: Spelling van Verset, variant van Vierset, Plaatsnaam (Provincie Luik).

Verselder. Oostvlaamse familienaam. Aanpassing van Versaille? Of reïnterpretatie van Verschelde?

Verseput: Plaatsnaam Verseput ‘zoetwaterput, gemeenteput’. In Kerkwerve (Schouwen-Duiveland) is er een Verseputseweg.

Versfeld, Versfelt. Plaatsnaam. Wellicht Varsseveld (Gelderland): 1200 Versevelde. Nederlandse familienaam (van) Vars(s)eveld.

Verseveld, (van): Plaatsnaam Varsseveld (Gelderland): 1200 Versevelde.

Versieren, Verzieren. Familienaam uit de plaatsnaam La Vaissière (Cantal, Lozère). Mogelijke betekenis: plaats met notenbomen.

Versin, Verzin. Naam uit de plaatsnaam Verchin (Pas-de-Calais) of uit Verchain (Nord).

Versleegers, Verslegers, Van der Sleehegge. Plaatsnaam Sleehaag. Zie Sleeuwaeghen.

Verslijpe, Verslyp, Verslyppe: Van der Slijpe. Plaatsnaam Slijpe (West-Vlaanderen).

Versmee. Vander Smede = Van der Smisse?

Versmersch. Variant van Vermersch met -s-anticipatie.

Versmissen: Uit van der Smissen. Plaatsnaam Smisse ‘smis, smidse, smederij’. Meestal naam van een smid.

Versnaeyen, Versnoyen, Versnoeyen: Waarschijnlijk plaatsnaam Sinaai (Oost-Vlaanderen).

Versnel: Uit van der Snel? Of moedersnaam ver Snel, de vrouwelijke vorm van de Germaanse voornaam Snello?

Versnick: Uit van der Snick(t). Plaatsnaam Snick, samengetrokken uit Zinnik, de Nederlands naam van Soignies(Henegouwen).

Versonnen, Verson, Versonne. Moedersnaam uit de Germaanse voornaam Sunna; zon. Vergelijk Sunnhilt, Suna.

Versou, Versauw: Plaatsnaam Zuwe, Zauw, Sauwe. Middelnederlands souw: sloot, gracht, greppel, goot.

Verspagen. Gedemouilleerd van Verspagnen?

Verspecht, Van der Spekt: plaats waar speken, spijken, stokken staan. Zie Van der Spek. Plaatsnaam Spekt (Noord-Brabant); Ter Specht in Opwijk.

Verspeek, Verspijck: Van der Speek. Middelnederlands spijk, specke, Westfaals specke ‘brug van boomstammen, knuppeldam’. Plaatsnaam Spekt in Nuenen (Noord-Brabant).

Verspeel, Verspeelt, Verspelt, Versprille, Verspille, van der Spilt, van der Spiet. Naam uit de plaatsnaam Speelt; plaats waar witte haagdoorn, spildoorn groeit. Plaatsnaam in Mollem (Vlaams-Brabant), Zingem (Oost-Vlaanderen). Ook Spelt bij Merchtem (Vlaams-Brabant).

Verspeepen. Verhaspeling van Verspeeten.

Verspeeten, Verspeten: Uit van der Speeten. Plaatsnaam Spit, Spete ‘omgespitte grond’.

Verspeyen, Verspuy: Van der Speyen. Plaatsnaam Spei, Middelnederlands spoye, speye: spui, schutsluis.

Verspille, Versprille: Plaatsnaam ‘plaats waar witte haagdoorn, spildoorn groeit’.

Verspoor, Van der Spoor. Plaatsnaam. Middelnederlands spoor ‘pad, weg’.

Verspouwen, Verspauwen: Plaatsnaam Ter Spauw in Overijse (Vlaams-Brabant).

Verspreet, Verspreyt. Familienaam uit de plaatsnaam Spreet te Aarschot en te Strombeek. Vlaams-Brabant.

Verspreeuwen. Wellicht huisnaam; Ter Spreeuwen.

Verspuij, Vershuij, Verspoe, Verspae: Plaatsnaam. Middelnederlands spoye, speye ‘spui, schutsluis’.

Verstraete, Verstraeten. Reïnterpretatie van Verstraete(n), ook door reductie van de cluster rstr tôt rst.

Verstrepen, Verstreepen. Familienaam uit het Middelnederlandse strepe: een smalle strook land. Een plaatsnaam die op heel wat plaatsen voorkomt.

Versteirt. Ongetwijfeld een reïnterpretatie (van Versterre, Verstelt?).

Versteyhe, Van der Steie. Plaatsnaam Stei? 1300 Ihans kinderen land van den Steye, Snellegem.

Verstijn, Verstijnen, Verstyn, Verstyne, Versteynen: Moedersnaam Ver Stijne: vrouw Stijne, Christina. Zie Stijnen 2.

Verstraet, Verstraets. Reïnterpretatie van Vestraet(s).

Verstreepen, Verstrepen. Plaatsnaam uit van der Strepen. Middelnederlands stripe, strepe: streep, strook land.

Verstreren. Verhaspeling (Frans-Vlaanderen) (van Verstrepen, Verstreken?).

Verstreyden, Verstrijden. Wellicht familienaam uit de plaatsnaam Streie (dit uit het Oudfranse estrée: straatweg). Hypercorrect voor Verstreyen?

Versyck, Versijck, Versieck, Verzyck. Bijnaam uit het Middelnederlandse versiken: zuchten, diep en moeilijk ademhalen.

Verstolle: Wellicht door dialectische uitspraak uit Verstalle, van van der Stalle. Plaatsnaam Stal ‘staanplaats op de markt of in een hal; afgesloten ruimte, stal’.

Verstringhe, Verstringe, Verstrijnge, Verstrenge: Uit van der Stringe; Plaatsnaam ter Stringe ‘lange en smalle strook land, reep’.

Verstijnen: Moedersnaam ver Stijne ‘vrouw Stijne, Christina’.

Verswijver, Verswijveren: Plaatsnaam Swijverle, uitspraak Zwijvel (waarschijnlijk Provincie Antwerpen).

Verte, Verté, Verthée, Verthé, Verthe, Verthez. Oudfrans verte, Frans vérité: waarheid, zekerheid, gewaarborgd redit. Vergelijk Duits Wahrheit.

Verteneuil. Vertenoeiln, Vertenoeuille, Vertenueil, Vertenelle: Plaatsnaam Vertigneul in Romeries (Nord).

Vertenten: Plaatsnaam. Middelnederlands tente ‘tent’. Aangezien meiers en schepenen bij openbare driejaarlijkse rechtszittingen onder een tent zitting hadden, kreeg het woord ook de betekenis ‘rechtsgebied’.

Vertessen. Moedersnaam uit Ver (: vrouwe) Eustachia. Vergelijk Tesse.

Verteurve. Naar de woonplaats aan een turfven of voor de veenboer of turfhandelaar? VergelijkTurf(s).

Verton, Vertons, Vertoont: Plaatsnaam Verton = Virton (Luxumbourg).

Vertonghen, Vertongen, Verthongen, Vertogen. Familienaam uit de plaatsnaam Tonge; landtong. Vertogen (Henegouwen) door Oost-Vlaamse uitspraak met g.

Vertruyen, Vertruijen. Moedersnaam uit Ver Trui: zoon van vrouw Geertrui.

Vervaene, Vervaenen, Vervoenen. Naam uit de plaatsnaam De Vane in Oedelem en in Wingene.

Vervaek, Vervaeke, Vervake, Vervaeck, Vervaecke, Vervaekt, Vervackt, Vervaque, Vervalcke, Vervarcke, Vervack: 1. Uit van der Vake. Plaatsnaam Vake ‘vlechtwerk als afdamming in een beek’. 2. Aanpaasin aan paatsnaam Fervaques in Fonsommes (Aisne).

Ververcken, Ververken, Vervarcke: Waarschijnlijk reïnterpretatie van Verveeken, met r-epenthesis.

Verver, de, de Varver, Verver, Ververs, Fervers, Ferfers, de Verwerre, (de) Verrewaere, de Verweraere, de Varrewaere, de Varwaere, Varware, Varrewaere, Verwer: Beroepsnaam van de verver, lakenverver.

Vervest, Verwest: Uit van der Vest. Plaatsnaam Vest(e)‘versterking, bolwerk, kasteel, burg’.

Vervetjes. Zeldzame Nederlandse familienaam, mogelijk afkomstig uit: 1. Bijnaam uit vet voor een zwaarlijvig persoon. 2. Beroepsbijnaam voor een vetweider: veeweider of handelaar in vetwaren. Gezien de Ver- vooraan kan het evengoed: 3. Uit Van der Ves. Zie bij Ves Van der. 4. Uit een van de vele plaatsnamen waar vest of vast in voorkomt.

Vervier, Verviers, Vervy: Plaatsnaam Verviers (Luik), Luiks-Waals vervî.

Vervloessem, Vervloesem, Vervloessen, Vervloesen, Vervlossen. Familienaam uit de plaatsnaam Vloersem, Vlourshem, Vloursem. Deze oude plaatsnaam lag (tot 17de eeuw op kaarten) in Harent-Rijmenam. Dit is een gehucht van het huidige Bonheiden (Antwerpen).

Vervoir. Plaatsnaam Vervoz in Clavier (Luxemburg): 1104 Vervoi. 2. Zie Van der Voorde.

Vervrangen. Wellicht Oostvlaams hypercorrect van Vervragen, van Vragen, van Verhagen (met hypercorrect voorgevoegd Ver-). Vergelijk Vervroegen.

Vervremd. Plaatsnaam Vremde, Antwerpen.

Vervroegen. Brabantse uitspraak van Vervragen; zie Vervrangen.

Verwaal: Uit van der Waal. 1. Riviernaam de Waal, zijarm van de Rijn. 2. Verspreide plaatsnaam Waal ‘kolk achter een dijk geslagen bij dijkdoorbraak’.

Verwacht. Waalse hypercorrecte spelling voor Vervackt.

Verwayen, Verwaijen, Verwaaijen: Van der Wa(e)yen. Plaatsnaam Ter Waai(e): poel, plas;

Verwicht, Verwichte. Familienaam uit de plaatsnaam Vichte (West-Vlaanderen), in de streek nog Ter Vichten genoemd.

Verwijmeren, Verweijmeren: Moedersnaam. Ver Wijmere. Germaanse voornaam wîg-mêr 'strijd-beroemd': Vuimara, Wimara. Of plaatsnaam? Maar de vander-vorm kan een regressievorm zijn.

Verwimp, Verwimpt, van der Wimp. Familienaam uit de riviernaam Wimp in de Zuiderkempen.

Verwinnen. Moedersnaam Ver (vrouw) Winne. Germaanse voornaam Wina, van Germaanse wini; vriend.

Verwoerdt, Verwoert. Plaatsnaam Woerd (Gelderland): kunstmatige heuvel in zee- en rivierkleigebied. 2. Soms wellicht = Vervoort.

Verwouwen. Moedersnaam Ver Wouwe: Vrouw Wouburg: Walburgis. 2. Uit Van der Wouden.

Verwulst, Verwilst: Hypercorrecte vorm voor Verhulst.

Verwijmeren: Moedersnaam, Ver (vrouw) Wijmere. Germaanse voornaam wig-mêr ‘strijd-beroemd’: Vuimara, Wimara.

Verwijs, Verwijst, Wijs, van de, der, van der Vies: Van der Wijs? Plaatsnaam. 17de eeuw Gerrit Hermansz Verwijs, Andel.

Veryser, Verijser, Verryser, Verhyser, Verijzer; Verrijzer, Verrijzen: Uit van der IJzer. Waternaam de IJzer; Van den Yser, (West-Vlaanderen).

Verzee. Veeleer aanpasing van Verset dan uit Van der Zee.

Verzeeuw: Wellicht variant van Verzee, van van der Zee. Of voor de Zeeuw?

Verzieux, Versieux: Bijnaam Verts yeux: groene ogen. Vergelijk Groenoghe, Duits Grunauge

Verzwymelen. Uit Verzwyvelen?

Verzwyvel, Verzwylen, Verzwijvelen, Verzwijvel, Verzwijfelt, Verswijvel, Verswijvelen, Verswijvel, Verswijfelt, Verswyvel, Verswyvelen, Verswyvel, Verswyfelt, Verzwyver, Verswijver, Verswyver, Versweyver, Versweyveld, Versweyvelt, Versweijveld, Verzwijvelt, Verswijfel, Verswyfel. Familienaam afgeleid van een (bijna verdwenen) plaatsnaam Suiuenghem/Suivengem (= woning van de lieden van Swibo - momenteel geëvolueerd via Swijvelstein naar Zavelstee) in Rijmenam (Antwerpen). Of plaatsnaam Swijverle, uitspraak Zwijvel, waarschijnlijk in Antwerpen.

Ves, van der, van der Vesse. 1. Uit Van der Ve(r)st, ontrond van Van der Vorst, verward met Van der Voort. 2. Zie van der Ves.

Ves, van der, van der Vesse, Vervest, Verwest, Vervisch, Vervicsh, Wervisch. 1. Familienaam uit de plaatsnaam Vest: versterking, burcht.

Vesalius. Humanistische latinisering van Van Wesel, bijvoorbeeld Andréas Vesalius (1514-1564)

Veseleer, de, de Veseler, de Vesseleer, de Veseleer: 1. Middenenderlands veselaer: oorblazer, fluisteraar, pruttelaar. 2. Duits Weseler, afleiding van plaatsnaam Wesel (Nederrijn, Noordrijn-Westfalen), Nederlands Wezel.

Vessem, van; van Vessum, van Fessem: Plaatsnaam Vessem (Noord-Brabant).

Vesters, de, Vester, de, de Vestel, de Vestele, Vester, Festers: Beroepsnaam van de houtvester.

Vestier. Waarschijnlijk variant van Vessie.

Vestman. Middennederlands vestman, waarschijnlijk synoniem met vestmeester: stedelijk ambtenaar belast met het toezicht op de muren en vestingwerken van de stad. Of afleiding van Van der Vest (zie van der Ves).

Verstraet, Verstraete, Verstraets. 1. Zie Vastrade. 2. Eventueel = Verstraete.

Vet, de, (de) Veth, Vêt, (de), Vetten, Vette: Bijnaam voor een vet persoon.

Vétillard, Vetillard. Bijnaam. Frans vétillard: haarklover, zeurpiet.

Vetman. Beroepsnaam van de vetweider of de handelaar in vetwaren.

Vetsuypens, Vetsuypers, Vetsuipers, Fetsuypens. Naam uit het Middelnederlandse vet supe: vette soep, brij. Naam voor een verkoper van.

Vettenburg, Vettenberg: Plaatsnaam Vettenburg, Vettenbergh in Strijtem (Vlaams-Brabant): 1685 op den Vettenberch.

Vetter, (de), de Vettere, (de) Vetters, de Vettère: Beroepsnaam van de huidenvetter, leerlooier.

Vetterlein, Vetterling. Duitse bijnaam Vetterle, Vätterlin, afleiding van Vetter: neef, broer van vader, verwant.

Veulemans. Afleiding van Middenenderlands vole: veulen. Beroepsnaam van de paardenfokker of-koopman. Vergelijk Duits Fohlenmeier; Schaepman, Ganseman.

Veur, van der, van de Vuer, Vervueren, Vervuren, van der Vore, van de Voor, van de Voir. Waternaam de Voer, zijrivier van de Dijle die Tervuren bespoelt. Ook Middelnederlands vore, vuere: voor, greppel. Vervueren = Van der Vueren = (ook) Van Tervuren. Plaatsnaam Tervuren (Vlaams-Brabant): aan de Voer: 1224 Vuram 2. De varianten met o kunnen wellicht ook van Van de(r) Voorde worden verklaard.

Veuren, van. Plaatsnaam Veurne, West-Vlaanderen.

Veurnaert. Afleiding van Van Veurne, zie van Veuren.

Veuster, de. Pater Damiaan (Jozef de Veuster 1840-1889) stamt van Van der Vorst af: 1681 Jan van der Vorst, Werchter (vader van) "1721 Egidius de Voster, Werchter (vader van) "1776 Hendrik van der Vorst vulgo de Veuster, Werchter (vader van) "1801 J. F. de Veuster, Tremelo (vader van pater Damiaan).

Veuve. Frans veuve; weduwe. Vergelijk Derweduwen.

Veij, de, de Veij: Bijnaam. Vei ‘welig, dartel, zinnelijke’.

Veijgen: Spelling voor Vijgen. 1. Beroepsbijnaam van de vijgenhandelaar. Vergelijk Frans Figue, Duits Feig(e). 2. Moedersnaam Feige(n), van heiligennaam Sophia: Fye tot Fîje tot Fîge (1360 Fye = 1682 Feyg).

Veylbrief. Vertaling van Limelette 'vijltje' + brief.

Veyler, de Veylder, de Veijlder, de Veilder. 1. Naam uit het werkwoord veilen. Beroepsnaam van de veiler, de veilingmeester. 2. Brabantse variant van De Vijlder. Zie bij Vijlder(e) De.

Veijs, Feijs: Vadersnaam. 1. Veis/Feis, van Veinse/Feinse, korte vorm van Vincent. 2. Verkorting van de Franse voornaam Gervais, de heiligennaam Gervasius. 3.Verkorting van Serveis, Servais, van Servatius.

Vézant. Occidentaalse bijnaam; vrolijk, blij.

Vialet, Viallet. 1. Vadersnaam. Afleiding van Vial. 2. Afleiding van Viale.

Viala. Plaatsnaam (Aveyron, Lozère). Zie Viale.

Vial, Viale, Vialen, Vialle: Franse dialectisch vorm voor Viala, variant van ville ‘landelijk domein, dorp’.

Viallard. Plaatsnaam (Massif Central), variant van Villard, afleiding van ville, viale: dorp.

Vianden. Plaatsnaam. Luxemburgs: Veianen, uitspraak: Veine.

Viane, (de) Viaene, Vijaene, van Vyaee, van Vyane, Vianne, Devianne, Deviane, van de(der) Viaene, van (de) Viane, Vianen, Vandeviaene, van (de) Viane: 1. Plaatsnaam Vianen (Zuid-Holland, Noord-Brabant). 2. Plaatsnaam Viane (Oost-Vlaanderen). 3. Plaatsnaam Vianden (Groothertogdom Luxemburg). 4. DefFamilienaam werd ook wel verward met Vienne (in Wallonië en Frankrijk): 1136 Vianne.

Viatour, Viautour, Viatour: Waalse vorm van plaatsnaam Villers-aux-Tours.

Viau, Viaud. Vadersnaam. 1. Zie Guiau(x). 2. Variant van Vial.

Vicaire, Vicari, Vicario, Vicary: Oudfrans vicaire, Italiaans vicario, van Latijn vicarius: vicaris, plaatsvervanger (met name van een geestelijk waardigheidsbekleder of een gerechtelijk ambtenaar).

Vicat, Vicca: De Hagelandse Vicca's stammen van de Spaanse veldheer Dionisius Vicca 1572.

Vicente, Vicentini, Vicenzino, Vicenzi, Vincenzottto, Vicenzot, Vincenzutto: Italiaanse vorm en afleiding van heiligennaam Vincentius.

Viceroy. Wellicht bijnaam uit "onderkoning". Mogelijk ook uit de plaats Vicherey (Vosges, Vogezen).

Vicher. Waalse spelling voor Visscher of Fischer.

Vici, Vichhi, Vichi. Plaatsnaam Vichy, Allier?

Vichoff, Vichhoffe. Waalse aanpassing van Duits Bischof; bisschop.

Vickermann. Vadersnaam. Afleiding van Vicker=Victor.

Vico. Plaatsnaam Vico (Italie, Corsica) van Latijn vicus: wijk, straat.

Vicquery, Vichery, Viquerie, Vicharie: kapelanie. Afleiding van Latijn vicarius, Frans vicaire.

Victoir, Victoire. 1. Moedersnaam Victoria. 2. Vondelingnaam 1789 Victoire, na de overwinning in de Brabantse Omwenteling. In 1825 trouwde Eugeen Victoire, 27 jaar, uit Sint-Pieters-Rode, Vondeling van Loven' in Bekkevoort. De familie heet nu Victoir.

Victor, Viktor, Victoor, Victoir, Wictor, Wiktor, Vitour, Vitou, Vitoux, Viteux, Vitu, Vêtu, Vêtu: Vadersnaam. Latijnse heiligennaam Victor.

Victorieux. Frans victorieux: zegepralend, overwinnaar. Bijnaam? Of reïnterpretatie van Victor?

Vidal: Vadersnaam. Variant van Vital, de Latijnse heiligennaam Vitalis.

Videcocq. Oudfrans videcoc; korhaan. Bijnaam.

Videgain. Leesfout of variant voor Baskische familienaam Bidegain: hoge weg? Of reïnterpretatie van Videgrain?

Videl: Variant van Fidèle?

Videlaine. Zinwoord Vide laine: die de wol verkwist.

Videler: Beroepsnaam van de vedelaar, vedelspeler, vioolspeler.

Vidgrain. Franse bijnaam Vide grain: die het graan opgebruikt, verkwist. Vergelijk Gâteblé.

Vidick. Vadersnaam. Nederduitse familienaam Widdicke, afleiding van Germaanse voornaam Wido.

Vidouse. Plaatsnaam Vidouze (Htes-Pyr.).

Vidrequin. Waarschijnlijk door metathesis van Vidgrain.

Vidrik, Vidrich. Vadersnaam. Germaanse voornaam wid-rîk 'boommachtig'.

Viefhaus, Vifhaus: Nederduitse plaatsnaam Fûnfhaus: vijf huizen.

Vieillevoye, Vieilvoye, Vielvoye, Viellevoye, Vielvoije, Viellevove, Vilvoye: Plaatsnaam Vieille-Voye: oude weg, in Mortier, Beyne-Heusay (Luik), Villance (Luxemburg).

Vieira, Vieijra, Vieyra: Plaatsnaam bij Braga (Portugal).

Viejou: Misschien een spelling van de Franse familienaam Vioux. Vadersnaam. Romaanse vorm van de Germaanse voornaam Widwulf. Maar vermoedelijk veeleer spellingvariant van Viot.

Viël, Viel, Viele, Vieille, Vielle, Vielz. Bijnaam uit het Oudfranse vieil, viel: oud.

Vieillard, Viellard, Veilliard, Veillard, Viehard: Frans vieillard: oude man. Bijnaam.

Vieillefont, Veillefon, Viellefont, Viel)font: Plaatsnaam Vieillefont: oude bron. Bijvoorbeeld Viellefond (Allier).

Viekevorst, Vikevorst, Vickevorst: Plaatsnaam Wiekevorst (Antwerpen).

Vielemeier. Duitse beroepsnaam van een boer die veel maait: Vielmâder. Van Middenhoogduits maejen: maaien.

Vielhomme. Franse bijnaam Viel homme; oude man.

Vien. Vadersnaam. Korte vorm van heiligennaam Vivien, Vivianus.

Vienerius. Vadersnaam. Heiligennaam Venerius van Milaan.

Viënne, de la, Vienne, Devienne, Wienne: Plaatsnaam Vienne in Evregnies (Henegouwen) Waals viène; Frans verne: els. Ook Vienne (Isère, Marne..). en op diverse plaatsen in Frankrijk. 2. Of uit de plaatsnaam Wenen in Oostenrijk (Vienne is het Frans voor Wenen). 3. Het is ook de oude Romaanse vorm van Vianden (Groot-Hertogdom-Luxemburg).

Viennet, Viennot, Viénot: Vadersnaam. Afleiding van heiligennaam Vivien.

Vierbergen. Duitse plaatsnaam.

Vierdeel, Vierdeels, Vierendeel, Vierendeels, Vierendels, Virendeels, Veirendeels: Bijnaam naar de naam van de maat, een vierde deel van.., bijvoorbeeld 1/4 van een pond. De bijnaam herinnert wellicht aan de leenroerige verplichting een vierde als cijns te leveren. Vergelijk Vierlinck, Viertel.

Vierge. Reïnterpretatie van Vierset.

Viergever: ±1665 Daniel Viergever (kleinzoon van) 1590 Daniel Vlam, Charlois (Rotterdam)-Ouwekerk.

Vierhout: Plaatsnaam Vierhouten in Ermelo (Gelderland).

Vierhuis: Plaatsnaam Vierhuis in Leeuwarden (Friesland).

Vierin, Viérin, Vieren, Viren, Fierin, Fiérain, Fiérin, Fierens, Firens, Fierkens (deze variant ontstond in het grensgebied met Duitsland in de buurt van Doetinchem-Emmerich) Vadersnaam, knuffelvorm uit de voornaam Olivier. Maar er is bijvoorbeeld ook een West-Vlaamse familie Viérin, die stamt van Jean-Grant Vierin, die in 1811 uit Valgrisanche (Aosta-vallei) naar Kortrijk kwam. De vormen Fi(e)rens kunnen ook komen uit het Middelnederlandse fier: bijnaam.

Vierkötter. Plaatsnaam Vierkotten in Rösrath (Noordrijn-Westfalen).

Vierlinck, Vierling. Een vierling was een vierde deel van een bepaalde maat, gewicht of munt. Vergelijk Vierdeel(s). Ook Duits Vierling.

Vierman, de, Vuurman: Beroepsnaam van de vuurmeester, brandmeester.

Vierneuve. Vervorming van Villeneuve?

Viersen, van: Plaatsnaam Viersen (Noordrijn-Westfalen).

Vierset, Viersé, Vierse: Plaatsnaam Vierset (Luik). Zie ook Verset.

Vierstraet, Vierstraete, Vierstaete. Plaatsnaam Vierstrate ‘viersprong, kruispunt van vier wegen’.

Viertel, Virtel: Duits Viertel: een vierde (1/4), een kwart. Naam van de maat. Vergelijk Vierdeels.

Vierveyzer. Wellicht verhaspeling van Duitse familienaam Feuereisen: vuurijzer. Beroepsnaam van een smid.

Vies. Plaatsnaam, Gelderland, Utrecht. Engels flask; waterplas. Vergelijk Vlaes, zie de Vlas.

Vieslet. Spelling voor Oudfrans vielet, afleiding van vie(i)l, met hypercorrecte s. Oudfrans vies: oud.

Viet, de, Viets, Fiets, Fietje: Vadersnaam. De heiligennaam Vitus, Vijt. In het Land van Waas (Oost-Vlaanderen) is Vijt de verkorting van Davyd, David.

Viëtor. Latinisering van Kuiper, Duits Bottcher.

Vieubled. Frans vieux blé: oud koren. Beroepsnaam van de korenkoopman, graanhandelaar.

Vieujean, Vieujant, Vieuxjean: Vieux Jean: Oude Jan. Vergelijk Oudejans.

Vieusart, Duvieusart, Devieusart: Plaatsnaam Vieux-Sart: oude Rode, in Corroy-le-Grand (Waals-Brabant) en Sautin (Henegouwen).

Vieutemps, Vieutems, Vieuxtemps: Frans vieux temps: oude tijd. Bijnaam naar een vaak gebruikte zegswijze.

Vieuvalet. Frans vieux valet: oude dienaar, knecht.

Vieville, Vivile, Viville, Lavieville, Lavieuville: Plaatsnaam Viesville (Henegouwen), Vieuville (Luik) en in Havelange (Namen), Vieville (Hte-Marne, Meurthe-et-Moselle, Meuse).

Vieweger. Duitse familienaam Viehweg, Waals Viehwàger, Fiebiger: die aan een veeweg woont. Vergelijk Veestraete.

Vifquain, Vifquin, Vivequin, Vivequain, Fefkenne, Fevequenne: Moedersnaam. afleiding (Middelnederlands -kin) van een Germaanse wîf-naam.

Viggria. Naams- Waalse vorm van Vicqueray?

Vignioble, Vignoble. Frans vignoble: wijngaard. Plaatsnaam of beroepsnaam.

Vignacourt, Wignacourt: Plaatsnaam (Somme).

Vignard, Vigna, Vignas: Afleiding van Frans vigner: wijn bouwen. Beroepsnaam van de wijnboer, wijngaardenier.

Vignau, Vignaux, Vignault, Vigneaux. Oudfrans vignel, afleiding van vigne: wijngaard.

Vigneron, Vignero, Vigneront, Devigneron: Frans vigneron: wijngaardenier, wijnboer. Beroepsnaam.

Vignery. Afleiding van vigne; wijngaard.

Vignet, Vignez, Vigné: 1. Afleiding van vigne: wijngaard. Beroepsnaam van de wijngaardenier. 2. Eventueel spelling voor Vignier.

Vignette, Lavignette, Delvignette, Delavignette: Franse plaatsnaam Vignette: moerasspirea (kruid); of afleiding van vigne: wijngaard.

Vigneul. Oudfrans vigneul: wijngaard. Plaatsnaam (Meuse).

Vignier, Vigniez, Vignez. Beroepsnaam van de wijngaardenier, wijnbouwer. Vergelijk Vinier.

Vignis, Vignisse, Vignix, Vinnis: Plaatsnaam Vivegnis in Luik, oorspronkelijk Vignis, van vinietum: wijngaard.

Vignol, Vignole, Vignolle, Vignolles, Vignoul: Oudfrans vignole: kleine wijngaard. Plaatsnaam Vignol (Nièvre), Vignoles (Côte-d'Or), Vignolle (Gironde), Vignolles (Aisne, Charente).

Vignon, Devignon, Vigenon: 1. Beroepsnaam. Oudfrans vignon, Frans vigneron: wijngaardenier. 2. Moedersnaam. Vleivorm van meisjesnaam, misschien Lavinia. 3. Plaatsnaam in Sclessin (Luxemburg).

Vigny, Végny, Vegny: Plaatsnaam Vigny (Seine-et-Oise, Moselle enz.) en in Flamierge (Luxemburg).

Vigo, Vigot. Plaatsnaam Vigot in La Manche.

Vigoureux, Vigouroux, Vigourus, Vigourel, Vigreux, Rigoureux, Le Vigoureux: Bijnaam. Frans vigoureux: krachtig, sterk.

Vigueier, Viguie, Vigi, Vigier, Viger, Wigy: 1. Beroepsnaam. Oudfrans viguier, van Latijn vicarius: plaatsvervanger. Vergelijk Vicaire. 2. Eventueel Romaanse vorm van Germaanse voornaam wîg-hari 'strijd-leger': Wigharius, Wigerus.

Vijfeyken, Vijfeijken, Veijfeijken, Vijfeijken, Veyfeyken, van de Vijfeijke: Plaatsnaam Vijf Eiken.

Vijgen, Vygen, Vijg, Vijghen, Vygrien, Vygri, Viegen, Vigen, Veijgen, Fijgen, Fijg, Vigh, Vig, Feig, Feijgen, Figen, Fige, Fiegen, Fiege, Figue, Fig, Vigues: 1. Beroepsnaam van de vijgenhandelaar. Vergelijk Frans Figue, Duits Feig(e). 2. Moedersnaam Feige(n) van heiligennaam Sophia: Fye - Fîje - Fîge (1360 Fye = 1682 Feyg). De Limburgse familienaam Vijgen moet dan uit Duits taalgebied komen.

Vilder, (de), de Velder, Velders: Beroepsnaam van de viller, die dieren vilt.

Vijlder, de, Vijldere, de, de Vyldere, de Vylder, Vijlders, Vylders, de Veijlder, (de) Veylder, Veyler, De Veilder, Veelders. 1. Beroepsnaam van de vijler, hij die vijlt. 2. Variant Van De Vilder. Zie bij Vilder de.

Vijselaar, Vijzelaar, Vijzelman. Naam uit het Middelnederlandse vijs: schroef, windas, dommekracht. Beroepsnaam.

Vijt, Vyt, Vijdt, Vydt, Veyt, Veijt, Vit, Vitt, Vitten, Vitters, Vieth, Viethen, Veithen, Veiten, Veiten, Veit, Fieten, Fiten, Fijten. 1. Vadersnaam uit de Latijnse heiligennaam Vitus. 2. Vadersnaam, afkorting van de voornaam Davyd. Typische voor het Belgische Waasland, familienaam Davids.

Vijt, de, de Vyt, Devyt, de Vydt, de Vijdt, Devidt, de Veyt, de Veydt: Vadersnaam. Zie Vijt. Het lidwoord is jonger en te verklaren door reïnterpretatie.

Vijver, van de, Vijvere, van de, van de(den) Vyver, van de Vyvere, van de Vyvre, vande Vyvere, van de Vivere, van de Viver, Vandevivere, van de(den) Vivre, van de Vevere, van der Vevren, vanden Veyver, Devijver, Devyver, Deveyver, Deveijver. Familienaam uit de veel voorkomende plaatsnaam Vijver.

Vijverman, Vijvermans, Vyverman, Vyvermans: Afleiding van Van de Vijver.

Vilanoy, Villanoy. Wellicht hypercorrect voor Villano.

Vilain, Villain, Villin, Willain, Wylaein, Wylin, Wylin, Levillain, Villein, Vilein, Vileijn, Vilijn, Vileyn, Velein, Vilyn, Wylein. 1. Het Oudfranse vilain, Middelnederlandse vilein betekende zowel: dorpeling en boer als schurk en ongemanierd mens. 2. Soms is het ook een vadersnaam, afgeleid van Willin/Guillin (een knuffelvorm van Wilhelmus of Willaume). 3. Een enkele keer blijkt Vilain ook wel een reïnterpretatie te zijn van V(e)lein, U(h)lein (zie Ulens). Vilain Xllll: Jongste tak van het ridderlijke huis Vilain de Gand, gesproten uit Filips Vilain de Gand. Het getal 14 (XIIII geschreven en quatorze uitgesproken) vindt zijn oorsprong in de wapenspreuk: Verdien in Hoop, waarbij verdien (lees: veertien) weergegeven wordt met XIIII en de hoop met een kroon van hop.

Vilaine, Vilenne. Vrouwelijk bij Vilain. 2. Plaatsnaam Vilaine (Deux-Sèvres), Villaine (Yonne), Villaines (Seine-et-Oise, Côte-d'Or), Villennes (Seine-et-Oise).

Vilardebo. Plaatsnaam. Vergelijk Villardebelle (Aude).

Vilder, de, Vildere, de, de Vielder, de Viller, (de) Wilder, de Velder, Velders, Veller, Vellers. 1. Beroepsnaam van de vilder: de dierenviller. 2. Beroepsnaam van de vijler.

Vildrequin. Verzwaarde vorm van Vilquin/Wilquin.

Vilers (van), Villers, Villiers, Vileirs, Viellers, Villier, Villié, Villez, Vilez, Villé, Vilé, Ville, Villee, Vilet, Devillers, Devilleres, Devillet, Devillez, Devillé, Devillier, Devilers, Devilez, Devilé, De Viller, Dewillez, Duviller, Duvillers, Duviler, Duvilers, Duvilliers, Duvillier, Devellers, Devellé. Familienaam uit de verspreide plaatsnaam Villers, Villiers, van Romaans villare; hoeve, hofstede.

Vilfroy. Vadersnaam. Romaanse vorm van Germaanse voornaam Wilfried; zie Wilfart.

Villance, Viance: Plaatsnaam (Luxemburg). Waals v(i)yance.

Villani, Villano: Bijnaam. Italiaanse Villano: dorpeling, boer, lomperd. Vergelijk Vilain.

Villar, Villard. 1. Zie Devillar. 2. Variant van Willard.

Villaret, Villarin, Villaron. Afleiding van Villar. Plaatsnaam Villaret (Aude, B.-Alpes, Isère, Lozère, Savoie).

Villarreal. Plaatsnaam. Spanje.

Ville, van de, van de Vyle, van de Vielle. 1. Aanpassing van Frans Delaville. 2. Reïnterpretatie van Vendeville.

Villebasse. Plaatsnaam Ville basse; benedenstad.

Villedieu. Plaatsnaam. Verspreid in Zuid Frankrijk.

Villée: Spelling voor Villet, Normandische variant van Willet, Frans verkleinvorm van de voornaam Willem.

Villemeeuws. Waals-Vlaamse aanpassing van plaatsnaam Willemeau (Henegouwen). Zie ook Wildemauwe.

Villeneuve. Uiterst verspreide plaatsnaam: nieuw dorp, nieuw gehucht, nieuw landgoed, domein.

Villerelle. Plaatsnaam Vellereille, Henegouwen?

Villeret, Vilret: Plaatsnaam Villeret (Aisne, Aube) en in Saint-Martin (Namen).

Villerval. 1. Variant van Villeval. 2. Plaatsnaam Villerwald (Moselle).

Villet, Vilet, Villez, Vilez, Villé, Vilé, Ville, Villee.1. Zie Willet. 2. En zie Vilers (hierboven).

Vilette, Vilette, Villiette. 1. Zie Willet. 2. Plaatsnaam Villette (Ain, Calvados..). Hier gaat het om Villette in Meurthe-et-Moselle. 3. Plaatsnaam Villette in Marchienne-au-Pont, Marcinelle, Mont-sur-Marchienne, Solre-Saint-Géry (Henegouwen), Sclayn (Namen).

Villeval. Plaatsnaam in Maizeret, Namen.

Vilsmeier. Variant van Vielemeier?

Vilsteren, van. Plaatsnaam Vilsteren, bij Ommen.

Vilvorder, Vilvôrder: Afleiding van plaatsnaam Vilvoorde (Vlaams-Brabant). Vergelijk Duits Villforth. De familienaam Villevort, Filfort kwam al ca. 1350 in Breslau voor.

Vilz. Duitse plaatsnaam Wiltz.

Vimeux. Ook Devimeux, uit Vimeu in Picardie, een gouw tussen Somme, Bresle en de zee: 881 in pago Uuitmau.

Vin. Frans vin: wijn. Beroepsnaam van wijnhandelaar. 2. Variant van De Ven. 3. Oudfrans vain: zwak. Vergelijk Levain.

Vin, de: Variant van de Ven. Middelnederlands ven(ne), vin(ne), velmme, vimme ‘vin (van vis), schub, stekel’. Bijnaam.

Vincent, Vincente, Vincenti, Vincentie, Vingcent, Vinchent, Vinchant, Vincentz, Vincenzi, Vinzent, Winzenz: Vadersnaam. Latijnse heiligennaam Vincentius.

Vinckier, Vinkier, Vinquier, Vincquier, Vincquier, Vynkier, Wijnckier, Vainquier, Venquier, Winckier, Vincqueer, Vainqueur: Verkorting en aanpassing van Delvinquière.

Vinandre, Vinandré, Winandré: Waals hypercorrect voor Vinant.

Vince, Vinche: Vadersnaam. Korte vorm van Vincent.

Vincel, Vinsel, Vainsel: Vadersnaam. Afleiding van de voornaam Vincent.

Vincendet, Vincenot. Vadersnaam. Afleiding van de voornaam Vincent.

Vincentelli, Vincentini, Vincenzott. Vadersnaam. Italiaanse afleiding van heiligennaam Vincentius.

Vincineau, Vincineaux, Vincicot: Vadersnam. Afleiding van de voornaam Vincent. Vergelijk Vinçonneau.

Vinck, van (der), van Vynck, van der Vincq, van der Vincken, van der Vinckt, Vervink, Vervijnckt, Vervijnck, Veruynck, Vervinckt, Vervinck, Vervinct, Vervynckt, Vervynck: Plaatsnaam Vink(e): lichte turf, afleiding van veen. Vinkt: plaats waar turf gestoken wordt. Vergelijk Van Vinck, Van Vynckt. In Veruynck is de oude u = v. Veel families met die naam wonen in de buurt van Vinkt (Oost-Vlaanderen).

Vinckboons, Vinckbooms: Wellicht van Vinckbeens: Bijnaam voor iemand met dunne benen. Duits Finkbohner, in Wurtemberg, variant van Duits Finkbein(er).

Vinckenbosch, Vinckebosche. Plaatsnaam in Heverlee (Vlaams-Brabant): 2. Ook plaatsnaam Vinkenbos in Aardenburg (Zeeland), Torhout (West-Vlaanderen) In Aarschot.

Vinçon, Vincon, Vinchon, Vinson, Vintioen, Fincioen, Winson, Vincon, Wincon. Vadersnaam: knuffelvorm van de Romeinse voornaam Vincent.

Vincon, Wincon: 1. Verschrijving voor Vinçon. 2. Plaatsnaam Vincon in Sovet (Namen).

Vincotte. Afleiding van de voornaam Vincent.

Vincter. Waarschijnlijk Waalse spelling voor Winter.

Vinckenroy, van, Vinckeroye, van,van Vinckenroije, van Vinckenray, van Venkenroy, van Venckenray, (van) Vinkenroye, (van) Vinckenroy, Vinckenroye, van Vinkenroije, van Vinkeroy, Vinkenroye, Vinkeroye, Vinckeroy, Vinckeroye. Familienaam uit de plaatsnaam Vinkenrode: rooien in een veengebied. Vergelijk Venray. Vinkenrode in Kortessen (Limburg), Finkenrath in Herzogenrath bij Aken.

Vinckevleugel. Bijnaam: vinkenvlerk, vinkenvleugel. Vergelijk Vindevoghel en Duits Finkenflügel.

Vinclair, Vinclaire. Waalse aanpassing van Winkeleer of Winkler.

Vinckier, Vinkier, Vincquier, Vinquier, Vynckier, Vynkier, Wijnckier, Vainquier, Venquier, Winckier, Vincqueer, Vainqueur. Verkorting van Delvinquière: uit de plaatsnaam Vinquière in Frasnes en in St.-Sauveur (Henegouwen - plaats waar maagdenpalm groeit).

Vinders, de Vender, Venders: Beroepsnaam van de vinder: ambtenaar belast met het opsporen van overtredingen van keuren, van vervalsing van producten; keurmeester, (scheids)rechter, bemiddelaar.

Vindeurstin. Vaehaspeling van Van der Steen.

Vindevoghel, Vindevogel, Ventevogel, Vintervogel, Vintevogel, Vandevoghel, Vandevogel, Vandevleugle. Bijnaam uit het Middelnederlandse vinne: vleugel + vogel. Dus voor een vlugge vogel, iemand die er graag en vaak op uit vliegt. Vandaar Kortrijks vindeveugel: iemand die je nooit thuis vindt.

Vindsberg. Plaatsnaam Windsberg, Rijnland-Palts.

Vinel, Vinet, Vinett, Viney, Vinez, Woinet, Woignez: Afleiding van vin: wijn. Beroepsnaam voor wijnboer of -handelaar.

Vinger, Vingre: Bijnaam naar het lichaamsdeel vinger.

Vingerhoed, Vingerhoedt, Vingerhoets, Vingerhoet, Vingerhoets, Vingerhoest, Vingeroedts, Vingeroets, Vingherhoets, Vingheroets: Beroepsnaam van de vingerhoedmaker. Ook Duits Fingerhut.

Vingerling: Middelnederlands vingerlinc ‘vingerring’. Beroepsbijnaam voor de maker ervan of bijnaam voor de drager van een opvallende ring. Ook Duits Fingerling.

Vingt deux. Frans vingt deux: tweeëntwintig. Bijnaam voor iemand die tot een groep, raad van 22 leden behoort. Vergelijk Duits Zwanzig.

Vinier. Beroepsnaam van de wijnhandelaar, wijntapper.

Vinjé: 1. Spelling voor Frans Vignet, verkleinvorm van vigne ‘wijngaard’. Beroepsbijnaam van de wijngaardenier. 2. Spelling voor Frans Vignier. Beroepsnaam van de wijngaardenier, wijnbouwer. 3. Spelling voor Frans Vinier ‘wijnhandelaar, wijntapper’

Vink, Vinke, Vinken, Vincke, Vinck, Vinckens, Vincken, Vincké, Vynck, Vyncke, Vijncke, de Vincke, de Vinck, de Vynck, (de) Vijnck, Vijncke, Vijmke, (de) Vincq, Vinckx, Vincx, Vincze, Vinks, Vinkx, Vinx, Vencken, Venken. 1.Bijnaam naar de vogelnaam: wakker als een vink, goede fluiter, vogelvanger. 2. Het Middelnederlandse vinke is een klok die het aanmaken en doven van het vuur meldde. In dit geval beroepsnaam voor de klokkenluider.

Vinnebaux. Vadersnaam. Romaanse vorm van Germaanse voornaam win-balth 'vriend-moedig': Winibald.

Vinnemeier: Meier op ’t ven?

Vinois, Vinoy: Oudfrans vignois, afleiding van vigne: wijngaard. Familienaam van de wijngaardenier.

Vinot, Voinot. Vadersnaam. Afleiding van Germaanse voornaam Wino.

Vinsous. Bijnaam Vingt sous; twintig schellingen.

Vintioen: Aanpassing van Frans Vinçon, Romaanse vleivorm van de voornaam Vincent.

Vints. In de parochieregisters van Beverlo (Limburg) komt Vints als jongere variant voor van Vintens, Ventens.

Vioen: Uit Vion, variant van Wion, Picardisch verbogen vorm van de Germaanse voornaam Wido.

Violet, Viollet. Bijnaam naar de naam van de bloem, het viooltje; of kleurnaam of violetkleurige stof.

Viola. Italiaans viola: (alt)viool. Vergelijk Viole.

Viole, Violle, Violon: Bijnaam van de vioolspeler; vergelijk De Vedeleer.

Violette. 1. Vrouwelijk bij Violet. 2. De bloemnaam is sinds de middeleeuwen in de verkleiningsvorm als voornaam in gebruik. Moedersnaam.

Violon. Bijnaam voor de vioolspeler.

Viot, de; Viejou: Vadersnaam. Variant van Wiot, Romaanse verkleinvorm van Germaanse voornaam Wido.

Viré. Plaatsnaam (Saône-et-Loire, Sarthe).

Virelle. Plaatsnaam Virelles, Henegouwen.

Virely. Oudfrans vireli, Frans virelai: danslied. Bijnaam.

Virenque. Plaatsnaam La Virenque, Gard.

Virgili, Virgilio, Virgil, Virgils. Vadersnaam. Latijnse heiligennaam Virgilius.

Virgin. Vadersnaam. Latijnse voornaam Virginius.

Virgo, Virga, Virgaux. Bijnaam voor een kerkzanger, van Latijn Virgo; 'H. Maagd'

Virgule. Oudfrans virgule; kleine spruit?

Virnich. Plaatsnaam in Zùlpich (Noordrijn-Westfalen).

Viroul, Viroux, Voirol. 1. Naam uit het Oudfranse virol: beslagring (ijzeren band die voor de stevigheid om een blok werd heen gelegd). Beroepsnaam. 2. Of uit de plaatsnaam Virroux in Haut-le-Wastia (Nord).

Viruly: Spellingvariant van de familienaam Virely. Oudfrans vireli, Frans virelai ‘danslied’. Bijnaam.

Vis, (de), (de) Visch, de Vys, de Vyst, de Vies: Bijnaam voor de visser of vishandelaar.

Visaert, Visart. Afleiding van Oudfrans vies; oud?

Visage. Frans visage: gezicht. Bijnaam naar het lichaamsdeel.

Visbeek: Plaatsnaam Visbeek, bijvoorbeeld in Turnhout (Provincie Antwerpen). Vergelijk Duits Fischbach, Fischbeck.

Visbeen: vroeg Nederlands Vischbeen ‘rugplaat van de inktvis, balein, sterke visgraat. Bijnaam of beroepsbijnaam. Vergelijk Duits Fischbein.

Viscardi, Viscardy. Vadersnaam. Italiaanse variant van Guiscardi. Germaanse voornaam wîs-hard 'wijs-sterk'.

Vischschoonmaker. Beroepsnaam, schoonmaker van vis, die vis klaarmaakt voor de verkoop.

Viscont, Bisconti. Biscompte. Italiaanse visconte; burggraaf.

Visel, Vizel. Middelnederlands visel(e): vijzel, mortier om iets in fijn te stampen. Beroepsnaam van apotheker of kruidenier. 2. Middelnederlands visel(e): vijzel, dommekracht. Beroepsnaam.

Viselé, Virgile: Oudfrans viselet: soort ezel, schraag. Beroepsnaam.

Visentin, Visentini, Visintin, Visintini, Vizintin: Italiaanse vadersnaam, variant van Vicentini.

Viset, Visez, Visee, Vise, Visée, Vizet, Vizée: 2. Plaatnaam Visé, Nederlands Wezet (Luik). 2. Vadersnaam. Afleiding van Germaanse wis-naam. Vergelijk Guisez.

Viseux, Viseur, Wiseur, Wyseur, Wyseure. Bijnaam uit het Oudfranse viseus: listig, sluw.

Visière. 1. Middelnederlands visière: vizier, helmklep. Bijnaam of beroepsnaam. 2. Middelnederlands visere, visière, yiseer(r)e: verzinner.

Viskens, Vitskens, Veskens, Veeschkens, Veschkens. 1. Afleiding uit vis. Bijnaam. 2. In sommige gevallen een vadersnaam afgeleid van Ludovicus.

Viskil, Kil. Naam uit de plaatsnaam Viskil. Hierbij is kil een diep water tussen hoge oevers.

Visman, Vismans. Waalse verschrijving voor Wysman.

Vispoel. Familienaam uit de plaatsnaam Vispoel in Herselt (Antwerpen).

Visschedijk. Plaatsnaam Vers(ch)e Dijk: nieuwe dijk.

Visschel, van. Plaatsnaam Fischeln in Krefeld (Noordrijn-Westfalen).

Vissenaeken, Vissenaekens, Vossenaken, Vissenakens, Vissenackens. Familienaam uit de plaatsnaam Vissenaken (Vlaams-Brabant).

Visscher, de, Visschere, de, Vischer, Visker, de Visser, Visser, Vissers, Vissere, Visscher, Visschers, Fissers. Beroepsnaam van de visser.

Visse, van de: Naar de huisnaam ‘De Vis’?

Visse: Middelnederlands Visse ‘bunzing’. Bijnaam naar de sluwheid.

Vissenberg, Vissenbergh. Familienaam uit de plaatsnaam Fischenberg in Wies (Baden-Württemberg) of Vissenbjerg (Denemarken).

Visser, (de); Vissers, (de) Visscher, Visschers, Visker: Beroepsnaam van de visser.

Visser, van de: Beroepsnaam de Visser met secundair voorzetsel van? Of van de Visse?

Vissoul, Visoul, Vezoul. Plaatsnaam Vissoul, Luik.

Viste. Henegouwse metathesis van Vitse.

Visvliet, van: Plaatsnaam Visvliet in Grijpskerk (Groningen).

Vits, Vidts, Vedts, Vets, Vietz. 1. Vadersnaam uit de Germaanse voornaam Wido. 2. Zie ook Vits(e).

Visterin. Wellicht aanpaasing van de Zweedse familienaam Westerin, afleiding van westen. Eventueel Fins Vesterine.

Vital, Vitali, Vitalis, Vitale, Vitaux, Vita, Vidale, Vidal, Vidalis, Vidael, Videau, Vida, Viaud, Viau: Vadersnaam. Latijnse heiligennaam Vitalis.

Vitins. Vadersnaam. Vleivorm van Germaanse voornaam Wido, Vito.

Vitlox. Verhaspeling van Willockx?

Vito, Viti, Vitiello, Vittone: Italiaanse vadersnaam van Latijnse heiligennaam Vitus of Germaanse voornaam Wido.

Vitot, Vittot, Vittoz: Vadersnam. Variant van Vitou of afleiding van Germaanse voornaam Wido.

Vitou, Vitoux, Vitour. 1. Vadersnaam. Romaanse vorm van Germaanse voornaam wid-wulf'boom-wolf: Widulfus, Witolf. 2. Zie Victor.

Vitrier, Vitriez, Vitry. Beroepsnaam. Frans vitrier; glazenmaker.

Vitry. 1. Zie Vitrier. 2. Plaatsnaam Witry, Luxemburg.

Vits, Vidts, Vedts, Vets, Vietz. 1. Vadersnaam. Afleiding van Germaanse voornaam, eventueel Wido. 2. Eventueel=Vitse.

Vits, Vitse, de Vits, de Vidts, de Vitgh. 1. In het Middelnederlands is vitse een soort wikke, linze, peulvrucht. 2. Vitse is ook een kleurnaam: bleekpaarse kleur. De kleur van wikke dus. Is vitse nu afgeleid van de kleur of van de plant ? Grote vraag. Mogelijk een beroepsnaam: handelaar in wikke (werd en wordt als voederplant, grondverbeteraar, dierenvoeding gekweekt) of van een handelaar in stoffen waarvan de bleekpaarse kleur in het geheugen bleef hangen.

Vittor, Vittori, Vittorio, Vittorino, Vittorini, Vittorelli: Vadersnaam. Vittore is de Itliaanse vorm van de Latijnse heiligennaam Victor.

Vitulano, Vitulo, Vitullo, Vitulli: Vadersnaam. Italiaanse afleiding van Vito.

Vivane. Latijnse heiligennaam Vivianus? Vergelijk Viviani.

Vivario. Latinisering van Van de Vijver/Wijer, Duvivier.

Viveen: Vadersnaam. Aanpassing van Frans Vivien, van Latijnse heiligennaam Vivianus.

Vivegnis, Vivignis, Wiwenis: Plaatsnaam Vivegnies of Vivegnis in Luik.

Vivian, Viviani, Vivien: Latijnse heiligennaam Vivianus.

Vivier, Viviers, Viviez, Duvivier, Duviviez, Duvuvier, Deviviers, Devivier, Levivier: Plaatsnaam Vivier, van Latijn vivarium: vijver.

Vivroux, Vervou, Vervoux, Vervoe: Waals vivrou, Frans verveux: visnet. Beroepsnaam.

Vivys, Vivijs: 1. Zie Filsfils. 2. Of Vivis als korte vorm van de voornaam Vivianus. Vivys zou namelijk. ook uit Vivijns kunnen worden verklaard, afleiding van Vivijn, Vivinus, van Vivianus.

Vlaanderen, (van); Vlaander, van Vlanderen, van Vlaender, van Vlaenderen: Afkomstig van Vlaanderen, oorspronkelijk de kuststreek; het latere graafschap Vlaanderen omvatte de huidige gebieden, Frans-, Oost-, Waals- en Zeeuws-Vlaanderen.

Vlaar: Beroepsnaam. Middelnederlands vlader, vlaer ‘vilder’.

Vlaardingen, van: Plaatsnaam Vlaardingen (Zuid-Holland).

Vlaayen, Vlaeyen, Vlaeyens, Vlaeijen, Vlaijen, Vlayen, de Vlayen, De Vlaijen. Beroepsnaam voor de vlaaienbakker.

Vlaendermans. Volksnaam van de Vlaming, uit het graafschap Vlaanderen.

Vlaeymans. Beroepsnaam van de vlaaienbakker.

Vlaerink: Wellicht leesfout voor Vlamink.

Vlaes. Plaatsnaam Vlaas: plas, poel. Vlaas (Noord-Brabant, Nederlands-Limburg). (Opte) Vlaes(sche) in Tnh., Hallaar, Zoerle-Parwijs en Wechelderzande (Antwerpen). 2. Zie De Vlas.

Vlag: Beroepsbijnaam van de vaandrig? Vergelijk Vane.

Vlak. Plaatsnaam Vlak: vlakte, watervlak, ondiepte met vlakke bodem. Het Vlak is een ven bij Overloon (Noord-Brabant) en een polder bij Petten (Noord-Holland) 2. Zie Vleck.

Vlake: Middelnederlands Vlake ‘vlakte, zeevlak, aan water liggend land’.

Vlam, de, (de) Flem, Vlems. Bijnaam voor iemand met een vlammend, hartstochtelijk karakter ? of Flamm als bijnaam voor een beweeglijk mens. Vergelijk Flam.Vlamertinghe, van, van Vlamertinghem. Plaatsnaam Vlamertinge, West-Vlaanderen.

Vlaminck (de), (de) Vlaeminck, Vlaemynck,Vlaemijnck, (de) Vlamynck, Vlamijnck, Vlaminckx, Vlamincq, Vlaming, Vlamaincq, Vlamencq, dDe Vlamminck, Vlammenck, Vlamings,Vlaminkx, Vlaminx, Vlaeminckx, Vlaeming, Vlaemminck, Vlaninck, (de) Vleminck, Vleminckx, de Vlemminck, Vleymynckx, Vlemincq, Vlemincke, Vleminckx, Vlemincks, Vlemincx. Vleminx, Vlemings, Vlemming, Vleming, Vlemings, Vlemminck Vlemmix, Flaminck, Flaming, Flemings, Fleming, Flemmings, Flemming, Vlymyngs, Vlymings, Vlyminck, Vlyminckx, Vlymincx, Vlijminckx, Vlijminck, Vleyminckx, Vleyminck, Vleyninckcx, Wlaeminck, Wlamynck, Wlomainck: Volksnaam Vlaming, oorspronkelijk de bewoner van het kustland, het originele Vlaanderen ‘overstroomd gebied’. Dit verklaart het frequente voorkomen van de familienaam De Vlaminck in het latere Vlaanderen.

Vlasblom: Huisnaam ‘In de Vlasbloem’, die bijvoorbeeld in West-Vlaanderen voorkomt.

Vlas, de, Vlaes: Beroepsnaam van de vlasser, die met vlas werkt.

Vlassak, Vlassaks, Vlasàk. Tsjechische bijnaam voor iemand met dik of lang haar.

Vlasschaert. 1. Spelling (sg = sch) voor Vlasgaard: vlasakker. 2. Hypercorrect voor Middelnederlands vlassaert, afeiding van vlassen: vlas bewerken. Beroepsnaam van de vlasser.

Vlasselaer, (van), van Vlasselaere, van Vlaslaer, Vlasselaerts, Vlasselaers, Flasselaerts, Flasselaers, Vlaisloir, Vlasloir: Plaatsnaam Vlasselaar in Nieuwrode en Wezemaal (Vlaams-Brabant).

Vlasseman. Beroepsnaam van de vlasser, vlasboer of vlashandelaar. Nederduits Flassmann, Opperduits Flachsmann.

Vlassenbroeck (van), Vlassenbroek, Vlassenbrouck, Vlassembroucl, Vlassembroeck, Vlassembroek. Familienaam uit de plaatsnaam Vlassenbroek (waterig gebied waar vlas geroot werd) in Baasrode (Oost-Vlaanderen).

Vlassendraet. Reïnterpretatie van Vlassenroot.

Vlassenroot, Vlassenrood: Plaatsnaam Vlasrote ‘plaats waar vlas geroot wordt’. Vlasroot in Sint-Pauwels (Oost-Vlaanderen), in Maasbree (Nederlands Limburg), Vlasrood in Waalre (Noord-Brabant en Zeeland).

Vlastuin, van. Plaatsnaam.

Vlasveld: Plaatsnaam Vlasveld ‘vlasakker, vlasgaard’, bijvoorbeeld in Waregem (West-Vlaanderen). Vergelijk Duits Flachsland.

Vleck, Vlecken, Vlek, Vlekken, Vlekke, Vlak: Bijnaam. Middelnederlands vlecke: vlek, smet, gebrek, mankement.

Vleer: Variant Van Flier? Of van Vlier?

Vleeracker, Vlieracker, Fleeracker, Fleerackers, Fleerakkers, Fleracker, Flerackers, Fleurackers, Flelackers. Familienaam uit de plaatsnaam Vlerken (vroeger Vladeracken) in Someren bij Helmond. Noord-Brabant.

Vleerbos. Plaatsnaam in Boornbergum (Friesland).

Vleeschauwer, de, (de) Vleeschouwer, (de) Vleeschhouwer, Vleeschhouwers, de Vleeschhauwer, de Vleeshauwer, de Vleeschouder, de Vleshouwer, Vleshouder, Vleshoudere, Vleeschowers, de Vleeschhouwer, de Vleeshouver, de Vleeschauver, de Vleeshouwer, de Vleschauwer, de Vlesschouwer, de Vleschouwer, de Vleescouwe, dee Vleschoudere, de Vleeshouer, Vleeshouwer, Vleeshouwers, de Vlesaver, Devlésaever, Devlésever, de Vlischouwer, de Flesschouwer: Beroepsnaam van de slager.

Vleeschdrager, Vleesdrager: Beroepsnaam van de slagersknecht.

Vleeskens: Beroepsbijnaam van een slager?

Vleghels, Vlegels: Beroepsbijnaam van de vlegelmaker of de dorser.

Vlegelaer, de. Beroepsnaam van de dorser, die met de dorsvlegel werkt.

Vlek, Vlekke: Bijnaam. Middelnederlands Vlecke ‘vlek, smet, gebrek, mankement’.

Vlerick, Vlericq, Vléricq, Flederyck, Flerick, Flederk, Vleirick, Vleurick, Fleurick, Fleurix, Fleureck, Vleurinck, Vreurick. Vadersnaam uit de Germaanse voornaam Vlederik - Flitherik. H. Fledericus is de patroon van Vlierzele. Eventueel door dissimalie van Vrederik, Germaanse voornaam frith-rîk Vrede-rijk': Frethericus

Vleugel, van der. 1. Familienaam in Luik uit de plaatsnaam Vlogelberg in Mielen (Zuid-Limburg). 2. Of uit het Duitse plaatsnaam Flügel (smal stuk land dat zich tot buiten het akkerklok uitstrekt). Dit onder andere in in Burscheid (Noordrijn-Westfalen).

Vleugel, Vleugels, Vleugelen, Vleugers: Bijnaam voor iemand die als het ware vleugels heeft, een snel of nerveus iemand.

Vleugermans. Afleiding van Vleugels.

Vleuten, van, van Vloten. Plaatsnaam Vleuten, Utrecht.

Vleuten, van der: Plaatsnaam de Vleut in Best (Noord-Brabant). Rutger Oem van Bokhoven uit Den Bosch werd in 1447 beleend met De Vleut; zo kreeg hij de naam Oem van der Vleuten.

Vleysman. Beroepsnaam van de slager. Vergelijk Duits Fleischmann.

Vlieberghe, (van), Vliebergh, Vlieberg, Vlijberge, van Vlierbergen, van Vlierberge, van Vlierberghen, van Vlierbergh, van Vlierberghe, van Vliembergen, de Vleerberghe (van) Flieberg, Fliebergh, van Vliembergen: Plaatsnaam Vlieberg in Kortrijk (West-Vlaanderen).

Vliege, Vliegen, (de) Vlieghe, Vleege, Fliegen: 1. Bijnaam naar het insect, de vlieg, voor een lastig of onrustig mens. Vergelijk Duits Fliege. 2. Bijnaam uit het werkwoord vliegen (zich snel bewegen), voor een vliegensvlugge bode. 3. Of uit vliegen: met jachtvogels jagen.

Vlieger, de, Vliegere, de, (de) (de) Vliegher, (de) Vlieghere, Vlieger: Beroepsnaam van de vlieger, vogeljager, die met jachtvogels of op vogels jaagt. Vergelijk Valkenaar, Vogelaar.

Vliegenthart: Plaatsnaam Vliegend Hart.

Vlielander. Plaatsnaam Vlieland, Zuid-Holland, eiland.

Vliek: Middelnederlands Vlieke ‘pijl’. Bijnaam of beroepsbijnaam.

Vlier, van: Plaatsnaam Vlier in Ambt Delden, Overijssel, Borne Overijssel, Almelo, Overijssel, Ommen, Overijssel.

Vlierbergen, van; van Vlierbergh, (van) Vlierberghe, de Vlierberghe, zie (van) Vlieberghe.

Vlierden, van. Plaatsnaam Vlierden, Noord-Brabant.

Vliermael. Plaatsnaam Vliermaal, Limburg.

Vlies, de. Leuvense familienaam van Nederlandse afkomst. Wellicht verkort van Van der Vlies.

Vlies, van de(der), van der Vlis: Plaatsnaam Vlies, Vles, Engels flask ‘waterplas’.

Vliet, (van (der), van (de) Vliedt, van de Vliert, van der Vleet, Vervliet: Plaatsnaam ter Vliet, verspreide waternaam.

Vlietinck. Familienaam uit de plaatsnaam Vliting(e) in onder andere Dudzele en Oostakker. Vlietinck, In het jaar 1800 woonde er een man te Stramprode in Limburg, die de voornaam Vliet droeg; hij heette Vliet Kluizenaar. Mogelijk van een oud Germaanse voornaam Flidulf; en in deze samengestelde naam is de enkelvoudige naamstam Flid, Vliet, waarin de vadersnaam Vlietinck is begrepen.

Vlietjens. Afleiding van Van der Vliet.

Vlietstra: Friese afleiding van van Vliet.

Vliex, Vliexs. Afleiding van Vliege.

Vlijmen, van, van Vlymen, van Vleijmen, van Vleymen, van Vlem, van Vlemen, van Vlemen. Familienaam uit de plaatsnaam Vlijmen (Noord-Brabant).

Vlimmeren, van, van Vlemmeren, van Vleemeren, Vervlimmeren: Plaatsnaam Vlimmeren (Provincie Antwerpen).

Vlinkervleugel: Door l-anticipatie uit Vinckevleugel. Bijnaam ‘vinkenvlerk, vinkenvleugel’. Vergelijk Vindevogel (zie Ventevogel) en Duits Finkenflügel.

Vlissingen, van, Vlissinghen, van: Plaatsnaam Vlissingen (Zeeland).

Vlist, van der: Plaatsnaam Vliest, Vlest ‘plaats met vlies, een op ondiep water drijvende plantenlaag’. Oost Middelnederlands vlies; wortelvast gewas.

Vlodrop, van, van Vlodorp, van Vlorop, van Flodorp, van Floorp, van Florop, Flodrops: Plaatsnaam Vlodrop (Nederlands-Limburg).

Vloebergh, Vloeberg, Vloeberghs, Vloeberg, Vlohberghs, Vloeberghen, Vloebergen, Vloeijberghs, Vloerberghen, Vloerbergen, Vloerbergh, Flouberg: Plaatsnaam Vloedberg onder meer in Oostmalle en Turnhout (Provincie Antwerpen).

Vloemans, Vluymans, Vluijmans: Afleiding van Van der Vloet.

Vloet, de, de Vloed, de Vloedt, Vlot: Verkort van Van der Vloet.

Vloet, van de, der, van de, der Vervloet, van der Vloet, van der Vloot, Vervloedt, Vervloet, Vervloed, Vlot: Plaatsnaam Vloet ‘vloed, beek, waterloop’. Bijvoorbeeld in Wingene, West-Vlaanderen.

Vlogaert. Afleiding van Middenenderlands vlogen: vliegen. Bijnaam voor een vluggerd. Vergelijk Duits Flûgge.

Vlok, Flock: Middelnederlands vloc(ke)‘vlok, wolafval, ruwe stof’. Beroepsbijnaam.

Vlokhoeven, van, Vlokhoven, van: Plaatsnaam Vlokhoven in Eindhoven (Noord-Brabant).

Vloo, de, Devloo. Bijnaam naar de naam van het insect: een klein iemand, een lastig iemand, iemand die niet klein te krijgen is.

Vlug, de Vlugt, de Vleugh, Vluggen: Bijnaam voor een vluggerd. Of uit van der Vlugt.

Vlugt, van der: Plaatsnaam De Vlugt = Vleugt in Schaffen, Vleugt in Zichem, de Vlucht in Sint-Stevens-Woluwe, Budingen, Roes. (Vlaams-Brabant).

Vlijmen: Plaatsnaam Vlijmen (Noord-Brabant).

Vo, : Fonetische spelling voor Vaux, Veaux.

Vodermans. Hypercorrect voor Voermans.

Voerknecht: Beroepsnaam van de knecht die de dieren voedert. Vergelijk Duits Futterknecht.

Voerman, Voermans, Vormanns, Voorman: 1. Beroepsnaam van de voerman, koetsier. 2. Soms aanpassing van Engels Foreman.

Voermantrouw. Reïnterpretatie van Fourmentreau.

Voesterzoons, Voestersons. Naam uit het Middelnederlandse voe(d)sterzone: pleegzoon. Bijnaam.

Voet, Voedts, Voets, Voët, Voeten: Bijnaam voor iemand met grote voeten.

Voet, de. Waarschijnlijk Waalse aanpassing van Dievoet.

Voetelink: Middelnederlands Voetelinc ‘voet of zool van een kous’. Bijnaam.

Voetweg. Verspreide plaatsnaam.

Vogedink; zoon van de voogd.

Vogel, (de), de Vogele, de Vogele, de Voghel, de Voghele, Devogle, Vogels, de Veugele, de Veugle, de Veughele, Foghel, Fogel, Vogl, Fogiel: 1. Bijnaam naar de eigenschappen van een vogel: vlug, beweeglijk. 2. Beroepsbijnaam van de vogelaar.

Vogelaar, (de) Vogelaer, Vogelaere, de Voghelaere, de Voegelaer, de Volaere, de Voogelaar, de Vogelas, (de) Vogeleer, Vogelaerts, Vogelaers, Vogelere, (de) Voglaire, Voglar, (de) Vogeler, Vogler, Veugelaers, Veugelers: Bijnaam van de vogelvanger, vogeljager, vogelhandelaar. Vergelijk Frans Loiseleur.

Vogeley. Duitse familienaam Vogelei. Bijnaam.

Vögeli, Vögelin, Vogli, Voegeli: Bijnaam. Opperduitse afleiding van Vogel. Vergelijk Vogelin.

Vogelin, Veugelen, Veuchelen, Vuchelen, Feuggelen: Middelnederlands veugelin, afleiding van vogel/veugel.

Vogelsang, (van) Vogelzang, Vogelzangs, de Vogelsanck, Vogelenzang, Vogelesang: Verspreide plaatsnaam Vogelzang ‘vogelweide, braakliggend terrein’. Huisnaam in Maastricht: 1309 de domo.. dicta Vogelsanc.

Vogelin, Veugelen, Veuchelen, Vuchelen, Feuggelen. Naam uit het Middelnederlandse veugelin: vogeltje. Bijnaam of beroepsbijnaam naar één of andere eigenschap of voor bijvoorbeeld de vogelverkoper.

Vogelweith, Voglevaie: Plaatsnaam Vogelweide: akkerland ongeschikt voor akkerbouw.

Voglet. Misschien een als Franse gereïnterpreteerde familienaam van een Elzassische immigrant die Vôglé, Voeglé heette.

Voiry. Beroepsnaam. Oudfrans voirier: glazenmaker.

Voisier. Wellicht variant van Franse familienaam Visier: verkoper van oude kleren.

Voisin, Duvoisin, Devoisin, Visin, Vigin, Levoisin: Frans voisin: buur.

Voitout. Reïnterpretatie (voit tout) van Vitou.

Voiturier. Beroepsnaam van de voerman.

Voituron, Voituront, Woituron: 1. Beroepsnaam. Oudfrans voituron: voerman. 2. Een reïnterpretatie van Wotron lijkt niet uitgesloten.

Vola: Verkort uit Volaart?

Volaarts: 1. Middelnederlands Vollaert ‘fijn wittebrood bij feestelijke gelegenheden’. Bijnaam of beroepsbijnaam. 2. Afleiding van Middelnederlands Volen ‘stoeien, met name met meisjes’.

Volan, Volant, Volland, Voland, Vollant, Vollan, Volond, Volon, Volont, Vollon, Vollont. Bijnaam uit het Oudfranse volant: licht, wispelturig.

Volbeda, Volbeding. Friese vadersnaam Folcbald uit de naam Volbert/Volbrecht; fulk-berth' (: volk-schitterend).

Volbout, Vollebout, Volpout, Follebout, Folleboud, Follebouckt: Vadersnaam. Germaanse voornaam fulk-balth 'volk-moedig: Folcbald, Vulpold, Fol(c)baldus.

Volckaert, Volckaerts, Volckaers, Volkaerts, Volkaert, Volkerts, Volkhardt, Volcaerts, Volcaers, Volekaert, Valckaert, Valkaert, Walcart, Vockaert, Vocaet, Vacaet, Vakaet, Foeckert, Fockaert, Focquaert, Foccaert, Foccart, Focart, Vokaer, Vokar, Foucar, Foucarte, Foucart, Foucaert, Foucaer, Fourcart, Fouquaert, Fouquart, Fouquaet, Fouqaet, Foucqaert, Foucqaert, Fouchard. Vadersnaam uit de Germaanse voornaam fulk-hard: volk-sterk.

Volan, Volant, Voland, Volland, Vollant, Vollan, Volond, Volon, Volont, Vollon, Vollont: Bijnaam. Oudfrans volant: licht, luchtig, wispelturig, lichtzinnig.

Volberg. Plaatsnaam Volberg in Rosrath (Noordrijn-Westfalen). Of variant van Vollebergh.

Volborth. Verhaspeling van Volbert, Volbrecht.

Volbrecht, Volbracht, Volbragt, Vollebregt, Vollbracht: Vadersnaam. Germaanse voornaam Volkbrecht: fulk-berht Volk-schitterend'.

Volcan. Reïnterpretatie (met l-epenthesis) van Focan(t).

Volchiet. Plaatsnaam Wollscheid (Rijnland-Palts)?

Volckaert, Volckaerts, Volckaers, Volkaert, Volkaerts, Volkerts, Volkhardt, Volcaerts, Volcaers, Volekaert, Valckaert, Valkaert, Walcart, Vockaert, Volkaert, Volkert, Vocaet, Vacaet, Vakaet, Foeckert, Fockaert, Focquaert, Foccaert, Foccart, Focart, Vokaer, Vokar, Foucar, Foucart, Foucarte, Foucaer, Foucaert, Fourcart, Fouwuaert, Fouquart, Fouquaet, Fouqaet, Foucquaert, Foucqaert, Fouchard: Vadersnaam. Germaanse voornaam fulk-hard Volk-sterk': Folkhard. Folko ‘volk’.

Volcke, Volck, Volke, Volk, Folk, Folcke, Folcque, Volchen: Vadersnaam. Germaanse voornaam Fulco, Folko 'volk'.

Volckerick, Volckeryck, Volckerijck, Volckerich, Volckrick, Volckryck, Volkerick, Volkerijk, Volckerick, Vogrig: Vadersnaam. Germaanse voornaam fulk-rîk Volk-rijk': Fulcricus.

Volckerinckhove, van. Plaatsnaam Volkerinkhove (Frans-Vlaanderen).

Volclair. Waalse (Henegouwen) verhaspeling van Vogeleer.

Volden, van. De Brugse familie Van Volden kwam begin16de eeuw uit Duisburg. Er was een adellijke familie Von Wolden in Holstein.

Volder, de, Voldere, de, de Voldre, (de) Volders, Folders, Vollers, de Vuldere, de Vulder, de Veuldre, Vullers, Vulners: Beroepsnaam van de volder, voller, lakenbereider, die wollen stoffen volt.

Voleppe. Aanpassing van Italiaans Volpe; vos?

Volker, Volkers, Volkert, Folker, Folkers, Folkerts, Folkertsma, Fulkhartsman, Folgerts, Folkert, Fölker: Vadersnaam. Germaanse voornaam fulk-hari ‘volk-leger’: Fulcarius, Folchar, Folcker.

Völkel, Volkel: Vadersnaam. Afleiding van Germaanse fulk-naam, zoals Volker, Volkaert.

Volkenborn. Plaatsnaam; bron van Fulco.

Volkere, van de: Vervorming van wellicht Volker.

Volkeri: Afleiding van Volkerus, latinisering van Volker.

Volkerijk, Volkrijk, Volckerijck: Vadersnaam. Germaanse voornaam fulk-rîk ‘volk-machtig’: Fulcricus.

Volker, Volkers, Volcher, Folkers, Folger, Völcker, Völker, Fulker, Fulkerson, Fucker, Fucker, Fokker: Vadersnaam. Germaanse voornaam fulk-hari 'volk-leger': Fulcarius, Folchar, Folcker.

Volkmar, Folkmar, Folmers, Volkmer, Volkhemer, Volmar, Volmart, Vollemaere, Vollmer, Volmer, Volmers, Volmerinck, Volmerinck, Völlmar, Follmer, Folmer. Vadersnaam uit de Germaanse voornaam fulk-mêr 'volk-beroemd': Fol(g)marus, Folmerus.

Völl, Voll, Voell: Vadersnaam. Korte vorm van Volker, Volbrecht, Volkmar of Volbout.

Vollaert. Middelnederlands vollaert: fïjn wittebrood bij feestelijke gelegenheden. Beroepsnaam. 2. Afleiding van Middelnederlands volen: stoeien, met name met meisjes.

Vollebergh. Plaatsnaam Voerleberg in Veulen, Nederlands-Limburg.

Vollebrecht, Valbracht, Vollbracht, Volbeda. Vadersnaam van de oude voornaam Volbrecht; Volk-bert; uitblinkend onder het (krijgs) volk.

Vollebout, Volbout, Volpout, Volpoet, Follebout, Folleboudt, Follebouckt. Vadersnaam uit de Germaanse voornaam fulk-bath.

Vollegraaf, Vollgraf: Vadersnaam. Reïnterpretatie van Germaanse voornaam Volkrave: fulk-hrabn; volk-raaf: Folcramnus.

Vollekindt. Vadersnaam. Reïnterpretatie van Middelnederlandse voornaam Volkin, vleivorm van een Germaanse fulk-naam.

Volleman, Voleman, Volemans: Afleiding van Middelnederlands vole: veulen. Vergelijk Duits Vole: levendig mens. Of paardenfokker. Of afleiding van werkwoord volen: stoeien (zie Vollaert 2.)

Volles: Wellicht uit Vollers, afleiding van de Voller‘ volder’.

Vollmächer. Verschrijving voor Wollmacher. Beroepsnaam van de wolmaker, wolbereider.

Vollmerhausen. Duitse plaatsnaam Vollmarshausen.

Volmer, Folmer, Vollemaere: Vadersnaam. Germaanse voornaam fulk-mêr ‘volk-beroemd’: Folmerus.

Volmering, Vollmering, Volmerinck. Vadersnaam. Afleiding van Vollmer, van de oude mannenvoornaam van Folmer, Fulmar.

Vollrath. Vadersnaam. Germaanse voornaam fulk-rêd 'volk-raad': Folcratus, Folradus.

Volongé, Volange, Valanger, Valange,Valangé: Misschien Vologne, van Pologne, Franse naam voor plaatsnaam Veulen (Limburg).

Volpe, Volpin, Volpini. Italiaanse bijnaam Volpe, van Latijn vulpes; vos.

Volquemann, Volquemanne, Walquemane, Walquemanne: Vadersnaam Volkman, afleiding van Germaanse Volk-naam.

Vols. Variant voor Wols=Wolfs, of van Voix, afleiding van Volcke. Variant van Vools?

Volsegem. Waarschijnlijk vervorming van Van Volsem/Volxem.

Volsem (van), van Volcem, van Volsen, van Volsom, van Volsum, van Volxem, van Volcksom. Familienaam uit de plaatsnaam Volsem (Vlaams-Brabant).

Volt. Vadersnaam. Germaanse voornaam Wolt, korte vorm een een wald-naam zoals Wouter.

Volter, Volters, Voltaire: Vadersnaam. Verschrijving van de Germaanse voornaam Wolter. Voltaire geeft de Franse uitspraak weer.

Voltz, Votz. Vadersnaam uit een Volk (fulk)-naam.

Von Bülow. Duitse plaatsnaam Bülow, uitspraak 'bulo.

Von Montingny. Plaatsnaam Montigny, oude Romaanse vorm van Montenaken (Limburg). Zie Montignie(s) 2.

Von Wovern. Familienaam in Duitsland, Denemarken en Zweden. Verduitsing van Van de Wouwer.

Vonarb. Plaatsnaam Arpe. Noordrijn-Westfalen.

Vonarx, von Arx. Zwitserse familienaam. Plaatsnaam Arx bij Basel.

Vonckers. Afleiding van werkwoord vonken: vonken schieten, in vonken doen uiteenspatten. Bijnaam voor een smid.

Vondeberg. Plaatsnaam, 1368 ten Vonderberghe, Wechelderzande (Antwerpen). 2. Variant van Vandeberg, van den Berg.

Vondeling, Vondelynck, Vonderlynck, Vondelinckx, Vundelinckx, Vindelinckx: Bijnaam voor een vondeling.

Vondelman. Afleiding van Van den Vondel.

Vondenbusch. Plaatsnaam Vonderbos; bos met toegang over een vlonder.

Vonder: Verkort uit van den Vonder. Plaatsnaam Vonder ‘los bruggetje, vlonder’.

Vonder, van de, (den, der), van de(den, der) Vondel, van Vondel, van de Vondele, van de Vondel, van der Vondelen, van der Vonden, van de Vonde, van de Vandelle, van de Vandel, de Vondel, Vervondel, van Vonderen, (van) Vondel: Plaatsnaam Vonder: los bruggetje, vlonder.

Vondervoort, van. Plaatsnaam voorde met een vlonder.

Vonêche, Vonnêche, Vonèche, Vonnèche, Vonneche, Voneche: Plaatsnaam Vonêche (Namen).

Vonhout: Variant voor van Hout.

Vonier. Bijnaam. Variant van Vognier; lui.

Vonk, Vonke, Vonken, Vonck, Vonckx, Voncke, Voncken, Vounckx, Vounck, Vunckx, Vunck, Foncke, Fonck, Fonke, Fonk, Funk, Funke, Funken, Funcken, Funck, Vervonck: Middelnederlands vonc, vonke, Duits Funke ‘vonk’. Beroepsbijnaam voor een smid, naar de vonken die hij bij het smeden maakt.

Vons: Plaatsnaam Fons, Fries Fûns, in Littenseradiel (Friesland).

Vonstein, Vontsteen. Verspreide Duitse plaatsnaam Stein. Vergelijk De Steene.

Voo, van der: Vertaling van Delvau(x) ‘van Dale’?

Voogd (de), (de) Vooght, Voogt, (de) Vooght, (de) Voogdt, de Vooght, Voogh, de Voeght, de Voegt, de Voecht, (de) Vocht, (de) Voigt, Vogt, (de) Voght, te Vogt, Voegt, Voget, Vogts, Vogten, Vochten, Vogeses, De Vucht, Vuch, Vucht, Vught, Vugt, Vugts: Naam voor de voogd ‘beschermer, patroon, voogd; bevelhebber, aanvoerder’.

Voois, Vooijs: Variant van Voos, van Vaas, Servaas? Uit Lavoix? Of Middelnederlands voois ‘stem’?

Vool, Vools, Foole, Fools. Familienaam uit het Middelnederlandse vool: veulen. Wellicht beroepsnaam voor de paardenhandelaar. Mogelijk ook bijnaam voor een speels iemand.

Voolstra: Friese afleiding van plaatsnaam Follega (Friesland). Ook Folstra.

Voorbeijtel: Beroepsbijnaam? Voorbij: Naar de woonplaats voorbij het dorp?

Voorbraak, Voorbraeck: Plaatsnaam. Braakland aan een voorde.

Voorde, ten, Voorden, van, van Vooren, van Voren. Familienaam uit de plaatsnaam Voorde (Oost-Vlaanderen) of variant van (van de(r) Voorde.

Voorde van de(der), van de(der) Voorden, Vooren, van de(der) Vorden, van de Woorde, van de Worde, van de(r) Voort, Voordt, Vordt, Vort, van den Voort, van der Voordt, Voortman, Vortman, Voorthuis, Wandervorde, Wandevoir, van Vooren, van Voren, van Vuuren, van Vuren, Vervoordt, Vervoort, Vervoert, Vervort, Vervuurt, Vervoir, Vervoode, Vervoot, Vervoitte, Vervotte, Tenvoorden, Tenvoorde, Tenvooren, Tervoort, Tervoert, Tervooren. Duitse varianten van deze naam zijn onder andere Verfort, Verforht, Verfürth, Von der Furt, Verfüürt: Zeer verspreide plaatsnaam Voorde, Voort ‘doorwaadbare plaats’. Tervoort (Noord-Brabant), Voorde, Oost-Vlaanderen.

Voordekkers, Voordecker, Voordeckers: Plaatsnaam Voordakker.

Voordemans, Voerdemans, Voortmans, Voortman: Afleiding van Van de Voorde.

Voordendag: Bijnaam voor iemand die vroeg opstaat, voor het dag is? Vergelijk Duits Vormittag.

Voordijk: Plaatsnaam Voordijk in Mill (Noord-Brabant) en Vlijmen (Noord-Brabant).

Voorenberghe, van; Voorbergen: Plaatsnaam Voornburg in Wageningen (Gelderland)? Of voor den berg?

Voorend. Misschien plaatsnaam Vooreinde. Zuid-Oostvlaams vooreinde, veureinde: wendakker.

Voorhaen. Hypercorrect voor Vuurhaan (vergelijk Voor-pijl).

Voorhagen: Naar de woonplaats voor een haag. Vermoedelijk uit Duits Vorhagen.

Voorhans: Voorste Hans, Hans die vooraan woont. Duits Forderhans. Vergelijk Voorjans, van 1602 Vort Jans ‘Jan die bij een voorde woont’.

Voorhoeve: Plaatsnaam Voorhoef in Bleiswijk (Zuid-Holland).

Voorhof, Voorhoof, Voorhooft, Voorhoeve, Voeroeven, Vorhoff : 1. Plaatsnaam Voorhof: voorplein, voortuin, voorportaal. Voorhof in Cent en Voorhoeve in Koudekerke (Zeeland). 2. De Nederlandse familie Voorhoeve heette oorspronkelijk Van der Hoeven/Verhoeven); de kinderen van 1665 Jacobus van der Hoeven heetten Verhoeve(n), Voorhoeve(n).

Voorhorst: Plaatsnaam Voorhorst in Welsum, Overijssel.

Voorhout: Plaatsnaam Voorhout (Zuid-Holland).

Voorkens. Uit Voordekens, afleiding van Van de Voorde.

Voormeulen, Voormolen: Vervorming van Vermolen, Vermeulen.

Voorn, (van), (van) Vooren, van Voren, van Voeren, Vervoorn: 1. Plaatsnaam Voorne (Zuid-Holland). 2. Zie ook Van Voorden, Van der Voorde.

Voorneman: Afleiding van Van Voorn.

Voorpe, van de. Familienaam in Noord-Frankrijk. Waarschijnlijk verhaspeling van Van de Voorde.

Voorpijl, Voorpijls, Voorpyl, Voorpyls: Hypercorrect voor Vuurpijl. Beroepsnaam van de schutter. Vergelijk Duitse familienaam Feuerpfeil, Nederduits Fûrpiel.

Voorsel. Plaatsnaam (ten) Vorsel, Noord-Brabant.

Voorsmit. Hypercorrect voor Vuursmid, Duits Feuerschmied. Beroepsnaam van de smid die met vuur smeedt, in tegenstelling tot de koudsmid.

Voorspoels, Voorspools. Familienaam uit de plaatsnaam Voorspoel in Borsbeek, Waarloos (Antwerpen) en in Londerzeel (Vlaams-Brabant).Vors(ch)poel: kikkerpoel.

Voorst, van, (de): 1. Plaatsnaam Voorst (Gelderland, Nederlands-Limburg, Overijssel). 2. Zie van der Vorst.

Voorter. Die aan een voort of voorde woont. Vergelijk Duits Furter.

Voorthuijzen, van Voorhuizen, van Voorhuyzen: Plaatsnaam Voorthuizen (Gelderland).

Voorting: Die aan een voorde woont?

Voorts, Voirts, Voedts, Voets, Foerts, Foets: Korte vorm van Van (de) Voorde. Foets, van Voorts, Vo(e)rts.

Voorwalt: Duitse plaatsnaam Vorwald (Beieren, Noordrijn-Westfalen, Nedersaksen).

Voorwynckels, Voorwijnckels: Misschien herinterpretatie van Nederduitse Vohwinkel ‘vossenhoek’. Middelhoogduits Vohe ‘vossin’. Vergelijk Vosswinkel.

Voorzaat. Middenenderlands voorsaet: voorganger in een ambt, in een redit, in een eigendom.

Voorzanger, Vorzanger: Bijnaam van de voorzanger.

Vorbeck. Duitse plaatsnaam Vorbeck.

Vorder Hake: Wellicht uit Duits Vor dem Hagen.

Vorhagen, Voragen. Spelling voor Verhagen of uit Vornhagen.

Vorlat. Vondelingnaam van Silvester Vorlat, op 24 november 1831 in Antwerpen gevonden.

Vormezeele. Naam uit de plaatsnaam Voormezele (West-Vlaanderen).

Vornhagen, Varnhagen: Vornhagen, van Vor dem Hagen: voor de haag. Duitse plaatsnaam Vornhagen.

Vôrôs, Voros: Hongaars vôrôs: rood. Bijnaam voor roodharige.

Voroux, Verrou, Vorreua, Voreux, Devreux, Vreux, Devrux, Vreuls, Vreulz: Plaatsnaam Voroux (Luik).

Vorselaars: 1. Afleiding van plaatsnaam Vorsel (Zie Vorselmans) (Noord-Brabant). 2. Plaatsnaam Vorselaar (Provincie Antwerpen).

Vorsselmans, Vorselmans, Vosselman, Vosselmans, Vorselman. Afleiding van Van Vossel 3.

Vorselaars. 1. Afleiding van plaatsnaam Vorsel. 2. Plaatsnaam Vorselaar, Antwerpen.

Vorst, van der, van der Veurst, van der Vurst, van der Voost, van der Vost, van den Vust, van de vos, van (de) Voorst, Vervurst, Vervust, Verworst, (de) Vorst, Vost: Plaatsnaam Vorst/vurste (Provincie Antwerpen, Nederlands-Limburg, Brussel), ook in Arcen (Nederlands Limburg), Deurne (Noord-Brabant), Sevenum (Nederlands Limburg) en Boxtel (Noord-Brabant) van Latijnse forestum ‘bos, woud’.

Vorstenbosch, (van de): Plaatsnaam Vorstenbosch (Nistelrode, Noord-Brabant).

Vorsterman, Vostermans: Beroepsnaam van de vorster, boswachter.

Vorster, Vorsters, de Voster, Vosters, Voster, Vostes, Voesters: Beroepsnaam van de vorster, boswachter. Duits Forster. Zie ook De Vuster.

Vorstheuvel: Plaatsnaam Forsthövel (Noordrijn-Westfalen).

Vorwerk: Duits familienaam Vorwerk, van Middelhoogduits vorwërc ‘bolwerk, vesting. Ook verspreide Duitse plaatsnaam Vorwerk (onder meer Noordrijn-Westfalen, Neder Saksen, Sleeswijk-Holstein, Hessen). Ook plaatsnaam, 1188 Vorewerch in Eibergen (Gelderland); 1370 ten Voerwerke in Hardenberg, Overijssel. Volgens Hekket ‘een onder eigen beheer staande hoeve, behorend bij een hoofdhoeve’.

Vorzigtig. Bijnaam voor een voorzichtige.

Vos, (de), Voss, (de) Vosse, Vosch, Voss, Vossema, Vosch, Vossius: Bijnaam naar de dierennaam vos, voor een sluw of onbetrouwbaar mens of een roodharige. Of huisnaam. Voss is Nederduits. Vos­sius is een latinisering.

Vosdellen. Plaatsnaam Vosdeel, Noord-Brabant.

Voshol: Plaatsnaam Voshol bij Reeuwijk (Zuid-Holland), Voshole/Vossole in Oostburg (Zeeland).

Voskamp: Plaatsnaam Voskamp in Maaseik (Belgisch-Limburg).

Vosken, Voskens, Vosquenne, Fosges. 1. Bijnaam, afleiding. van Vos. 2. Vadersnaam. Afleiding van de voornaam Vos. Vergelijk Vossaert.

Voskuil, Voskuilen, van Voskuile, Voskuijl: Plaatsnaam Voskuil in Oldebroek (Gelderland), Voskuilen in Woudenberg en Leusden (Utrecht).

Vossart, Vossaert, Voshaart, Fassaert, Fassaers: Vadersnaam. Germaans en oude Zeeuwse voornaam vos-hard.

Vossel, van, Vossels. 1. Naam uit de plaatsnaam Vossel in Binkom en Schaffen (Vlaams-Brabant), Denderhoutem en Moerbeke (Oost-Vlaanderen), Herselt en Poederlee (Antwerpen). 2. Uit de plaatsnaam Vosselt in Hasselt (Limburg). 3. Uit de plaatsnaam Vorsel (Noord-Brabant) of in Kasterlee en Rijkevorsel (Antwerpen). 4. Varianten van Van Vosselen of Van Vossole (zie bij Vosselen en Vossole).

Vossele, van, Vosselen, van, (van) Vorselen, Forschelen. 1. Naam uit de plaatsnaam Vosselen (Noord-Brabant). 2. Variant van Van Vossel (zie hierboven).

Vosselman, Vosselmans. Afleiding van Vossel.

Vossen,Voss, Vosse, Vosen, Fossen, Fussen, Vossem, Vôssing: Vadersnaam. Voornaam Vos, Fos. Vergelijk Vossaert. 2. Limburgse vorm van Vaessen. 3. Voor Vossen(s) = van Vossem.

Vossen, van (der): Plaatsnaam Vossen in Apeldoorn (Gelderland) en Heerde (Gelderland).

Vossenaar. Plaatsnaam (Nieuw-)Vossemeer (Noord-Brabant).

Vossenberg, van de, Vosseberg, Vorstenberg, Vosbergen. Plaatsnaam Vossenberg in O.-L.-V.-Waver (Antwerpen), Sint-Amandsberg (Oost-Vlaanderen) en verspreid (West-Vlaanderen).

Vossem, van Vossen. Plaatsnaam Vossem (Vlaams-Brabant). 2. Zie Vossen.

Vossepoel: Door assimilatie rs van ss uit Vorsepoel ‘kikkerpoel’.

Vosshage. Plaatsnaam Vosshagen. Noordrijn-Westfalen.

Vossole, van, van Vossel. 1. Naam uit de plaatsnaam Voshole of Vossel in Schaffen (Vlaams-Brabant). 2. Of uit Voshole/Vossole in Oostburg (Zeeland), Marquise (Pas-de-Calais), Denderhoutem en Ophasselt (Oost-Vlaanderen).

Vosters, Voster, Vostermans, Vossers. Beroepsnaam. Afgeleid van (hout) vester.

Vosveld: Plaatsnaam Vossenveld in Winterswijk (Gelderland).

Vosswinkel. Plaatsnaam. Nederdits Vosswinkel: vossenhoek (Noordrijn-Westfalen).

Voué, Voue, Vouez, Vouwé, Vouwe, Vouw, Voé, Voez, Voie, Voye, Voy, Woué, Wouez: Beroepsnaam. Oudfrans voé, van Latijn vocatus: beschermer, voogd, pleiter, advocaat, procureur.

Vouloir. Wellicht reïnterpretatie van Willart, Woillard.

Vousure, Voussure. Oudfrans volsure: boog van een gewelf. Plaatsnaam?

Voutquenne, Wotquenne, W(u)quenne, Votquenne: Vadersnaam. Waalse aanpassing van Wout(er)kin.

Voyard. Variant van Viard of Willard.

Vracem, van, van Freachem, van Frachem, van Frachem, van Fracem, van Frachen, van Fraeghem, van Fraecken, van Fraessem, van Fraesem, (van) Fraussen, van Fraucem, van Fraussem, van Frausem, van Franssem. Familienaam uit de plaatsnaam Frassem in Bonnert (Luxemburg).

Vraeghe, Vrage: Samengetrokken uit Verhage.

Vraet, de. Bijnaam voor een (veel)vraat, vreter.

Vramboudt, Vrambout, Vrammout, Frammout, Framhout: Vadersnaam. Niet van Vramboud: Framboldus, maar veeleer de Germaanse voornaam Vromoud: frum-wald 'moedig-heerser', gereïnterpreteerd als Vromboud; vergelijk Sint-Romboud (Mechelen) van Romoud.

Vraux. 1. Plaatsnaam (Marne) en in Quartes (Henegouwen). 2. Samentrekking van de familienaam Verreau: grendel, slot. Beroepsnaam.

Vre, van, van Vré: Plaatsnaam Vrede: omheining, omheinde plaats.

Vrebosch, Vrebos, Vrébos, Vrebos: Verspreide plaatsnaam Vrebos, Vrijbos: ingesloten, gereserveerd bos.

Vrede, van de, van de Vreede, van de Vreyde, Van de Vreye, van de Vreije, van de Vree, Vreeman, Freeman, Vreman, Vreemann: Plaatsnaam Vrede ‘omheining, omheinde plaats’. Vergelijk Duits Freidhof, Umfriedung. Plaatsnaam Vree in Denekamp, Overijssel, Rosmalen (Noord-Brabant), Zwollerkerspel, Overijssel. In het oosten van het land is een vrede of vree een woord voor tuin, in het bijzonder voor een particulier perceel dat aan de gemeenschappelijke grond was onttrokken. Voorouders van de families Vreeman woonden in een huis of boerderij met zo'n vree en was daarom De Vree genoemd. Eventueel huisnaam De Vrede.

Vredebregt, Vredenbregt. Vadersnaam. Germaanse voornaam frith-berht 'vrede-schitterend': Frithubert, Fredebertus.

Vredegem, (van), (van) Vredechem, Vredchem: Misschien de plaatsnaam Vrekkem in Denderwindeke en Ursel (Oost-Vlaanderen).

Vredeveld, Vredeveldt, Vreede, de. Plaatsnaam.

Vredeman. Vadersnaam. Germaanse voornaam frith-man Vrede-man'. Duits Friedemann.

Vreden: 1. Verbogen vorm van De Wreede. 2. Vadersnaam. Vleivorm van frith-naam, zoals Vredebregt.

Vreedenburgh, Vreeburg, Vreeburg: 1.Moedersnaam. Germaanse voornaam frith-burg ‘vrede-burg’: Fredeburgis, Fredburga. 2. Plaatsnaam Vredenburg (Gelderland).

Vreijdenberger, Vrijdenberger, Vrydenberger: Aanpassing van Duits Freienberger, afleiding van plaatsnaam Freienberg (Stiermarken).

Vreijke: Samengetrokken uit van der Eijke, vergelijk Vreeke. Zie van der Eijk.

Vreken, van de(der), van den Vreken, van der Vrecken, Vereeken, Vereeke, Vereecken, Vereecke, Verheecken, Verheecke, Verheeke, Verheeken, Verheeke, Verheeken, Vereecque, Vereque. 1. Familienaam afgeleid van de meerdere keren voorkomende plaatsnaam ter Vereecke: (steen)eik. bijvoorbeeld 1571 de Veerheecke, de Veereecke in Eksaarde; Vereeck(e) in Bellem (Oost-Vlaanderen).2. Soms is de familienaam afgeleid uit Van den Vreeackere (= omheinde akker te Rumst).

Vreeke, Vreeken, Vreke, Vréke: Samengetrokken uit Vereeke(n).

Vreeswijk, Vreeswyck: Plaatsnaam Vreeswijk (Utrecht).

Vreeze, de; Freeze: Variant van de Vrieze. Volksnaam van de Fries.

Vreker, de, Vreker, de, de Vrecker, de Vreeker, Devreker. Familienaam uit het Middelnederlandse wreker. Bijnaam voor een wraakzuchtig iemand.

Vrekkem, van, van Vrekem, van Vrekhem, van Vreckom, van Vrekom, van Vreckhem, van Vreckem, van Vrecken: Plaatsnaam Vrekkem in Denderwindeke en Ursel (Oost-Vlaanderen).

Vremdt. Bijnaam voor een vreemde, een immigrant. Vergelijk Duits Fremder, Frans Létrange.

Vreugd, de, de Vreught, (van de) Vreugde. 1. In 1686 werd in Brussel een vondeling De Vreught genoemd, omdat hij "in de deur van den Genughelijcken Boer op de Walsche Plaatse" gevonden was. 2. Gezien de geografisch ruime verspreiding is de naam wellicht ook ontstaan als bijnaam voor iemand met een vrolijk karakter. 3. Of uit een huisnaam.

Vreugdenhil: Plaatsnaam met Hil ‘heuvel’.

Vreurick, Vleurick, Vleurinck, Fleurix. Vadersnaam. Germaanse voornaam frawrîk 'heer-heerser': Froricus. Zie Vlerick.

Vreux, Vreuls, Vreulz: Samentrekking van Vorreux. Zie Voroux.

Vreven, Vreven, Vrévin, Vreeven: Moedersnaam. Germaanse voornaam Vredewivis: frith-wîb Vrede-vrouw'.

Vreye, Vreyen. 1. Samentrekking van Verheide(n), Verheye(n). 2. Zie (de) Vrij.

Vreys, Vreijs, Vrijs, Freys, Freisen, Freise, Freises, Freis, Frys, Vreyssen, Vreysen, Vrys, Vrysen, Vrijssen, Vrijsen, Freyssen, Freysen, Freijsen, Frijsen, Frissen. 1. Vadersnaam: verkorte vorm van Laureis, Lavreysen. 2. Sommige vormen gaan misschien terug op Friesen/Frissen: vadersnaam uit Friso of afkomstig uit Friesland.

Vriamont. Variant van Wia(u)mont met epenthetische r? Of van Brialmont?

Vridaud. Vadersnaam. Romaanse vorm van Germaanse voornaam frith-wald 'vrede-heerser': Fredaldus.

Vrie, van de: Plaatsnaam Vrij in Bergen (Nederlands Limburg).

Vrieling, Vrielinck, Vrielink, Vrielynck, Vrielijnck, Vryelinck, Vrijelinck, Frylinck, Frijlinck, Frielink, Frieling, Frijling, Fryling, Freling, Frielinghues, Früling, Vrielijnck, Vrielenk: 1. Middelnederlands vrilinc: vrijer, iemand die dingt naar de hand van een vrouw. 2. Bijnaam voor een vrij man, vrijgeboren of vrijgemaakt, een poorter. 2. Vadersnaam uit Vriele, een frith-naam. Vergelijk Vrieleman, Duits Frieling.

Vriend, de, de Vriendt, Vrient, Vriends, Vrients, Vriens, Vrind, Vrin, Vrint, Vriens, Vryens, Vrijens, Vrints, Vrins, Vrinten: Bijnaam voor een vriend: partijgenoot, bondgenoot, minnaar, beminde, verwant. Een enkele keer verkort uit Godefrind.

Vriens, Vryens, Vrijens: 1. Moedersnaam. Afleiding van Vrien, van Veriden: vrouw Ida. Vergelijk Ide. 2. Zie De Vriend(t). 3. Zie Vrins.

Vriesacker. Plaatsnaam. Waarschijnlijk van Duitse familienaam Friesacher, van plaatsnaam Friesach (Stiermarken, Karintië, Krain) of Friesack.

Vriesendorp: Plaatsnaam 1350 Frisendorf in Westerwald (Nedersaksen)? Vergelijk Duits Friesendorf (Beieren).

Vrieseman, Vriesman: Bijnaam voor de Vrieze, de Fries, vergelijk Engelsman.

Vriese, (de), Vries, (de), (de) Vrieze, Vriezen, de Vriesse, Vris, Devrisse, Defrise, Defrize, de Vreese, de Vreeze, de Vreesse, de Vreece, de Vreest, (de) Vrees, Frees, Freese, Frese.: Volksnaam van de Fries, de inwoner van Friesland. De klankwettige Nederlands vorm is inderdaad Vries(land).

Vreijbloedt: Bijnaam. Vrijbloed.

Vriesere, de. Waarschijnlijk reïnterpretatie van De Vriese.

Vrij, (de), (de) Vry, de Vrye, de Vrije, de Vreye, Vreyen, Vreye Freij, Frey, Vrije, Vrijman. 1. Bijnaam voor wie edel van geboorte is, een aanzienlijke; vrijgeboren, vrijgemaakt, poorter. 2. De Waals-Vlaamse familienaam Devry/Devreye wordt in Oostduinkerke als Devree uitgesproken. Het is een samentrekking van Frans Duverd(e)ret, Duverdrey. Plaatsnaam Verdret: kleine boomgaard of Verderie: bos.

Vrijdag, Vrijdagh, Vrijdaghs, Vrydag, Vrydagh, Vridaghs. Familienaam naar de weekdag vrijdag: dag dat hij een bijzondere activiteit had (markt - op stap gaan), dat er iets bijzonder in zijn leven gebeurd was. Het is mogelijk zelfs een vondelingennaam. Duitse familienaam Freitag.

Vrijders, Vryders. Familienaam uit ofwel werkwoord vriën: bevrijden, vrijmaken.. ofwel uit vrijer: minnaar. Een bijnaam wellicht.

Vrijenhoek: Plaatsnaam ‘vrije hoek’.

Vrijland, Vrijlandt: Plaatsnaam Vrijland in Rotterdam (Zuid-Holland).

Vrijghem, Vryghem, Frighem. Vrijegem is een plaatsnaam in Blaringem (Frans-Vlaanderen). Mogelijk is er ook een verband met Vrijlegem in Hulste. Familienaam afgeleid van een plaatsnaam dus.

Vrijheid: Plaatsnaam Vrijheid in Elburg (Gelderland).

Vrijhoef,Vrijhoeven, Vryhoeven: Plaatsnaam Vrijhoef in Reeuwijk (Zuid-Holland) en Leusden (Utrecht). Of Vrijhoeven (Zuid-Holland) of Vrijhoeve (Noord-Brabant).

Vrijman, Vryman: 1. Bijnaam voor een vrij man, een vrijgemaakte lijfeigene. 2. Vadersnaam uit het Germaanse frith-man.

Vrijmoed. Vadersnaam. Germaanse voornaam frith-môd 'vrede-(ge)moed': Fretmodus. Achteraf gereïnterpreteerd als bijnaam voor een vrijmoedig man: edel, welwillend. Duits Freimuth.

Vrim. Verhaspeling van De Vrin, zie de Vriendt.

Vrins, Vriens, Vrijens, Vryens, Vrinsen, Vrinssen, Vrinzen: 1. Vadersnaam. Vrins, Vrijns, van Severijns, heiligennaam Severinus. Vergelijk Ferin, Duits Frings. 2. Zie ook De Vriend(t).

Vrithof, Vrithoff, Vrithoffe: Aanpassing van Duits Friedhoff of de bekende Maastrichtse plaatsnaam het Vrijthof, etymologisch hetzelfde, namelijk omheind hof.

Vroede, de, de Vroe, de Vroedt, de Vroed, de Vroeij, de Vroeye, de Vroey, de Vroije, (de) Vroue, Vrou, de Froye, de Froy, de Vroo, Devrout, Devrou, Devroux, Devrouw; Bijnaam voor wie vroed was: verstandig, geleerd, rechtschapen, flink; opgewekt, zuinig. Vergelijk Frans Lesage. Devrou(x) is een Waalse spelling.

Vroeg, de, Vroegh, de, Vroege. Bijvoeglijk naamwoord vroeg. Bijnaam voor wie vroeg opstaat, gewoonlijk vroeg is. Vergelijk Duits Fruh. 2. Vroege kan eventuel de Brabantse uitspraak weergeven van Vraeghe.

Vroeg in de wei, Vroeg in de weij: Bijnaam voor iemand die vroeg opstaat, vergelijk Vroegop, Duits Frühinsfeld, Frühinsholz, Frühauf.

Vroegh, Vroege, de, Vroegop, Vroegindewei, Vroegindewey. Weij, Wey, in de: Bijnaam ‘vroeg’; voor wie vroeg opstaat. Duits Früh.

Vroegop: Bijnaam voor wie vroeg opstaat, ook Vroichop, vergelijk Duits Frühauf.

Vroenhoven, van, van Vroonhoven,Vroenhoeve, Vroonhove: Plaatsnaam Vroonhof: herenhof. Vroenhoven (Limburg) en in Kortenaken (Vlaams-Brabant).

Vroegrijk: Volks etymologische vervorming van de Germaanse voornaam Vrorik, van fraw-rîk ‘heer-heerser’. (zie Vreurick).

Vroland, Vrolant, Vroelant, Vroylandt, Vroilant, de Vroylande: Plaatsnaam. Middelnederlands vroonland: land van de heer; land dat aan niemand leenroerig is, in volle eigendom. Plaatsnaam Vroland (vooral Nord, Pas-de-Calais).

Vrolijk, Vrolijks, Vrolijkx, Vrolyks, Vrolikx, Vroelyck, Vroelyk: Bijnaam naar het vrolijke karakter. Duits Fröhlich, Vrolich.

Vroom, Vroon: Vadersnaam. Germaanse frum-naam, zoals Vromond, Vromoud.

Vromant, Vrmandt, Vromand, Vroman, Vromans, Vromanne, Vromen, Vroemans, Vroeman, Vroumans, Vroomans, Vrommant, Vromman, Vrommand, Fraumont, Fromont, Fromond, Vrammont, Vermand, Vermant, Vermang. Vadersnaam uit de Germaanse voornaam frôd-mund 'wijs-bescherming': Frotmund, Fro(d)mundus. Vormen met -man door reïnterpretatie.

Vrombaut, Vrombout: Vadersnaam van Vromoud; zie Vramboudt.

Vromen. 1. Zie Vroom(e). 2. Franse verschrijving voor Vroman.

Vromet. Metathesis van Vermet.

Vroode, van de. Slechts viermaal (Henegouwen). Ongetwijfeld door metathesis van Van de Voorde.

Vroom, de, de Vroome, de Vroomen,de Vrome, Vromen, Vroonen, Vronen, Vroon, Froonen, Froom, Froome, Vroemen, Vroenen, Frooninckx Froninckx, Froomieckx, Vroninks: Bijnaam voor een vrome ‘flink, krachtig, moedig, rechtschapen’. 2. Herinterpretatie van de vadersnaam. Vroom, uit een Germaanse frum-naam (Vromond, Vromoud). Zie ook Veroone.

Vroomhout. Vadersnaam. Germaanse voornaam Vromoud. Zie Vramboudt.

Vroonland: Plaatsnaam. Middelnederlands vroonland ‘land van de heer’, ‘land dat aan niemand leenroerig is, in volle eigendom’.

Vrou, de, Vrouw, de. Middelnederlands vrou(we): dame, aanzienlijke vrouw. Vergelijk De Man. 2. Devrouw kan een aanpassing zijn van Devroux.

Vrouwe, Vrouwes, Froukana, Frouwama, Fraukema, Froma. Mannenaam Frau, Vrou. Het woord vrou heeft inderdaad oudtijds in de Germaanse talen een mannelijke betekenis gehad; in het Gotisch betekent het woord frauja heer. Van heer (dominus) werd het heerinne of vrou (domina); later vrou (femina). De Friese dienstmaagd spreekt haar meesteresse nog heden aan als frou (domina).  Zo is er te Lutjegast een Froma-heert en te Niehove een Froma state.

Vrouwenraets. Plaatsnaam Frauenrath. Noordrijn-Westfalen.

Vrugterman. Pendant van Duitse familienaam Furchtmann, van Middennoordduits vruchtman: bevrachter.

Vryburg. Nederlandse naam van Duitse plaatsnaam Freiburg.

Vryenberg. Duits Freienberg? Zie Vreijdenberger. Waarschijnlijk veeleer = Vryburg.

Vrykorte. Met r-epenthesis van Vrijkotte, plaatsnaam in Losser, Overijssel.

Vryman, Vrijman. 1. Bijnaam van een vrijman, een vrijgemaakte lijfeigene. 2. Vadersnaam. Germaanse voornaam frith-man. Zie Vredeman.

Vuchelen, (van). Plaatsnaam Ucchelen, Gelderland.

Vucht, van (de), van Vugt, van Vught: Plaatsnaam Vucht (Limburg, Noord-Brabant).

Vuege, Veugen, Veuggens, Vuyge, Foogen, Fogen, Foges, Foguenne. Bijnaam naar het Middelnederlandse voge: geschikt, handig. In

Oostfalen ook Feuge, Fôge.

Vueghs: Afleiding van de Voogd? Of van van Vugt?

Vuerinckx, Vuerings, Veurink. Vadersnaamvariant van Vering of uit Vieren.

Vulcanius. Humanistennaam van de Brugse humanist Bonaventura de Smet, naar Vulcanus, Romeinse god (smid) van de onderwereld.

Vulling, Vullings. Vadersnaam. Afleiding van Germaanse volk-naam, zoals Volbrecht of Volmar. 2. Zie Willens. In Vullinck kan de i namelijk gerond zijn onder invloed van de v/w.

Vurcke, Vurke. Duitse familienaam Furke.

Vuster, de, de Vuser, de Vusser, de Veusser, de Vuysdere, de Vuyssere, de Vuysere, Vossers: Door assimilatie uit de Vuster, van de Veurster, Vorster. Beroepsnaam de Veurster, Vorster, Vurster ‘bosopzichter, boswachter’. Duits Förster.

Vuurboom. Bijnaam naar de vuurboom: pook, vuurhaak. Vergelijk Duits Feuerbaum. Zie ook Vuurstaek.

Vuure, van, Vuuren, van, Furen: Plaatsnaam Vuren in Lingewaal (Gelderland).

Vuurstaek, Vuerstaek: Beroepsnaam van de stoker of de smid, naar de vuurstok of vuurstang waarmee het vuur opgepookt wordt.

Vuyck, de. Verschrijving van De Vynck.

Vuijk: Oude spelling voor Wijk. Vadersnaam. Wikke, Wijk uit Germaans wîg-naam: Wïgo, Wicco. Eventueel uit van Wijk.

Vuylsteek, Vuilsteke, Vuylsteke, Vuylsteker, Vuylstecke, Vuijlsteke, Vulsteker, Vulsteke, Wulstecke, Wulsteke, Wuylsteke, Vuyrsteker, Wylsteker. Bijnaam voor iemand die langzaam (uit het Middelnederlandse vuul, Duits faul), niet vlug naar het mes grijpt om te steken; eventueel ironisch voor iemand die juist wel met messen steekt. Vergelijk Seldenslach en Duits Faulstich, Seltenstich, Vielstich.

Vuyst (de), Devuyst, de Vuijst, de Vuiyst, de Vuys, Devuezst, (de) Wuyst: Bijnaam voor iemand die vaak vuisten maakte, balde of die vaak op de vuist ging. Of naar de huisnaam., van Indevuyst.

Vyandts, Vijandts: Middelnederlands viant: vijand, duivel (vergelijk de Dievel). Bijnaam.

Vijfvinkel: Plaatsnaam Vijfvinkel, van Vijfwinkel ‘vijf hoeken’.

Vijgenboom, Vijgeboom: Plaatsnaam, huisnaam Vijgeboom in Winterswijk (Gelderland).

Vijl: Beroepsbijnaam van de vijlenmaker of de vijler.

Vyle, de, van Vijle. Plaatsnaam Vijlen (Nederlands-Limburg). Of Waals Vyle(-et-Tharoul) (Luik).

Vijlder, (de); Vijlders: Beroepsnaam van de vijler, die vijlt.

Vijminck: Vermoedelijk vervormd uit Vlijminck.

Vijnckier: Vin(c)kier is een verkorte vorm van Delvinquière. Plaatsnaam Vinquière in Frasnes en Saint-Sauveur (Henegouwen) ‘plaats waar maagdenpalm groeit’.

Vynckt, van, Vynkt, van, van Vijnckt, van Vyncht, van der Vinckt, Vervinct, Vervynckt, Vervijnckt, Vervinckt. Familienaam uit de plaatsnaam Vinkt (Oost-Vlaanderen): plaats waar lichte turf gestoken wordt.

Vys, de, de Vyst, de Vies: 1. Middelnederlands vijs(e): schroef, windas, dommekracht? Beroepsnaam. 2. Zie (de) Vis. Vys/Vies kan namelijk de Brabantse of Waalse uitspraak zijn van Vis.

Vyve, van Vyven, van, van Vijve, van Vijven: Plaatsnaam Sint-Baafs-Vijve en Sint-Eloois-Vijve (West-Vlaanderen) heetten oorspronkelijk Vijve: 1119 Fivia.

Vyvens. Vadersnaam. Middelnederlands Vivin, vleivorm van Vivianus of van Germaanse wîf-naam; vergelijk Wivin, Vivino.

Vijver, van de Vijvere, van de Vijver: Verspreide plaatsnaam Vijver.

Vijverberg: Plaatsnaam Vijverberg in Doetinchem (Gelderland).