Namenlijst slachtoffers Oranjehotel

Alfabetisch 

Voornaam - naam - geboortejaar - jaar overlijden

 

Jean Chrétien Baud (1919-1944)
Jan Been (1899-1945)
Anton Beiten (1923-1945)
Marcelis van Bemmel (1893-1942)
Marcelis van Bemmel (1916-1945)
Marcelis van Bemmel (1893-1942)
Marcelis van Bemmel (1916-1945)
Evert van den Berg (1915-1942)
François van den Berghe (1917-1942)
Johannes Berlijn (1906-1944)
Johann Adolph Robert Biermann (1906-1945)
Jan Antonij Bijloo (1920-1945)
Jurrinus Hendrikus Boiten (1897-1945)
Elisabeth ten Boom (1885-1944)
Casper ten Boom (1859-1944)
Elisabeth ten Boom (1885-1944)
Casper ten Boom (1859-1944)
Reijer Bastiaan van der Borden (1908-1941)
Geert Bosch (1909-1945)
Dirk Arie van den Bosch (1884-1942)
Dirk Arie van den Bosch (1884-1942)
Aaltje van den Bosch (1884-1942)
Anne Anton Bosschart (1897-1941)
Dirk Botterweg (1916-1945)
Krijn Martinus Breur (1917-1943)
Gerardus Hendrik Brouwer (1912-1943)
Lena Petronella Buitendijk (1908-1944)
Lambertus Bulder (1913-1945)
Wilhelmus Frederikus Burger (1918-1942)
Wilhelmus Fredericus Burger (1918-1942)
Ellerus Pieter Busscher (1912-1945)
Ellerus Pieter Busscher (1912-1945)


Florentius Jacobus Abraham Calkoen (1883-1942)
Martinus Cornelis - Ties Cavaljé (1916-1942)
Bastiaan Johannes Chervet (1886-1943)


Jan Frederik Dalemans (1908-1944)
Marinus Antonius Delhez (1902-1944)
Hugo Anne Cornelis Denier van der Gon (1894-1945)
Jacob Van Dijk (1905-1945)
Pieter Doelman (1921-1945)
Nicolaas Doelman (1897-1945)
Nicolaas Doelman (1897-1945)
Antonius George Johannes van Doornewaard (1888-1941)
Antonius van Dorst (1906-1945)

Trientje Alberts Draat (1888-1945)
Stefanus Jacobus Driesprong (1919-1944)
Marinus Hendricus Gerardus Dubelaar (1896-1942)


Cornelis Dirk van Eck (1910-1945)
Willem Eggink (1920-1945)
Roelof Kornelisz Elsinga (1902-1945)
Petrus Marie Antonius Engering (1912-1945)
Petrus Marie Antonius Engering (1912-1945)
Hendrik (Henk) Ero (1886-1943)


Jacobus Petrus Cornelis van der Geest (1896-1943)
Johannes Frans Le Griep (1913-1942)
Jan Groot (1893-1943)
Gerardus Catharinus van Grootheest (1918-1942)
Willem Anton de Gruyter (1892-1944)


Adriaan Johan van Haaften (1920-1945)
Dirk Habbema (1880-1944)
Sybrand Marinus van Haersma Buma (1903-1942)
Sybrand Marinus van Haersma Buma (1903-1942)
Sybrand Marinus van Haersma Buma (1903-1942)
Sybrand Marinus van Haersma Buma (1903-1942)
Sybrand Marinus van Haersma Buma (1903-1942)
Sybrand Marinus van Haersma Buma (1903-1942)
Sybrand Marinus van Haersma Buma (1903-1942)
Sybrand Marinus van Haersma Buma (1903-1942)
Cornelis Johannes Haspels (1907-1943)
Barend Gerrit Hazenkamp (1893-1942)
Willem van Heesen (1920-1945)
Johan Hendrik Heijer (1900-1942)

Hendrik Josephus Heijhoff (1896-1945)
Cornelis Helder (1919-1945)
Pieter Cornelis Helderman (1895-1944)
Jan Frederik Helmers (1910-1943)
Gerhardus Johannes Hemmer (1904-1945)
Willem Hienekamp (1914-1942)
Petrus Fredericus Antonius Hoefsloot (1893-1942)
Maarten Hoek (1917-1943)
Christiaan Dirk van 't Hoff (1891-1944)
Cornelis Willem van Holst Pellekaan (1922-1942)
Johannes Holswilder (1902-1944)
Ubel Martinus Houffelaar (1887-1942)
Jozef van Hövell van Wezeveld en Westerflier (1919-1945)
Jozef Felix Henri Marie van Hövell van Wezeveld en Westerflier (1919-1945)


Louis Jansen (1900-1943)
Thies Jan Jansen (1906-1944)
Thies Jan Jansen (1906-1944)


Jan Willem Kempff (1902-1942)
Barend Klaas Keuter (1918-1945)
Jan Kielstra (1900-1944)
Arie Klootwijk (1910-1945)
Cornelis Jan de Kock (1911-1945)
Johanna Magrietha Phernambucq (1911-1945)
Cornelis Jan de Kock (1911-1945)


Eva Leusink (1899-1942)
Dirk Koele (1892-1945)
Dirk Koele (1892-1945)
Franciscus Adolf Kolder (1904-1942)
Franciscus Adolf Kolder (1904-1942)
Willem Marinus Kolff (1882-1944)
Willem Kooijmans (1923-1943)
Hendricus Nicolaas Marinus Koot (1912-1942)
Jan Gijsbertus Koppe (1899-1945)
Anton Kortlandt (1891-1944)
Jacob Kraal (1914-1944)


Gerrit Jan Laagwater (1893-1943)

Jan van der Laan (1903-1943)
Adriaan Langejan (1916-1945)

Stijntje Langelaan (1903-1943)
Eduard Alexander Latuperisa (1902-1943)
Willem Lengton (1917-1944)
Herman Leonard Lucas (1921-1942)


George John Lionel Maduro (1916-1945)
Anthoni (Anthonie) Adriaan van Mansum (1912-1945)
Jacobus Alexander Martens (1923-1944)
Johannes Meijer (1909-1944)
Garritjen Kleijn Lenderink (1896-1945)
Antonie Mensink (1896-1945)
Antonie (Toon) Mensink (1896-1945)




Hendrik Albertus Minderman (1920-1945)
Matthijs Cornelis Moes (1897-1945)
Henri Herman Moquette (1899-1942)


Thomas Haulog Navis (1913-1944)
Thomas Haulog Navis (1913-1944)
Jan Neuteboom (1903-1943)
Johan Carel Arie Nout (1910-1942)
Arie Nuijs (1884-1942)


Jan Oosterwijk (1888-1945)


Petrus Johannes de Pagter (1918-1945)
Jan van Pelt (1897-1942)
Jan Peppink (1918-1942)
Josephus Emanuel Philipsen (1890-1945)
Gerrit Christiaan Hendrik Plantagie (1897-1945)
Arie van der Plas (1899-1943)
Willem van der Plas (1896-1943)
George Hendrik van der Ploeg (1889-1942)
Klaas Postma (1904-1944)
Gerardus Marie Theodorus Putter (1911-1942)


Kornelis Jongsma (1907-1945)


Gerardus Bernardus Reijns (1907-1945)
Hermanus Martinus Reinten (1894-1945)
Sjoerd Rinzema (1909-1945)


Hugo Samkalden (1906-1943)
Petrus Franciscus Samuels (1913-1945)
Petrus Fransiscus Samuels (1913-1945)
Harmen Smink (1919-1942)

Louis Antoine Willemsz Snell (1880-1944)

Nicolaas Johan van der Stad (1890-1942)
Nicolaas Johan van der Stad (1890-1942)
Theodorus Antonius Maria van der Stap (1914-1942)
Johan Paul van der Stok (1919-1945)
Felix Paul van der Stok (1913-1945)
Arie Jan Willem Stoppelenburg (1901-1942)
Jacob Willem Adriaan Stuyver (1924-1945)


Willem Adolf (Wim) de Tello (1901-1943)
Christiaan Terpstra (1894-1945)
Nicolaas Tibo (1888-1945)
Klaas Leendert Timmer (1898-1945)
Johannes Maria Bernardus Troost (1922-1943)

 

Geertruida Petronella Valkering (1880-1944)
Johannes Van Der Veer (1888-1942)
Robert Philip ( Robbie ) Veerman (1919-1943)
Alfred Philip Veerman (1916-1943)
Pieter Verhage (1921-1944)
Pieter Verhage (1921-1944)
Wouter Wilhelmus Cornelis Verkerk (1915-1945)
Pierre Marie Robert Versteegh (1886-1942)
Arend Vijfvinkel (1903-1942)
Gerrit Visser (1894-1942)
Bernardus van der vlist (1905-1945)
Bernardus van der Vlist (1905-1945)
Richard Alexander Henri Lambert Voitus Van Hamme (1904-1942)
Hermanus Cornelis Voorhoeve (1917-1945)
Geessien Marianna Talens (1896-1944)
Antoni de Vries (1885-1942)


Peter Anne Wakkie (1926-1945)
Frederik Hendrik Wanninkhof (1888-1942)
David Wessel (1906-1943)
David Wessel (1906-1943)
Dirk Eliza Wierenga (1922-1944)
Johannes Albertus van Wijhe (1901-1943)
frank van Wijk (1924-1945)

Ester Willemsen (1888-1945)
Gerrit Willem Eduard Wilmink (1893-1942)


Pieter Nicolaas de Zoete (1922-1942)
Maximilianus Zomerdijk (1890-1942)
Maximilianus Zomerdijk (1890-1942)
Jacobus Gerard Zondervan (1919-1944)

 

Het Oranjehotel was de bijnaam van de Polizeigefängnis in het huis van bewaring in Scheveningen gedurende de Tweede Wereldoorlog.

Tussen 1940 en 1945 zaten ruim 25.000 mensen gevangen in het Oranjehotel. De meerderheid was gearresteerd wegens verzet, ongehoorzaamheid of uitingen van onvrede met de Duitse bezetter. Daarnaast zaten er Joden, Jehova's Getuigen, Roma en Sinti en mensen die waren gearresteerd wegens economische delicten opgesloten, zoals diefstal en zwarthandel. Velen werden veroordeeld tot straffen in Duitse kampen of gevangenissen. Ook werden ruim 250 gevangenen ter dood veroordeeld en op de nabijgelegen Waalsdorpervlakte gefusilleerd. De naam Oranjehotel dateert uit het begin van de Duitse bezetting en wordt sindsdien gebruikt als eerbetoon aan de vele daar opgesloten verzetsmensen.


Aan het eind van de Eerste Wereldoorlog werd in de tuinen van de Bijzondere Strafgevangenis in Scheveningen een cellenbarak gebouwd. Door de toenemende smokkel en criminaliteit was er een tekort aan cellen en als tijdelijke oplossing werd gekozen voor een gelijkvloerse cellenbarak, bestaande uit 500 eenpersoonscellen. De grootte van de cellen voldeed niet aan de standaard van die tijd en de voorzieningen waren beperkt.

Van 1919 tot 1940 diende de cellenbarak van de Scheveningse gevangenis als huis van bewaring voor kleine criminelen. Na de Duitse inval van 10 mei 1940 werden er Duitse krijgsgevangenen, NSB'ers en Rijksduitsers, die gevangengenomen waren tijdens de gevechten in en om de Residentie, opgesloten. Na de capitulatie van Nederland namen de nazi's de gevangenis over.


De naam Oranjehotel werd eind 1940 al voor het eerst gebruikt en werd op 8 maart 1941 genoemd in de illegale krant De Vrije Pers en op 10 mei 1941 in Vrij Nederland. Onder de Nederlandse bevolking werd al snel bekend dat in de Scheveningse cellenbarak veel leden van verzetsgroepen en andere principiële tegenstanders van de Duitse bezetter gevangenzaten. Oranje, de naam van de Nederlandse koninklijke familie, was hét symbool van het verzet tegen de Duitse bezetter. Uit deze beginperiode dateert ook het bekende anonieme gedichtje, dat sinds 1941 de ronde deed en op de gevangenismuren werd opgehangen:[

 

Ook verwijst de naam vermoedelijk naar het Hotel d'Orange, een hotel dat aan de Boulevard van Scheveningen lag en dat veelal ook met de Nederlandse benaming Oranje-Hotel werd aangeduid. Het Hotel d'Orange werd in de oorlogsperiode 1940-1945 zwaar beschadigd en werd begin jaren vijftig afgebroken.


Na de capitulatie van Nederland werd het hoofdgebouw van de Scheveningse gevangenis door de Duitse bezetter in gebruik genomen als Deutsches Untersuchungs- und Strafgefängnis en Kriegswehrmachtgefängnis. Vanwege de Duitse vrees voor een mogelijke geallieerde landing op de kust van Scheveningen, werden deze twee eind juni 1942 verplaatst naar Utrecht. In november 1940 nam de Duitse politie de cellenbarak van de Scheveningse gevangenis in gebruik als Polizeigefängnis (Politiegevangenis): 'Het Oranjehotel'. Het was een huis van bewaring voor arrestanten van de Duitse politie, de Sipo-SD (Sicherheitspolizei und Sicherheitsdienst).

 

Het Oranjehotel stond onder beheer van de Sipo-SD, maar het dagelijkse bestuur was in handen van een Leiter. Deze directeursfunctie werd aanvankelijk ingenomen door Duitse politie-inspecteurs, later door lage officieren van de SS. De Leiter had veel invloed op het dagelijks leven in het Oranjehotel. Hij bepaalde de rechten en de beperkingen van de gevangenen. Elke directeur drukte zijn eigen stempel op het gevangenisregime.

In 1940 was Harry Harder, een beambte van de Kriminalpolizei, commandant. Harder werd in februari 1941 opgevolgd door SS-onderofficier Hans Schweiger. Binnen korte tijd bracht Schweiger een koerswijziging door en verhardde het regime. Tegelijkertijd verstevigde de Sipo-SD zijn greep op het Oranjehotel en werd het Nederlandse personeel grotendeels door SS-bewaking vervangen. Twee maanden daarna werd Hans Joch boven Schweiger aangesteld, die aanbleef als ondercommandant. Onder het bewind van Joch verbeterde de leefkwaliteit van de gevangenen. Dit veranderde nadat Willy Boy in juni 1942 de leiding van het Oranjehotel in handen kreeg. Boy was vaak afwezig, waardoor in feite Schweiger weer de dagelijkse leiding in handen kreeg. Hij had een bijzonder slechte reputatie. Onder de gevangenen had Schweiger de bijnaam das Plurschwein. Onder Schweiger kregen gevangenen niet meer dan het absoluut minimum aan eerste levensbehoeften. De gevangenen werden onder zijn leiding onderworpen aan vernedering, mishandeling en marteling. Na een korte periode waarin vermoedelijk de leiding in handen lag van de Sipo-SD, tussen juni 1944 en april 1945, nam Schweiger in april 1945 de functie van Leiter weer in.


Het Oranjehotel speelde een belangrijke rol in de vervolging van de verschillende vormen van verzet in bezet Nederland. In de cellen van de Scheveningse gevangenis zaten mensen uit alle lagen van de bevolking: militairen, studenten, arbeiders, kunstenaars, ambtenaren, politici, geestelijken - mannen, vrouwen en kinderen. Ze waren afkomstig uit het hele land. De meerderheid was gearresteerd wegens verzet of uitingen van burgerlijke ongehoorzaamheid. In het bijzonder tot begin 1941 hadden politieke gevangenen de overhand in het Oranjehotel. Daarnaast was de gevangenis een doorvoerplaats voor gevangenen die waren opgepakt vanwege hun etniciteit, levensbeschouwing of seksuele geaardheid. Ook zaten in het Oranjehotel economische criminelen vast: dieven, illegale slachters en zwarthandelaren die het distributiesysteem overtraden.

De eerste grote groep verzetsmensen die er eind 1940 werd opgesloten, waren leden van de Geuzengroep. Meer dan honderd Geuzen zaten tegelijkertijd in het Oranjehotel. Vijftien van hen, en drie Februaristakers, werden op 13 maart 1941 op de Waalsdorpervlakte gefusilleerd. Daarna kwamen er op 2 april 1941 47 leden van de Stijkelgroep en vanaf begin juni 1941 een nog groter aantal communisten en vele andere politieke gevangenen.

Sommige gevangenen werden tijdens de verhoren gemarteld om ze te laten spreken. Verantwoordelijk hiervoor waren de Sicherheitsdienst, waarvan de doctor Ernst Knorr berucht was om zijn vergaande technieken, en leden van de Haagse gemeentepolitie. Er zijn verschillende mensen doodgemarteld of vermoord in het Oranjehotel, zoals Pieter Philippus van den Berg (communist) op 29 augustus 1940, Sjaak Boezeman (de Geuzengroep) op 9 januari 1941 en Herman Holstege (communist) op 2 september 1941.

In totaal hebben tijdens de bezetting ruim 25.000 mensen vastgezeten in het Oranjehotel. Zij werden gearresteerd door de Duitsers vanwege uiteenlopende daden van verzet of Deutschfeindlichkeit, van het luisteren naar Radio Oranje tot het plegen van aanslagen tegen Duitsers en economische criminaliteit. Na behandeling van hun zaak door de nazi’s werden sommigen vrijgelaten, maar vele duizenden werden veroordeeld tot langdurige verblijven in de Duitse kampen of tuchthuizen. Ruim 250 terdoodveroordeelden zijn vanuit het Oranjehotel op de Waalsdorpervlakte gefusilleerd.


Op 6 mei 1945 kwamen de eerste gevangenen uit het Oranjehotel vrij. Na vertrek van de laatste gevangenen werd de Scheveningse gevangenis een Centrale Bewaarplaats voor Politieke Gevangenen. Er werden mensen opgesloten die hadden samengewerkt met de Duitse bezetter en het naziregime, onder wie NSB-leider Anton Mussert, Meinoud Rost van Tonningen en Max Blokzijl. Ook kwam Ernst Knorr hier terug, nu niet als verhoorder maar als gevangene. Majoor E.P. Weber was commandant van het voormalige Oranjehotel. In 1949 werd de cellenbarak weer in gebruik genomen als 'gewoon' huis van bewaring.

 

Een aantal cellen in de middelste gang van het Oranjehotel, de D-gang, werd gebruikt als dodencellen. Hier wachtten terdoodveroordeelden op het bevel om door het Poortje naar de vrachtwagen te lopen die hen naar de Waalsdorpervlakte zou brengen. Deze gevangenen stonden onder een minder streng regime. Ze kregen soms wat te roken, mochten bezoek ontvangen van een dominee of priester en afscheidsbrieven schrijven. Meerdere van deze afscheidsbrieven zijn bewaard gebleven en in het Nationaal Monument Oranjehotel te zien.

Cel 601 is in oorspronkelijke staat behouden. De muren tonen de authentieke inscripties van de gevangenen, waarmee hoop, angst en verlangen naar huis werden geuit. Er is een bed, krukje, klaptafel, kapstok, houten plankje en Kübelton (waar de gevangenen hun behoeften op moesten doen). 

 

Kort voor het einde van de oorlog zijn de archieven van de gevangenis grotendeels door de Duitsers vernietigd.

 

Lijst van gevangenen in het Oranjehotel


Deze lijst bevat de namen van de personen met een eigen Wikipedia-artikel die gedurende de Tweede Wereldoorlog vastzaten in het Oranjehotel, de bijnaam van het Huis van bewaring in Scheveningen.


A
Aart Aardoom
Anton Abbenbroek
Teunis Abbenbroek
Roel Abma
Arie Addicks
Aart Alblas
Henk Alsem
B
Floris Bakels
Daniel Johannes von Balluseck
Lou Bandy
Richard Barmé
Jean Chrétien Baud
Binnert Philip de Beaufort
Herman Bernard Wiardi Beckman
Andries van Beek
Leon Beek
Gerrit Jan van den Berg
Jan ten Berge
Adriaan Diederik van Bergeijk
Jan Wernard van den Bergh
Hendrikus Berkhof
Tobias Biallosterski
Marion Bienes
Jan Dirk van Bilderbeek
Johan Birnie
Freek Bischoff van Heemskerck
Fokke Bleeker
Wim van Bodegraven
Rosa Boekdrukker
Pim Boellaard
Sjaak Boezeman
Isaac Helenus Bolman
Jean Pierre Bolten
Arend Andries Bontekoe
Jacobus Christiaan Boogaard
Betsie ten Boom
Corrie ten Boom
Casper ten Boom
Rein Boomsma
George den Boon
Reijer Bastiaan van der Borden
Anne Anton Bosschart
Jan van Borssum Buisman
Willem den Boer
Dirk Arie van den Bosch
Jelke Bosch
Titus Brandsma
Robert de Brauw
Mozes Brandon Bravo
Dunya Breur
Kees van den Broek
Karel Bron
Willem Cornelis van Buuren
Nicolaas Arie van der Burg
Aat Breur-Hibma
Titus Willem de Tourton Bruyns
C
Ernst Cahn
Jan Carmiggelt
Wilhelm Leonard André du Celliée Muller
Rudolph Cleveringa
Hermanus Coenradi
Hendrik Cohen
D
Barend Davidson
Marinus Delhez
Willy Derby
Juliana Wilhelmina Dessauvagie-van der Noordaa
Tine van Deth
Nico Donkersloot
Pim van Doorn
Fritjof Dudok van Heel
Hendrik Drogt
Ida van Dugteren
E
Rudolf van Eecke
Jacob van der Ende
Boy Ecury
Joop Eijl
Jan van Elk
Joop van Elsen
Jacob van der Ende
Jan van den Ende
Hendrik Ero
Louise Ero-Chambon
F
Abraham Samuel Fernandes
Leo Fischer
Dirk Willem Folmer
Joke Folmer
G
Dirk Theodorus Geerlings
Wiebe Geskus
Joan Gelderman
Johannes Frans Goedhart
Elsa Louise van Gool
Henk Gortzak
Koeno Gravemeijer
Bram Grisnigt
Johan Gronloh
Christiaan Theodoor Groothoff
Cornelis Jan Gude
Willemijn van Gurp
H
Trien de Haan-Zwagerman
Albertus Johannes de Haas
Jan de Haas
Tom de Haas
Sybrand Marinus van Haersma Buma
Lodo van Hamel
Willem Hendrik 't Hart
Willem Lodewijk Harthoorn
Jacques Hartog
Hendrik Dirk Stephaan Hasselman
Willem van Heesen
Ton Hegge
Bertus Heij
Kees Heij
Leo Heij
Pierre Helderman
Willem Helmers
Frits Antoine Hendrikse
Eduard Hellendoorn
Jan Helmers
Jan van Hinte
Johannes Holswilder
Ab Homburg
Wim Hoogewerff
Henk Hos
Frederik Johannes Hoogewooning
Riet Hoogland
Bauke van Hout
Gerard Hueting
I
Frederik Hendrik Gijsbertus van Iterson
J
Karel Frederik Otto James
Gerard Jansen
Dolf Joekes
Minus de Jonge
Han Jordaan
Ab Jüdell
K
Kars Lucas Kamp
Jan Kalff
Jan Kars
Richard Katan
Leendert Keesmaat
Karel Keizer
Karel Philippus Bernet Kempers
Christiaan Kerkhof
Albert Keuter
Jan Kijne
Johannes Klingen
Jan Kneppelhout
Hans van Koetsveld
Tim Kolff
Anton de Kom
Henk Kompagnie
Henk Koot
Arij Kop
Anton Kortlandt
Jan de Korver
Dirk Kouwenhoven
Jacob Kraal
Carel Kranenburg
Kees Kreukniet
Jacobus Christiaan Kwinkelenberg
L
Wijnand Langeraar
Leendert Langstraat
Wibo Lans
Rika van der Lans
Willem Lengton
Hugo van Lennep
Kees van Lent
Rudolph Cort van der Linden
Ernst A. Loeb
Henk van Loenen
Heinz Loewenstein
Arie Lokker
M
George Maduro
Goos Mante
Rosa Manus
Joop van der Meij
Henri Silvain Nicolaas Menko
Jean Mesritz
Bertus Meulenkamp
Oscar Mohr
Frans Mol
Adriën Moonen
Karel de Munter
N
Thomas Haulog Navis
Frederik Nieuwenhuijsen
Paul de Nooij
Wim van Norden
Jaap Nunes Vaz
O
Simon Olivier
Bob van Oorschot
Chris van Oosterzee
Bob Oosthoek
Herman Overes
P
Jan de Pagter
Catharina Pakvis
Willem Pasdeloup
Henk Pelser
Jan van Pelt
Leo Picard
Henri Pieck
Gerrit Plantagie
Albert Plesman
Rudolf Pollak
Heinz Hermann Polzer
Gerard Pontier
Klaas Postma
Mientje Proost
R
Evert Radema
Ada van Randwijk-Henstra
Coen de Ranitz
Jacob Levie de Reeder
Trudel van Reemst-de Vries
Frans Rietveld
Hidde Jan Rijkeboer
Jan Rijkmans
Govert Ritmeester
Herman van Roijen
Robert de Roos
Jet Roosenburg
Nico Rost
Ben Ruesink
Anna Charlotte Ruys
S
Herman Salomonson
Anton Schaars
Kees Schalker
Kees Schelfhout
Gerard Scheltens
Jan Schelvis
Johan Schimmel
Johan Schimmelpenninck
Christiaan van Schuppen
Anton Schrader
Frits van der Schrieck
Elka Schrijver
Johannis Evert van der Slikke
Jan Smallenbroek
Frits Smit
Jan Smit (1884-1952)
Jan Smit (1910-1941)
Maria Snel
Han Stijkel
Arie Stoppelenburg
Hendrik Gerard Stoppendaal
T
Rudolf Tappenbeck
Frans Tempel
Ben Telders
Trix Terwindt
Wiepke Harm Timersma
Hetty van der Togt
Gerrit van de Top
Bep Turksma
V
Sieg Vaz Dias
Alfred Veerman
Henk op den Velde
Meindert Veldman
Coba Veltman
Jacob Vellenga
Antoon Verdijk
Pieter Verhage
Jan Verleun
Jan Verschure
Jan Versteegt
Simon Vestdijk
Eduard Veterman
Gerardus Vleugels
Teus van Vliet
Leo Voogd
Mimi de Vries
Nelis de Vries
Henri Vroom
Pieter Cornelis de Vroome
W
Paulus van Wandelen
Piet Wapperom
Mom Wellenstein
Ludolph Reinier Wentholt
Johan Hendrik Westerveld
Hendrik Wielenga
Bob Wijnberg
Louis Wijsenbeek
Cornelis Wolzak
Z
Hermanus Zanen
Tiem Zomer
Jan van der Zwaag