Lijst Amsterdamse tabaks- en sigarenfabrieken

Op 6 november 1492 werd door Columbus de marraan (“bekeerde” Jood) Luis de Torres en Rodrigo de Jerez op het eiland Guanahana (Bahama’s) aan land gezet. Ze zagen dat de bewoners van het eiland gedroogde en opgerolde kruiden rookten en De Torres en De Jerez namen deze gewoonte mee naar Europa. De Torres is daarmee de eerste Joodse Europeaan die rookte.

In het midden van de 17e eeuw was deze handel inmiddels ook tot Amsterdam doorgedrongen en is dan voornamelijk in handen van Joden en marranen. De Nederlandse staat verdiende ook toen al aan deze handel door het heffen van belastingen op de invoer en de handel. Amsterdam was een goede locatie voor deze handel en vormt 150 jaar lang het West Europese centrum, tot aan de onafhankelijkheid van Indonesië in 1948. Deze industrie was in handen van de rijke Joden en marranen, de werknemers waren de arme Joden en marranen.
Op 5 mei 1611 is Moises Heijman een van de grootste tabakshandelaars van de stad. Zijn omzet toen was 57.000.000 pond tabak per jaar. Natuurlijk werd dit niet alleen in Amsterdam gebruikt, dit was grotendeels voor de export. In de tabak werd veel geld verdiend en grote huizen aan de grachten, waarbij de familie De Pintos en De Souza Coutinhos genoemd worden, werden vanuit de tabak gefinancierd.

Een klein aantal van de Amsterdamse bedrijven in de tabaksindustrie:

Cardozo
Op zaterdagavond 29 mei 1875 werd op de Sint Anthoniesbreestraat 79 de winkel in tabak, sigaren, koffie en thee van D. Nunes Cardozo geopend. Tevens was hier vanaf ca. 1900 het hoofdkantoor van sigarenfabriek van J. Nunes Cardozo gevestigd (foto rechts, afgebroken), een voorbeeld van een Joods bedrijf in de tabak.

Frascati
Frascati speelde een rol in de handel, er werd tabak geveild en de tabak werd er gekeurd.

Nieuwe Kerkstraat 78
Hier was de Firma Diamant gevestigd, in tabak, snuif en sigaren.

Van Maurik
Tabak en sigarenfabriek Justus van Maurik (Amsterdam, 16 augustus 1846 – 18 november 1904) was gevestigd op Damrak 100. Van Maurik nam als enige zoon de zaak over van zijn vader en was na zijn dertigste ook auteur. Hoewel een van de grootste tabaksfabrieken was Van Maurik voor zover bekend niet Joods.

Fa. Nak
firma Nak was gevestigd op de Sint Pieterspoortsteeg 27.

Arnold C. Dentz (1861- 1954)
Arnold Dentz was makelaar in tabak.

Romano en Cavalin
De snuiffabriek van Romano en Cavalin was gevestigd in de Beurssteeg.

De Keulse Waag
A. Verwer was de eigenaar van sigarenfabriek “De Keulse Waag” op Schippersgracht 6.

Nunes & Van Minden
Tabakshandel Nunes & Van Minden zat op de Jodenbreestraat 21.

W. van den Berg Jr.
Op Rapenburg 77 was deze sigarenfabriek, tabaks-, koffie- en theewinkel.

J. Schwartz
Firma J. Schwartz in tabak, snuif en sigaren zat op Haarlemmerdijk 184.

W. Lehmann
Op Warmoestraat 176 zat tabakshandel W Lehmann.

J. L. C. de Gelder
Deze sigarenwinkel en tabakshandel was gevestigd op de Nieuwendijk 174. Later werd dit pand opgekocht door buurman A Sinkel en werd het de Winkel van Sinkel.

I. van Kreefeld
I. van Kreefeld had op Waterlooplein 31 een zaak in tabak en sigaren.

T. Posener
Het tabaks- en sigarenmagazijn van T. Posener zat op de Uilenburgerstraat.

 

Al in de vroeg negentiende eeuw was de Nes een belangrijk uitgaanscentrum met bordelen, café-chantants, het Salon des Variétés en artiestencafés. Later werd de Nes een centrum voor de tabakshandel en werd “Tabakshoek” genoemd. Deze tabakshandel was ook de werkkring voor Joodse Amsterdammers.

Nes – Felix Libertate
Felix Libertate, de Joodse sociëteit die vanaf 1795 het bestuur van de Bataafse Republiek bestookte en in 1796 een van de drijvende krachten bleek in het tot stand komen van ‘de gelijkstaat der Joden’, had op de Nes haar sociëteitsgebouw.

Nes 63 – Frascati
Frascati werd in 1810 geopend als Italiaans koffiehuis, kende een tijd waarin er zang- en dansuitvoeringen gegeven werden in de chique feestzaal, waar 1500 mensen in konden. Daarna verloederde de Nes en kwam het chiquere publiek er niet meer.
Wel kwamen schilders als Isaac Israëls en Breitner en schrijvers als Willem Kloos er nog.
In 1879 werd de naburige kermis door het stadsbestuur verboden en werd de straat weer een handelsstraat. Een makelaar kocht en verbouwde Frascati en gebruikte het pand voor veilingen voor onroerend goed en tabak.
De tabakshandel in Frascati duurde tot de Tweede Wereldoorlog, met de grootste belangstelling in de dertiger jaren toen de handel zoveel duwende en trekkende handelaren kende dat deze veilingen “de hel van Frascati” genoemd werden.

Nes 67 – Brasserie Harkema
In de huidige Brasserie Harkema bevond zich vroeger tabaksgroothandel Harkema. Harkema was een centrum van de handel en er zijn zelfs nog sporen van te zien. Het zaagtanddak met noorderlicht geeft zacht en constant licht, wat was bedoeld om tabaksbladen in te selecteren.

Nes 75-87 – Tobaccotheater
Dit theater is gevestigd in een oude tabaksveiling.
Nes 104 – Monsterzaal

Op Nes 104 was de monsterzaal van de makelaars in tabak. Nes 104-110 was de vestiging van het bedrijf Brusse & Gransberg, makelaars in Tabak.

Nes 110 – Comedytheater
Het comedytheater op Nes 110 is gevestigd in het pand van een voormalige tabaksmakelaardij.

Nes 118 – Tabaksfirma Enticmayer
Coen en Ella van Eekenes-Jünge waren hier ondergedoken in de oorlog. Op 7 mei 1945 poseerden ze hier voor een later overbekende foto van Cas Oorthuys.

Nederlands-Indië
Tussen 1600 en 1880 kwam de tabak gewoonlijk uit de Spaanse en Portugese koloniën naar Rotterdam en Amsterdam. In de 19e eeuw werd de tabak uit Borneo, Sumatra en Java heel belangrijk voor deze industrie. Deze rol bepaalde ook het einde van deze industrie. Al tijdens de Politionele Akties (in Indonesië “Agressi Militair” genoemd) werd de toevoer minder en bij de onafhankelijkheid van Indonesië zakte deze handel ineen. Dat was mede te wijten aan de politiek van Indonesië, de Telegraaf maakte in 1965 er melding van dat de tabaksmarkt op de Nes een opleving had, maar dat Indonesië liet weten dat men Amsterdam zeker geen monopoliepositie zou verlenen.
Joodse tabakshandel

Enkele van de Joodse Amsterdammers die hier werkten en achterhaald konden worden zijn:

Machiel Gerritse
Machiel Gerritse werd op 26 juli 1881 als zoon van Tobias Gerritse en Matje Cok. Hij trouwde op 16 juni 1919 te Amsterdam met Rebecca Goudvis (Antwerpen, 18 december 1888). Machiel werd makelaar in tabak en werkte de Tabakshoek. Het gezin Gerritse woonde op verschillende adressen in de stad, voor de oorlog onder andere op de Muiderstraat 15, vanaf 27 april 1911 op de Zwanenburgerwal 24, vanaf 1 maart 1913 op de Nieuwe Kerkstraat 155 en tijdens de oorlog op de Spinozastraat 29.
Machiel en Rebecca kregen twee kinderen; Marie (16 maart 1911) en Abraham (Amsterdam, 12 november 1912). Abraham trouwde met Jeanette Kwetser en zijn kregen een dochter Bep. Abraham werd al vroeg in de oorlog opgepakt en werd vermoord in Auschwitz op 7 augustus 1942; Jeanette en Bep overleefden de oorlog, evenals de grootouders Rebecca en Tobias.

Louis Rozelaar
Louis Rozelaar was een compagnon bij fa. G. Harkema. Hij werd geboren op 26 september 1875 en overleed in Amsterdam op 8 mei 1938. Hij was gehuwd met Elise Salomons en had twee dochters.

Paul Odenheimer
Paul Odenheimer was een koopman en vertegenwoordiger die hier werkte. Hij kwam uit Bruchsal, Duitsland, en werd daar geboren op 18 september 1879. Op 29 december 1914 trouwde hij met Anna Herz (Dinslaken, 6 oktober 1892). Bij aankomst in Nederland op 17 februari 1939 gingen ze op de Händelstraat 19 in Amsterdam wonen, op 13 juli 1939 op de Watteaustraat 23. Paul werd op 13 maart 1951 genaturaliseerd tot Nederlander en overleed op 8 september 1953, Anna op 4 januari 1966. Paul en Anna zijn begraven op Gan Hasjalom te Hoofddorp.