Concentratiekampen C t/m D 1940 -1945

Nazi's hadden heel veel 'concentratiekampen'

Kampen en kampjes, variërend van massale kampen voor dwangarbeid in fabrieken tot een klein groepje Joodse gevangenen die onder bewaking het huis van een hoge nazi aan kant moesten houden. Er zaten Joden maar ook andere minderheden gevangen. Verder zijn ook de talloze overvolle getto’s, afgesloten stadsdelen voor joden, in Oost-Europa meegenomen in onze opsomming.

 

Uiteindelijk tellen wij dan ruim 40.000 kampen.

 

Zie ook:

Frontstalags in Frankrijk

Elk buitenkamp, nevenkamp of buitencommando was administratief ondergeschikt aan een concentratiekamp

 

Kampen op alfabetische volgorde

 

c

Concentratiekamp Čačak

Cacak

 

Servie

Čačak, in het toenmalige door Duitsland bezette Servië werden de stad en omgeving gekenmerkt door gevangenschap, executies en deportaties van verzetstrijders en burgers.

Concentratiekamp Caïro Montenotte

Concentratiekamp Caïro Montenotte

 

Italie

Het concentratiekamp in Cairo Montenotte (Savona, Italië) was een interneringskamp dat actief was van eind februari 1943 tot 8 oktober 1943. Het kamp huisvestte ongeveer 1.256 mensen, waaronder burgergevangenen. Gelegen in de regio Ligurië, nabij Savona. Het functioneerde als een concentratiekamp voor burgers, vaak gebruikt voor de deportatie van mensen in door Italië bezette gebieden. Het kamp was relatief kort in gebruik tijdens de laatste fase van het fascistische bewind en direct na de wapenstilstand van september 1943.
Sluiting/Deportaties: Na 8 oktober 1943 kwamen veel geïnterneerden terecht in de nazi-kampen of werden ze tewerkgesteld.

Concentratiekamp Calafat

Concentratiekamp Calafat

 

Roemenie

Het concentratiekamp Calafat was een detentiekamp in Roemenië, opgericht in juni 1941 onder bevel van het Roemeense Ministerie van Binnenlandse Zaken, specifiek voor de opsluiting van Sovjet-krijgsgevangenen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het kamp was gevestigd in Calafat, een stad in het zuidwesten van Roemenië aan de Donau. Het kamp fungeerde als een plek voor detentie en dwangarbeid voor Sovjet-soldaten en werd beheerd binnen de jurisdictie van het Roemeense I Territoriale Commando.
Beheer: Kolonel Popovici voerde het bevel over het kamp. De oprichting volgde op bevel nr. 4147 van het Roemeense Ministerie van Binnenlandse Zaken op 21 juni 1941.

Concentratiekamp Calvari di Chiavari

Concentratiekamp Calvari di Chiavari

 

Italie

Het concentratiekamp van Calvari di Chiavari (ook bekend als Camp 52 of PG 52) was een Italiaans interneringskamp gelegen in de gemeente Coreglia Ligure, vlakbij Chiavari in de provincie Genua. Het werd aanvankelijk gebruikt voor krijgsgevangenen en na september 1943 als provinciaal kamp voor de internering van Joden. Het kamp was gelegen in het Fontanabuona-dal, specifiek in Calvari, onderdeel van de gemeente Coreglia Ligure. PG 52: Tijdens de Tweede Wereldoorlog was dit een Prigione di Guerra (krijgsgevangenkamp).
Interneringskamp: Na de wapenstilstand van 8 september 1943 werd het tussen 12 december 1943 en 21 januari 1944 door de Italiaanse Sociale Republiek gebruikt als provinciaal concentratiekamp voor joden voordat ze werden gedeporteerd.

Campagna concentratiekamp

Campagna concentratiekamp

 

Italie

Het interneringskamp in Campagna was een Italiaans kamp tijdens de Tweede Wereldoorlog, voornamelijk gebruikt voor de opsluiting van joodse vluchtelingen en buitenlandse staatsburgers. In tegenstelling tot nazi-vernietigingskampen was dit een milder regime, waar gevangenen soms konden mengen met de lokale bevolking. Het kamp was bedoeld voor mannen.
Campagna, Zuid-Italië. Internering van vijandelijke buitenlanders en joodse vluchtelingen.

Calw

Calw

 

Duitsland

Het concentratiekamp in Calw was een buitenkamp (subcamp) van het beruchte Natzweiler-Struthof complex, actief tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het kamp huisvestte voornamelijk vrouwelijke gevangenen, waaronder Hongaarse Joodse vrouwen die via Auschwitz en andere locaties in Duitsland werden overgebracht om te werken in lokale fabrieken. Calw lag in Zuid-Duitsland en functioneerde als een subkamp onder het hoofdcommando van Natzweiler. Het kamp bestond deels uit vrouwen die als dwangarbeidsters in een fabriek werden ingezet. In april 1945 werden gezonde gevangenen geëvacueerd in de richting van Beieren, terwijl zieken naar Dachau werden overgebracht.

Concentratiekamp Camugnano

Concentratiekamp Camugnano

 

Italie

Het concentratiekamp in Camugnano, gelegen in de provincie Bologna in Italië, was een interneringskamp dat in maart 1942 werd opgezet. Het diende voornamelijk voor de detentie van een groep joodse Britse staatsburgers die uit Libië waren gedeporteerd, en later ook andere geïnterneerden. Camugnano ligt ongeveer 43 kilometer ten zuidwesten van Bologna. Het kamp werd in maart 1942 ingericht, waarna ongeveer 50 personen werden vastgehouden in een gebouw in het dorp. De groep bestond in eerste instantie uit Libische Joden met de Britse nationaliteit, die via reizen door Italië uiteindelijk hier werden vastgezet.

Cap Arcona

 

Duitsland

De Cap Arcona was geen vast concentratiekamp op land, maar een voormalig Duits luxe passagiersschip dat aan het einde van de Tweede Wereldoorlog door de nazi's werd gebruikt als een drijvend gevangenenkamp. Het schip is vooral bekend vanwege de catastrofale ramp op 3 mei 1945, vlak voor de Duitse overgave: Eind april 1945 werden duizenden gevangenen uit het Concentratiekamp Neuengamme naar de Lübecker Bocht getransporteerd en aan boord van de Cap Arcona en de Thielbek geplaatst. Het Bombardement: De Britse Royal Air Force (RAF) bombardeerde de schepen in de veronderstelling dat er vluchtende nazi-kopstukken aan boord waren. Bij deze tragische vergissing kwamen ongeveer 7.000 gevangenen om het leven door het vuur, het ijskoude water of doordat ze door SS-bewakers werden beschoten terwijl ze probeerden de kust te bereiken.

Concentratiekamp Capusterna

Concentratiekamp Capusterna

 

Oekraine

Capusterna (tegenwoordig bekend als Kopystyryn in Oekraïne) was een werkkamp en getto in de regio Transnistrië tijdens de Holocaust. Het kamp viel onder Roemeens bestuur en bevond zich in het noordelijke deel van Transnistrië, tussen de steden Sharhorod en Zhmerynka. Het fungeerde aanvankelijk als een verzamelplaats en getto voor Joodse gedeporteerden, voornamelijk uit de Roemeense regio's Boekovina en Bessarabië. Later werd het een dwangarbeidskamp.

Capustiani concentratiekamp

Capustiani concentratiekamp

 

Oekraine

Het concentratiekamp Capustiani (ook bekend als Kapustyany) was een nazi-tijdperk detentiecentrum gelegen in de oblast Vinnytsia, Oekraïne, dat tijdens de Holocaust werd gebruikt voor het vasthouden van Joden, met name gedeporteerden uit Boekovina en Roemenië, evenals enkele lokale Oekraïense Joden uit Transnistrië. Het functioneerde als onderdeel van het bredere netwerk van kampen en getto's in het door Roemenië bezette gebied Transnistrië. Kapustyany (Capustiani), oblast Vinnytsia, Oekraïne.

Concentratiekamp Caracal

Concentratiekamp Caracal

 

Roemenie

Het concentratiekamp in Caracal, gelegen in Roemenië, werd op 21 juni 1941 opgericht door het Roemeense Ministerie van Binnenlandse Zaken. Het diende als een interneringskamp tijdens de Holocaust in Roemenië. Het kamp werd ingesteld via bevel nr. 4147.

Concentratiekamp Carişcov

Concentratiekamp Carişcov

 

Roemenie

Carişcov (ook wel Karyshkiv of Karischkow) was een concentratiekamp en ghetto in het door Roemenië bezette gebied Transnistrië, gelegen in de regio Vinnytsja in Oekraïne. Het diende tijdens de Tweede Wereldoorlog als een detentiecentrum voor Joden die door de Roemeense autoriteiten werden gedeporteerd uit Bessarabië en Boekovina. Gelegen in de regio Vinnytsja, Oekraïne. Een ghetto/concentratiekamp voor gedeporteerde Joden uit Bessarabië en Boekovina. Net als andere kampen in Transnistrië was de situatie in Carişcov erbarmelijk en vaak dodelijk. In september 1943 waren er nog slechts 227 Joden geregistreerd in Carişcov, wat duidt op een sterke daling door moord, honger en ziekte

Carpi

Carpi

 

Italie

Concentratiekamp Carpi verwijst naar het Kamp Fossoli (Campo di Fossoli), dat ongeveer zes kilometer buiten de Italiaanse stad Carpi ligt. Het was tijdens de Tweede Wereldoorlog het belangrijkste doorgangskamp (transitkamp) in Italië voor deportaties naar de vernietigingskampen in Noord-Europa. Het kamp werd oorspronkelijk door het Italiaanse leger gebouwd voor de gevangenneming van Britse en geallieerde krijgsgevangenen.
Doorgangskamp (1943-1944): Na de Duitse bezetting van Italië werd het in december 1943 een verzamelkamp voor Joden en politieke gevangenen.

Concentratiekamp Casacalenda

Concentratiekamp Casacalenda

 

Italie

Het concentratiekamp Casacalenda, gelegen in de provincie Campobasso (regio Molise), was een door het fascistische Italië opgezet interneringskamp dat in juni 1940 werd geopend. Het kamp was gevestigd in een lokaal gebouw en hield voornamelijk buitenlandse en Joodse vrouwen gevangen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Casacalenda, provincie Campobasso, Italië. Operationeel vanaf juni 1940 en actief gedurende 1941 en 1942. Het kamp huisvestte Joodse en niet-Joodse vrouwen. In februari 1941 waren er 22 Joodse en 19 niet-Joodse vrouwen geïnterneerd, en in december 1942 waren er 49 niet-Joden en een aantal Joodse vrouwen.

Casolli

Casolli

 

Italie

Het concentratiekamp Casoli (vaak gespeld als Casoli, niet Casolli) was een interneringskamp in de Italiaanse provincie Chieti, opgezet door het fascistische regime in juli 1940 en actief tot september 1943. Het was een relatief klein kamp, oorspronkelijk bedoeld voor vijandige buitenlanders, waaronder joodse vluchtelingen uit Duitsland en Oostenrijk, en later ex-Joegoslaven. Casoli, regio Abruzzo, Italië. Internering van buitenlanders, politieke tegenstanders en joden door de fascistische autoriteiten. Het kamp huisvestte doorgaans ongeveer 80-90 personen. Een van de 15 concentratiekampen in Abruzzo, gebruikt om de bewegingsvrijheid van gedetineerden te beperken tijdens de oorlog.

Concentratiekamp Casseneuil

Concentratiekamp Casseneuil

 

Frankrijk

Het concentratiekamp Casseneuil (vaak aangeduid als een interneringskamp) was een detentiecentrum in Frankrijk tijdens de Tweede Wereldoorlog, gelegen in de regio Lot-et-Garonne. Het diende als verzamelplaats voor Joden die werden gedeporteerd naar Drancy en uiteindelijk Auschwitz in 1942

Concentratiekamp Castagnavizza

Concentratiekamp Castagnavizza

 

Slovenie

Was het Monastero di Castagnevizza (tegenwoordig het Kostanjevica-klooster in Nova Gorica, Slovenië) tijdens de Tweede Wereldoorlog een specifieke plek voor fascistische onderdrukking.Onder het Italiaanse bewind (Castagnevizza del Carso maakte destijds deel uit van Italië) werd het klooster door het fascistische regime gebruikt voor de volgende doeleinden: Vrouwengevangenis: Vanaf eind 1942 werden de monnikencellen omgebouwd tot gevangeniscellen. Er konden ongeveer 150 vrouwen worden vastgehouden. Politieke gevangenen: De meerderheid van de gedetineerden bestond uit vrouwen uit de provincie Gorizia, maar ook uit Triëst en Istrië, die werden vastgehouden om politieke redenen of vanwege hun banden met het Sloveense verzet.

Concentratiekamp Castel di Guido

Concentratiekamp Castel di Guido

 

Italie

Het kamp bij Castel di Guido, officieel bekend als het Centro di Lavoro di Castel di Guido, was een fascistisch interneringskamp nabij Rome tijdens de Tweede Wereldoorlog. In tegenstelling tot de beruchte vernietigingskampen in Noord-Europa, was dit een werkcentrum waar gevangenen werden ingezet voor landbouwactiviteiten op een uitgestrekt landgoed. Het werd in 1941 opgericht naar het model van de landbouwkolonie in Pisticci. Het doel was om civiele geïnterneerden en politieke tegenstanders van het regime te isoleren en te laten werken op het land. Er verbleven voornamelijk burgers, waaronder Italianen met de status van politiek gevangene en vreemdelingen (zoals mensen uit het voormalige Joegoslavië). In het voorjaar van 1942 waren er ongeveer 100 geïnterneerden.

Concentratiekamp Castres

Concentratiekamp Castres

 

Frankrijk

Het kamp in Castres, gelegen in Zuid-Frankrijk, functioneerde tussen april 1941 en oktober 1943 als een geheime gevangenis en interneringskamp onder het Vichy-regime. Het was een zwaarbeveiligde locatie, ondergeschikt aan het kamp Saint-Sulpice-la-Pointe, waar met name politieke gevangenen, waaronder internationale communisten en veteranen uit de Spaanse Burgeroorlog, werden vastgehouden. Een voormalig fort dat door het Vichy-regime werd gebruikt als een geheime gevangenis voor gevaarlijke buitenlanders en politieke tegenstanders.
Locatie: Het kamp was gevestigd in een fort in Castres (Tarn), in de regio Occitanie.
Capaciteit en omstandigheden: Het kamp had een capaciteit van ongeveer 47 mannelijke en 30 vrouwelijke gevangenen, die in cellen werden ondergebracht. Op 17 september 1943 vond er een spectaculaire ontsnapping plaats, georganiseerd door een groep internationale communisten (waaronder Ljubomir Ilić en Vlajko Begović).

Concentratiekamp Caţmazov

Concentratiekamp Caţmazov

 

Oekraine

Het concentratiekamp Caţmazov (ook gespeld als Katsmaziv) was tijdens de Tweede Wereldoorlog een door Roemenen beheerd kamp in de Vinnytsja Oblast in Oekraïne. Het diende als concentratie- en werkkamp in het door Transnistrië geannexeerde gebied, waar voornamelijk Joodse gevangenen werden vastgehouden onder zeer erbarmelijke omstandigheden. Gelegen in Katsmaziv, Vinnytsja Oblast, Oekraïne. Het kamp viel onder het Roemeense bestuur in het bezette Transnistrië.

Concentratiekamp Catus

Concentratiekamp Catus

 

Frankrijk

Het kamp Catus-Cavalier (gelegen in de Lot-regio, Frankrijk) was een interneringskamp dat aan het begin van de Tweede Wereldoorlog, rond september 1939, werd opgezet in een boerderij. Het functioneerde tot ongeveer juni/juli 1940 en werd gebruikt door de 172e R.R. BATAILLON C. Het diende als een verzamel- of interneringskamp, niet als een Duits vernietigingskamp.Het kamp was gevestigd op een boerderij, wat duidt op een geïmproviseerde locatie. Operationeel vanaf het begin van de vijandelijkheden tot de zomer van 1940, met documenten die wijzen op activiteiten in oktober 1939.
Bevelhebber: De militaire autoriteiten van het 17e gebied gaven op 22 juni 1940 het bevel om documenten te vernietigen die in handen van de vijand zouden kunnen vallen.

Concentratiekamp Caylus

Concentratiekamp Caylus

 

Frankrijk

Kamp Caylus was een Frans interneringskamp in het departement Tarn-et-Garonne tijdens de Tweede  Het kamp had gedurende de oorlog verschillende functies: Vreemdelingenlegioen: Het diende als basis voor eenheden van het Franse Vreemdelingenlegioen. Gevangenenkamp: Na de Franse nederlaag in 1940 werd het onder het Vichy-regime gebruikt om ongewenste vreemdelingen en politieke tegenstanders vast te houden. In 1942 werden er Joden geïnterneerd die tijdens razzia's in de onbezette zone waren opgepakt, voordat zij via kampen zoals Drancy naar de vernietigingskampen in het oosten werden gedeporteerd.

Concentratiekamp Cebriv

Concentratiekamp Cebriv

 

Oekraine

Concentratiekamp Celle Ligure

Concentratiekamp Celle Ligure

 

Duitsland

Het concentratiekamp in de buurt van Celle is Bergen-Belsen, gelegen in de Lüneburger Heide, ongeveer 25 kilometer ten zuiden van de stad Celle in Duitsland. Het was een berucht nazi-kamp waar tijdens de Tweede Wereldoorlog meer dan 70.000 mensen. Gelegen in de huidige deelstaat Nedersaksen, in het district Celle.

Cementownia

Cementownia

 

Polen

Een werkkamp gerelateerd aan een cementfabriek (Pools: cementownia).

Cernay

Cernay

 

Frankrijk

Het concentratiekamp Cernay, ook bekend als Sennheim, was een subkamp van Natzweiler-Struthof, gelegen in de Elzas (Frankrijk) tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het kamp, geopend in 1943 of begin 1944, hield hoofdzakelijk mannelijke gevangenen vast in het door Duitsland bezette gebied Gau Baden-Elsass. Cernay (Duits: Sennheim), Haut-Rhin, Frankrijk. Het diende als een satellietkamp van het grotere Natzweiler-Struthof-complex. In bedrijf vanaf 1943 of maart 1944. Het kamp startte met een kleine groep van ongeveer 80 mannelijke gevangenen.

Concentratiekamp Cernoviţi

Concentratiekamp Cernoviţi

 

Roemenie

Het concentratiekamp Cernoviţi (ook wel gespeld als Cernăuţi, Chernevtsy of Chernivtsi) was een door Roemenië gecontroleerd kamp in het district Jugastru in Transnistrië tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het bevond zich ongeveer 26 kilometer ten noordwesten van Moghilev-Podolsk en was onderdeel van het netwerk van kampen en getto's in de regio. Het kamp was gelegen in wat destijds het Roemeense gebied in Transnistrië was (huidige Vinnytsia Oblast, Oekraïne).

Concentratiekamp Cetvertinovca

Concentratiekamp Cetvertinovca

 

Roemenie

Cetvertinovca (ook gespeld als Chetvertinovka) was een concentratie- en werkkamp in de regio Transnistrië, gelegen in het door Roemenië bezette deel van Oekraïne tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het kamp viel onder het district Trostineţ in het judeţ (district) Tulcin. Gelegen in het noordoostelijke deel van het door Roemenië gecontroleerde gebied, in de huidige Oekraïne. Het functioneerde als een concentratie- en doorgangskamp voor gedeporteerde joden uit Roemenië, met name uit Bucovina en Bessarabië.

Ceske Budejovice

Ceske Budejovice

 

Tsjechie

De stad fungeerde als een belangrijk verzamelpunt voor nazi-deportaties in Zuid-Bohemen. Op 18 april 1942 werden 909 Joodse inwoners uit de stad gedeporteerd naar het gettokamp Theresienstadt (Terezín).

Concentratiekamp Chabanet

Concentratiekamp Chabanet

 

Frankrijk

Het kamp Chabanet was een interneringskamp gelegen in de Ardèche in Zuidoost-Frankrijk, op het Coiron-plateau nabij Saint-Laurent-sous-Coiron. Het diende tijdens de Tweede Wereldoorlog voornamelijk als een locatie waar het Vichy-regime mensen gevangen hield, waaronder vaak buitenlandse Joden en politieke tegenstanders. Gelegen op 615 meter hoogte, bekend als een afgelegen en barre omgeving. Het functioneerde als een kamp voor de internering van ongewenste personen, vaak werkgerelateerd of als voorstation voor deportatie.

Concentratiekamp Chabówka

Concentratiekamp Chabówka

 

Polen

In Chabówka, een dorp in Zuid-Polen nabij Rabka-Zdrój, bevond zich tijdens de Tweede Wereldoorlog een Duits werkkamp (Arbeitslager). In tegenstelling tot de grote vernietigingskampen zoals Auschwitz-Birkenau, was dit een kleiner kamp waar gevangenen onder dwang werden ingezet voor zware arbeid. Het diende voornamelijk als een dwangarbeiderskamp voor Joden en Polen uit de regio Podhale. De gevangenen werden veelal ingezet bij de spoorwegen (vanwege het strategische spoorwegknooppunt in Chabówka) en bij wegwerkzaamheden in de omgeving.
Chabówka was ook een belangrijk doorgangspunt voor treinen die Joodse gevangenen vanuit omliggende steden zoals Zakopane en Nowy Targ transporteerden naar het vernietigingskamp Bełżec. Hoewel het geen vernietigingskamp was, stierven veel gevangenen door de inhumane werkomstandigheden, honger en ziektes.

Chaidari

 

Griekenland

Concentratiekamp Chaidari (Haidari) was het grootste naziconcentratiekamp in Griekenland, actief tussen september 1943 en september 1944 in een voorstad van Athene. Het fungeerde als een berucht doorgangskamp voor Joden, Italiaanse krijgsgevangenen en politieke tegenstanders, met in totaal zo'n 21.000 gevangenen. Gelegen in Chaidari, ongeveer 9 km van het centrum van Athene. Het diende als het centrale doorgangskamp voor de deportatie van Griekse Joden naar vernietigingskampen.
Het kamp werd beheerd door de Duitse bezetter (SS en Wehrmacht) en stond bekend als de Bastille van Griekenland vanwege de wreedheid. Blook 15: Deze afdeling van het kamp stond bekend om de zwaarste martelingen en executies van gevangenen. Het kamp werd in september/oktober 1944 opgeheven na de bevrijding van Griekenland.

Charlottengrube

Charlottengrube

 

Polen

Charlottengrube was een buitenkamp van het naziconcentratiekamp Auschwitz, opgericht op 19 september 1944 in Rydułtowy (Duits: Rydultau), Polen. Gevangenen werden tewerkgesteld in de Charlotte-steenkoolmijn, die eigendom was van de Hermann Göring Werke, en ingezet voor mijnbouw en uitbreidingswerkzaamheden. Rydułtowy, nabij Rybnik. Buitenkamp (Aussenlager/Nebenlager) van Auschwitz III-Monowitz. 19 september 1944 – 19 januari 1945. Steenkoolwinning en werkzaamheden in de Charlotte-mijn. Op 19 januari 1945 werd het kamp geëvacueerd naar Wodzisław Śląski, waarna de gevangenen naar het concentratiekamp Mauthausen werden getransporteerd.

Concentratiekamp Chashniki

Concentratiekamp Chashniki

 

Wit Rusland

Het concentratiekamp in Chashniki (Wit-Rusland) verwijst naar een tijdelijk getto en een moordlocatie waar de nazi's tijdens de Tweede Wereldoorlog de Joodse bevolking van de stad en omgeving hebben samengedreven en vermoord. De moordlocatie bevond zich nabij Zarechnaya Sloboda, ongeveer één kilometer ten noordoosten van Chashniki, aan de oostkant van de Ulla-rivier. In 1939 woonde er een aanzienlijke Joodse gemeenschap van ruim 1.100 mensen in Chashniki. In februari 1942 hebben nazi-bezetters bijna 2.000 burgers, voornamelijk Joden uit de stad en omliggende gebieden, op deze locatie vermoord.

Concentratiekamp Château de Bégué

Concentratiekamp Château de Bégué

 

Frankrijk

Het Château de Bégué, gelegen nabij Cazaubon in Frankrijk, fungeerde tijdens de Tweede Wereldoorlog niet als een traditioneel naziconcentratiekamp, maar als een agrarisch opvangcentrum (centre d'accueil agricole) en een schuilplaats. Het werd door organisaties zoals de CIMADE gebruikt om Joodse vluchtelingen, waaronder meer dan honderd kinderen, te verbergen en te voorzien van valse identiteitspapieren. Reddingsactie: In augustus 1942 organiseerde Abbot Glasberg de ontsnapping van Joodse kinderen uit het kamp Vénissieux, van wie velen in het Château de Bégué en omliggende locaties werden ondergebracht. Het landhuis bevond zich in Cazaubon, in het departement Gers (Zuid-Frankrijk). Het diende als een tijdelijke, relatief veilige plek waar kinderen landbouwonderwijs kregen en uit handen van de autoriteiten bleven.

Concentratiekamp Château de Tombebouc

Concentratiekamp Château de Tombebouc

 

Frankrijk

Concentratiekamp Château du Roc

Concentratiekamp Château du Roc

 

Frankrijk

Het Château du Roc in de Dordogne (nabij Saint-André-d'Allas) diende tijdens de Tweede Wereldoorlog als een interneringskamp voor Joodse vluchtelingen, beheerd door het Vichy-regime. Het fungeerde als een doorvoerkamp, waar in augustus 1942 en in 1943 in totaal tientallen tot honderden Joden werden vastgehouden en gedeporteerd, vaak via Drancy naar Auschwitz. Gelegen in de regio Nouvelle-Aquitaine, in de buurt van Sarlat-la-Canéda. Een van de vele kastelen en gebouwen in de Dordogne die werden gebruikt voor de internering van buitenlandse Joden. Deportaties: Op 26 augustus 1942 werden 172 Joden geïnterneerd in het Château du Roc en in Saint-Pardoux-la-Rivière, alvorens ze werden gedeporteerd. De bewoners, waaronder gezinnen, werden op drie momenten in 1942 en 1943 afgevoerd naar nazi-vernietigingskampen.

Concentratiekamp Château du Sablou

Concentratiekamp Château du Sablou

 

Frankrijk

Het Château du Sablou, gelegen in de Dordogne nabij Montignac, Frankrijk, diende van 17 januari tot 31 december 1940 als een interneringskamp voor communisten en vakbondsleden tijdens de Tweede Wereldoorlog. Ongeveer 320 mensen, door het Vichy-regime als ongewenst bestempeld, werden hier opgesloten. Opsluiting van Franse communisten en vakbondsmilitanten. Het kamp was actief van 17 januari tot 31 december 1940.

Concentratiekamp Château-Doux

Concentratiekamp Château-Doux

 

Frankrijk 

Château-Doux was een Frans landhuis in de bergen dat tijdens de Tweede Wereldoorlog werd gebruikt als een interneringskamp voor Joden (assignation à résidence). Het fungeerde als een van de vele detentiecentra waar mensen werden vastgehouden alvorens te worden gedeporteerd, met specifieke deportaties in 1942 en 1943. Het kamp was gelegen in de bergen, in de regio Corrèze, Frankrijk. Het diende als een van de locaties voor de internering van Joden in de regio, waarbij in augustus 1942 een groep van 23 mensen werd gearresteerd. Joden uit het kamp Château-Doux werden op meerdere momenten in 1942 en 1943 gedeporteerd naar vernietigingskampen

Concentratiekamp Chęciny

Concentratiekamp Chęciny

 

Polen

In Chęciny, Polen, was tijdens de Tweede Wereldoorlog een Joods ghetto en een werkkamp (Zwangsarbeitslager). Het Ghetto: In 1941 richtten de nazi's een ghetto op waar ongeveer 4.000 tot 5.000 Joden uit Chęciny en omliggende dorpen (zoals Kielce) werden samengedreven.
Op 13 september 1942 (tijdens Rosj Hasjana) werd het getto ontruimd. De inwoners werden gedeporteerd naar het vernietigingskamp Treblinka, waar vrijwel iedereen direct na aankomst werd vermoord. Er was ook een werkkamp verbonden aan de lokale steengroeven, waar dwangarbeid werd verricht. Sommige gevangenen werden later naar andere kampen zoals Auschwitz gestuurd.

Chelmek - Paprotnik

Chelmek - Paprotnik

 

Polen

Concentratiekamp Chelmek (Aussenkommando Chelmek) Dit subkamp van Auschwitz-Birkenau lag in de Poolse stad Chełmek. Het was operationeel van oktober 1942 tot december 1942. De gevangenen (ongeveer 150 personen, voornamelijk Joden) werden ingezet voor zwaar fysiek werk bij een lokale schoenfabriek van de firma Bata, specifiek voor het uitdiepen en schoonmaken van waterreservoirs.

Vernietigingskamp Chełmno

 

Polen

Vernietigingskamp Chełmno (Duits: Kulmhof) was het eerste nazi-vernietigingskamp in het bezette Polen, operationeel van 8 december 1941 tot 1943 en opnieuw in 1944. Het fungeerde als een experimentele moordfabriek waar op industriële schaal, primair met gaswagens, meer dan 150.000 mensen hoofdzakelijk Joden en Roma werden vermoord. Gelegen in Chełmno nad Nerem, ongeveer 60-70 km ten noordwesten van Łódź. Het was exclusief bedoeld voor vernietiging (genocide), niet voor dwangarbeid.
Moordmethode: Slachtoffers werden in het kasteel verzameld en vervolgens in gaswagens (vrachtwagens waarin uitlaatgassen werden geleid) omgebracht.
Het betrof vooral de Joodse bevolking uit het getto van Łódź en de omliggende regio.
Chełmno diende als prototype voor latere vernietigingskampen zoals Bełżec, Sobibór en Treblinka. Het kamp werd in 1945 door de nazi's grotendeels vernietigd om de sporen van de misdaden uit te wissen

Chemnitz

Chemnitz

 

Duitsland

Siegmar-Schönau bij Chemnitz was van eind augustus 1944 tot 10 december 1944 een buitenkamp van Flossenbürg en Auschwitz. In augustus arriveerden 400 Joodse gevangenen uit Auschwitz en eind november arriveerden 50 Hongaarse Joden uit Flossenbürg.

In de omgeving van Chemnitz waren tijdens de Tweede Wereldoorlog verschillende nazikampen actief, variërend van vroege concentratiekampen tot latere buitenkampen van grote complexen zoals Flossenbürg.
KZ Sachsenburg (nabij Chemnitz)
Periode: 1933 – 1937
Een van de eerste concentratiekampen in Duitsland, gevestigd in een voormalige spinnerij in Frankenberg. Het diende als modelkamp voor de SS, waar zij onder andere het systeem van gekleurde identificatiedriehoeken voor gevangenen introduceerden.

Concentratiekamp Cheragas

Concentratiekamp Cheragas

 

Algerije

Het concentratiekamp Cheragas (ook bekend als Cheragas-Meridja) was een detentiecentrum in de buurt van Algiers in Algerije tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het werd gebruikt door het Vichy-regime om gevangenen vast te houden, waaronder veel Joodse soldaten uit het Franse leger (Pioniers), die er werden onderworpen aan harde omstandigheden.Gelegen in Chéraga, ongeveer 8 kilometer ten noordwesten van Algiers, Algerije. Tijdens de Tweede Wereldoorlog, onder het Vichy-regime (na 1940). Het kamp werd gebruikt voor de detentie van politieke tegenstanders en Joodse dwangarbeiders (Pioniers) die uit het Franse leger waren ontslagen.

Concentratiekamp Chianovca

Concentratiekamp Chianovca

 

Oekraine

Concentratiekamp Chibron

Concentratiekamp Chibron

 

Frankrijk

Het interneringskamp Chibron, gelegen in de gemeente Signes (Var, Frankrijk), was actief tussen 20 juni 1940 en 14 februari 1941. Het diende primair als een kamp voor de opsluiting van mensen uit de Franse Aziatische koloniën die vochten, werkten of sympathiseerden met de Fransen, en werd beheerd door de Franse autoriteiten. Het kamp bevond zich op een militair terrein in Signes, in het departement Var. Het was een relatief kort bestaand kamp, in gebruik van de zomer van 1940 tot begin 1941.

Concentratiekamp Chiesanuova

Concentratiekamp Chiesanuova

 

Italie

Het concentratiekamp Chiesanuova, gelegen in de provincie Padua (Italië), was een interneringskamp beheerd door het Italiaanse Tweede Leger. Het kamp was actief van 20 juli 1942 tot 10 september 1943. Chiesanuova, Padua, Italië. Periode: 20 juli 1942 – 10 september 1943. Beheer: Het Italiaanse Tweede Leger (Seconda Armata). Het diende als een van de Italiaanse concentratiekampen tijdens de Tweede Wereldoorlog, vaak gebruikt voor de internering van burgers uit bezette gebieden, waaronder Slovenen en Kroaten.

Concentratiekamp Chieti

Concentratiekamp Chieti

 

Italie

In de provincie Chieti (regio Abruzzo) in Italië waren tijdens de Tweede Wereldoorlog verschillende internerings- en concentratiekampen actief, waaronder het bekende krijgsgevangenenkamp Campo 21  in Chieti zelf en kampen in omliggende plaatsen zoals Casoli en Tollo. Deze kampen werden gebruikt voor krijgsgevangenen, Joden en politieke tegenstanders. Campo 21  Chieti: Dit was een groot krijgsgevangenenkamp voor voornamelijk geallieerde officieren, gevestigd in een voormalig klooster. Het kamp raakte in 1942 overvol met meer dan 1.600 krijgsgevangenen. Naast krijgsgevangenenkampen waren er in de provincie Chieti ook locaties voor burgerinternering. Het kamp in Casoli was een bekend interneringskamp voor Joden en dissidenten. Locatie Principessa di Piemonte: Een fascistisch concentratiekamp was gevestigd in de Principessa di Piemonte kleuterschool in Chieti stad.

Chinow

Chinow

 

Polen

Chorabie - Krobia

Chorabie - Krobia

 

Polen

Het kamp bevond zich in Chorabie, een gehucht nabij de grotere plaats Krobia in de huidige provincie Groot-Polen.
Doelgroep: Het was specifiek een kamp voor Joodse gevangenen die werden ingezet voor dwangarbeid onder het Nazi-regime.

Concentratiekamp Chmelivka

Concentratiekamp Chmelivka

 

Oekraine

Het kamp Chmelivka (ook gespeld als Chmielówka) was een door nazi-Duitsland opgezet kamp in het bezette Polen en de Oekraïne tijdens de Tweede Wereldoorlog. 
Chmelivka was een dorp dat voor 1939 administratief onder de regio Ternopil (Tarnopol) in het toenmalige Polen viel (nu in het westen van Oekraïne). Het kamp wordt geclassificeerd als een concentratiekamp of dwangarbeidskamp waar gevangenen onder zware omstandigheden werden vastgehouden.
Veel van de gevangenen in de regio Ternopil waren lokale Joden die voor of tijdens de liquidatie van de nabijgelegen getto's naar werk- en concentratiekampen werden gestuurd.
In dezelfde regio bevonden zich meerdere werkkampen die ondersteunend waren aan de nazi-oorlogsmachine, waarbij gevangenen vaak bezweken aan uithongering en mishandeling.

Concentratiekamp Chmielnik

Concentratiekamp Chmielnik

 

Polen

Chmielnik was geen specifiek concentratiekamp, maar een Poolse stad (nabij Kielce) met een grote Joodse gemeenschap (87% in 1939) die tijdens de Holocaust werd gettoïseerd en vernietigd door de nazi's. Veel inwoners uit het getto van Chmielnik werden gedeporteerd naar vernietigingskampen zoals Treblinka en Auschwitz. Chmielnik had een rijke Joodse geschiedenis die teruggaat tot de 16e-17e eeuw. Ghetto Chmielnik: Tijdens de Duitse  bezetting werd een getto ingericht. In 1942 en 1943 vonden er grootschalige deportaties plaats naar de vernietigingskampen. Gelegen in de regio Kielce, Polen.

Concentratiekamp Chmielów Dolny

Concentratiekamp Chmielów Dolny

 

Polen

Er bestond een ghetto in Chmielów (nabij Tarnobrzeg) in het district Krakau. Ook wordt Chmielów genoemd als een tussenstop of bestemming voor gevangenen die in 1944 te voet werden geëvacueerd uit het concentratiekamp Majdanek.

Concentratiekamp Chodel

Concentratiekamp Chodel

 

Polen

In het voorjaar van 1940 werden in Chodel, Polen, lokale werkkampen opgericht waar 102 Joden uit de regio werden geïnterneerd voor dwangarbeid, voornamelijk in de landbouw en timmerwerk. Daarnaast was er een ander kamp in de nabije omgeving waar nog eens 100 Joden vastzaten. Het betrof dwangarbeidskampen, geen grootschalig vernietigingskamp. Chodel, gelegen in de regio Lublin in Polen. Dwangarbeid (landbouw en timmerwerk). Slachtoffers: In de regio Chodel werden tientallen Joden vermoord

Concentratiekamp Choisel

Concentratiekamp Choisel

 

Frankrijk

Het Kamp Choisel (Choisel Chateaubriant) was een internerings- en krijgsgevangenenkamp in de Loire-Atlantique, Frankrijk, dat tijdens de Tweede Wereldoorlog door de nazi's werd gebruikt. Tussen juli 1940 en januari 1941 fungeerde het als krijgsgevangenenkamp voor Franse soldaten. Later, tussen 1941 en 1942, werd het gebruikt voor de internering van gijzelaars en politieke gevangenen.
Gelegen in Châteaubriant, in de regio Bretagne (Loire-Atlantique).n Het kamp diende aanvankelijk als kamp "C" voor 10.000 Franse krijgsgevangenen na de Slag om Frankrijk.nGijzelaars: Op 22 oktober 1941 werden 50 gijzelaars, die in het kamp Choisel vastzaten, door de nazi's geëxecuteerd.

Concentratiekamp Cholm

Concentratiekamp Cholm

 

Polen

Cholm de verwarring ontstaat vaak door de stad Chełm (Duits: Cholm) in het huidige Polen

Concentratiekamp Chorostkiv

Concentratiekamp Chorostkiv

 

Oekraine

Chortkiv:
Bloedbad in de gevangenis (1941): Kort na de Duitse inval in juni 1941 vond de Evacuatie van de Chortkiv-gevangenis plaats. In opdracht van de NKVD (Sovjet-geheime dienst) werden honderden gevangenen geëxecuteerd voordat de stad in Duitse handen viel.
De nazi's richtten in 1942 een ghetto in waar de Joodse bevolking werd samengedreven. Vanuit hier vonden deportaties plaats naar het vernietigingskamp Belzec.
In het nabijgelegen bos, Chornyi Lis (Zwarte Bos), werden duizenden Joden uit Chortkiv en omgeving door de SS en lokale collaborateurs doodgeschoten.
Er waren in de regio diverse werkkampen (Zwangsarbeitslager) waar Joden onder erbarmelijke omstandigheden werden ingezet voor infrastructuurprojecten

Chrastava

Chrastava

 

Tsjechie

Het concentratie- en werkkamp Kratzau (Chrastava) in Tsjechië was een satellietkamp van Gross-Rosen, opgericht in 1943 door Organisatie Schmelt. Het kamp diende voornamelijk voor dwangarbeid door vrouwen, vaak Joodse gevangenen, in de lokale textielindustrie (Tannwald Textile Works). Het kamp was gelegen in Kratzau, het huidige Chrastava in de regio Liberec. Kratzau I en II waren werkkampen gericht op de productie van textiel, cruciaal voor de Duitse oorlogsinspanning. Veelal vrouwen werden hier vastgehouden en uitgebuit onder zware omstandigheden. Het kamp stond onder beheer van de SS en was gekoppeld aan het grotere concentratiekampnetwerk Gross-Rosen.

Christianstadt

Christianstadt

 

Polen

Het concentratiekamp Christianstadt, gelegen in het huidige Polen (destijds Duitsland), fungeerde tijdens de Tweede Wereldoorlog van 1944 tot 1945 als een berucht buitenkamp van het concentratiekamp Gross-Rosen. Het kamp hield voornamelijk Joodse vrouwen gevangen die dwangarbeid verrichtten, vaak overgebracht vanuit Auschwitz-Birkenau. Het was een werkkamp waar dwangarbeiders werden ingezet, vaak onder erbarmelijke omstandigheden. Christianstadt bevond zich in Neder-Silezië (tegenwoordig Krzywaniec, Polen).
Verbinding met Gross-Rosen: Christianstadt was een van de vele buitenkampen van het hoofdcomplex Gross-Rosen. In februari 1945, toen het Sovjetleger naderde, werd het kamp geëvacueerd en werden de gevangenen op dodenmarsen gestuurd. Het kamp bestond grotendeels uit Joodse vrouwen die uit Auschwitz waren overgebracht

Concentratiekamp Chruślice

Concentratiekamp Chruślice

 

Polen

Het Concentratiekamp Chruślice (officieel bekend als Zwangsarbeitslager für Juden Chruslice) was een nazi-dwangarbeidskamp voor Joden tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het kamp was gelegen in het dorp Chruślice, in het district Radom binnen het toenmalige Generaal-Gouvernement (het huidige Polen). Het kamp was operationeel van 19 augustus 1941 tot 5 mei 1944. Het kamp was specifiek bedoeld voor de Joodse bevolking, waaronder zowel mannen als vrouwen.De gevangenen werden ingezet voor zware dwangarbeid voor verschillende Duitse bedrijven:
Firma Jenike (of Jünicke): Werkzaamheden in de hoog- en laagbouw.
Firma von der Wetter: Werkzaamheden aan de wegenbouw

Concentratiekamp Chyżyn

Concentratiekamp Chyżyn

 

Polen

Het werkkamp in Chyżyn (nabij Latowicz/Parysów in Polen) was tijdens de Tweede Wereldoorlog een klein nazikamp waar Joodse dwangarbeiders werden ingezet. Ongeveer 50 Joodse mannen uit de omgeving werkten in dit kamp, onder meer aan het rechttrekken van de rivier de Świder. Het kamp viel onder het district Warschau. 4 kilometer buiten Latowicz, Polen. Werkskamp (arbeidsinzet). In september 1942 waren er berichten over 80-90 personen, voornamelijk vrouwen uit verschillende steden, die later naar Wilga werden overgebracht en daar werden gefusilleerd.

Chrzanow - Krenau

Chrzanow - Krenau

 

Polen

Chrzanów (in het Duits Krenau genoemd tijdens de bezetting) was een belangrijk ghetto en een concentratiepunt voor de Joodse bevolking in de regio, nabij Auschwitz. Duitse troepen bezetten de stad op 4 september 1939. Er werd een ghetto ingesteld waarheen Joden uit de omgeving, waaronder Auschwitz, werden gedeporteerd. Veel Joden uit het ghetto werden ingezet voor dwangarbeid. Vanaf 1942 werden de bewoners van het getto gedeporteerd naar vernietigingskampen, met name Auschwitz-Birkenau. Het ligt in Zuid-Polen, zeer dicht bij het vernietigingskamp Auschwitz I en II. De nieuwe Joodse begraafplaats in Chrzanów werd gebruikt voor executies en massabegravingen van de Joden die in het ghetto waren opgesloten

Chungkai

 

Thailand

Het kamp Chungkai was een berucht Japans krijgsgevangenkamp tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het was een van de belangrijkste basiskampen voor de aanleg van de Birma-spoorweg (ook wel de Dodenspoorlijn genoemd) in Thailand.
Gelegen in Thailand, ongeveer 57 kilometer ten noordwesten van Non Pladuk, bij de samenvloeiing van de rivieren Mae Klong en Khwae Noi. Het kamp diende aanvankelijk als werkkamp voor het leggen van sporen, maar ontwikkelde zich later tot een zieken- en rustkamp voor uitgeputte krijgsgevangenen. Er verbleven duizenden geallieerde krijgsgevangenen, waaronder veel Nederlanders, Britten en Australiërs.

Concentratiekamp Ciechanów

Concentratiekamp Ciechanów

 

Polen

Het concentratiekamp in Ciechanów (Duits: Zichenau), gelegen in Polen, functioneerde tijdens de Tweede Wereldoorlog voornamelijk als een doorvoerkamp en Gestapo-gevangenis, met name vanaf 1940. Het diende als verzamelpunt voor de grootschalige deportatie van de Joodse bevolking uit de regio naar vernietigingskampen, waaronder Auschwitz in 1942. Gelegen in het door Duitsland geannexeerde gebied (Zuid-Pruisen), diende de stad als een administratief centrum met een Gestapo-politiepost die acties in de regio (Noord-Mazovië) coördineerde. Vanaf 1941 werden Joden uit Ciechanów en omgeving in een ghetto samengedreven, vaak in de buurt van de lokale vesting, voordat ze naar Auschwitz werden gestuurd. De deportaties van de Joden uit Ciechanów waren onderdeel van de eerste massale liquidaties in Auschwitz in 1942.

Concentratiekamp Cieszanow

Concentratiekamp Cieszanow

 

Polen

Het werkkamp in Cieszanów (Duitsland/bezet Polen) was een kamp dat functioneerde tussen 1941 en 1944 in de buurt van de Poolse plaats Cieszanów. Gelegen in de regio Przemyśl, Polen.
Cieszanów werd op 12 september 1939 door Duitse troepen bezet. De Duits-Sovjetgrens werd destijds in de buurt van het stadje getrokken.

Cieszyny

Cieszyny

 

Polen

Het concentratiekamp in de buurt van Cieszyn (Duits: Teschen) was het buitenkamp Golleschau (Goleszów), dat onderdeel was van het grotere concentratiekampnetwerk Auschwitz. Het kamp bevond zich in Goleszów, vlakbij Cieszyn, op het terrein van een steengroeve en cementfabriek. Golleschau was een dwangarbeiderskamp. Gevangenen moesten werken in de cementfabriek en de steengroeve die eigendom waren van een SS-onderneming.

Concentratiekamp Cighino

Concentratiekamp Cighino

 

Slovenie

Cighino (tegenwoordig bekend als Čiginj) is een plaats in de gemeente Tolmin in het westen van Slovenië. De naam Cighino is de Italiaanse benaming voor het dorp.  In 1943 bevond zich hier een Italiaans concentratiekamp voor burgers, dat was ontworpen om circa 600 gevangenen vast te houden in barakken met prikkeldraad.

Cinq Fontaines = Fünfbrunnen

Cinq Fontaines = Fünfbrunnen

 

Luxemburg

Cinqfontaines (Frans) en Fünfbrunnen (Duits) Tijdens de Tweede Wereldoorlog gebruikten de nazi-bezetters het voormalige klooster van Cinqfontaines als een interneringskamp voor Joden uit Luxemburg. Hoewel het vaak een verzorgingstehuis (Jüdisches Altersheim) werd genoemd, diende het in werkelijkheid als een verzamelpunt voor deportaties naar getto's en vernietigingskampen in Oost-Europa, zoals Theresienstadt, Litzmannstadt (Łódź) en Auschwitz. Een voormalig klooster van de Priesters van het Heilig Hart, gebouwd in 1906.Tussen 1941 en 1943 werden hier ongeveer 300 Joden vastgehouden voordat ze werden gedeporteerd.

Concentratiekamp Città Sant'Angelo

Concentratiekamp Città Sant'Angelo

 

Italie

Het concentratiekamp in Città Sant'Angelo, gelegen in de Italiaanse regio Abruzzen, was een interneringskamp dat tijdens de Tweede Wereldoorlog door de fascistische Italiaanse autoriteiten werd gebruikt. Het kamp was gevestigd in een ongebruikte tabaksfabriek en was actief van juni 1940 tot april 1944. Het kamp diende voornamelijk voor de internering van Slavische communisten, buitenlandse staatsburgers en later ook andere groepen die als vijandig of ongewenst werden beschouwd door het fascistische regime.
Het bood plaats aan ongeveer 150 personen.

Concentratiekamp Civitella del Tronto

Concentratiekamp Civitella del Tronto

 

Italie

Het interneringskamp van Civitella del Tronto was een fascistisch concentratiekamp in de Italiaanse provincie Teramo dat tussen 1940 en 1944 werd gebruikt voor de opsluiting van buitenlandse Joden en politieke gevangenen. In tegenstelling tot de beruchte vernietigingskampen in Noord-Europa, was dit een interneringskamp waar gevangenen onder bewaking werden vastgehouden.
Het kamp bestond uit drie verschillende locaties in en rond het dorp:
Convento di Santa Maria dei Lumi: Dit voormalige klooster was de hoofdfunctie van het kamp en bood plaats aan ongeveer 60 personen.
Ospizio Filippo Alessandrini: Een opvanghuis in het historische centrum dat werd ingericht voor gevangenen.
De Fortezza: Delen van de immense Fortezza di Civitella del Tronto werden eveneens gebruikt voor de internering van politieke dissidenten en krijgsgevangenen.
De gevangenen waren voornamelijk vijandelijke buitenlanders, waaronder veel Joden uit Duitsland, Oostenrijk en Polen, maar ook Britse burgers en Grieken.

Concentratiekamp Civitella della Chiana

Concentratiekamp Civitella della Chiana

 

Italie

Het concentratiekamp in Civitella della Chiana, beter bekend als het kamp Oliveto (gelegen in Oliveto, een deelgemeente van Civitella in Val di Chiana), was een Italiaans interneringskamp dat tijdens de Tweede Wereldoorlog door het fascistische regime werd gebruikt. Het kamp was gevestigd in de Villa Oliveto in Oliveto, een kleine plaats met destijds ongeveer 150 inwoners. Vanaf september 1940 werd het gebruikt voor de internering van burgers. In 1942 bestond de populatie grotendeels uit Libische Joden. In een latere fase in 1942 veranderde de samenstelling en werden er zowel mannen als vrouwen vastgehouden.
Het was een van de vele interneringskampen die in de regio Toscane en andere delen van Italië waren opgezet door het fascistische Italië.
Bloedbad van Civitella (juni 1944): Civitella della Chiana is ook berucht vanwege de nazi-represailles op 29 juni 1944. Duitse troepen van de Hermann Göring Panzerdivisie vielen het dorp aan en vermoordden vele mannen, als vergelding voor de dood van Duitse soldaten door het Italiaanse verzet.

Concentratiekamp Ćmielów

Concentratiekamp Ćmielów

 

Polen

In Ćmielów (Polen) was een Joods getto en een daaropvolgend gesloten werkkamp tijdens de Tweede Wereldoorlog. Getto van Ćmielów: Opgericht op 1 juni 1942 door de Duitse bezetters. Er werden tussen de 900 en 1.500 Joden vastgehouden onder erbarmelijke, overbevolkte omstandigheden, wat leidde tot een tyfusepidemie. In de tweede helft van oktober 1942 werd het getto ontruimd. Ongeveer 900 Joden werden gedeporteerd naar het vernietigingskamp Treblinka, waar zij direct na aankomst werden vermoord.
Werkkamp: In januari 1943 richtten de nazi's een gesloten kamp in voor de weinige Joden die nog in de stad waren achtergebleven of die na de razzia's uit hun schuilplaatsen waren gehaald. Gevangenen moesten hier dwangarbeid verrichten. Het is niet exact bekend wanneer dit kamp werd opgeheven of wat er met de laatste gevangenen is gebeurd

Cochem - Bruttig

Cochem - Bruttig

 

Duitsland

Concentratiekamp Bruttig-Treis (ook Cochem-Bruttig) was een berucht buitenkamp van het naziconcentratiekamp Natzweiler-Struthof, operationeel van maart tot september 1944. Gevangenen werden in erbarmelijke omstandigheden tewerkgesteld in de nabijgelegen Treisertunnel, voornamelijk voor de productie van vliegtuigonderdelen en wapens onder de codenaam Zeisig.
Tussen de Rijnland-Paltse plaatsen Bruttig en Treis, nabij Cochem. Buitenkamp van KZ Natzweiler-Struthof (onderdeel van het SS-systeem). Periode: 10 maart 1944 tot ongeveer 14 september 1944. Gevangenen moesten de spoorwegtunnel (Treisertunnel) ombouwen tot een ondergrondse fabriek voor de vliegtuigbouwer Daimler-Benz.

Coka

Concentratiekamp Čoka

 

Servie

In Čoka (Noord-Servië, in de regio Banat) 
Hier zijn de belangrijkste feiten over de herinnering en de kampen in die regio:
Macahumka (Macahumca): Dit was een plek waar tijdens de Tweede Wereldoorlog mensen gevangen werden gehouden of moesten werken onder het Duitse bestuur in de Banat.De regio Banat (waar Čoka in ligt) werd tijdens de bezetting bestuurd door de lokale etnisch Duitse minderheid (Volksdeutsche). Joodse inwoners van Čoka en omliggende dorpen werden in 1941 opgepakt en gedeporteerd naar kampen in Belgrado (zoals Sajmište) of direct vermoord. Er bevonden zich in deze regio diverse kleinere werkkampen waar gevangenen (vaak Joden, Roma en Servische verzetslieden) dwangarbeid moesten verrichten voor de Duitse oorlogsindustrie of landbouw.

Colditz

Concentratiekamp Colditz kasteel

 

Duitsland

Colditz  een krijgsgevangenenkamp (Oflag IV-C) voor geallieerde officieren. Het kasteel stond bekend als vrijwel ontsnappingsvrij, wat voor de gevangenen juist een uitdaging was om de meest ingenieuze ontsnappingsplannen te 
Belangrijke feiten over Kasteel Colditz Tijdens de oorlog diende het als een streng beveiligd kamp voor officieren die uit andere kampen waren ontsnapt of als vluchtgevaarlijk werden beschouwd.
Nederlandse connectie: Van de 31 succesvolle ontsnappingen staan er maar liefst zes op naam van Nederlanders.
Vóór de functie als krijgsgevangenenkamp (in 1933) werd het kasteel kortstondig gebruikt als concentratiekamp voor politieke tegenstanders. Ook was het een locatie voor de systematische moord op mensen met een handicap onder het mom van euthanasie.

Colditz / Oflag IV C Colditz

 

Duitsland

Oflag IV-C Colditz, gelegen in Slot Colditz (Saksen, Duitsland), was tijdens de Tweede Wereldoorlog een berucht Duits krijgsgevangenenkamp voor geallieerde officieren die herhaaldelijk uit andere kampen waren ontsnapt. Vanwege de hoge vluchtveiligheid werd het beschouwd als de zwaarst bewaakte herberg in het Derde Rijk.

Concentratiekamp Colfiorito

Concentratiekamp Colfiorito

 

Italie

Het concentratiekamp Colfiorito was een Italiaans interneringskamp voor burgers, gelegen in de bergen in de buurt van Foligno (regio Umbrië), dat in 1940 werd opgezet door het Italiaanse Ministerie van Binnenlandse Zaken. Het kamp was gevestigd in een voormalige schietbaan in het gehucht Colfiorito. Het diende als een van de vele concentratiekampen die door het fascistische regime werden gebruikt, eerst onder het Koninkrijk Italië en later onder de Sociale Republiek van Salò (1940-1945). Het kamp opende in 1940, sloot tijdelijk op 23 januari 1941, maar werd twee jaar later heropend en uitgebreid

Concentratiekamp Colle di Compito

Concentratiekamp Colle di Compito

 

Italie

Het kamp bij Colle di Compito (officieel bekend als P.G. 60) was een Italiaans gevangenen- en concentratiekamp tijdens de Tweede Wereldoorlog, gelegen in de gemeente Capannori nabij Lucca in Toscane.

1. Krijgsgevangenkamp (1942 – september 1943)
Het kamp werd in juli 1942 opgericht om Geallieerde krijgsgevangenen (voornamelijk Britten en Zuid-Afrikanen) vast te houden. Leefomstandigheden: De gevangenen leefden in tenten in een drassig en ongezond gebied dat gevoelig was voor overstromingen. Er was een gebrek aan sanitaire voorzieningen, schoon water en medische zorg, wat leidde tot ziektes zoals dysenterie.
De Duitse overname: Na de Italiaanse wapenstilstand op 10 september 1943 eisten Duitse troepen de overgave van het kamp. De Italiaanse commandant, kolonel Vincenzo Cione, weigerde dit en werd samen met twee anderen door de Duitsers doodgeschoten. In de chaos die volgde, wisten duizenden gevangenen te ontsnappen, vaak met hulp van de lokale bevolking.

2. Concentratiekamp (eind 1943 – juni 1944)
Onder de Italiaanse Sociale Republiek (RSI) werd het kamp heropend als concentratiekamp voor politieke gevangenen en Joden. Deportaties: Gevangenen in deze fase, waaronder Joodse gezinnen, werden vaak via doorgangskampen zoals Fossoli gedeporteerd naar vernietigingskampen zoals Auschwitz. Het kamp werd in juni 1944 gesloten toen het front dichterbij kwam en de gevangenen werden overgebracht naar Bagni di Lucca.

Concentratiekamp Colioure

Concentratiekamp Colioure

 

Frankrijk

Het interneringskamp Collioure (vaak aangeduid als een  camp spécial  of concentratiekamp van Collioure) was een Frans detentiekamp dat op 4 maart 1939 officieel werd geopend in het Château Royal in de Zuid-Franse plaats Collioure, nabij de Spaanse grens. Het kamp werd in 1939 ingericht om Spaanse Republikeinse vluchtelingen te interneren die tijdens de 'Retirada' (de massale vlucht aan het einde van de Spaanse Burgeroorlog) de grens overstaken. Het kamp was gevestigd in het historische kasteel van Collioure, in tegenstelling tot het nabijgelegen, grotere vluchtelingenkamp op het strand van Argelès-sur-Mer. Collioure stond bekend als een bijzonder hard kamp (een speciaal kamp) waar voornamelijk gevaarlijk geachte of politiek actieve Spanjaarden werden vastgehouden onder zeer erbarmelijke omstandigheden. Bij de start op 4 maart 1939 werden er 77 gevangenen uit het kamp van Argelès-sur-Mer overgebracht naar het kasteel. Het kamp maakte deel uit van het Franse netwerk van interneringskampen in de regio Pyrénées-Orientales die werden gebruikt voor vluchtelingen en later, tijdens de Tweede Wereldoorlog, vaak voor vijandige burgers of Joden.

Colmar

Colmar

 

Frankrijk

Hoewel er in de stad Colmar zelf geen hoofdkamp was, wordt de term vaak gebruikt in relatie tot Natzweiler-Struthof, het enige Duitse concentratiekamp op huidig Frans grondgebied. Dit kamp ligt in de Vogezen, ongeveer 60 tot 70 kilometer ten noorden van Colmar.

Belangrijke informatie over Natzweiler-Struthof: Gelegen nabij Natzwiller (Bas-Rhin) op een hoogte van 800 meter.
Doel: Oorspronkelijk opgericht in mei 1941 voor de exploitatie van een nabijgelegen granietgroeve. Het kamp stond bekend als een Nacht und Nebel-kamp, waar gevangenen (vaak verzetsstrijders) spoorloos moesten verdwijnen. Er waren talrijke bijkampen (Aussenkommandos) verspreid over de regio Elzas-Lotharingen en Zuid-Duitsland

Concentratiekamp Colomb-Béchar

Concentratiekamp Colomb-Béchar

 

Algerije

Het concentratie- en dwangarbeidkamp Colomb-Béchar (tegenwoordig Béchar) was een detentiecentrum gelegen in Algerije, nabij de voet van de berg Béchar. Het kamp werd in 1942 geopend door de Franse Vichy-autoriteiten als onderdeel van een netwerk van kampen in Noord-Afrika.
Het kamp was gelegen in de woestijnregio van zuidwestelijk Algerije, wat zorgde voor barre omstandigheden. Het diende als een van de Groupements des Travailleurs Étrangers (GTEs), ofwel buitenlandse werkgroepen, waar gevangenen werden gedwongen tot zware arbeid. Het kamp huisvestte diverse groepen, waaronder vluchtelingen en politieke tegenstanders van het Vichy-regime. Veel gevangenen werden ingezet voor zware fysieke arbeid en velen leden onder de erbarmelijke omstandigheden.
Talzaza Menabba: In 1941 werd er een subkamp opgericht bij Talzaza Menabba (in de buurt van Colomb-Béchar) dat specifiek werd gebruikt voor steengroeven

Columbia

 

Duitsland

Het concentratiekamp Columbia (ook bekend als Columbia-Haus) was een van de vroege nazi-concentratiekampen, gelegen in de wijk Tempelhof in Berlijn. Het kamp was actief tussen 1933 en 1936, voornamelijk gebruikt voor de detentie en ondervraging van politieke tegenstanders, en werd in 1936 gesloten en gesloopt voor de uitbreiding van het nabijgelegen vliegveld Tempelhof.

Concentratiekamp Columbia-Haus

Concentratiekamp Columbia-Haus

 

Duitsland

Concentratiekamp Columbia-Haus, gelegen in Berlijn-Tempelhof, was een van de eerste nazi-concentratiekampen (1933-1936) en stond bekend om de wrede martelmethoden tegen politieke gevangenen. Het kamp diende als Gestapo-gevangenis en opleidingsplaats voor SS-personeel. Het werd in 1936 gesloten en gesloopt voor de uitbreiding van vliegveld Tempelhof. Berlijn-Tempelhof, aan de noordrand van het latere vliegveld.
 Actief van zomer 1933 tot 5 november 1936. Het opsluiten en intimideren van politieke tegenstanders (communisten, socialisten) en andere groepen die als gevaarlijk werden beschouwd. Het was berucht om de vroege ontwikkeling van extreme martelmethoden door de SS en diende als voorproefje voor latere, grotere kampen. Aanvankelijk SS, vanaf 1935 direct onder beheer van de Gestapo. Het kamp werd op 5 november 1936 officieel gesloten. Veel gevangenen werden overgebracht naar het nieuwe concentratiekamp Sachsenhausen. Het gebouw werd in maart 1938 gesloopt om plaats te maken voor de uitbreiding van vliegveld Berlin-Tempelhof.

Compiegne 

Concentratiekamp Compiègne-Royallieu

 

Frankrijk

Het Kamp Royallieu in Compiègne, nabij Parijs, was een van de grootste nazi-doorgangskampen in bezet Frankrijk, actief van juni 1941 tot augustus 1944. Meer dan 53.000 mensen waaronder Joden, verzetsstrijders en gijzelaars werden hier vastgehouden en gedeporteerd naar vernietigingskampen. Het diende primair als internerings- en deportatiekamp (Frontstalag 122). Ruim 40.000 Joden werden tussen maart 1942 en juni 1943 vanuit dit kamp naar Auschwitz-Birkenau gedeporteerd. Daarnaast werden veel Franse verzetsstrijders en politici via dit kamp naar andere concentratiekampen gestuurd. Gelegen in Compiègne, in het noorden van Frankrijk.

Conakry concentratiekamp

Conakry concentratiekamp

 

Guinee

Het concentratiekamp in Conakry waar u naar verwijst, staat bekend als Kamp Boiro (oorspronkelijk Camp Mamadou Boiro).
Het kamp was gevestigd in Conakry, de hoofdstad van Guinee. Het was actief tijdens het bewind van president Ahmed Sékou Touré, ruwweg tussen 1960 en 1984. Kamp Boiro werd gebruikt om politieke tegenstanders en anderen die als onwelgevallig werden beschouwd, te isoleren, te martelen en te doden. Onder het regime van Sékou Touré zijn duizenden Guineeërs in dit kamp om het leven gekomen, vaak door de beruchte zwarte dieet-methode (uithongering).

Concentratiekamp Conotcăuti

Concentratiekamp Conotcăuti

 

Roemenie

Het concentratiekamp Conotcăuti (ook wel gespeld als Konatkivtsi) was een door Roemenië beheerd kamp in Transnistrië (bezet Oekraïne) tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het maakte deel uit van het netwerk van kampen en getto's waarheen Joden uit Bessarabië en Boekovina door het regime van Ion Antonescu werden gedeporteerd. Het dorp Conotcăuti (tegenwoordig Konatkivtsi in de oblast Vinnytsia, Oekraïne), gelegen nabij de stad Sargorod. Het kamp lag in het gouvernement Transnistrië, een gebied dat tussen 1941 en 1944 door Roemenië werd bestuurd en diende als een centrale plek voor massamoord en deportatie. Gevangenen verbleven onder erbarmelijke omstandigheden. Getuigenissen beschrijven onder meer een lange en donkere stal die alleen in een veld stond, waar tientallen mensen onder zeer slechte hygiënische en medische omstandigheden bijeen werden gedreven. Het kamp werd voornamelijk gebruikt voor de opsluiting van Joodse gedeporteerden die te maken kregen met dwangarbeid, honger en ziekten zoals tyfus. De kampen in deze regio, waaronder ook het nabijgelegen Pechora en Vapniarka, stonden bekend om hun extreem hoge sterftecijfers door verwaarlozing en geweld

Concentratiekamp Constantine

Concentratiekamp Constantine

 

Algerije

Concentratiekamp Copaigorod

Concentratiekamp Copaigorod

 

Oekraine

Het concentratiekamp (vaak aangeduid als ghetto) in Copaigorod (ook gespeld als Kopaygorod) was een detentiecentrum gelegen in de regio Transnistrië in Oekraïne tijdens de Tweede Wereldoorlog.
Copaigorod ligt in Oekraïne. Het kamp en het bijbehorende ghetto werden beheerd in het door Roemenië bezette gebied, bekend als Transnistrië, dat onder nazinvloed stond. Eind september 1941 werd de gehele Joodse bevolking van het dorp gedwongen overgebracht naar een kamp nabij het treinstation van Copai.

Concentratiekamp Coray

Concentratiekamp Coray

 

Frankrijk

Het kamp in Coray (Bretagne, Frankrijk) was een Duits gevangenenkamp dat op 1 november 1940 werd geopend. Hoewel het vaak in één adem wordt genoemd met de geschiedenis van concentratiekampen, was het specifiek een legerkamp dat werd omgebouwd voor de detentie van gevangenen tijdens de Duitse bezetting van Frankrijk. Het dorp Coray ligt in de regio Bretagne, ongeveer 61 kilometer ten zuidoosten van de havenstad Brest. Het kamp werd oorspronkelijk snel opgebouwd als een legerkamp en fungeerde later als detentiecentrum onder nazi-bestuur.

Corbeni LPRS nr. 10

Corbeni LPRS nr. 10

 

Roemenie

Corbeni LPRS nr. 10 (Lagărul de Prizonieri de Război Sovietici nr. 10) was een kamp voor Sovjet-krijgsgevangenen in Roemenië tijdens de Tweede Wereldoorlog.
Hier zijn de belangrijkste details over dit kamp: Het kamp werd in december 1941 opgezet in Corbeni, Roemenië. Het diende als een officieel kamp voor meer dan 2.000 Sovjet-krijgsgevangenen die uit andere locaties waren overgebracht.

Concentratiekamp Corropoli

Concentratiekamp Corropoli

 

Italie

Het Corropoli-interneringskamp (Campo di concentramento di Corropoli) was een burgerinterneringskamp dat door het fascistische Italië werd geëxploiteerd tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het kamp was gevestigd in de voormalige Abdij van de Celestijnen (Abbazia di celestiniana) op de Maiulano-heuvel in Corropoli, in de provincie Teramo, regio Abruzzo, Italië. Het kamp was actief van januari 1941 tot mei 1944. Aanvankelijk waren er voornamelijk Slavische irredentisten en Italiaanse communisten geïnterneerd. Na 8 september 1943 (de wapenstilstand van Cassibile en de daaropvolgende Duitse bezetting) veranderde de situatie en werden er ook Joodse mensen vastgehouden Het kamp had een maximale capaciteit van ongeveer 150 mensen.

Concentratiekamp Coşarinţi

Concentratiekamp Coşarinţi

 

Oekraine

Het concentratiekamp Coşarinţi (vandaag Kosharyntsi in Oekraïne) was een kamp in de noordelijke regio van het door Roemenië gecontroleerde Transnistrië tijdens de Holocaust. Het lag aan de rivier de Nemiya, ongeveer 51 kilometer ten noorden van Mogilev-Podolsk. Het kamp lag in het Copaigorod raion en viel onder Roemeens burgerlijk bestuur vanaf september 1941, nadat de regio was bezet door Duitse en Roemeense troepen. De gevangenen waren voornamelijk Joden die gedeporteerd waren uit de regio's Boekovina (waaronder Hotin, Lipcani en Briceni) en noordelijk Bessarabië.

Concentratiekamp Cosăuţi

Concentratiekamp Cosăuţi

 

Moldavie

Het concentratiekamp in Cosăuți (Moldavië) was een doorgangs- en vernietigingskamp tijdens de Holocaust, gelegen in een bos nabij het dorp Cosăuți.
In 1941 diende het kamp als een berucht doorvoerkamp voor Joodse gedeporteerden uit Bessarabië en Boekovina, voordat ze verder werden getransporteerd of vermoord. Het kamp was gelegen in het bos van Cosăuți, een paar honderd meter van het dorp.
Slachtoffers: Naar schatting zijn in het bos van Cosăuți ongeveer 6.000 Joden gemarteld en vermoord door fascistische troepen. Daarnaast werden er honderden Joden uit de omgeving van Soroca en andere delen van Noord-Moldavië omgebracht.

Concentratiekamp Coudrecieux

Concentratiekamp Coudrecieux

 

Frankrijk

Het kamp in Coudrecieux (Frankrijk), ook bekend als het kamp van La Pierre, was tijdens de Tweede Wereldoorlog een interneringskamp, specifiek gebruikt voor de opsluiting van Sinti, Roma en nomaden.
Het kamp werd vanaf 18 november 1940 door de Franse politie gebruikt als interneringskamp voor Sinti en Roma. Gelegen in de regio Sarthe, Frankrijk. Het wordt soms verward of in een reeks genoemd met andere kampen in de regio, zoals Mulsanne. Het kamp bestond uit ongeveer 35 barakken gemaakt van golfplaten.

Crăciuneşti LPRS no. 9

Crăciuneşti LPRS no. 9

 

Roemenie

Concentratiekamp Craiova

Concentratiekamp Craiova

 

Roemenie

Tijdens de Tweede Wereldoorlog bestond er in de Roemeense stad Craiova een interneringskamp waar voornamelijk Joden werden vastgehouden. Hoewel het vaak wordt aangeduid als het kamp Craiova, was het technisch gezien een interneringscentrum onder het regime van Ion Antonescu, waarvandaan gevangenen later werden gedeporteerd naar Transnistrië. Het kamp diende als verzamelplaats voor Joden uit de regio Oltenië voordat zij werden gedeporteerd.
Deportaties: In de zomer van 1942 werden grote groepen Joden die in Craiova vastzaten gedeporteerd naar kampen in Transnistrië (een gebied in het huidige Moldavië en Oekraïne dat destijds door Roemenië werd bezet). Naast de Joodse bevolking werden ook Roma uit de regio Craiova geregistreerd door de lokale politie voor evacuatie en vervolging.

Concentratiekamp Crampel

Concentratiekamp Crampel

 

Algerije

Concentratiekamp Crasneanca

Concentratiekamp Crasneanca

 

Oekraine

Het concentratiekamp Crasneanca (ook gespeld als Crasneanca, Krasnen'ke of Krasnenchi) was een kamp in de Oekraïne (in de toenmalige regio Transnistrië), gelegen in een klein bos tussen Crasneanca en het dorp Oniscova (tegenwoordig Onyskove), Mykolaiv Oblast.
Het was een kamp of kolonie gelegen in de regio Transnistrië, een gebied dat tijdens de Tweede Wereldoorlog onder Roemeens bestuur stond. Het kamp werd voornamelijk gebruikt voor de deportatie en detentie van Roma (Zigeuners) uit Roemenië, die daarheen werden gestuurd door het regime van Ion Antonescu, met name tussen juni en september 1942.

Crawinkel

Crawinkel

 

Duitsland

Het concentratiekamp Crawinkel was een buitenkamp van het concentratiekamp Buchenwald, gelegen in de buurt van Ohrdruf in Thüringen, Duitsland. Het kamp werd geopend in 1944 en diende als dwangarbeidkamp voor SS-bouwprojecten. Ongeveer 3.000 gevangenen werden ingezet voor dwangarbeid, waaronder het aanleggen van spoorwegtunnels en werk in een steengroeve. Het kamp maakte deel uit van het grotere Ohrdruf-complex, dat in november 1944 werd opgericht op een militair oefenterrein. Bij de ontruiming van het kamp in april 1945 vertrokken er dodenmarsen vanuit Crawinkel en Ohrdruf richting het hoofdkamp Buchenwald, waarbij duizenden gevangenen omkwamen. Het kampcomplex werd in april 1945 bevrijd door Amerikaanse troepen.

Concentratiekamp Crijopol

Concentratiekamp Crijopol

 

Oekraine

Crijopol (tegenwoordig Kryzhopil, gelegen in de oblast Vinnytsja in Oekraïne) was tijdens de Tweede Wereldoorlog een locatie waar de nazi's en hun Roemeense bondgenoten een ghetto en concentratiekamp vestigden. Duitse en Roemeense troepen bezetten Crijopol op 22 juli 1941. In de zomer van 1942 werd het gebied formeel ingericht als een ghetto, waar ook Joden uit Roemenië naartoe werden gedeporteerd. Kryzhopil ligt in de regio Transnistrië, een gebied dat tijdens de oorlog onder Roemeens bestuur viel en bekend stond om de vele kampen en getto's waar de Holocaust op grote schaal plaatsvond.

Concentratiekamp Crivoe-Ozero

Concentratiekamp Crivoe-Ozero

 

Oekraine

Krivoe-Ozero (tegenwoordig Kryve Ozero in Oekraïne) was tijdens de Tweede Wereldoorlog een locatie in het door Roemenië bezette gebied Transnistrië, waar een getto en concentratiekampen voor de lokale en gedeporteerde Joodse bevolking waren ingericht. Krivoe Ozero ligt in de regio Nikolaev aan de rivier de Kodyma en viel onder het Roemeense bestuur in Transnistrië. In 1941-1944 werden hier duizenden Joden uit Roemenië en de Oekraïne opgesloten. De getto's en werkkampen werden bewaakt door de gendarmerie.

Concentratiekamp Cruşinovca

Concentratiekamp Cruşinovca

 

Oekraine

Het concentratiekamp Cruşinovca (ook gespeld als Krushynivka of Krushynovka) was een concentratie- en werkkamp gelegen in de regio Vinnytsia in Oekraïne, dat tijdens de Tweede Wereldoorlog werd beheerd in het gebied dat onder Roemeense bezetting viel (Transnistrië).
Het kamp bevond zich in Krushynivka, Vinnytsia Oblast, in het toenmalige door Roemenië bezette Transnistrië. Het kamp diende primair voor de opsluiting van Joodse mensen tijdens de Holocaust.

Concentratiekamp Crveni Krst

Concentratiekamp Crveni Krst

 

Servie

Concentratiekamp Crveni Krst (ook wel bekend als het Red Cross kamp of Lager Niš) was een Duits concentratiekamp tijdens de Tweede Wereldoorlog, gelegen in Niš, Servië. Het kamp werd in 1941 opgericht in voormalige legerkazernes en werd beheerd door de Gestapo. Het diende oorspronkelijk als doorgangskamp. Naar schatting werden er zo'n 30.000 tot 35.000 mensen vastgehouden, voornamelijk Joden, Roma en Servische communisten of partizanen. Massale Ontsnapping: Op 12 februari 1942 vond hier de eerste grote georganiseerde ontsnapping uit een nazikamp plaats, waarbij 105 gevangenen wisten te vluchten. De meeste executies vonden niet in het kamp zelf plaats, maar op de nabijgelegen heuvel bij het huidige Bubanj Memorial Park, waar meer dan 10.000 mensen werden omgebracht.

Concentratiekamp Csörgő

Concentratiekamp Csörgő

 

Slowakije

Het interneringskamp Csörgő (tegenwoordig Čerhov, Slowakije) was een Hongaars kamp dat tijdens de Tweede Wereldoorlog werd gebruikt voor het detineren van politieke gevangenen, vluchtelingen en Joden zonder de juiste staatsburgerschapspapieren. Het kamp lag in het noordoosten van het toenmalige Hongarije, nabij de grens. Het werd beheerd door de Hongaarse autoriteiten en bewaakt door de Hongaarse politie. Het kamp was waarschijnlijk al vanaf mei 1942 operationeel. In de zomer van 1944 werden gevangenen vanuit Csörgő gedeporteerd naar Auschwitz of overgeplaatst naar werkkampen.

Concentratiekamp Cucavca

Concentratiekamp Cucavca

 

Oekraine

Het concentratiekamp Cucavca (ook wel gespeld als Kukavka) was een detentieplaats en getto in de regio Transnistrië, gelegen in de buurt van Vinnytsja in Oekraïne. Eind 1941 werd dit getto/kamp opgezet om enkele honderden Joden uit Bessarabië en Boekovina vast te houden. Het kamp bevond zich in de buurt van de stad Vinnytsja, in een gebied dat onder Roemeens bestuur stond tijdens de Tweede Wereldoorlog (Transnistrië).

Concentratiekamp Cupari

Concentratiekamp Cupari

 

Kroatie

Het concentratiekamp Cupari (ook bekend als Kupari) was een interneringskamp in de buurt van Dubrovnik in het door Italië bezette gebied van de Onafhankelijke Staat Kroatië tijdens de Tweede Wereldoorlog.
Het kamp was gevestigd in het Kupari Hotel in de omgeving van Dubrovnik. Het kamp werd voornamelijk gebruikt voor de detentie van Joodse vluchtelingen uit Bosnië en in het bijzonder uit Sarajevo.
Italitaans beheer: Het kamp viel onder het beheer van het Italiaanse VI Legerkorps, dat de regio Dubrovnik controleerde. Samen met nabijgelegen kampen zoals Gravosa (Gruž) en Mezzo Island (Lopud), werden er in de regio in totaal ongeveer 1.800 Joden vastgehouden.

Concentratiekamp Curzola-eiland

Concentratiekamp Curzola-eiland

 

Joegeslavie

Het Italiaanse leger (Seconda Armata) vestigde tijdens de Tweede Wereldoorlog interneringskampen op het Adriatische eiland Korčula (destijds Curzola genoemd, onderdeel van het door Italië bezette Joegoslavië). De kampen bevonden zich in de gelijknamige stad Korčula (Curzola) en in het dorp Vela Luka.Vanaf 1942 werden hier voornamelijk Joodse vluchtelingen uit diverse gebieden geïnterneerd. De kampen maakten deel uit van het Italiaanse interneringssysteem in de bezette gebieden van de Balkan, waar duizenden Joodse vluchtelingen werden vastgehouden.

Concentratiekamp Cyranka

Concentratiekamp Cyranka

 

Polen

Het kamp bij Cyranka (vandaag de dag een wijk van de Poolse stad Mielec) was een nazi-dwangarbeiderskamp dat tijdens de Tweede Wereldoorlog een centrale rol speelde bij de liquidatie van de Joodse gemeenschap in de regio. Verzamelpunt voor deportatie: Op 9 maart 1942 werden de Joden uit Mielec naar de vliegtuighangars in Cyranka gedreven. Ouderen en zieken werden ter plekke geëxecuteerd en begraven in massagraven bij de fabriek. Cyranka fungeerde als een werkkamp voor de nabijgelegen vliegtuigfabriek (vroeger PZL, door de nazi's omgedoopt tot Flugzeugwerk Mielec). Gevangenen werden ingezet voor houtkap, wegenbouw en de productie van Heinkel-bommenwerpers. Van werkkamp naar concentratiekamp: Wat begon als een werkkamp (Zwangsarbeitslager), werd later officieel een subkamp van concentratiekamp Płaszów.

Concentratiekamp Cystyliv

Concentratiekamp Cystyliv

 

Oekraine

Concentratiekamp Czarny Dunajec

Concentratiekamp Czarny Dunajec

 

Polen

In Czarny Dunajec was tijdens de Tweede Wereldoorlog locatie van een werkkamp (Zwangsarbeitslager) Er was een werkkamp genaamd Hobag, waar gevangenen onder erbarmelijke omstandigheden moesten werken. De Joodse begraafplaats in het dorp was het toneel van massa-executies. In mei, juli en eind 1942 werden hier talloze Joodse inwoners en families door de Nazi's standrechtelijk doodgeschoten en begraven in massagraven. De Joodse gemeenschap van Czarny Dunajec werd in augustus 1942 bijna volledig uitgeroeid. De meesten werden gedeporteerd naar het vernietigingskamp Bełżec of overgebracht naar het getto in Nowy Targ.

Concentratiekamp Czchów

Concentratiekamp Czchów

 

Polen

Werkkamp

Concentratiekamp Czechowice-Dziedzice

Czechowice

 

Polen

In Czechowice-Dziedzice bevonden zich tijdens de Tweede Wereldoorlog twee subkampen van het nazi-concentratiekamp Auschwitz. Deze kampen werden in de late zomer en herfst van 1944 opgericht om dwangarbeid te leveren voor de lokale industrie en om schade na geallieerde bombardementen te herstellen.

Tschechowitz I (Bombensucherkommando)
Dit kamp werd in augustus 1944 opgericht na zware Amerikaanse bombardementen op de olieraffinaderij en andere industriële doelen. Het opsporen en onschadelijk maken van niet-ontplofte bommen bij de raffinaderij, de luciferfabriek en het treinstation. Gevangenen: Aanvankelijk bestond de groep uit ongeveer 60 mannen, voornamelijk Duitse gevangenen die later werden vervangen door Joodse gevangenen uit Polen, Frankrijk en Hongarije. De gevangenen werden ondergebracht in een voormalige bierbottelarij.

Tschechowitz II 
Dit subkamp werd in september 1944 opgericht nabij de olieraffinaderij van de Vacuum Oil Company (vandaar de naam).
Dwangarbeid in de raffinaderij, het slopen van beschadigde fabrieksgebouwen, wegenbouw en spoorwegonderhoud. Er zaten ruim 600 Joodse gevangenen, onder wie mensen uit het getto van Litzmannstadt (Łódź) en gedeporteerden uit het getto van Theresienstadt. De gevangenen verbleven in een stenen stal op een boerderij nabij het station.

Toen het Rode Leger in januari 1945 naderde, werden de kampen ontruimd:
Dodenmars: Op 18 januari 1945 werden ongeveer 450 gevangenen gedwongen tot een dodenmars richting Wodzisław Śląski. Op 21 januari 1945 executeerden de SS en SD de resterende zieke gevangenen die niet konden lopen. Slechts enkelen overleefden dit bloedbad

Czechowice - Dziedzice

Czechowice - Dziedzice

 

Polen

In het Poolse Czechowice-Dziedzice bevonden zich tijdens de Tweede Wereldoorlog twee subkampen van het concentratiekamp Auschwitz-Birkenau. Deze kampen werden door de nazi's opgericht om dwangarbeid in te zetten voor de lokale industrie en voor het opruimen van explosieven na bombardementen.
De twee subkampen in Czechowice-Dziedzice
Tschechowitz I (Bombensucherkommando): Augustus - september 1944. Het opsporen en onschadelijk maken van niet-ontplofte Amerikaanse bommen bij de lokale olieraffinaderij na geallieerde luchtaanvallen. Ongeveer 100 gevangenen uit Auschwitz werden voor dit levensgevaarlijke werk ingezet.


Tschechowitz II (Vacuum Oil Company): September 1944 - januari 1945. Gelegen op een boerderij nabij de olieraffinaderij van de Vacuum Oil Company. Dwangarbeid in de raffinaderij, waaronder het opruimen van puin en herstelwerkzaamheden aan de installaties.  Er verbleven ongeveer 600 gevangenen, voornamelijk Joden uit diverse landen zoals Polen, Tsjechië en Hongarije.

Concentratiekamp Czerniejów

Concentratiekamp Czerniejów

 

Polen

Dwangarbeiderskamp.

Czernica

Czernica

 

Polen

Het kamp in Czernica was tijdens de Tweede Wereldoorlog een groot buitenkamp van het naziconcentratiekamp Gross-Rosen. Het kamp was gelegen bij het huidige Czernica in Polen, in de vork van spoorlijnen tussen Miłoszyce en Wrocław (via Nadolice Wielkie en Czernica). Het diende als dwangarbeiderskamp. De gevangenen werkten voornamelijk in de nabijgelegen Jelcz-werkplaatsen van Maschinenfabriken Friedrich Krupp Berthawerk AG.  Gevangenen produceerden daar kanonnen en torpedolanceerinrichtingen.  Er zaten ten minste mannen van verschillende nationaliteiten, waaronder Polen, Joden, Fransen, Belgen, Nederlanders, Russen, Tsjechen en Kroaten.  De sterfte in het kamp was extreem hoog door de erbarmelijke omstandigheden. Schattingen spreken van ongeveer 6000 slachtoffers.

Concentratiekamp Czerwoniec

Concentratiekamp Czerwoniec

 

Polen

Czerwoniec was een arbeidskamp (labor camp) in de buurt van Maków Mazowiecki, Polen, waar tijdens de Holocaust joodse dwangarbeiders werden vastgehouden.
Belangrijke informatie over het kamp Czerwoniec: Het kamp was een van de werkkampen in de regio rond Maków Mazowiecki, samen met locaties in Gąsew, Nowa Wieś en Karniew. Het was een dwangarbeidskamp voor Joden. De gevangenen werkten onder zware omstandigheden. Ongeveer 150 tot 300 Joden werkten in de kampen Gąsew, Czerwoniec, Nowa Wieś en Karniew.
Ontbinding: De meeste joodse inwoners van deze werkkampen werden waarschijnlijk rond de liquidatie van het ghetto van Maków in november 1942 gedeporteerd of vermoord.

Concentratiekamp Częstochowa

Concentratiekamp Częstochowa

 

Polen

Het concentratiekamp Częstochowa, gelegen in Zuid-Polen, bestond voornamelijk uit een getto (opgericht in april 1941) en later dwangarbeidskampen zoals HASAG-Pelcery (1943-1945). Ongeveer 40.000 tot 48.000 Joden werden hier vastgehouden onder barre omstandigheden, waarbij velen dwangarbeid verrichtten in de Duitse wapenindustrie (tanks). Het getto werd in 1942 grotendeels geliquideerd, waarbij de overlevenden naar Treblinka werden gestuurd. Duitsland bezette de stad op 3 september 1939 en initieerde al snel repressieve maatregelen, waaronder de oprichting van een getto in april 1941 om de Joodse bevolking te isoleren.
Dwangarbeidskamp HASAG-Pelcery: Dit kamp, actief van juni 1943 tot januari 1945, maakte gebruik van Joodse dwangarbeiders voor de productie van munitie en andere materialen voor de Duitse oorlogsinspanning. Het lot van de gevangenen: In september-oktober 1942 vond een grootschalige deportatie plaats, waarbij tienduizenden inwoners naar het vernietigingskamp Treblinka werden gedeporteerd.

Czestochowa-gevangenis

Czestochowa-gevangenis

 

Polen

Częstochowa-gevangenis verwijst naar het huidige Huis van Bewaring (Areszt Śledczy) aan de Mirowska-straat, maar de stad kent ook een beladen geschiedenis met nazi-gevangenissen en werkkampen tijdens de Tweede Wereldoorlog. De huidige faciliteit bevindt zich in de wijk Zawodzie en functioneert als een huis van bewaring voor mannen. Geopend in 1931 als staatsgevangenis ter vervanging van de oude arrestcellen in het stadhuis. Vanwege de ligging aan de rivier de Warta kreeg het de bijnaam Vakantie aan de Seine.

Historische Context (Tweede Wereldoorlog)
Tijdens de Duitse bezetting (1939–1945) werden verschillende locaties in de stad gebruikt voor gevangenschap en dwangarbeid:
Niemiecki Zakład Karny: Direct na de inval in 1939 namen de Duitsers de gevangenis aan de Mirowska-straat over voor de opsluiting van Poolse burgers en politieke gevangenen.
Stalag 367: Een krijgsgevangenkamp voor voornamelijk Sovjet-soldaten en later Italiaanse krijgsgevangenen.
HASAG-werkkampen: Er waren vijf grote werkkampen voor Joodse gevangenen, waaronder HASAG-Pelcery, waar tienduizenden mensen onder erbarmelijke omstandigheden munitie moesten produceren.

Concentratiekamp Częstoniew

Concentratiekamp Częstoniew

 

Polen

Tijdens de Tweede Wereldoorlog was Częstoniew (nabij Grójec in Polen) de locatie van een Duits nazi-dwangarbeidskamp. De nazi's gebruikten in dit kamp voornamelijk mensen van Joodse afkomst voor dwangarbeid. Het kamp bevond zich in het dorp Częstoniew, dat onder de gemeente Grójec valt. In de bossen rondom Częstoniew vonden tijdens de bezettingsjaren (1939–1945) massa-executies plaats.

Concentratiekamp Czortków

Concentratiekamp Czortków

 

Oekraine

Czortków (tegenwoordig Chortkiv in Oekraïne) was tijdens de nazi-bezetting in de Tweede Wereldoorlog een locatie waar een joodse gemeenschap werd onderdrukt en vernietigd, voornamelijk via een getto en werkkampen, in plaats van een grootschalig vernietigingskamp. Getto van Czortków: Tijdens de Duitse bezetting werd in fasen een Joods getto opgericht. Veel joodse inwoners werden hier vastgehouden en uiteindelijk gedeporteerd naar vernietigingskampen (zoals Bełżec) of ter plaatse vermoord.

Concentratiekamp Czosnówka

Concentratiekamp Czosnówka

 

Polen

Het kamp in Czosnówka (nabij Biała Podlaska, Polen) was een Joods werkkamp (Zwangsarbeitslager für Juden) dat tijdens de Tweede Wereldoorlog door de Duitse bezetters werd opgezet. De gevangenen werden ingezet voor het verbeteren van grote oppervlakten grasland en moerassen voor landbouwgebruik. Dit omvatte het reguleren van lokale rivieren zoals de Klukówka, Krzna en Muława. Er waren ongeveer 300 Joodse dwangarbeiders in het kamp gedetineerd.

Czwartaki

Czwartaki

 

Oekraine

Czwartaki was een nazi-werkkamp in Lemberg (het huidige Lviv, Oekraïne), dat tijdens de Tweede Wereldoorlog deel uitmaakte van het door Duitsland bezette District Galicië. Het was gelegen in of nabij Lviv, een stad die een centrale rol speelde in de Holocaust in Oost-Galicië.

D

Dabelow

Dabelow

 

Duitsland

Het concentratiekamp Dabelow, vaak aangeduid als Comthurey (aka Dabelow), was een buitenkamp van het concentratiekamp Ravensbrück. Het kamp was gelegen bij het landgoed Comthurey in Mecklenburg, ongeveer 10 kilometer ten noordoosten van het hoofdkamp Ravensbrück, aan de weg van Dabelow naar Wokuhl. Het diende als een SS-proefboerderij (Versuchsgut Comthurey) en werd beheerd door de Deutsche Versuchsanstalt für Ernährung und Verpflegung (DVA), een SS-instelling die onder het SS-Wirtschafts-Verwaltungshauptamt (WVHA) viel. Het landgoed, dat ongeveer 338 hectare besloeg, werd rond de jaarwisseling van 1940-1941 door de SS overgenomen.  Comthurey/Dabelow was een van de vele buitenkampen van het vrouwenconcentratiekamp Ravensbrück, waar vrouwelijke gevangenen dwangarbeid verrichtten. Het landgoedhuis werd gebruikt als buitenverblijf door SS-Obergruppenführer Oswald Pohl, het hoofd van de WVHA.

Concentratiekamp Dąbrowa Górnicza

Concentratiekamp Dąbrowa Górnicza

 

Polen

In de Poolse stad Dąbrowa Górnicza was  de locatie van een nazi-getto en diverse werkkampen voor dwangarbeid. De stad maakte deel uit van het industriegebied Zagłębie Dąbrowskie, dat door de nazi's werd geannexeerd en intensief werd gebruikt voor de oorlogsindustrie. De Duitse bezetting begon op 3 september 1939. In 1940 werd een open getto ingesteld, dat later werd verzegeld. Vanaf het begin van de bezetting werden Joodse mannen ontvoerd voor dwangarbeid in lokale industrieën of transporten naar werkkampen. In mei 1942 vond de eerste grote deportatie naar Auschwitz-Birkenau plaats. Op 5 mei 1942 werden 630 Joden uit de stad direct bij aankomst in Auschwitz vermoord. In juli 1943 werden de laatste 1.000 inwoners gedeporteerd naar het getto van Srodula in Sosnowiec, van waaruit de meesten uiteindelijk naar de vernietigingskampen werden gestuurd.
Werkkampen (Zwangsarbeitslager)
De nazi's vestigden in en rond de stad verschillende werkkampen onder de organisatie Schmelt, die Joodse dwangarbeiders leverde aan Duitse bedrijven en mijnen in de regio. Gevangenen werkten onder erbarmelijke omstandigheden in kolenmijnen en fabrieken. Ongeveer 300 Joden uit Dąbrowa Górnicza overleefden de oorlog, meestal omdat zij in deze verschillende werkkampen waren tewerkgesteld.

Concentratiekamp Dabrowa Górnicza-Golonóg

Concentratiekamp Dabrowa Górnicza-Golonóg

 

Polen

Gołonóg (momenteel een wijk van Dąbrowa Górnicza, in de jaren 40 een dorp in de buurt) was tijdens de Tweede Wereldoorlog geen zelfstandig concentratiekamp, maar was betrokken bij de Holocaust en de vervolging in de regio Zagłębie. In het voorjaar van 1942 werden ongeveer 130 Joden uit Gołonóg herplaatst, een proces dat onderdeel was van de grotere deportaties uit de regio Zagłębie naar de Joodse getto's in Dąbrowa Górnicza en uiteindelijk naar vernietigingskampen. Getto van Dąbrowa Górnicza: De Joodse inwoners van Gołonóg werden overgebracht naar het nabijgelegen getto in Dąbrowa Górnicza, dat diende als een verzamelpunt voor de regio. In mei 1942 vonden er grote deportaties plaats, waarbij de Duitsers honderden mensen uit de regio lieten verzamelen op het plein bij de Joodse raad (Judenrat) om te worden gedeporteerd.

Concentratiekamp Dabrowice

Concentratiekamp Dabrowice

 

Polen

Dąbrowice (Polen): In dit dorp nabij Kutno bestond een eeuwenoude Joodse gemeenschap. Tijdens de Duitse bezetting behoorden de Joden uit Dabrowice tot de gemeenschap in Łęczyca, maar de lokale gemeenschap werd tijdens de Holocaust vernietigd. Er zijn meldingen van inwoners uit Dąbrowice die in kampen zoals Auschwitz zijn omgekomen. Er bestond een Joods getto in Dąbrowica (vroeger Polen, nu Dubrovytsia in Oekraïne). In augustus 1942 werden de Joden uit dit getto naar het nabijgelegen kamp Poleska gebracht en vervolgens vermoord in de bossen van Tutowicze.

Concentratiekamp Dąbrówka

Concentratiekamp Dąbrówka

 

Polen

Executieplaats in de bossen van Dąbrówka: Nabij Poznań (in de bossen van Palędzie en Dąbrówka) vonden tussen 1939 en 1942 massale executies plaats door de Duitsers. Minstens 4.500 Polen, die vaak eerst gevangen werden gehouden in het nabijgelegen Fort VII in Poznań (het eerste concentratiekamp op Pools grondgebied), werden hier vermoord.  In Dąbrówka Wielkopolska bevond zich een Duits munitiedepot dat tijdens de Eerste Wereldoorlog werd gebruikt. In dit dorp vond op 22 januari 1945 een bloedbad plaats waarbij een eenheid van het Rode Leger meer dan 100 mensen (waaronder burgers en Duitse krijgsgevangenen) doodde

Concentratiekamp Dachau

 

Duitsland

Concentratiekamp Dachau was het eerste grootschalige concentratiekamp van het naziregime en opende op 22 maart 1933. Gelegen nabij München, diende het twaalf jaar lang als modelkamp en trainingscentrum voor de SS. In totaal zaten er circa 206.000 mensen vast uit heel Europa. Minstens 41.500 gevangenen overleefden de ontberingen, mishandelingen en medische experimenten niet. Oorspronkelijk bedoeld voor politieke tegenstanders, maar later uitgebreid naar Joden, verzetsstrijders, geestelijken, Roma en Sinti, en homoseksuelen. Er waren 2.068 Nederlanders geregistreerd in het kamp. Op 29 april 1945 werd het kamp bevrijd door Amerikaanse troepen.

Dachau - Entomologisches Institut 

Dachau - Entomologisches Institut 

 

Duitsland

Het Entomologisch Instituut van de Waffen-SS werd in januari 1942 opgericht in het concentratiekamp Dachau op bevel van SS-leider Heinrich Himmler. Het instituut stond onder leiding van de entomoloog Eduard May. Hoewel het instituut officieel bedoeld was voor onderzoek naar de bestrijding van ongedierte dat ziektes zoals tyfus verspreidde onder SS-troepen, bleek uit later onderzoek dat er ook werd gewerkt aan offensieve biologische oorlogsvoering. Het onderzoek richtte zich primair op het bestrijden van luizen, vlooien en muggen om epidemieën onder soldaten en gevangenen te voorkomen. Onderzoekers onderzochten of met malaria besmette muggen vanuit vliegtuigen boven vijandelijk gebied konden worden gedropt. Er werd specifiek gekeken naar muggensoorten die lang zonder voedsel of water konden overleven. Het instituut werd in Dachau gevestigd vanwege de aanwezige medische faciliteiten en de nabijheid van professor Claus Schilling, die in het kamp gruwelijke malaria-experimenten uitvoerde op gevangenen. Het maakte deel uit van de Ahnenerbe, de pseudowetenschappelijke onderzoeksafdeling van de SS die Himmler gebruikte om nazi-ideologieën te onderbouwen. Na de oorlog werd Schilling voor zijn daden geëxecuteerd, terwijl Eduard May zijn carrière in de wetenschap kon voortzetten.

Concentratiekamp Đakovo

Concentratiekamp Đakovo

 

Kroatie

Concentratiekamp Đakovo was een interneringskamp in de Onafhankelijke Staat Kroatië (NDH) dat bestond van december 1941 tot juli 1942. Het kamp was gevestigd in een verlaten meelfabriek in de stad Đakovo en werd gerund door de fascistische Ustaša-beweging. Het kamp was specifiek bedoeld voor de internering van Joodse en in mindere mate Servische vrouwen en kinderen. Het werd opgericht nadat de Joodse gemeenschap in Osijek van de autoriteiten de opdracht kreeg een locatie te vinden voor circa 2.000 gedeporteerden.De omstandigheden waren erbarmelijk, met ernstige overbevolking, honger en uitbraken van infectieziekten zoals tyfus.Liquidatie: In juni en juli 1942 werd het kamp opgeheven. De resterende ongeveer 2.400 gevangenen werden gedeporteerd naar het vernietigingskamp Jasenovac, waar de meesten direct bij aankomst werden vermoord. In tegenstelling tot veel andere kampen, is er in Đakovo een Joodse begraafplaats bewaard gebleven waar slachtoffers van het kamp met hun eigen naam zijn begraven, dankzij de inspanningen van de lokale begrafenisondernemer Stjepan Kolb

Dalgau

Dalgau

 

Rusland

Dalum

 

Duitsland

Kamp Dalum (officieel Lager XII Dalum) was een van de vijftien beruchte Emslandlager in Duitsland, gelegen nabij de grens met Nederland. Het kamp diende tijdens de Tweede Wereldoorlog als strafkamp, krijgsgevangenenkamp en later als buitenkamp van concentratiekamp Neuengamme. Het kamp lag bij het dorp Dalum (gemeente Geeste), tussen de steden Meppen en Lingen, ongeveer 40 kilometer ten oosten van het Nederlandse Hardenberg. In november 1944 werden naar schatting 1.000 tot 3.000 mannen uit Rotterdam naar Dalum gedeporteerd na de grote razzia van 11 november. Zij moesten onder erbarmelijke omstandigheden dwangarbeid verrichten in het veen en de landbouw. Naast de Nederlandse dwangarbeiders zaten er voornamelijk Russische krijgsgevangenen, die door de nazi's extreem slecht werden behandeld en nauwelijks voedsel kregen. Ook Fransen en Denen werden hier gevangen gehouden. De gevangenen werden ingezet voor zware fysieke arbeid, zoals het graven van tankgrachten voor de Friesenwall (een verdedigingslinie tegen een geallieerde invasie) en het ontginnen van het veen.

Damerau 

Damerau 

 

Polen

Het werkkamp Damerau (tegenwoordig het Poolse Dąbrowa) was een buitenkamp (Arbeitskommando) van het nazi-concentratiekamp Stutthof. Het kamp was gevestigd in West-Pruisen, nabij de stad Elbląg (Elbing). Het functioneerde als een subkamp of Arbeitskommando waar gevangenen gedwongen arbeid verrichtten. Het kamp was in ieder geval operationeel in het begin van de oorlog, met gedocumenteerde activiteiten tussen 29 september 1939 en 5 november 1939. Gelegen in het dorp Damerau (Pools: Dąbrowa) in Ermland-Mazurië, Polen.

Dammsmühle

Dammsmühle

 

Duitsland

Het werkkamp bij Schloss Dammsmühle, gelegen in Schönwalde (onderdeel van Wandlitz, nabij Berlijn), was tijdens de Tweede Wereldoorlog een buitenkamp van het concentratiekamp Sachsenhausen. Het kamp diende als een buitencommando (Außenkommando) van KL Sachsenhausen, waarbij dwangarbeiders werden ingezet. Volgens documenten werden er 25 gevangenen tewerkgesteld. De SS, en specifiek het Reichssicherheitshauptamt, maakte gebruik van deze locatie. Het kamp was verbonden aan Schloss Dammsmühle, een kasteel dat een bewogen geschiedenis kent en onder andere in handen was van SS-chef Heinrich Himmler. Het buitencommando was tot juli 1943 actief.

Dampit

 

Oost Java

Het werkkamp Dampit (ook bekend als Soember Gesing) was een Japans straf- en werkkamp op Oost-Java tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het kamp is vooral bekend door de Dampit-affaire, een tragische gebeurtenis waarbij honderden Indische jongens werden vastgezet en misbruikt. Het kamp lag nabij de plaats Dampit, ongeveer 30 kilometer ten zuidoosten van Malang op Oost-Java. De specifieke locatie was de koffieonderneming Soember Gesing. Het kamp werd in 1944 ingericht voor Indo-Europese jongens in de leeftijd van 15 tot 18 jaar. Het was een zwaar strafkamp waar de jongens onder erbarmelijke omstandigheden dwangarbeid moesten verrichten. Ze werden vaak verhoord door de Japanse Politieke Inlichtingen Dienst (PID) op verdenking van verzetsactiviteiten.

Damshöhe

Damshöhe

 

Duitsland

Damshöhe was een buitenkamp (Außenlager) van het concentratiekamp Ravensbrück. Het lag nabij Fürstenberg in de regio Mecklenburg. Gevangenen in dit kamp werden ingezet voor dwangarbeid, waaronder de bouw van stallen.Uit documenten blijkt dat het kamp in ieder geval actief was in 1943. Er is ook melding van een SS-Kavallerie-Ersatz- und Ausbildungs-Abteilung gestationeerd in Damshöhe, wat aansluit bij de bouw van stallen door gevangenen.

Concentratiekamp Danica

Concentratiekamp Danica

 

Kroatie

Het concentratiekamp Danica was een van de eerste concentratiekampen die werden opgericht in de Onafhankelijke Staat Kroatië (NDH) tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het kamp was gevestigd in een voormalige chemische fabriek in de buurt van Koprivnica. Het kamp werd opgericht op 15 april 1941 door het Ustaša-regime, kort na de oprichting van de NDH. Danica diende als een concentratie- en vernietigingskamp. De gevangenen bestonden voornamelijk uit Serviërs, Joden, Roma en politieke tegenstanders van het fascistische Ustaša-regime. Tussen april 1941 en september 1942 werden ongeveer 5.600 mensen in het kamp geïnterneerd. Velen van hen werden later overgebracht naar andere kampen, waaronder Jasenovac, of direct vermoord. Het kamp werd in september 1942 gesloten.

Danzig - Holm

Danzig - Holm

 

Polen

Danzig-Holm (Gdańsk-Ostrów) was een buitenkamp van het concentratiekamp Stutthof, gelegen bij de scheepswerf in de regio Danzig. Vanaf 16 oktober 1944 werden hier ongeveer 100 Joodse vrouwen tewerkgesteld in de scheepswerf van de Duitse marine. Het kamp was onderdeel van het grotere Stutthof-systeem, dat het eerste naziconcentratiekamp buiten de Duitse grenzen was, gelegen in de buurt van het huidige Sztutowo in Polen.Context: Danzig-Holm was een van de vele subkampen die werden beheerd door de SS om dwangarbeid te leveren aan de nazi-oorlogsmachine

Danzig - Langfuhr

Danzig - Langfuhr

 

Polen

Danzig-Langfuhr was een van de vele buitenkampen (subcamps) die vielen onder het hoofdconcentratiekamp Stutthof, gelegen nabij de toenmalige Vrije Stad Danzig (het huidige Gdańsk in Polen). Langfuhr (tegenwoordig Wrzeszcz) is een wijk in het noordelijke deel van Gdańsk, Polen. Het kamp diende als een buitenkamp voor dwangarbeid. Dit specifieke buitenkamp werd waarschijnlijk op 2 december 1941 opgeheven

Danzig - Neufahrwasser

Concentratiekamp Danzig-Neufahrwasser

 

Polen

Concentratiekamp Danzig-Neufahrwasser was een van de vroege nazi-gevangenkampen in de voormalige Vrije Stad Danzig (het huidige Gdańsk, Polen). Het kamp speelde een cruciale rol in de eerste maanden van de Tweede Wereldoorlog bij de vervolging van de Poolse elite en verzetsmensen. Het kamp was gevestigd in een voormalig militair depot in de havenwijk Neufahrwasser (nu Nowy Port).Het werd direct na de Duitse inval in Polen geopend op september 1939 en bleef in gebruik tot ongeveer maart 1940. Het diende oorspronkelijk als een Zivilgefangenenlager (kamp voor civiele gevangenen). Veel gevangenen werden hier tijdelijk vastgehouden voordat ze werden gedeporteerd naar het grotere Concentratiekamp Stutthof, dat 34 kilometer verderop lag. De populatie bestond voornamelijk uit de Poolse intelligentsia, geestelijken, politici en leden van de Poolse minderheid in Danzig die als een bedreiging voor de nazi-bezetter werden gezien.

Danzig - Ohra 

Danzig - Ohra 

 

Polen

Danzig-Ohra (het huidige Orunia in Gdańsk, Polen) was tijdens de Tweede Wereldoorlog een locatie waar nazi-Duitsland kampen en gerelateerde faciliteiten in de regio Danzig exploiteerde. Hoewel het nabijgelegen Stutthof het primaire en grootste concentratiekamp in de regio was, maakten Ohra en Westerplatte deel uit van een breder netwerk van detentie en repressie.

Danzig - Oliva

Danzig - Oliva

 

Polen

Danzig-Oliva (Gdańsk-Oliwa) was een buitenkamp van het naziconcentratiekamp Stutthof tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het kamp bevond zich in de wijk Oliva (Oliwa) in Danzig (nu Gdańsk, Polen). Gevangenen van het kamp werden tewerkgesteld bij de Huth-rijschool (Huth-Reitschule). Danzig-Oliva was een van de vele subkampen die door de nazi's waren opgezet in de omgeving van het hoofdkamp Stutthof, dat ten oosten van Danzig lag.

Danzig - Schellmühl

Danzig - Schellmühl

 

Polen

Danzig-Schellmühl (tegenwoordig Młyniska, een wijk in Gdańsk, Polen) was een subkamp van het concentratiekamp Stutthof, dat actief was tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het kamp functioneerde als een dwangarbeiderskamp onder het administratieve toezicht van het hoofdconcentratiekamp Stutthof. Schellmühl was gelegen in de regio Danzig (Gdańsk).Gevangenen werden tewerkgesteld bij lokale bedrijven. Specifiek wordt de Hans Carstens particuliere vleesimport-exportfirma genoemd, waar een detachement gevangenen werkte. Een andere subcontractor was de vatenfabriek van Otto Jost (Fassfabrik).

Danzig - Schichau-Werft

Danzig - Schichau-Werft

 

Polen

Het buitenkamp Danzig-Schichau-Werft was een subkamp van het naziconcentratiekamp Stutthof, dat specifiek was opgezet voor dwangarbeid in de scheepsbouw in Danzig (nu Gdańsk, Polen). Het kamp werd opgericht op 13 september 1944 (volgens een bevel van 12 september 1944).Het was gelegen bij de Schichau-Werft scheepswerf in Danzig. Ongeveer 500 Joodse vrouwen werden vanuit het hoofdkamp Stutthof via Fischerbabke (Rybina) per schip naar de werf gebracht. De gevangenen werden ingezet voor dwangarbeid ten behoeve van de Duitse oorlogsproductie. De leiding was in handen van SS-Oberscharführer Hans Wansel, bijgestaan door 20 vrouwelijke bewakers.

Danzig - SS-Hauptversorgungslager

Danzig - SS-Hauptversorgungslager

 

Polen

Dit was een specifieke SS-faciliteit, een klein detachement (arbeitslager) verbonden aan de SS-hoofdvoorzieningsdienst. Het betrof een detachement met een relatief klein aantal gevangenen,  gelinkt aan logistieke of arbeidstaken voor de SS in de regio Danzig.

Danzig - SS-Oberabschnitt Weichsel

Danzig - SS-Oberabschnitt Weichsel

 

Polen

SS-Oberabschnitt Weichsel was een administratieve eenheid van de SS die verantwoordelijk was voor het toezicht op onder meer de financiering en het beheer van kampen in de regio Danzig-West-Pruisen.

Danzig - Troyl

Danzig - Troyl

 

Polen

Het concentratiekamp Danzig-Troyl, ook bekend als Danziger-Werft, was een bijkamp van het concentratiekamp Stutthof. Het kamp was gelegen in de buurt van Danzig (het huidige Gdańsk in Polen). Het kamp werd opgericht op 25 augustus 1944 in opdracht van de commandant van het hoofd-concentratiekamp Stutthof. Het kamp was gesitueerd bij de Danziger-Werft (scheepswerf van Danzig) in het gebied Troyl. Het was een van de vele bijkampen die tijdens de Tweede Wereldoorlog door de SS werden beheerd ten behoeve van dwangarbeid, in dit geval gerelateerd aan scheepsbouw of reparaties op de werf. Danzig-Troyl maakte deel uit van het uitgebreide netwerk van subkampen van KL Stutthof, dat in 1939 begon als een kamp voor burgers en later uitgroeide tot een groot concentratiekamp.

Danzig - Viktoriaschule

Danzig - Viktoriaschule

 

Polen

De Viktoriaschule in Danzig (tegenwoordig Gdańsk) diende in de eerste dagen van de Tweede Wereldoorlog als een tijdelijk overgangskamp voor gevangengenomen Polen.  De school was zelf een verzamelpunt waar de eerste selecties en mishandelingen plaatsvonden voordat gevangenen werden gedeporteerd naar kampen zoals Stutthof. De school is gevestigd aan de ul. Kładki 24 in Gdańsk.Direct na de Duitse inval op 1 september 1939 werd het gebouw door de SS en politie gebruikt om de Poolse intelligentsia, politici, geestelijken en Joden uit de Vrije Stad Danzig op te pakken en vast te zetten. In de eerste twee weken na de inval werden hier naar schatting 6.000 mensen vastgehouden onder erbarmelijke omstandigheden, waarbij velen werden gemarteld.

Danzig - Westerplatte

Danzig - Westerplatte

 

Polen

Westerplatte in Danzig (Gdańsk) was in de eerste plaats het toneel van de Slag om Westerplatte, het officiële begin van de Tweede Wereldoorlog op 1 september 1939. Hoewel Westerplatte zelf geen groot concentratiekamp was zoals het nabijgelegen Stutthof, werd er na de Poolse overgave in maart 1940 een buitencommando (subkamp) van Stutthof gevestigd. Een kleine Poolse eenheid van 188 militairen hield hier zeven dagen stand tegen een overweldigende Duitse overmacht. Dit was een werkkamp (subkamp) van het Concentratiekamp Stutthof. Gevangenen werden hier ingezet voor zware dwangarbeid, zoals het slopen van de Poolse vestingwerken en het laden van schepen

Danzig - Ziegankenberg

Danzig - Ziegankenberg

 

Polen

Het concentratiekamp Danzig-Zigankenberg (ook wel Ziegankenberg) was een buitenkamp van het grotere concentratiekamp Stutthof. Het kamp was gelegen in de regio Danzig (het huidige Gdańsk in Polen). Het functioneerde als een buitenkamp (Außenlager) van het hoofdcomplex KL Stutthof.Locatie: Het bevond zich in het gebied van de vrije stad Danzig (tegenwoordig Gdańsk, Polen). Het kamp was actief tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Darmo-wijkkamp

 

Java
Het Darmo-wijkkamp in Soerabaja (Java) was een Japans interneringskamp tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het kamp bestond uit een afgezet deel van de Europese woonwijk Darmo en diende in verschillende periodes als burgerkamp, voornamelijk voor vrouwen en kinderen.
Een woonwijk in het zuiden van Soerabaja, nabij de Europese begraafplaats Kembang Koening. Juni 1942 – april 1944: Fungeerde als vrouwenkamp waar op het hoogtepunt circa 6.600 vrouwen en kinderen gevangen zaten. In april 1944 werd het kamp ontruimd en werden de gevangenen overgebracht naar kampen in Midden-Java, zoals Ambarawa en Banyu Biru.

Darmstadt

Darmstadt

 

Duitsland

Darmstadt was een centraal punt voor deportaties en huisvestte verschillende kleinere kampfaciliteiten. Vanaf 1942 werden Joodse inwoners uit de regio Darmstadt samengebracht in de voormalige Liebigschule (nu de Justus-Liebig-Schule). Vanuit dit verzamelpunt werden zij gedeporteerd naar vernietigingskampen zoals Auschwitz en Theresienstadt. Buitencommando's (Außenlager): Er waren locaties in en nabij Darmstadt die fungeerden als buitenkampen voor dwangarbeid. In november 1944 is er bijvoorbeeld melding van een lijst met Poolse vrouwen in een Darmstadt-faciliteit.

Daudenzell

Daudenzell

 

Duitsland

Concentratiekamp Daudenzell (ook bekend als kamp Asbach) was een buitenkamp (Außenlager) van het concentratiekamp Natzweiler-Struthof. Het bevond zich in de Duitse deelstaat Baden-Württemberg, nabij de dorpen Daudenzell en Asbach. Hoewel het kamp op het grondgebied van Daudenzell lag, werd het vaak het kamp Asbach genoemd omdat het dichter bij dat dorp lag. Het kamp maakte deel uit van het zogenaamde Neckarlager-complex. De gevangenen werden ingezet voor dwangarbeid, met name voor de bouw van barakken voor werknemers van Daimler-Benz.De gevangenen waren voornamelijk mannen die onder erbarmelijke omstandigheden moesten werken en leven. Onderdeel van een netwerk: Het was een van de vele subkampen van Natzweiler-Struthof, een kampcomplex dat bekend stond om het regime van Nacht und Nebel, waarbij gevangenen spoorloos moesten verdwijnen.

Concentratiekamp Daugėliai

Concentratiekamp Daugėliai

 

Litouwen

Het concentratiekamp Daugėliai was een werkkamp in Litouwen, dat functioneerde als een subkamp of satellietkamp van het Šiauliai-getto (ook bekend als Shavl of Shavli) Het kamp lag in Daugėliai, Litouwen. De omstandigheden waren extreem zwaar, met gevangenen die in een stal zonder elektriciteit of water woonden. Het diende als een dwangarbeidskamp voor Joden uit het Šiauliai-getto. Op 12 december 1943 beval de commandant van het nabijgelegen Akmenė-kamp (ook ondergeschikt aan Šiauliai) de arrestatie en vernietiging van de daar aanwezige Joodse kinderen. In juli 1944, tijdens de liquidatie van het Šiauliai-getto, werden kinderen en ouderen uit verschillende kampen, waaronder Daugėliai en Pavenčiai, gedeporteerd. Daugėliai was onderdeel van het bredere netwerk van dwangarbeidskampen die onder beheer van de nazi-SS kwamen nadat het Šiauliai-getto in september 1943 werd omgevormd tot een concentratiekamp.

Dautmergen

 

Duitsland

Concentratiekamp Dautmergen was het grootste van de zeven zogenaamde Wüste-kampen, gelegen nabij Schömberg in Zuidwest-Duitsland. Het fungeerde als een buitenkamp van het concentratiekamp Natzweiler-Struthof. De gevangenen werden ingezet als dwangarbeiders voor de winning van olie uit oliesalie (mineraalwinning) in de nabijgelegen bergen. Dit project (Unternehmen Wüste) moest de brandstoftekorten van nazi-Duitsland aan het einde van de oorlog oplossen. Het kamp stond bekend om zijn extreem zware leefomstandigheden en hoge sterftecijfer. Het was aangewezen als een Nacht und Nebel-kamp, bedoeld om politieke gevangenen en verzetsmensen spoorloos te laten verdwijnen. Er verbleven gemiddeld zo'n 3.000 gevangenen tegelijk. Onder hen bevonden zich veel Nederlandse verzetsmensen, waaronder  Floris Bakels. Het kamp was operationeel van augustus 1944 tot de bevrijding in april 1945

Dedinje 

Dedinje

 

Servie

Het concentratiekamp Dedinje, beter bekend als het concentratiekamp Banjica (Servisch: Logor Banjica), was een berucht nazikamp in de wijk Dedinje in Belgrado tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het kamp was gevestigd in de voormalige kazernes van het 18e Infanterieregiment in de buitenwijk Dedinje. Het was operationeel van juli 1941 tot oktober 1944. Het kamp stond onder gezamenlijk beheer van de Duitse Gestapo en de Servische collaboratie-politie van het regime van Milan Nedić. Het kamp diende als verzamelpunt voor politieke tegenstanders, communisten, joden, Roma en gijzelaars die vaak werden vastgehouden voor massa-executies als vergelding voor verzetsdaden. Naar schatting werden er ongeveer 30.000 mensen vastgehouden, van wie er duizenden werden geëxecuteerd op nabijgelegen locaties zoals Jajinci.

Derendorf

Derendorf

 

Duitsland

Concentratiekamp Düsseldorf-Derendorf (ook bekend onder de codenamen Berta of Borsig) was een buitenkamp (Aussenlager) van concentratiekamp Buchenwald. Het kamp was actief van 1 september 1944 tot 3 maart 1945 en bevond zich in de wijk Derendorf in Düsseldorf. De gevangenen werden ondergebracht in een kantoorgebouw van de wapenfabrikant Rheinmetall-Borsig AG aan de Gneisenaustraße 54.Er verbleven ongeveer 400 tot 600 Joodse mannen, van wie velen kort daarvoor vanuit Auschwitz via Buchenwald waren getransporteerd.De gevangenen moesten onder erbarmelijke omstandigheden werken in de fabrieken van Rheinmetall-Borsig om de Duitse oorlogsindustrie te ondersteunen. Naast het werkkamp was het goederenstation in Derendorf een cruciaal punt voor de deportatie van Joden uit het gehele Rijnland naar vernietigingskampen in het oosten

Dernau

Dernau

 

Duitsland

Het kamp in Dernau, vaak aangeduid als Rebstock (of RS, RB, Massnahme), was een buitenkamp van het concentratiekamp Buchenwald tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het kamp lag nabij Dernau en Marienthal aan de Ahr, in een smal dal in de Eifel. Het kamp was in gebruik van 21 augustus 1944 tot 13 december 1944. Dwangarbeiders werden ingezet voor de productie van V2-raketten in ondergrondse tunnels (Kuxberg-tunnel). Het kampement bestond uit verschillende kampcategorieën, waaronder militaire geïnterneerden en dwangarbeiders.

Dessau 

Dessau 

 

Duitsland

Vanaf oktober 1944 was er in de stad Dessau wel een buitenkamp van het concentratiekamp Buchenwald gevestigd bij de Dessauer Waggonfabrik. Daarnaast speelde de stad een lugubere rol in de holocaust omdat het bedrijf Degesch in Dessau de productie van het gifgas Zyklon B beheerde, dat werd gedistribueerd naar vernietigingskampen zoals Auschwitz. Dit subkamp werd in oktober 1944 opgericht om dwangarbeid te verrichten in de wapenindustrie (met name de Waggonfabrik).Zyklon B: Dessau was de locatie waar Zyklon B werd geproduceerd en opgeslagen voordat het naar de gaskamers in Auschwitz-Birkenau en andere kampen werd gestuurd. Naast het concentratiekamp waren er in de stad diverse andere werkkampen en dwangarbeiders actief, onder meer bij de Junkers-vliegtuigfabrieken

Deutsch Lissa

Deutsch Lissa

 

Polen

Het kamp Breslau-Lissa (tegenwoordig Wrocław-Leśnica in Polen) was een Duits concentratiekamp, specifiek een buitenkamp (subcamp), dat medio augustus 1942 werd opgericht. Het kamp bevond zich in Lissa, destijds een voorstad van Breslau (Silezië, Duitsland), nu het stadsdeel Leśnica in Wrocław, Het diende als een buitenkamp (subcamp) van een groter concentratiekamp.

Deutschoth / Gau Westmark

Deutschoth / Gau Westmark

 

Frankrijk

Het concentratiekamp Deutschoth, ook bekend als Audun-le-Tiche (in het Frans) of Rowa, was een buitenkamp van het naziconcentratiekamp Natzweiler-Struthof. Het kamp bevond zich in Audun-le-Tiche (Duits: Deutschoth), gelegen in het huidige Franse departement Moselle. Tijdens de Tweede Wereldoorlog viel dit gebied onder de administratieve divisie Gau Westmark van nazi-Duitsland.Functie: Het was een onderafdeling (Unterkommando) van het Arbeitskommando Longwy-Thil, dat deel uitmaakte van het Natzweiler-netwerk. Het kamp werd geopend tussen 24 en 30 augustus 1944.Er waren maximaal 100 mannelijke gevangenen werkzaam in dit kamp. De gevangenen werden ingezet voor dwangarbeid.

Deutz

Deutz

 

Duitsland

In Köln-Deutz bevonden zich tijdens de Tweede Wereldoorlog meerdere (buiten)kampen die verbonden waren aan het concentratiekampsysteem van de nazi's. Het bekendste was het Messelager Köln, gelegen op het terrein van de Keulse Jaarbeurs (Messe).

Messelager Köln (Messegelände) Dit was een complex van verschillende kampen op het Jaarbeursterrein aan de rechteroever van de Rijn.KZ-Außenlager Buchenwald (SS-Baubrigade III): Van september 1942 tot mei 1944 waren hier ongeveer 1.000 tot 1.300 gevangenen ondergebracht. Zij werden gedwongen tot gevaarlijk werk, zoals het ruimen van puin en het onschadelijk maken van blindgangers na bombardementen.

Sammellager voor deportaties: De Messe diende als centraal verzamelpunt voor de deportatie van Joden en Sinti en Roma uit het Rijnland naar vernietigingskampen in het oosten.Andere functies: Het terrein huisvestte ook een krijgsgevangenenlager, een Arbeitserziehungslager van de Gestapo en kampen voor civiele dwangarbeiders.

Außenlager Westwaggon Op het terrein van de fabriek Westwaggon (Vereinigte Westdeutsche Waggonfabriken AG) aan de Deutz-Mülheimer Straße bevond zich vanaf september 1944 een ander buitenkamp van Buchenwald.Gevangenen: Ongeveer 200 mannen (voornamelijk uit de Sovjet-Unie, maar ook uit Nederland, Frankrijk en Polen) werkten hier in 12-uursdiensten aan de productie van onderdelen voor tanks en onderzeeërs.De gevangenen verbleven eerst in een stenen gebouw en later, na bombardementen, in een kelder zonder ramen, bedden of toiletten

Concentratiekamp De Vecht

Concentratiekamp De Vecht

 

Nederland

Kamp De Vecht was tijdens de Tweede Wereldoorlog een Nederlands werkkamp gelegen bij Dalfsen in Overijssel. Vanaf april 1941 deed het dienst als werkkamp voor werklozen, waar zij grond moesten egaliseren. Joodse dwangarbeid: Vanaf 25 april 1942 werd het een werkkamp specifiek voor Joodse mannen.Het kamp was gelegen bij het dorp Dalfsen. Er was plaats voor 192 mensen. Op 3 oktober 1942 werden de bewoners van het kamp gedeporteerd naar kamp Westerbork, en vervolgens naar vernietigingskampen.

Concentratiekamp Dęba

Concentratiekamp Dęba

 

Polen

Arbeitslager Dęba: In de omgeving van Dęba bevond zich een werkkamp voor Joodse gevangenen. Dit kamp was direct verbonden met het enorme militaire oefenterrein van de SS, de SS-Truppenübungsplatz Heidelager.

Concentratiekamp Dębica

Concentratiekamp Dębica

 

Polen

Het concentratie- en werkkamp in de buurt van Dębica (in Zuidoost-Polen) was primair gevestigd in Pustków, een dorp vlakbij Dębica. Dit kamp maakte deel uit van het SS-oefenterrein Truppenübungsplatz Heidelager. Het diende als dwangarbeiderskamp waar gevangenen werden ingezet voor de bouw van militaire faciliteiten, waaronder de V2-rakettestlocatie in Blizna. Tussen 1940 en 1944 zijn hier naar schatting meer dan 15.000 mensen omgekomen, waaronder circa 7.500 Joden, 5.000 Sovjet-krijgsgevangenen en 2.500 Polen. Góra Śmierci (Doodsberg): In Pustków-Osiedle bevindt zich de Góra Śmierci, een heuvel waar de lichamen van de slachtoffers werden gecremeerd

Concentratiekamp Deblin

Concentratiekamp Deblin

 

Polen

In Dęblin (Polen) bevond zich tijdens de Tweede Wereldoorlog een complex van dwangarbeidskampen en een berucht krijgsgevangenenkamp.Dwangarbeidskampen voor Joden: Tussen 1941 en 1944 waren er in Dęblin en de aangrenzende wijk Irena vijf werkkampen. De gevangenen moesten onder zware omstandigheden werken voor de Duitse Luftwaffe, onder meer op het plaatselijke vliegveld en bij de spoorwegen.Stalag 307: Dit was een groot kamp voor krijgsgevangenen (Stammlager), gevestigd in de 19e-eeuwse vesting van Dęblin. Vooral Sovjet-krijgsgevangenen werden hier onder erbarmelijke omstandigheden vastgehouden; tienduizenden van hen stierven door uithongering, ziekte en executies. Het Ghetto van Dęblin-Irena: Naast de kampen was er een ghetto van waaruit duizenden Joden werden gedeporteerd naar vernietigingskampen zoals Treblinka en Sobibór.Overlevingskans: Ondanks de verschrikkingen was het werkkamp bij het vliegveld een van de weinige plekken in het district Lublin waar honderden Joden de Holocaust wisten te overleven, omdat hun arbeid als essentieel werd beschouwd voor de Duitse oorlogsmachine.

Concentratiekamp Dęblin-Stava

Concentratiekamp Dęblin-Stava

 

Polen

Het kamp Dęblin-Stava was een nazi-werkkamp (arbeitslager) gelegen in de omgeving van Dęblin-Irena in Polen, actief tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het kamp maakte deel uit van een netwerk van dwangarbeiderskampen in de regio Lublin en was specifiek gericht op de exploitatie van Joodse dwangarbeid. Het kamp bevond zich in of nabij Dęblin, een stad in het district Lublin, Polen. Tussen 1941 en 1942 richtten de Duitsers meerdere werkkampen op in de omgeving van Dęblin-Irena, waarvan Dęblin-Stava er een was.Het was een werkkamp (Arbeitslager) waar Joodse gevangenen uit de regio en de nabijgelegen getto's (zoals Ciepielów) werden ondergebracht voor dwangarbeid.Hoewel de omstandigheden wreed waren, wordt Dęblin-Stava ook genoemd als een van de weinige werkkampen in het Lublin-district waar een beperkt aantal Joden erin slaagde de Holocaust te overleven. Het kamp stond bekend als een van de werkkampen die verband hielden met het vliegveld in de regio (Dęblin-Irena) en maakte deel uit van het bredere Endlösung-systeem in het bezette Polen.

Concentratiekamp Debsk

Concentratiekamp Debsk

 

Polen

Concentratiekamp Dedinje

Concentratiekamp Dedinje

 

Servie

Het concentratiekamp Dedinje, beter bekend als het Concentratiekamp Banjica, was een nazi-concentratiekamp in Belgrado, Servië, tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het kamp werd in juli 1941 opgericht in de wijk Banjica (onderdeel van de voorstad Dedinje) en functioneerde tot oktober 1944. Het kamp stond onder controle van de Duitse Gestapo en de Servische politie (gesteund door de collaborerende autoriteiten). Het werd opgezet als een centrale plek om gijzelaars vast te houden, die vaak werden geëxecuteerd als represaillemaatregel tegen verzetsacties. Banjica was een van de belangrijkste kampen in bezet Servië en huisvestte diverse groepen, waaronder communisten, anti-fascisten, Servische patriotten, intellectuelen, en ook een groot aantal Joden en Roma. Het diende als een opvangkamp (Dedinje Reception Camp) voor mensen die als een bedreiging voor de Duitse bezetter werden beschouwd. Het kamp was het langst functionerende kamp in bezet Servië, actief vanaf de zomer van 1941 tot aan de bevrijding van Belgrado in 1944.Banjica was samen met het kamp Sajmište (Semlin) een van de voornaamste nazikampen in de regio Belgrado

Concentratiekamp Degeš pri Nitre

Concentratiekamp Degeš pri Nitre

 

Slowakije

Het concentratie- en dwangarbeidskamp Degeš (tegenwoordig Rastislavice), gelegen in de buurt van Nitra in Slowakije, functioneerde tijdens de Tweede Wereldoorlog als een plek van Joodse vervolging. Gelegen in het district Nitra, 72 kilometer ten oosten van Bratislava. Het dwangarbeidskamp voor Joden in Degeš werd geopend in juli 1942. Het kamp diende als een werkcentrum waar Joden dwangarbeid moesten verrichten. Degeš was een van de vele interneringscentra in de Slowaakse Republiek (1939-1945) onder toezicht van de autoriteiten.

Concentratiekamp Demekh

Concentratiekamp Demekh

 

Wit Rusland

Het kamp Demekh was een gevangenkamp in Wit-Rusland tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Concentratiekamp Demnja

Concentratiekamp Demnja

 

Oekraine

Het concentratiekamp Demnja (ook wel gespeld als Demnia of Demnya) was een nationaalsocialistisch dwangarbeidskamp voor Joden tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het kamp bevond zich in de buurt van het dorp Narajiw (Naraiv), in de huidige oblast Ternopil in West-Oekraïne (destijds onderdeel van het district Galicië in het Generaal-Gouvernement). Het kamp diende als een werkkamp waar Joodse gevangenen uit de omliggende getto's (zoals die van Brzezany) werden ingezet voor zware fysieke arbeid. Zoals in de meeste dwangarbeidskampen in de regio Galicië, waren de omstandigheden in Demnja extreem wreed, met een gebrek aan voedsel, medische zorg en brute behandeling door de kampbewakers.Gevangenen die niet langer in staat waren om te werken, werden vaak ter plekke geëxecuteerd of gedeporteerd naar vernietigingskampen, met name Belzec.

Concentratiekamp Derebcin

Concentratiekamp Derebcin

 

Hongarije

Debrecen, de stad speelde tijdens de Tweede Wereldoorlog een cruciale rol als verzamelpunt en doorgangslocatie voor de Holocaust in Hongarije. Het Ghetto van Debrecen: Na de Duitse bezetting van Hongarije in maart 1944 werd in Debrecen een ghetto opgericht waar de Joodse bevolking van de stad en de omliggende regio werd samengebracht.In juni 1944 werden de Joden vanuit het ghetto gedeporteerd. De meesten werden naar Auschwitz-Birkenau gestuurd, waar velen direct bij aankomst werden vermoord. Strasshof-groep: Een deel van de gedeporteerden uit Debrecen (ongeveer 6.000 mensen) kwam niet in Auschwitz terecht, maar werd naar het werkkamp Strasshof in Oostenrijk gestuurd, waar de overlevingskansen groter waren. Voorafgaand aan de massale deportaties werden veel Joodse mannen uit de stad ingezet in dwangarbeidbataljons voor het Hongaarse leger. Van de circa 12.000 Joden die voor de oorlog in Debrecen woonden, kwamen er ongeveer 6.000 om in concentratiekampen of tijdens dwangarbeid

Concentratiekamp Deutsch Petersdorf

Concentratiekamp Deutsch Petersdorf

 

Polen

Het kamp in Deutsch Petersdorf (tegenwoordig Piechowice, Polen) was een Zwangsarbeitslager für Juden (dwangarbeitskamp voor Joden) dat tijdens de Tweede Wereldoorlog actief was. Het kamp bevond zich in Deutsch Petersdorf (Nemecke Petrovice), in het toenmalige Neder-Silezië (Landkreis Jelenia Góra), wat nu deel uitmaakt van Polen.Het was geclassificeerd als een Zwangsarbeitslager für Juden (Zwangs-AL). Het kamp werd geopend in september 1941 en sloot in december 1941.

Concentratiekamp Deutscheneck

Concentratiekamp Deutscheneck

 

Koblenz, Duitsland

Kampen in de buurt van Koblenz: SS-Sonderlager Hinzert: Een concentratiekamp in de buurt van Trier, relatief dicht bij Koblenz.

Kamp Rheindahlen: Een werkkamp in de regio.

Concentratiekamp Deutschhöhe

Concentratiekamp Deutschhöhe

 

Polen

Deutschhöhe was een nazi-dwangarbeiderskamp voor Joden dat bestond tussen 1941 en 1943. Het kamp bevond zich in de regio Mark Brandenburg (destijds onderdeel van het Duitse Rijk, tegenwoordig gelegen in Polen) en maakte deel uit van een netwerk van kampen die werden ingezet voor de aanleg van de Reichsautobahn. Het kamp diende als een Zwangsarbeitslager (ZAL) waar gevangenen onder erbarmelijke omstandigheden dwangarbeid verrichtten voor infrastructurele projecten, specifiek de bouw van snelwegen. De populatie bestond voornamelijk uit Joden, onder andere afkomstig uit het getto van Litzmannstadt (Łódź) en Sompolno. Het kamp lag nabij plaatsen als Tirschtiegel (nu Trzciel) en Przychodzko in het huidige Polen. Het kamp stond onder toezicht van de SS en de politiechef (SS- und Polizeiführer).

Concentratiekamp Deutschkreutz

Concentratiekamp Deutschkreutz

 

Oostenrijk

In het Oostenrijkse Deutschkreutz (nabij de grens met Hongarije) bevond zich tijdens de Tweede Wereldoorlog een dwangarbeidskamp waar voornamelijk Hongaarse Joden werden vastgehouden, was het een werkkamp dat onderdeel was van de bouw van de Südostwall, een verdedigingslinie tegen het naderende Rode Leger. Het kamp was actief van november 1944 tot maart 1945. Eind november 1944 kwamen ongeveer 1.500 Joodse vrouwen aan uit Hongarije. Zij bleken vaak ongeschikt voor het zware graafwerk en werden grotendeels vervangen door ongeveer 1.800 Joodse mannen. Gevangenen werden ondergebracht in provisorische verblijven zoals schuren (Schaflerhof), stallen en gebouwen nabij het station. De omstandigheden waren erbarmelijk. Gevangenen stierven door uitputting, honger, kou en mishandeling. Er zijn meldingen dat grafstenen van de lokale Joodse begraafplaats werden gebruikt als bouwmateriaal voor schuilplaatsen. In de korte periode dat het kamp bestond, kwamen honderden mensen om het leven. Op de Joodse begraafplaats van Deutschkreutz bevindt zich een massagraf met 284 slachtoffers die daar in de laatste maanden van 1944 zijn begraven. Vóór de oorlog had Deutschkreutz (ook bekend onder de Hebreeuwse naam Zelem) een bloeiende Joodse gemeenschap, een van de beroemde Siebengemeinden (Zeven Gemeenten) van Burgenland. In 1938, na de Anschluss, werden de lokale Joden verdreven en hun bezittingen onteigend. De synagoge werd in 1941 door de nazi's verwoest

Concentratiekamp Devínska Nová Ves

Concentratiekamp Devínska Nová Ves

 

Slowakije

Devínska Nová Ves, een voorstad van Bratislava in Slowakije, was tijdens de Holocaust en de Tweede Wereldoorlog een locatie waar een dwangarbeidskamp voor Joden was gevestigd, onderdeel van het bredere Slowaakse kampensysteem. In 1942 werden ongeveer 68 Joodse dwangarbeiders naar een werkkamp in Devínska Nová Ves gestuurd. Het aantal dwangarbeiders in dit kamp schommelde tussen de 60 en 75 mannen, geboren tussen 1917 en 1920. Hoewel Sereď, Nováky en Vyhne de drie voornaamste concentratie- en werkkampen in Slowakije waren, viel Devínska Nová Ves onder de kleinere, gespecialiseerde werkkampen (Pracovné stredisko pre Židov) die onder centraal toezicht van het Slowaakse Ministerie van Binnenlandse Zaken stonden.De Hlinka-garde (Hlinkova garda) hield toezicht op de dwangarbeiders.

Dieburg

 

Duitsland

De officiële naam was Strafgefangenenlager Rodgau-Dieburg. Dit was een nazi-strafkamp (ook wel Emslandlager-type genoemd) dat bestond uit meerdere subkampen in de regio Hessen, Het hoofdkwartier bevond zich in de stad Dieburg, maar het bekendste subkamp was Lager II (Rollwald) in Nieder-Roden.Actief van april 1938 tot de bevrijding door Amerikaanse troepen in maart 1945. Het kamp was primair bedoeld voor strafgevangenen (vaak veroordeeld door nazi-rechtbanken) die gedwongen werden tot zware arbeid in de landbouw en drainageprojecten. Er zaten zowel Duitse politieke gevangenen als mensen uit bezette gebieden, waaronder Nederlanders, Belgen en Fransen

Concentratiekamp Diestelberg

Concentratiekamp Diestelberg

 

Polen

Concentratiekamp Dimitravas

Concentratiekamp Dimitravas

 

Litouwen

Het Dimitravas-werkkamp (Litouws: Dimitravo priverčiamojo darbo stovykla) was een berucht dwangarbeidskamp in Litouwen, nabij de stad Kretinga. Het kamp kende twee zwarte periodes in de geschiedenis: voor de Tweede Wereldoorlog onder de Litouwse regering en tijdens de oorlog onder de nazi-bezetting. Gelegen in het dorp Dimitravas op het terrein van een voormalig landgoed.Periode 1 (1937–1940): Opgericht door de regering-Smetona als een dependance van de gevangenis van Kaunas. Het werd gebruikt om politieke tegenstanders (voornamelijk communisten) en criminelen gevangen te zetten die zware arbeid verrichtten, zoals het houwen van stenen. Periode 2 (1941–1944): Tijdens de nazi-bezetting werd het door de Duitsers gebruikt als een concentratiekamp voor joden en Sovjet-krijgsgevangenen. De meest tragische gebeurtenis vond plaats in de zomer van 1941: In juli 1941 werden ongeveer 500 joodse vrouwen en kinderen uit de stad Skuodas naar Dimitravas gebracht. Op 15 en 16 augustus 1941 werden zij naar de nabijgelegen heuvel Alka Hill (Alkos kalnas) gebracht en daar door lokale hulptroepen en nazi-bezetters doodgeschoten

Dippoldsau

Dippoldsau

 

Oostenrijk

Dippoldsau (soms gespeld als Dipoldsau) was een subkamp van het nazi-concentratiekamp Mauthausen in Oostenrijk. Het kamp bevond zich in de buurt van de Oostenrijkse plaats Weyer-Dipoldsau. Dippoldsau functioneerde, net als vele andere Mauthausen-nevenkampen, als een werkkamp waar gevangenen werden ingezet voor dwangarbeid. Het maakte deel uit van het uitgebreide Mauthausen-systeem, dat bekend stond om zijn brute werkomstandigheden, vaak aangeduid met de term Vernichtung durch Arbeit (vernietiging door werk). Het kamp was met name actief in de laatste fase van de oorlog (rond 1944-1945), toen veel subkampen werden opgezet of uitgebreid voor evacuatietransporten uit het oosten.

Concentratiekamp Djebel Chambi

Concentratiekamp Djebel Chambi

 

Tunesie

Het Djebel Chambi-kamp (ook gespeld als Jebel Chambi) was een dwangarbeiderskamp voor Joden, opgezet door het Italiaanse leger in Tunesië tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het kamp bevond zich in de buurt van de Djebel Chambi, de hoogste berg van Tunesië, ongeveer 8 kilometer ten noordwesten van Kasserine. Het diende als een van de vele dwangarbeiderskampen die in Tunesië werden opgezet na de Duitse/Italiaanse bezetting van het land. Het kamp was actief in de periode 1942-1943, toen de Asmogendheden controle hadden over Tunesië.

Concentratiekamp Djebel-Felten

Concentratiekamp Djebel-Felten

 

Algerije

Djebel-Felten was een interneringskamp in het noordoosten van Algerije, nabij Constantine, dat tijdens de Tweede Wereldoorlog door het Franse Vichy-regime werd gebruikt. Het kamp lag ongeveer 23 kilometer ten zuidwesten van de stad Constantine en 311 kilometer ten zuidoosten van Algiers. Het diende als een Centre de Séjour Surveillé (CSS), oftewel een gecontroleerd verblijfscentrum voor personen die door de autoriteiten als ongewenst werden beschouwd vanuit politiek of veiligheidsoogpunt. Het kamp werd gebruikt voor de internering van diverse groepen, waaronder politieke tegenstanders van het Vichy-regime en soldaten uit het Franse Vreemdelingenlegioen die na de wapenstilstand met Duitsland uit het leger waren verwijderd. Ook Joodse gevangenen uit Noord-Afrika werden hier vastgehouden.

Concentratiekamp Djebibinia

Concentratiekamp Djebibinia

 

Tunesie

Djebibinia (tegenwoordig gespeld als Al Jubaybīnah) was tijdens de Tweede Wereldoorlog een dwangarbeiderskamp voor Joden, gevestigd door het Italiaanse leger in Tunesië. Het kamp lag ongeveer 25 kilometer ten westen van Enfidaville en 71 kilometer ten zuidwesten van Tunis. Het kamp werd in december 1942 actief. De dwangarbeiders in Djebibinia waren voornamelijk afkomstig uit een eerder kamp in Zaghouan.

Concentratiekamp Djelfa

Concentratiekamp Djelfa

 

Algerije

Djelfa was een berucht Frans internerings- en dwangarbeidskamp in Algerije dat operationeel was tussen maart 1941 en juni 1943 onder het collaborerende Vichy-bewind. Het kamp lag op het Algerijnse hoogplateau, ongeveer 1 kilometer ten noorden van de toenmalige militaire post van Djelfa, op 1200 meter hoogte. Er werden circa 1.200 ongewensten vastgehouden, waaronder politieke tegenstanders (communisten), Spaanse republikeinen, Joden, en voormalige leden van de Franse Vreemdelingenlegioen en de Internationale Brigades. De omstandigheden waren extreem zwaar door het klimaat (verzengende hitte in de zomer, ijzige kou in de winter) en een chronisch gebrek aan voedsel, kleding en medische zorg. Gevangenen sliepen aanvankelijk in tenten op de kale grond.Gevangenen werden ingezet voor zware arbeid, waaronder projecten voor de beoogde Trans-Sahara spoorlijn (Mer-Niger lijn).

Concentratiekamp Djelloula

Concentratiekamp Djelloula

 

Tunesie

Djelloula, ook wel bekend als Ayn Jalulah of Aïn Djeloula, is een plaats in Tunesië had  een dwangarbeidskamp voor Joden tijdens de Tweede Wereldoorlog

Djenien bou concentratiekamp Rezg

Djenien bou concentratiekamp Rezg

 

Algerije

Djenien Bou Rezg was een berucht Frans internerings- en strafkamp in Algerije tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het werd in 1940 opgericht onder het gezag van het Vichy-regime en fungeerde als een plek voor de detentie van politieke gevangenen, vluchtelingen en ongewensten. Het kamp lag in een afgelegen deel van de Sahara-woestijn in het westen van Algerije. De populatie was divers en bestond uit zowel Europese vluchtelingen (Joods en niet-Joods) als lokale Algerijnse moslims die zich tegen de koloniale orde verzetten. Er werden ook communisten, vakbondsleden en buitenlandse soldaten uit het Franse Vreemdelingenlegioen vastgehouden.

Concentratiekamp Djerrada

Concentratiekamp Djerrada

 

Marokko

Het kamp Djerrada (ook gespeld als Jerada) was een internerings- en dwangarbeidskamp in Marokko, dat tijdens de Tweede Wereldoorlog werd beheerd door het Vichy-regime. Het kamp bevond zich in de buurt van de Beni Snassen-bergen in Marokko. Het diende als een kamp voor buitenlandse werknemers (Groupe des Travailleurs Étrangers, GTE No. 2).Ontstaan: Het werd opgericht na de Frans-Duitse wapenstilstand in juni 1940. De omstandigheden in het kamp werden beschreven als relatief draaglijk, hoewel gevangenen soms klaagden over de voedselkwaliteit. Er waren weinig disciplinaire maatregelen. Het kamp had een capaciteit van ongeveer 230 gedetineerden. Djerrada was een van de vele kampen in Noord-Afrika die onder controle stonden van de Vichy-regering.

Concentratiekamp Djougar

Concentratiekamp Djougar

 

Tunesie

Djougar (tegenwoordig gespeld als Jougar) was een dwangarbeiderskamp voor Joden, gelegen in Tunesië tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het kamp lag ongeveer 64 kilometer ten zuidwesten van Tunis. Het kamp werd opgericht op 9 december 1942. Het diende als een werkkamp (dwangarbeid) voor de Joodse bevolking onder de Duitse bezetting van Tunesië. Op 12 januari 1943 werden dwangarbeiders uit andere locaties, zoals Saouaf, overgebracht naar het werkkamp in Djougar.

Concentratiekamp Djurin

Concentratiekamp Djurin

 

Oekraine

Het getto van Djurin (Dzhurin) was een concentratiekamp/getto gelegen in de regio Transnistrië, in het door Roemenië bezette deel van Oekraïne tijdens de Holocaust. Djurin is een dorp in de oblast Vinnitsa in Oekraïne. Tijdens de Tweede Wereldoorlog viel dit gebied onder Roemeens bestuur (Transnistrië). Vanaf oktober 1941 werden ongeveer 2.000 Joodse gedeporteerden uit Roemenië (met name uit de regio's Boekovina en Bessarabië, waaronder steden als Rădăuți, Siret, Câmpulung Moldovenesc, Suceava en Czernowitz) naar Djurin gedeporteerd. De gedeporteerden leefden in zeer slechte omstandigheden, vaak opeengepakt in overvolle huizen en onderworpen aan dwangarbeid, honger en ziekten. Djurin werd op 19 maart 1944 bevrijd door het Rode Leger. Djurin diende als een van de vele concentratieplaatsen voor Joden in de regio die niet direct werden vermoord door de Einsatzgruppen, maar werden overgebracht naar deze overvolle getto's in Transnistrië.

Concentratiekamp Doaga

Concentratiekamp Doaga

 

Roemenie

Concentratiekamp Doaga was een werkkamp voor Joodse dwangarbeiders in Roemenië tijdens de Tweede Wereldoorlog. Gelegen in de regio Moldavië, nabij de stad Focșani (Galați-sector). Het kamp werd eind 1940 of begin 1941 opgericht. De gevangenen werden ingezet voor zware dwangarbeid, waaronder het bouwen van het kamp zelf vanuit het niets en het graven van fortificaties. De omstandigheden waren uiterst zwaar; gevangenen leefden aanvankelijk in gaten in de grond voordat er barakken waren.Het kamp maakte deel uit van het systeem van werkkampen onder het Roemeense regime van Ion Antonescu, die collaboreerde met nazi-Duitsland.

Döberitz

Döberitz

 

Duitsland

Het concentratiekamp Döberitz was een satellietkamp van het grotere concentratiekamp Sachsenhausen, gelegen in de buurt van de Döberitzer Heide, ten westen van Berlijn. Het kamp was gelegen bij Dallgow-Döberitz, in de regio Havelland (Brandenburg), een gebied dat bekend stond als een groot militair oefenterrein (Truppenübungsplatz). Als satellietkamp van Sachsenhausen werd Döberitz gebruikt voor dwangarbeid, waarbij gevangenen werden ingezet in de nabijgelegen militaire faciliteiten.

Concentratiekamp Dobermannsdorf

Concentratiekamp Dobermannsdorf

 

Oostenrijk

Dobermannsdorf was een werkkamp voor Joodse dwangarbeiders (een zogenaamd Judenlager) in Neder-Oostenrijk tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het kamp bestond van juni 1944 tot april 1945 en werd voornamelijk gebruikt voor landbouwarbeid en de aanleg van verdedigingswerken tegen het naderende Rode Leger. Gelegen in de gemeente Palterndorf-Dobermannsdorf, nabij de grens met het huidige Tsjechië en Slowakije. Het kamp huisvestte voornamelijk Hongaarse Joden (mannen, vrouwen en kinderen) die tijdens de grote deportatiegolven van 1944 naar Oostenrijk werden gestuurd in plaats van direct naar de vernietigingskampen. In tegenstelling tot de grote concentratiekampen zoals Mauthausen (waarvan het formeel geen Außenlager was, maar wel onder de administratie van het Arbeitsamt viel), was Dobermannsdorf een doorgangs- en werkkamp voor lokale economische doeleinden. De gevangenen werden ingezet voor zware fysieke arbeid onder slechte omstandigheden. Velen stierven aan uitputting, ziekte of geweld door de SS-bewakers kort voor het einde van de oorlog.

Concentratiekamp Dobra

Concentratiekamp Dobra

 

Polen

Doberbühl was de Duitse naam voor de Poolse stad Dobra (in de regio Wartheland) tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze plaats richtten de nazi's een getto in voor de Joodse bevolking: Het Ghetto Doberbühl: Dit getto bestond van ongeveer de zomer/herfst van 1940 tot oktober 1941. Er leefden naar schatting 300 tot 400 Joodse mensen onder erbarmelijke omstandigheden. In oktober 1941 werden de overgebleven bewoners gedeporteerd naar het grotere getto in Kowale Pańskie. Vanuit daar werden de meesten uiteindelijk naar het vernietigingskamp Chełmno (Kulmhof) gestuurd

Dodenhöft

Dodenhöft

 

Duitsland

In het Duits betekent -höft of -hoff vaak een landgoed of boerderij

Dodenmarsen

 

Dodenmarsen waren de gedwongen evacuaties van gevangenen uit nazi-concentratiekampen aan het einde van de Tweede Wereldoorlog. Terwijl de geallieerde legers oprukten, dwong de SS honderdduizenden uitgeputte gevangenen te voet naar kampen dieper in Duitsland om te voorkomen dat zij bevrijd zouden worden. Gevangenen moesten honderden kilometers lopen in de bittere kou, vaak zonder schoenen, warme kleding of voedsel. Wie door uitputting niet meer mee kon komen, werd ter plekke doodgeschoten of doodgeslagen door SS-bewakers. Naar schatting werden tussen de 500.000 en 750.000 mensen op deze marsen gestuurd, waarbij tussen de 200.000 en 350.000 mensen omkwamen.

Auschwitz (Januari 1945): Ongeveer 60.000 gevangenen werden geëvacueerd vlak voordat het Rode Leger het kamp bereikte; circa 15.000 van hen stierven onderweg.

Concentratiekamp Dokudów

Concentratiekamp Dokudów

 

Polen

Het kamp in Dokudów (Polen) was een nazi-dwangarbeidskamp voor Joden tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het kamp was gelegen in Dokudów, nabij Biała Podlaska in het district Lublin van het bezette Polen. Het diende als een Zwangsarbeitslager für Juden (ZAL), waar gevangenen werden ingezet voor zware fysieke arbeid, vaak gerelateerd aan waterbeheer of infrastructuurprojecten. Dokudów maakte deel uit van een netwerk van kleinere werkkampen in de regio die de nazi-economie ondersteunden en waar de omstandigheden vaak brutaal waren, met een hoog sterftecijfer door uitputting en mishandeling

Concentratiekamp Dolhobyczów

Concentratiekamp Dolhobyczów

 

Polen

Dołhobyczów was in de Tweede Wereldoorlog een locatie waar de nazi's een werkkamp/concentratiekamp voor Joodse gevangenen hadden ingericht, gelegen in de buurt van Hrubieszów in het toenmalige bezette Polen (tegenwoordig nabij de Oekraïense grens). Dołhobyczów, een dorp in het Hrubieszów-district. Het wordt aangeduid als een werkkamp (arbeitslager)  In deze regio, inclusief omliggende dorpen zoals Oszczów, vonden tijdens de oorlog grootschalige vervolgingen en moordpartijen plaats.

Domachau 

Domachau

Polen

Domachau (tegenwoordig bekend als Domachowo) is een  landgoed en dorp in de buurt van Gdańsk (het voormalige Danzig), in de huidige Poolse woiwodschap Pommeren. Tijdens de oorlog was er op het landgoed van Domachau een werkkamp (buitencommando) gevestigd, dat actief was van maart tot augustus 1940.

Concentratiekamp Domanovca

Concentratiekamp Domanovca

 

Roemenie

Domanevka (ook wel Domanivka of Domanovca genoemd) was een berucht concentratie- en vernietigingskamp in het door Roemenië bezette Transnistrië, in de huidige oblast Odessa in Oekraïne. Het kamp bevond zich in de stad Domanivka, die op 5 augustus 1941 werd bezet door Duitse en Roemeense troepen en in september 1941 werd ingelijfd bij het Roemeense Transnistrië. Domanevka diende als een van de belangrijkste vernietigingsplaatsen in het Golta-district van Transnistrië. Het fungeerde meer als een kamp om mensen door ontbering, honger en massa-executies te vermoorden dan als een werkkamp.Tussen december 1941 en februari 1942 werden hier meer dan 18.000 Joden vermoord. Deze slachtoffers waren voornamelijk afkomstig uit Roemenië en de directe omgeving (zoals Odessa). De moordpartijen werden uitgevoerd door Roemeense militairen, Oekraïense militieleden en Volksdeutsche SS-eenheden.

Concentratiekamp Dombrowa

Concentratiekamp Dombrowa

 

Polen

Vóór 1945 werden veel Poolse plaatsen met de naam Dąbrowa (wat eikenbos betekent) in het Duits aangeduid als Dombrowa

Dondangen = Dundaga 

Dondangen = Dundaga 

 

Letland

Dondangen is de Duitse naam voor de plaats Dundaga in Letland, waar tijdens de Tweede Wereldoorlog een subkamp van het concentratiekamp Kaiserwald was gevestigd.

Dora-Mittelbau

 

Duitsland

Concentratiekamp Mittelbau-Dora (ook wel Dora-Mittelbau genoemd) was een van de beruchtste concentratiekampen van nazi-Duitsland, gelegen nabij Nordhausen in het Harzgebergte. Het kamp staat symbool voor de meedogenloze inzet van dwangarbeid in de wapenindustrie tijdens de laatste fase van de Tweede Wereldoorlog. Het hoofddoel van het kamp was de productie van wonderwapens, met name de V2-raketten en de V1-vliegende bommen. Na bombardementen op de productielocatie in Peenemünde werd de fabricage in 1943 verplaatst naar een ondergronds tunnelcomplex in de berg Kohnstein, genaamd het Mittelwerk. De omstandigheden waren gruwelijk. In de eerste maanden moesten gevangenen in de vochtige, donkere tunnels slapen en werken zonder daglicht of fatsoenlijke sanitaire voorzieningen. Het kamp kreeg hierdoor de bijnaam de menseneter. Van de ruim 60.000 gevangenen die naar Mittelbau-Dora en de dertig subkampen werden gedeporteerd, zijn er naar schatting 20.000 omgekomen door uitputting, ziekte, honger en mishandeling. Onder hen bevonden zich ook duizenden Belgen en Nederlanders. Het kamp begon in augustus 1943 als een buitenkamp van Buchenwald en werd in 1944 een zelfstandig hoofdkamp. Op 11 april 1945 werd het kamp door Amerikaanse troepen bevrijd, die daar slechts enkele honderden doodzieke overlevenden en duizenden lijken aantroffen

Dörbeck of Ohrbeck

Dörbeck  of Ohrbeck

 

Duitsland

Dwangarbeiderskamp Ohrbeck (Augustaschacht)  Arbeitserziehungslager (AEL) Ohrbeck, was gevestigd in Hasbergen-Ohrbeck, nabij de stad Osnabrück in Duitsland. Het was een werkeropvoedingskamp (AEL) onder toezicht van de Gestapo. Dit type kamp was bedoeld om dwangarbeiders te straffen of disciplineren die door de nazi's werden beschuldigd van werkweigering of luiheid. Er zaten honderden gevangenen uit verschillende Europese landen vast, waaronder veel Nederlanders die waren opgepakt voor de Arbeitseinsatz.

Concentratiekamp Dörfles

Concentratiekamp Dörfles

 

Tsjechie

Dörfles (vandaag de dag Víska, onderdeel van de gemeente Višňová in Tsjechië) was tijdens de Tweede Wereldoorlog een buitenkamp (Aussenlager) van het grote concentratiekamp Gross-Rosen. Het kamp was gevestigd in het toenmalige Sudetenland, nabij de huidige grens tussen Tsjechië en Polen. Het was een werkkamp waar mannelijke gevangenen (voornamelijk Joden) werden ingezet als dwangarbeider. De gevangenen moesten werken aan de aanleg van wegen en spoorwegen voor de Organisation Todt, een nazi-organisatie die verantwoordelijk was voor grote bouwprojecten.

Dormettingen

Dormettingen

 

Duitsland

Werkkamp Dormettingen (ook bekend als KZ Dormettingen) was een nationaalsocialistisch concentratiekamp in de Duitse deelstaat Baden-Württemberg dat functioneerde tussen januari en april 1945. Het was een van de zeven kampen van Unternehmen Wüste, een grootschalig project van de SS om brandstof te winnen uit olieschalie. Het was een Außenlager (buitenkamp) van het concentratiekamp Natzweiler-Struthof. Gevangenen moesten onder erbarmelijke omstandigheden zware fysieke arbeid verrichten, zoals grond- en betonwerkzaamheden voor de bouw van olieschalie-installaties en het winnen van de schalie zelf. Hoewel bronnen variëren over de exacte aantallen, verbleven er naar schatting honderden tot mogelijk duizenden mannen in het kamp. Veel slachtoffers uit Dormettingen liggen begraven op de nabijgelegen begraafplaats van Schömberg.

Dornburg

Dornburg

 

Duitsland

Het werkkamp Dornburg was een klein satellietkamp van het concentratiekamp Buchenwald. Het kamp lag aan de rivier de Elbe in het district Zerbst (Anhalt), Duitsland, en was slechts een zeer korte periode actief aan het einde van de Tweede Wereldoorlog. Het kamp wordt voor het eerst vermeld op 21 maart 1945 en de laatste vermelding dateert van 11 april 1945.Gevangenen: Het was een klein mannenkamp met een constant aantal van slechts acht gevangenen. Deze groep bestond uit vier Russen, drie Polen en één Duitser. Hoewel de exacte reden voor de oprichting van dit specifieke commando onbekend is, hadden de gevangenen beroepen als timmerman, metselaar, slotenmaker en landarbeider.

Dorneşti LPRS nr. 6

Dorneşti LPRS nr. 6

 

Roemenie

Het werkkamp LPRS nr. 6 in Dornești (Roemenië) was een kamp voor Sovjet-krijgsgevangenen tijdens de Tweede Wereldoorlog. De afkorting LPRS staat voor Lagărul de Prizonieri de Război Sovietici (Kamp voor Sovjet-krijgsgevangenen). Het kamp was gevestigd in Dornești, een dorp in de regio Boekovina, in het noordoosten van Roemenië. Het werd opgericht in augustus 1941, kort na het begin van Operatie Barbarossa. Kort na de oprichting hield het kamp ongeveer 1.000 gevangenen vast. In het voorjaar van 1942 was dit aantal gegroeid naar ongeveer 3.752 gevangenen. Het kamp viel onder de autoriteit van het IV Territoriale Commando en werd beheerd door de Roemeense Generale Staf (Marele Stat Major).

Concentratiekamp Dornfeld

Concentratiekamp Dornfeld

 

Oekraine en Polen

Onder de naam Dornfeld bestonden tijdens de Tweede Wereldoorlog meerdere nazi-locaties die als kamp werden gebruikt:Zwangsarbeitslager Dornfeld (Ternopillja): Dit was een dwangarbeiderskamp voor Joden in het huidige Oekraïne (destijds district Galicië). Het dorp Dornfeld, tegenwoordig Ternopillja, kende voor de oorlog een kleine Joodse gemeenschap. In 1943 was dit een van de locaties waar de zogenaamde dodenbrigades (Sonderkommando 1005) lichamen van vermoorde Joden moesten opgraven en verbranden om sporen van de nazi-misdaden uit te wissen.

Kamp nabij Poznań: Er was ook een werkkamp genaamd Dornfeld in de buurt van Poznań (Polen), waar jonge Joden uit nabijgelegen getto's, zoals Grabów, naartoe werden gestuurd voor dwangarbeid. Overlevenden van dit kamp werden later vaak gedeporteerd naar concentratiekampen zoals Auschwitz.

Concentratiekamp Dörnhau

 

Polen

Dörnhau was een buitenkamp (Aussenlager) van het concentratiekamp Gross-Rosen, gelegen in het huidige Polen, dat deel uitmaakte van het beruchte Projekt Riese. Het kamp diende als werkkamp waar gevangenen onder extreem zware omstandigheden werden ingezet voor dwangarbeid, vaak in de mijnbouw of bouwprojecten in het Uilengebergte. Gelegen in Neder-Silezië (nabij het huidige Głuszyca, Polen).Organisatie: Het was een van de vele subkampen van het Groß-Rosen-complex. Projekt Riese: Veel van de gevangenen in Dörnhau werkten aan de ondergrondse tunnelsystemen en bunkers die de nazi's in het geheim lieten aanleggen.

Dorohucza

 

Polen

Kamp Dorohucza was een Duits nationaalsocialistisch dwangarbeiderskamp (Arbeitslager) in het district Lublin in het bezette Polen, dat bestond van maart tot november 1943. Het kamp lag ongeveer 5 kilometer ten noordoosten van het grotere kamp Trawniki. Gevangenen werden ingezet voor extreem zware dwangarbeid, hoofdzakelijk het afgraven van turf in de omliggende moerassen. De meerderheid van de gevangenen bestond uit Joden uit Polen en Nederland. Vanuit het nabijgelegen vernietigingskamp Sobibór werden geregeld selecties van sterke mannen naar Dorohucza gestuurd om te werken. De leefomstandigheden waren erbarmelijk. Gevangenen sliepen in eenvoudige barakken en velen stierven binnen enkele weken door uitputting, ondervoeding en mishandeling. Einde van het kamp: In november 1943 werd het kamp ontruimd tijdens Aktion Erntefest, een grootschalige moordoperatie door de SS waarbij bijna alle overgebleven Joodse gevangenen in het district Lublin werden geëxecuteerd.

Concentratiekamp Dorohusk

Concentratiekamp Dorohusk

 

Polen

Dorohucza (vaak verward met de nabijgelegen plaats Dorohusk), een nazi-dwangarbeidskamp in het district Lublin in Polen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het was primair een Zwangsarbeitslager (dwangarbeidskamp) voor Joden, opgericht in het voorjaar van 1943 als onderdeel van Aktion Reinhardt. Gelegen nabij het dorp Dorohucza, ongeveer 50 kilometer ten oosten van Lublin en dicht bij het vernietigingskamp Sobibor. Gevangenen werden ingezet voor extreem zware arbeid, met name het turfsteken in de moerassige omgeving van de rivier de Wieprz. Nederlandse slachtoffers: Dorohucza is berucht in de Nederlandse geschiedenis omdat ongeveer 800 Joodse mannen uit de transporten naar Sobibor (juni/juli 1943) in dit kamp werden geselecteerd voor dwangarbeid. Vrijwel niemand van hen overleefde de oorlog. Op 3 november 1943 werd het kamp geliquideerd tijdens Aktion Erntefest (Operatie Oogstfeest). De resterende gevangenen werden naar het nabijgelegen concentratiekamp Majdanek of het werkkamp Trawniki gebracht en daar geëxecuteerd.

Dörpen

Dörpen

 

Duitsland

In Dörpen zelf lag geen concentratiekamp, maar de gemeente maakte deel uit van het beruchte complex van de Emslandlager. Dit waren 15 kampen in het Emsland-gebied (vlak over de grens bij Drenthe en Groningen) die tussen 1933 en 1945 werden gebruikt voor politieke gevangenen, strafgevangenen en later krijgsgevangenen. De kampen die het dichtst bij Dörpen lagen en vaak met deze regio worden geassocieerd, zijn: Kamp Esterwegen (Lager VII): Dit was een van de bekendste kampen in de buurt. In 1933 was het een van de eerste officiële concentratiekampen (later een strafkamp). Esterwegen. Kamp Börgermoor (Lager I): Gelegen nabij Surwold. Kamp Neusustrum (Lager V): Een werkkamp gelegen nabij het dorp Neusustrum, dat onderdeel is van de gemeente Sustrum (grenzend aan Dörpen). Kamp Aschendorfermoor (Lager II): Een strafkamp dat tot de bevrijding in april 1945 in gebruik bleef.

Dorsten

 

Duitsland

In Dorsten (Duitsland) bevond zich tijdens de Tweede Wereldoorlog het Stalag VI J, een krijgsgevangenenkamp van de Wehrmacht. Hoewel Dorsten zelf geen groot concentratiekamp was in de stijl van Auschwitz, diende het kamp als een belangrijke schakel in het systeem van gevangenschap en dwangarbeid. Oprichting: Het kamp werd in september 1940 geopend. Het was een Stammlager (Stalag), primair bedoeld voor krijgsgevangenen. Gevangenen werden van hieruit vaak ingezet als dwangarbeider in de omliggende mijnen en industrie van het Ruhrgebied. Er verbleven soldaten van diverse nationaliteiten, waaronder Fransen, Polen en later grote aantallen Sovjet-krijgsgevangenen, die onder erbarmelijke omstandigheden leefden. Het kamp lag in de wijk Hardt.

Dortmund

Dortmund

 

Duitsland

Tijdens de Tweede Wereldoorlog was Dortmund een belangrijk centrum voor dwangarbeid vanwege de zware industrie (zoals Hoesch en de mijnbouw). Er was niet één specifiek werkkamp, maar een uitgebreid systeem van kampen waar gevangenen en dwangarbeiders werden ondergebracht .De belangrijkste locaties in Dortmund die met kampen en gevangenschap te maken hadden, zijn: Stalag VI-D (Westfalenhallen): Dit was een groot krijgsgevangenenkamp op het terrein van de huidige Westfalenhallen. Het diende als registratie- en verdeelcentrum voor duizenden krijgsgevangenen die als dwangarbeider werden ingezet in de regionale industrie. Steinwache: Dit was de gevangenis van de Gestapo in Dortmund. Hoewel het technisch gezien geen werkkamp was, fungeerde het als een berucht martelcentrum en doorgangshuis naar concentratiekampen. Hoesch dwangarbeiders: Veel Nederlandse arbeiders, waaronder groepen van de Hoogovens, werden gedwongen tewerkgesteld bij de staalfabriek Hoesch in Dortmund. Zij verbleven vaak in barakkenkampen verspreid over de stad, zoals bij de Phoenix-See

Dortmund Sprengkommando

Dortmund Sprengkommando

 

Duitsland

In Dortmund bevond zich tijdens de Tweede Wereldoorlog een Sprengkommando, dat als buitenkamp (Außenlager) fungeerde onder de SS-Baubrigade III. Dit commando bestond uit concentratiekampgevangenen die werden ingezet voor extreem gevaarlijk werk in de stad. Op 31 mei 1943 werden 40 gevangenen vanuit Keulen naar Dortmund gestuurd. Hun primaire taak was het ruimen van blindgangers (niet-ontplofte bommen) en het herstellen van vitale infrastructuur na geallieerde bombardementen. Het kamp viel onder de administratie van de SS-Baubrigaden, eenheden van de SS die gevangenen gebruikten voor bouw- en herstelwerkzaamheden in zwaar getroffen steden. Het werk in een Sprengkommando was levensgevaarlijk. Gevangenen moesten vaak zonder degelijke bescherming of expertise explosieven onschadelijk maken. De overlevingskans was gering door de constante dreiging van ontploffingen en de algemene slechte behandeling in het kampsysteem. Hoewel het Sprengkommando een specifiek werkkamp was, was de Steinwache in Dortmund de centrale Gestapo-gevangenis waar gedurende de oorlog tienduizenden mensen gevangen zaten voordat ze naar grotere concentratiekampen werden gedeporteerd.

Dossin kazerne

 

Belgie

Tijdens de Tweede Wereldoorlog diende de kazerne als het SS-Sammellager Mecheln, van waaruit tussen 1942 en 1944 ruim 25.000 Joden en Roma per trein naar Auschwitz-Birkenau werden gedeporteerd.

Douadisch concentratiekamp

Douadisch concentratiekamp

 

Frankrijk

Drancy concentratiekamp

 

Frankrijk

Kamp Drancy (officieel Durchgangslager Drancy) was tijdens de Tweede Wereldoorlog het belangrijkste internerings- en doorgangskamp in Frankrijk voor de deportatie van Joden. Het was gevestigd in de Cité de la Muette, een onvoltooid modern woningbouwcomplex in Drancy, een voorstad ten noordoosten van Parijs. Het diende als het centrale verzamelpunt voor Joden die in Frankrijk waren opgepakt (onder andere tijdens de beruchte Razzia van de Vélodrome d'Hiver) voordat zij op transport werden gezet naar vernietigingskampen in het Oosten, voornamelijk naar Auschwitz-Birkenau. Het kamp was in gebruik van augustus 1941 tot 17 augustus 1944. In totaal zijn ongeveer 70.000 mensen via Drancy gedeporteerd. Slechts een fractie van hen overleefde de oorlog. Tot juli 1943 stond het kamp onder toezicht van de Franse politie (Gendarmerie), waarna de SS onder leiding van Alois Brunner het directe bevel overnam, wat leidde tot een aanzienlijke verslechtering van de leefomstandigheden.

Concentratiekamp Dreetz

Concentratiekamp Dreetz

 

Duitsland

Het kamp in Dreetz, gelegen in de regio Brandenburg (Landkreis Ostprignitz-Ruppin) in Duitsland, was tijdens de Tweede Wereldoorlog een dwangarbeidskamp voor Joden (Zwangsarbeitslager für Juden). Het was een werkkamp waar met name mannelijke Poolse Joden werden gedwongen tot beton- en grondwerkzaamheden. Het kamp werd geopend in januari 1941 en was zeker tot eind 1943 actief. Gevangenen werkten voor de bouwbedrijven Wayss & Freytag en Dyckerhoff & Widmann. Het kamp bevond zich bij Neustadt/Dosse in Brandenburg.

Dresden N 23

Dresden N 23

 

Duitsland

Dresden N 23 verwijst  naar de postcode of het stadsdeel in Dresden (nu bekend als de wijk Pieschen) waar verschillende buitenkampen (Aussenlager) van het concentratiekamp Flossenbürg gevestigd waren. In de directe omgeving van dit gebied (postcodegebied 01127/01129, historisch N 23) bevonden zich tijdens de Tweede Wereldoorlog belangrijke locaties voor dwangarbeid: Dresden (Goehle-Werk): Dit kamp was gevestigd aan de Riesaer Straße 32 (in stadsdeel N 23). Van oktober 1944 tot april 1945 werden hier ongeveer 700 vrouwelijke gevangenen, voornamelijk uit Polen en de Sovjet-Unie, ingezet voor de productie van munitie voor de Zeiss Goehle-Werk.Dresden (Reichsbahnausbesserungswerk - RAW): Gelegen nabij de Emerich-Ambros-Ufer. Dit was een buitenkamp waar gevangenen werkten aan het herstel van spoorwegen en treinen. Dresden (Bernsdorf): Een ander subkamp van Flossenbürg, gevestigd in een voormalige sigarettenfabriek, waar gevangenen eveneens onder erbarmelijke omstandigheden moesten werken. Deze locaties maakten deel uit van een uitgebreid netwerk van meer dan 100 subkampen van Flossenbürg,

Dresden - Verwahrungsanstalt in der Gefangenen-Anstalt II

Dresden - Verwahrungsanstalt in der Gefangenen-Anstalt II

 

Duitsland

De Gefangenen-Anstalt II in Dresden (ook wel bekend als de gevangenis aan de Mathildenstraße) fungeerde in 1933 en 1934 als een vroeg doorgangskamp voor politieke gevangenen tijdens het naziregime. Hoewel het technisch gezien een staatsgevangenis was, werd het in deze periode gebruikt als tussenstation waarvandaan gevangenen werden gedeporteerd naar concentratiekampen zoals KZ Hohnstein. De gevangenis bevond zich aan de Pillnitzer Straße, met de ingang aan de Mathildenstraße. In de volksmond werd het complex ook wel het Mathildenschlößchen of kortweg Mathilde genoemd. Verwahrungsanstalt: Binnen het complex was een Verwahrungsanstalt gevestigd, een afdeling voor bewaring. Tijdens de vroege naziperiode werden hier tegenstanders van het regime vastgehouden onder het mom van beschermende hechtenis (Schutzhaft).

Dresden - Behelfsheim

Dresden - Behelfsheim

 

Duitsland

Het buitenkamp Dresden (Behelfsheim) was het allerlaatste buitenkamp van het concentratiekamp Flossenbürg dat werd opgericht. De term Behelfsheim betekent letterlijk noodwoning of voorlopig onderkomen.Oprichting: Het kamp werd pas op 12 of 13 april 1945 opgericht, slechts enkele dagen voordat het hoofdkamp Flossenbürg werd geëvacueerd. Gevangenen: Er werd een transport van iets meer dan 100 gevangenen naartoe gestuurd. De lijst vermeldt 103 namen, waaronder 6 Rijksduitsers (waarschijnlijk kapo's).  Vanwege de zeer late datum en de vaak slechte gezondheid van de gevangenen, is het vermoeden dat het diende om zieke of oudere gevangenen uit het overvolle hoofdkamp weg te plaatsen. Het kamp bestond slechts enkele dagen. Kort na de aankomst van de gevangenen werd het gebied bereikt door de geallieerde opmars of werden de gevangenen gedwongen tot dodenmarsen

Dresden - Bernsdorf & Co. 

Dresden - Bernsdorf & Co. 

 

Duitsland

Het concentratiekamp Dresden (Bernsdorf & Co.) was een buitenkamp van het concentratiekamp Flossenbürg, gelegen in Dresden, Duitsland. Het kamp was gevestigd in de sigarettenfabriek Bernsdorf in Dresden. Het kamp was actief van 24 november 1944 tot midden april 1945. Op 26 november 1944 arriveerde een transport van 500 Joodse gevangenen, waaronder hele gezinnen, vanuit het concentratiekamp Stutthof bij Danzig (Gdańsk). De gevangenen werden ingezet voor dwangarbeid in de sigarettenfabriek. De evacuatie van het kamp vond plaats in april 1945, waarbij de colonne op 22 april 1945 in de buurt van Dresden werd doorbroken.

Dresden - Friedrichstadt

Dresden - Friedrichstadt

 

Duitsland

In Dresden-Friedrichstadt bevond zich tijdens de Tweede Wereldoorlog een satellietkamp van het concentratiekamp Flossenbürg. Dit kamp stond bekend onder de naam Dresden-Friedrichstadt (RAW), waarbij RAW verwees naar het Reichsbahnausbesserungswerk (spoorwegwerkplaatsen). Het kamp was gevestigd op het terrein van de spoorwegwerkplaatsen van de Duitse rijksspoorwegen in de wijk Friedrichstadt. Er waren feitelijk twee fasen van gevangenschap op deze locatie: Van 14 september 1944 tot 13 februari 1945: Ongeveer 500 mannelijke gevangenen werkten hier tot aan het grote bombardement op Dresden. Van 24 maart 1945 tot medio april 1945: Een heropening voor herstelwerkzaamheden aan de vernielde spoorlijnen. De gevangenen werden ingezet als dwangarbeider voor de productie van munitieonderdelen en het repareren van beschadigde treinsporen. De populatie was internationaal en bestond onder andere uit Polen (waaronder Joden), Russen, Hongaren, Italianen, Fransen, Tsjechen en Belgen.

Concentratiekamp Dresden-Mathildenstrasse

Concentratiekamp Dresden-Mathildenstrasse

 

Duitsland

De Haftanstalt Mathildenstraße in Dresden was een gevangenis en vroege naziconcentratiekamp ( ook wel 't kleine Mathildekasteel genoemd) dat fungeerde tussen 1933 en 1945. Het was direct verbonden met het districtsgerechtshof (Landgericht) aan de Pillnitzer Straße. Tussen 1933 en 1934 werd de gevangenis gebruikt als een vroege beschermingshechtenis kamp voor politieke tegenstanders, met name Duitse en Tsjechoslowaakse antifascisten. De ingang van de gevangenis bevond zich aan de Mathildenstraße, en het gebouw sloot aan op het gerechtshof aan de Pillnitzer Straße.Tussenstation: Het diende als tussenstation voor gevangenen die later werden gedeporteerd naar het concentratiekamp Hohnstein. Tijdens de zware geallieerde luchtbombardementen op Dresden in februari 1945 werd het gerechtsgebouw met de gevangenis vernietigd.

Concentratiekamp Dresden-Münchnerplatz

Concentratiekamp Dresden-Münchnerplatz

 

Duitsland

De locatie aan de Münchner Platz in Dresden was een complex dat dienstdeed als rechtbank, gevangenis en executieplaats. Het gebouw werd door de nazi's gebruikt voor het veroordelen en executeren van politieke tegenstanders en verzetsstrijders. Slachtoffers: Er zijn meer dan 1.300 executies uitgevoerd, waarvan ongeveer twee derde bestond uit Tsjecho-Slowaken.

Dresden - Trachenberge

Dresden - Trachenberge

 

Duitsland

Het concentratiekamp in de wijk Trachenberge in Dresden stond bekend als KZ-Außenlager Dresden (RAW). Dit was een buitenkamp (Aussenlager) van het hoofdkamp Flossenbürg en was actief van 15 september 1944 tot ongeveer 19 februari 1945.Kerngegevens van het kampLocatie: Het kamp was gevestigd in de gebouwen van het Reichsbahnausbesserungswerk (RAW) aan de Kaupischstraße in de wijk Trachenberge.Gevangenen: Er zaten ongeveer 500 mannelijke gevangenen gevangen, voornamelijk Joden uit Polen en Hongarije die via andere kampen zoals Auschwitz en Stutthof waren overgebracht.Dwangarbeid: De gevangenen werden ingezet als dwangarbeider voor de Duitse spoorwegen (Deutsche Reichsbahn). Hun werk bestond hoofdzakelijk uit het repareren van beschadigde wagons en locomotieven en het herstellen van rails.Einde van het kamp: Na de zware geallieerde bombardementen op Dresden in februari 1945 werd het kamp ontruimd. De overlevende gevangenen werden op dodemarsen gestuurd naar andere kampen of subkampen van Flossenbürg

Dresden - Universelle

Dresden - Universelle

 

Duitsland

Dresden-Universelle was een buitenkamp (Außenlager) van het concentratiekamp Flossenbürg. Het kamp bestond van oktober 1944 tot medio april 1945 en was gevestigd in de fabrieksgebouwen van de Universelle Maschinenfabrik in Dresden. De gevangenen werden ingezet als dwangarbeiders voor de productie van vliegtuigonderdelen en munitie (zoals ontstekers) voor de Duitse oorlogsindustrie. Het kamp bood plaats aan ongeveer 700 vrouwelijke gevangenen, voornamelijk van Poolse en Russische afkomst, die onder erbarmelijke omstandigheden moesten werken.  Tijdens de verwoestende geallieerde luchtbombardementen op Dresden in februari 1945 werd de fabriek zwaar getroffen. Veel gevangenen overleefden dit, maar werden vervolgens gedwongen op dodenmarsen naar andere locaties.

Dresden - Zeiss-Ikon

Dresden - Zeiss-Ikon

 

Duitsland

In Dresden bevonden zich tijdens de Tweede Wereldoorlog twee buitenkampen (Aussenlager) van het concentratiekamp Flossenbürg die direct verbonden waren aan de fabrieken van Zeiss-Ikon AG. Deze kampen werden in oktober 1944 opgericht om vrouwelijke gevangenen in te zetten als dwangarbeiders voor de Duitse oorlogsindustrie. De twee Zeiss-Ikon kampen Dresden (Goehle-Werk): Periode: 9 oktober 1944 tot medio april 1945. Gevangenen: Ongeveer 700 vrouwen, voornamelijk uit Polen en de Sovjet-Unie, maar ook uit landen als Frankrijk en Duitsland. Productie van munitie (onder andere voor 8,8 cm Flak-geschut). De gevangenen sliepen op de bovenverdiepingen van de fabriek en werkten op de verdiepingen eronder. Dresden (Werk Reick): Periode: 22 oktober 1944 tot eind april 1945. Aanvankelijk 200 vrouwen uit Auschwitz; later volgden 200 Joodse vrouwen uit Bergen-Belsen en Russische dwangarbeidsters. Fabricage van munitie in de voormalige Ica-Werk fabriek.Mügelner Strasse 40 in de wijk Dresden-Reick.De omstandigheden waren zwaar; gevangenen leden aan ondervoeding en uitputting. In Werk Reick was tegen het einde van de oorlog sprake van een tyfusepidemie.Tijdens de zware bombardementen op Dresden in februari 1945 bleven de fabriekspanden van Zeiss-Ikon grotendeels gespaard, in tegenstelling tot veel andere delen van de stad. Eind april 1945 werden de kampen ontruimd en moesten de vrouwen op dodemarsen richting de Tsjechische grens, waar ze uiteindelijk door Sovjettroepen werden bevrijd. Goehle-Werk processen: In 1949 werden tijdens processen in Dresden tien verantwoordelijken van het Goehle-Werk (waaronder SS-bewakers en fabrieksleiders) veroordeeld tot gevangenisstraffen van één tot acht jaar.

Concentratiekamp Drewnicka

Concentratiekamp Drewnicka

 

Polen

Concentratiekamp Drissa

Concentratiekamp Drissa

 

Wit Rusland

Het concentratiekamp in Drissa (tegenwoordig Verchnjadvinsk in Wit-Rusland) was in een door de nazi's opgezet getto, waarin in februari 1942 769 Joodse inwoners werden samengedreven. Kort na de oprichting, waarschijnlijk op 10 februari 1942, werd het grootste deel van de gevangenen vermoord. De slachtoffers werden in groepen van 10 tot 15 personen doodgeschoten bij een massagraf op de lokale Joodse begraafplaats. Kinderen werden levend in de kuil gegooid of in de lucht werden doodgeschoten. Ook werden mensen die gewond waren geraakt, levend begraven.De moord werd uitgevoerd door een strafbataljon, vermoedelijk een detachement van Einsatzkommando 9, ondersteund door de lokale Ortskommandantur en lokale politieagenten (politsais).De stad Drissa, gelegen in de oblast Vitebsk (Belarus), was tijdens de Tweede Wereldoorlog het toneel van grootschalige Jodenvervolging en vernietiging. Na deze actie in februari 1942 was de Joodse gemeenschap in Drissa vrijwel volledig uitgemoord.

Drögen

Concentratiekamp Drohobycz

Concentratiekamp Drohobycz

 

Oekraine

Concentratiekamp DrohobyczIn Drohobycz (tegenwoordig Drohobytsj, Oekraïne) was de locatie van een berucht getto en meerdere dwangarbeidskampen die nauw verbonden waren met de olie-industrie.Het Getto van Drohobycz: Opgericht in 1942 door de Duitse bezetters. Tienduizenden Joden uit de stad en omliggende dorpen werden hier samengebracht onder erbarmelijke omstandigheden. Dwangarbeidskampen (Zwangsarbeitslager): Er waren verschillende kampen, waaronder die van de oliemaatschappij Karpathen Öl AG. Joden met technische expertise in de olie-industrie werden hier als 'onmisbare' arbeiders vastgehouden, wat hen aanvankelijk beschermde tegen directe deportatie. Het merendeel van de Joodse bevolking uit de kampen en het getto werd uiteindelijk gedeporteerd naar het vernietigingskamp Belzec of ter plaatse geëxecuteerd in nabijgelegen bossen zoals het Bronica-bos.Een berucht incident is de Wilde Donderdag (Blutsonntag) in 1942, waarbij honderden Joden op straat werden neergeschoten door de Gestapo.

Concentratiekamp Droß

Concentratiekamp Droß

 

Oostenrijk

In deze regio waren tijdens de oorlog diverse werkkampen en kampen voor krijgsgevangenen (Stalags) gevestigd. Vaak werkten gevangenen uit deze kampen in de lokale landbouw of aan de bouw van verdedigingswerken.

Druseltal

Druseltal

 

Duitsland

Het concentratiekamp Kassel-Druseltal was een buitenkamp van het concentratiekamp Buchenwald, gelegen in Kassel, Duitsland. Het kamp werd in 1943 opgericht. De mannelijke gevangenen werden ondergebracht in een voormalig gebouw en ingezet voor dwangarbeid. In totaal werden er 288 gevangenen geregistreerd. De populatie bestond uit verschillende nationaliteiten, waaronder ongeveer een derde Polen, een derde Russen (uit de Sovjet-Unie), 39 Duitsers en 26 Tsjechen. Het kamp bevond zich in de wijk Druseltal in Kassel. Het kamp was actief tijdens de Tweede Wereldoorlog, vanaf 1943.

Drütte

Drütte

 

Duitsland

Concentratiekamp Drütte (officieel Salzgitter-Drütte) was het eerste en grootste buitenkamp (Außenlager) van het concentratiekamp Neuengamme. Het kamp bestond van 13 oktober 1942 tot 7 april 1945 en bevond zich op het terrein van de staalindustrie in Salzgitter. Het kamp was uniek omdat de gevangenen niet in houten barakken sliepen, maar in de opslagruimtes onder een verhoogde weg (een viaduct) op het terrein van de Reichswerke Hermann Göring. De gevangenen werden ingezet in de staalfabrieken voor de oorlogsindustrie. Zij moesten onder zware omstandigheden granaten, bommen en hulzen produceren.Op het hoogtepunt zaten er ongeveer 3.000 mensen vast. De groep was zeer internationaal en bestond uit onder andere Russen, Polen, Fransen, Nederlanders, Joden en Italianen. De leefomstandigheden waren erbarmelijk. Door het zware werk, gebrek aan voedsel en de voortdurende dreiging van geallieerde bombardementen op de fabrieken kwamen veel gevangenen om het leven. In april 1945 werd het kamp ontruimd. De gevangenen werden op transport gezet naar Bergen-Belsen of meegenomen op dodemarsen

Duben

Duben

 

Duitsland

Het kamp bij Duben (vaak aangeduid als Düben) was een nazi-werkkamp, gelegen in Duitsland, niet ver van Leipzig een bijkamp van het concentratiekamp Buchenwald. Het kamp werd op 5 mei 1945 bevrijd door Amerikaanse troepen. Het diende als een arbeidskamp. Het kamp bevond zich in de buurt van Bad Düben, ten noordoosten van Leipzig.

Concentratiekamp Dubăsari

Concentratiekamp Dubăsari

 

Moldavie

Het concentratiekamp in Dubăsari (ook wel Dubossary, gelegen in de huidige regio Transnistrië, Moldavië) was tijdens de Tweede Wereldoorlog een belangrijke locatie voor massamoorden op Joden, uitgevoerd door Duitse en Roemeense troepen in 1941. In september 1941 werd een lokale tabaksfabriek in Dubăsari door Einsatzgruppe D (onderdeel van Einsatzkommando 12) gebruikt als verzamel- en moordcentrum. Meer dan 18.000 Joden uit Moldavië en Oekraïne werden in deze periode in Dubăsari vermoord. Sommige schattingen voor specifieke acties in september 1941 spreken van ongeveer 3.000 slachtoffers. De moordpartijen werden uitgevoerd door Duitse Einsatzkommandos, samen met Roemeense gendarmes en lokale politie.

Dubi

Dubi

 

Tsjechie

Concentratiekamp Dubienka

Concentratiekamp Dubienka

 

Polen

Dubienka, gelegen in het district Chełm in de provincie Lublin (Polen), was tijdens de Tweede Wereldoorlog een tijdelijk ghetto en een doorvoerpunt voor de Joodse bevolking, die uiteindelijk naar vernietigingskampen werd gestuurd. Na de Duitse inval in Polen (september 1939) werd Dubienka onderdeel van het Generalgouvernement. Vanaf 1940 werden Joden gedwongen tot dwangarbeid op Duitse boerderijen en in een steenfabriek in de buurt.Op de pleinen en de Joodse begraafplaats van Dubienka hebben meerdere executies plaatsgevonden. In oktober 1940 werden 110 Joden doodgeschoten op het plein tegenover de synagoge. In 1942 en 1943 werden nog tientallen Joden vermoord. Veel van de in het ghetto van Dubienka opgesloten Joden uit de stad en de omliggende gebieden (zoals Skryhiczyn en Dorohusk) werden uiteindelijk gedeporteerd naar het vernietigingskamp Sobibor. Vanaf de lente van 1940 werden honderden Joden uit Dubienka naar werkkampen in de buurt van Bełżec gestuurd voor het bouwen van versterkingen. De Joodse gemeenschap in Dubienka werd, net als vele andere in de regio Lublin, vrijwel volledig uitgemoord door de nazi's.

Concentratiekamp Dubnica nad Váhom

Concentratiekamp Dubnica nad Váhom

 

Slowakije

Het concentratiekamp in Dubnica nad Váhom was tijdens de Tweede Wereldoorlog een van de belangrijkste detentie- en werkkampen voor de Roma-bevolking in de toenmalige Slowaakse Republiek. Het kamp diende aanvankelijk vanaf 1942 als een werkkamp waar Roma werden ingezet voor dwangarbeid. Later, in 1944-1945, fungeerde het als een concentratiekamp of zigeunerdetentiekamp waar hele gezinnen werden vastgehouden. Gelegen in Dubnica nad Váhom, Slowakije. In de zomer van 1943 bereikte het kamp een hoogtepunt met 423 gedetineerden, waarvan 203 Roma.

Concentratiekamp Dubrovno

Concentratiekamp Dubrovno

 

Wit Rusland

Dubrovno heeft een rijke Joodse geschiedenis die teruggaat tot de 16e eeuw.

Duderstadt

Duderstadt

 

Duitsland

Duderstadt was tijdens de Tweede Wereldoorlog een buitenkamp (Aussenlager) van het concentratiekamp Dachau. Het kamp was gelegen in de gelijknamige Duitse stad Duderstadt en diende primair voor dwangarbeid. Gevangenen werden tewerkgesteld in de nabijgelegen Polte-Werke, een fabriek die munitie en wapens produceerde. Gevangenen: Op 4 november 1944 arriveerde een transport met voornamelijk Hongaarse Joodse vrouwen, naast een aantal Poolse en Tsjechische gevangenen. De barakken voor de vrouwen bevonden zich direct naast de munitiefabriek. Het kamp maakte deel uit van het uitgebreide Dachau-systeem, waar in totaal meer dan 41.500 mensen stierven door uitputting, mishandeling en dwangarbeid. Het kamp in Duderstadt was een van de vele kleinere buitenkampen die de nazi's in de buurt van productielocaties oprichtten om de wapenindustrie draaiende te houden.

Concentratiekamp Dukla

Concentratiekamp Dukla

 

Polen

Dukla (in het huidige Polen) was tijdens de Tweede Wereldoorlog de locatie van een wreed werkkamp en een getto voor de Joodse bevolking. Het Getto van Dukla: Kort na de Duitse bezetting in 1939 werden de Joden in Dukla onderworpen aan dwangarbeid en mishandeling. In 1941 werd een getto opgericht waar ongeveer 600 Joden uit de stad en omliggende dorpen werden opgesloten. Er was een specifiek werkkamp in Dukla waar gevangenen onder erbarmelijke omstandigheden moesten werken aan de aanleg van wegen (de strategische Durchgangsstrasse IV). Op 13 augustus 1942 werd het getto ontruimd. De nazi's transporteerden de meeste gevangenen naar het vernietigingskamp Belzec om te worden vermoord. Een groep van ongeveer 500 ouderen en zieken werd in de nabijgelegen bossen van de Barwinek-pas geëxecuteerd.

Concentratiekamp Dukštas

Concentratiekamp Dukštas

 

Litouwen

Dukštas (vroeger Dukszty) was een locatie in Litouwen waar tijdens de Tweede Wereldoorlog een concentratiekamp of getto gevestigd was onder het nazi-bewind. Dukštas ligt in het noordoosten van Litouwen (district Zarasai). Vóór de oorlog woonde er een aanzienlijke Joodse gemeenschap van ongeveer 650 mensen. Na de Duitse inval in de Sovjet-Unie (Operatie Barbarossa) in juni 1941, werd het gebied bezet door de Wehrmacht en viel het onder de regio Kreis Ossersee. Er werd een tijdelijk kamp of getto ingericht voor de lokale Joodse bevolking. In september 1941 werden de Joodse inwoners van Dukštas, samen met die uit naburige dorpen, naar het bos van Deguciai gedeporteerd waar zij massaal werden geëxecuteerd door leden van de Einsatzgruppen en lokale collaboratie-eenheden.

Concentratiekamp Dulag

Concentratiekamp Dulag

 

Algemeen

Een Dulag (afkorting voor Durchgangslager) was een Duits doorgangskamp tijdens de Tweede Wereldoorlog. In tegenstelling tot permanente concentratiekampen waren deze kampen bedoeld als tijdelijke verzamelpunten voordat gevangenen werden doorgevoerd naar werkkampen, vernietigingskampen of krijgsgevangenkampen. Er bestonden verschillende soorten Dulags, afhankelijk van wie er gevangen zat: Krijgsgevangenen: De bekendste waren de Dulag Lufts (zoals Dulag Luft Oberursel), waar gevangen genomen geallieerde vliegtuigbemanningsleden werden verzameld en verhoord.

Civiele gevangenen en Joden: Kampen zoals Sosnowitz-Dulag dienden als verzamelplaats voor Joden die naar Auschwitz werden getransporteerd.

Sovjet-krijgsgevangenen: In het oosten, zoals bij Dulag 230, waren de omstandigheden vaak gruwelijk met extreme overbevolking en hongersnood.

Partizanen: In Dulag 183 in Servië werden naast krijgsgevangenen ook partizanen en hun families vastgehouden. Hoewel ze tijdelijk waren, waren de leefomstandigheden in veel Dulags zeer slecht door een gebrek aan voedsel, medische zorg en hygiëne.

Concentratiekamp Dünaburg

Concentratiekamp Dünaburg

 

Letland

Concentratiekamp Dünaburg verwijst meestal naar het getto in de Letse stad Daugavpils (Duits: Dünaburg). Hoewel het formeel vaak werd aangeduid als het Ghetto Dünaburg, fungeerde het door de dwangarbeid en de systematische moordpartijen in de praktijk als een concentratie- en vernietigingsplaats. Het Getto (1941–1943): Direct na de Duitse inval in Letland in 1941 werd in de oude citadel van de stad een getto ingericht voor Joden uit de regio. Tienduizenden gevangenen, voornamelijk Joden uit Letland en gedeporteerden uit andere delen van Europa, werden vermoord in de nabijgelegen bossen van Pogulianka. Krijgsgevangenenkamp: In de buurt lag ook het beruchte kamp Stalag 340, waar tienduizenden Sovjet-krijgsgevangenen stierven door uithongering, ziekte en executies. Kriegswehrmachtgefängnis (KWG): Er was een specifieke militaire gevangenis in de stad voor soldaten van de Heeresgruppe Nord.

Dundaga

Dundaga

 

Letland

Het concentratiekamp Dundaga (ook bekend als Dondangen) was een subkamp van het concentratiekamp Riga-Kaiserwald, gevestigd in Letland tijdens de Tweede Wereldoorlog.  Het kamp werd in de nazomer van 1943 opgericht als een zee-kamp (Seelager) voor de SS. Het diende voornamelijk als een dwangarbeidskamp waar gevangenen onder zware omstandigheden moesten werken voor de Duitse oorlogsinspanning. Het was gelegen in de buurt van Dundaga, in de regio Koerland (Kurzeme) in Letland.

Het kamp huisvestte Joodse dwangarbeiders die vanuit andere kampen, zoals Kaiserwald, waren overgebracht.

Concentratiekamp Dunkelthal

Concentratiekamp Dunkelthal

 

Tsjechie

Concentratiekamp Dunkelthal (tegenwoordig Temný Důl in de Tsjechische Republiek) was een nationaalsocialistisch werkkamp voor Joodse gevangenen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het kamp was actief tussen 1942 en 1945 en fungeerde voornamelijk als een Zwangsarbeitslager (dwangarbeiderskamp).  Het lag in het toenmalige Sudetenland (nu district Trutnov, regio Hradec Králové). Gevangenen, veelal Joodse vrouwen, werden ingezet voor dwangarbeid in de lokale textielindustrie, specifiek voor de firma J.A. Kluge. Het kamp stond in nauwe verbinding met andere nabijgelegen kampen zoals Ober Altstadt (Hořejší Staré Město).

Concentratiekamp Dupnitsa

Concentratiekamp Dupnitsa

 

Bulgarije

Dupnitsa, een stad in het zuidwesten van Bulgarije, fungeerde in mei en juni 1943 als een tijdelijk interneringskamp of transit-ghetto voor de Joodse bevolking tijdens de Tweede Wereldoorlog. Vanaf eind mei 1943 bevalen de Bulgaarse autoriteiten de uitzetting van Joden uit Sofia en andere steden. Dupnitsa was een van de steden waar velen naartoe werden gestuurd. Deplorabele Omstandigheden: In juni 1943 diende de stad als een tijdelijke plek waar Joden werden samengedreven, vaak voor een periode van tien tot vijftien dagen, onder zeer slechte omstandigheden voordat ze verder werden gedeporteerd of elders tewerkgesteld. Hulp van Lokale Bevolking: Ondanks de strenge bevelen van de autoriteiten, waren er dappere acties van lokale bewoners. Mensen uit Dupnitsa brachten voedsel, water en kleding naar de Joden, met name voor de kinderen die bij het station werden vastgehouden.

Durach

Durach

 

Duitsland

Het kamp in Durach (ook wel bekend als Kottern-Weidach) was een buitenkamp (Außenlager) van het concentratiekamp Dachau. Het was operationeel van 1943 tot de bevrijding in april 1945 en bevond zich in de buurt van Kempten in Beieren. Er zaten tot 1000 gevangenen vast, waaronder veel Nederlanders, Italianen en Joegoslaven. De gevangenen werden gedwongen tot arbeid voor de vliegtuigfabrikant Messerschmitt AG. De leefomstandigheden waren erbarmelijk; veel gevangenen stierven door ziekte, uitputting of de gevolgen van het zware werk. Bevrijding: In april 1945 werd het kamp bevrijd door Amerikaanse troepen.

Dürrgoy

Dürrgoy

 

Polen

Concentratiekamp Dürrgoy (ook wel KZ Breslau-Dürrgoy) was een van de vroege, zogenaamde wilde concentratiekampen van de nazi's. Het bevond zich in de wijk Tarnogaj (toen Dürrgoy genoemd) in de stad Breslau, het huidige Poolse Wrocław. Het kamp was slechts korte tijd operationeel, van 28 april 1933 tot 10 augustus 1933. Het werd voornamelijk gebruikt voor de opsluiting van politieke tegenstanders van het nazi-regime, zoals sociaaldemocraten, communisten en vakbondsleiders. Het kamp stond onder toezicht van de lokale politie en de SA (Sturmabteilung), in opdracht van de SA-leider Edmund Heines. Het kamp werd ingericht op het terrein van een voormalige kunstmestfabriek aan de Strehlener Chaussee (nu ulica Bardzka).Sluiting: Na de opheffing van het kamp in augustus 1933 werden de overgebleven gevangenen grotendeels overgebracht naar Concentratiekamp Esterwegen.

Düsseldorf - Derendorf

Düsseldorf - Derendorf

 

Duitsland

In Düsseldorf-Derendorf bevond zich tijdens de Tweede Wereldoorlog het concentratiekamp Berta II (ook wel kamp Borsig genoemd). Dit was een buitenkamp (Außenlager) van Concentratiekamp Buchenwald. Het kamp was gevestigd aan de Rather Straße 31 op het terrein van de wapenfabriek Rheinmetall-Borsig AG. De gevangenen werden ondergebracht in de kelder van een fabriekshal. Het kamp bestond van september 1944 tot maart 1945. Er zaten tussen de 259 en 270 gevangenen, voornamelijk afkomstig uit Polen, Rusland en Tsjechië. Zij moesten onder erbarmelijke omstandigheden dwangarbeid verrichten voor de Duitse oorlogsindustrie. Het kamp viel administratief onder het nabijgelegen kamp Berta I in de wijk Flingern en werd geleid door SS-Oberscharführer Walter Knauf. In maart 1945 werden de overlevende gevangenen op een dodenmars teruggestuurd naar Buchenwald

Düsseldorf - Deutsche Erd- und Steinwerke (DEST)

Düsseldorf - Deutsche Erd- und Steinwerke (DEST)

 

Duitsland

Het KZ-Außenlager Düsseldorf (DESt) was een van de vijf buitenkampen van concentratiekamp Buchenwald in Düsseldorf. Dit specifieke kamp was actief van maart/april 1944 tot maart 1945 en stond direct in dienst van de Deutsche Erd- und Steinwerke (DESt), een commercieel bedrijf van de SS. De gevangenen waren gehuisvest in een voormalige school aan de Kirchfeldstraße 74–80 in de wijk Friedrichstadt. In opdracht van de DESt werden de gevangenen ingezet voor het ruimen van puin (Trümmerbeseitigung), het sorteren van bruikbare materialen en het uitvoeren van explosies. De DESt had een werkplaats aan de Fürstenwall waar gevangenen oude bakstenen schoonmaakten en betonblokken maakten van het puin. In augustus 1944 had de DESt al 2,2 miljoen schoongemaakte stenen aan de stad Düsseldorf verkocht.Het kamp bood plaats aan ongeveer 210 gevangenen, voornamelijk politieke gevangenen uit Nederland, België, Polen, Rusland en Duitsland. De leefomstandigheden waren erbarmelijk; ze waren uitgehongerd en werden bewaakt door de gemeentepolitie en de SS. Begin maart 1945 werd het kamp ontruimd. Ongeveer 150 overlevenden kwamen op 13 maart 1945 terug in Buchenwald aan

Düsseldorf - Grafenberg

Düsseldorf - Grafenberg

 

Duitsland

Het concentratiekamp Düsseldorf-Grafenberg (vaak aangeduid als KZ-Außenlager Düsseldorf-Grafenberg of met de codenaam Berta) was een buitenkamp van het concentratiekamp Buchenwald. Het kamp was operationeel van november 1943 tot maart 1945. De gevangenen werden ondergebracht in de fabriekshallen van de voormalige Hohenzollern-locomotievenfabriek in het stadsdeel Flingern-Nord, nabij de grens met Grafenberg. De gevangenen (tot 662 mannen) werden ingezet als slavenarbeid voor het bewapeningsbedrijf Rheinmetall-Borsig AG. Ze moesten onder andere werken aan de productie van raketonderdelen. De omstandigheden waren onmenselijk. Gevangenen waren uitgehongerd en werden blootgesteld aan geweld door de SS-bewakers. Er vielen ten minste 25 dodelijke slachtoffers in dit specifieke kamp. In maart 1945 werd het kamp ontruimd en werden de overlevende gevangenen op een dodenmars teruggestuurd naar Buchenwald

Düsseldorf - Kalkum

Düsseldorf - Kalkum

 

Duitsland

Het kamp Düsseldorf-Kalkum (SS-Baubrigade III) was een buitenkamp of satellietkamp van het concentratiekamp Buchenwald, gelegen in Kalkum, een stadsdeel van Düsseldorf, Duitsland. Gemiddeld 50 gevangenen uit het hoofdkamp Buchenwald werden ingezet in Düsseldorf-Kalkum. Zij functioneerden voornamelijk als bombensuchers (bommenzoekers) voor een Luftwaffe-bommeneenheid. Deze werkzaamheden waren zeer gevaarlijk en het werk bestond uit het onschadelijk maken of opruimen van niet-ontplofte bommen na geallieerde luchtaanvallen. Het kamp viel onder de SS-Baubrigade III (SS-Bouwbrigade), die administratief verbonden was aan het concentratiekamp Buchenwald.Gelegen in de omgeving van Düsseldorf-Kalkum.

Düsseldorf - Lohausen

Düsseldorf - Lohausen

 

Duitsland

In Düsseldorf-Lohausen bevond zich tijdens de Tweede Wereldoorlog een buiten kamp (Außenlager) van het concentratiekamp Buchenwald. In de volksmond en officiële documenten stond dit kamp vaak bekend als Lager Kalkum. Het was een werkkamp waar gevangenen onder erbarmelijke omstandigheden werden ingezet voor dwangarbeid. De gevangenen moesten voornamelijk puin ruimen na geallieerde bombardementen, blindgangers (niet-ontplofte bommen) onschadelijk maken en werken in de oorlogsindustrie. Het kamp huisvestte honderden gevangenen van verschillende nationaliteiten, waaronder Polen, Sovjet-gevangenen, en West-Europeanen (zoals Fransen, Belgen en Nederlanders). De omstandigheden waren onmenselijk; veel gevangenen stierven door uithongering, ziekte en mishandeling. Inwoners van Düsseldorf konden de uitgemergelde gevangenen in hun gestreepte pakken dagelijks door de straten zien lopen.

Concentratiekamp Düsseldorf (Ulmenstrasse)

Concentratiekamp Düsseldorf (Ulmenstrasse)

 

Duitsland

Het concentratiekamp aan de Ulmenstrasse in Düsseldorf, vaak aangeduid als Ulmer Höh' (Ulmenstrasse 95), was een van de vroege nazi-beschermingshechtenis-kampen (Schutzhaftlager) in Duitsland. Het kamp werd opgericht op 28 februari 1933, direct na de machtsovername door de nazi's, door de SS en de politie in de toenmalige voorlopige hechtenis-gevangenis aan de Ulmenstrasse. Het kamp huisvestte ongeveer 300 gevangenen, voornamelijk politieke tegenstanders van het regime, waaronder communisten, sociaaldemocraten, vakbondsleden en intellectuelen. De behandeling van de gevangenen was uiterst brutaal en willekeurig. Gevangenen werden onderworpen aan folteringen in speciale ruimtes, gedwongen marsen en slagen.Naast een plaats van terreur, werd het gebruikt om gevangenen te dwingen hun medewerkers of de locatie van verborgen wapens te verraden. De locatie bevond zich in de wijk Derendorf, in het noorden van Düsseldorf.

Düssin

Düssin

 

Duitsland

Concentratiekamp Düssin in Mecklenburg was tussen 15 september 1944 en 1 maart 1945 een buitenlager (Außenlager) van het concentratiekamp Neuengamme. Er verbleven ongeveer 80 mannelijke gevangenen in het kamp. De gevangenen moesten gedwongen landbouwwerkzaamheden verrichten op een landgoed (Gut), zoals grondwerk en het laden van aardappelen.  De gevangenen werden ondergebracht in een bijgebouw van het landgoed, maar hadden strikt geen contact met de reguliere werknemers van het goed. Op 1 maart 1945 werd het kamp gesloten en werden de gevangenen overgebracht naar het buitenlager Hamburg-Spaldingstr

Concentratiekamp Dworzec

Concentratiekamp Dworzec

 

Wit Rusland

Het kamp Dworzec was een nazi-werkkamp en getto in het huidige Wit-Rusland (destijds bezet Polen) tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het diende voornamelijk als een locatie voor dwangarbeid voor de Joodse bevolking uit de omliggende regio. Vanaf de zomer van 1941 voerden de Duitsers anti-Joodse maatregelen in, waaronder gedwongen arbeid. In december 1941 werden honderden Joden uit naburige plaatsen zoals Lubcz en Zdzięcioł naar Dworzec gebracht om daar als dwangarbeider te werken. Gevangenen waren verplicht een gele ster te dragen en mochten het dorp niet verlaten, hoewel ze aanvankelijk nog in hun eigen huizen mochten blijven wonen. In de tweede helft van december 1942 werd het kamp/getto geliquideerd door Duitse en Letse SS-eenheden. Op dat moment verbleven er naar schatting 2.500 tot 3.000 Joden. Tijdens de liquidatie werden de gevangenen uit hun huizen gedreven en naar kuilen in een nabijgelegen bos (ongeveer 2 kilometer buiten het dorp) gebracht, waar ze werden vermoord. Sommige gevangenen wisten te ontsnappen via vooraf gebouwde schuilplaatse

Dyhernfurth I

Dyhernfurth I

 

Polen

Dyhernfurth I (ook bekend als Dyhernfurth II of Brzeg Dolny) was een nazi-concentratiekamp, dat functioneerde als een buitenkamp van het concentratiekamp Gross-Rosen in de buurt van Breslau (het huidige Wroclaw in Polen). Het kamp was primair gericht op dwangarbeid en de productie van chemische wapens. Gelegen in Dyhernfurth, nu bekend als Brzeg Dolny, Polen. Het kamp leverde dwangarbeiders voor de nabijgelegen chemische fabriek, die zenuwgas (met name Tabun) produceerde als onderdeel van het Grun 3 programma. Het kamp huisvestte onder andere Joodse gevangenen en vrouwen die uit Auschwitz waren overgebracht.

Dyhernfurth II

Dyhernfurth II

 

Polen

Dyhernfurth II, ook bekend als Lager Elfenhain, was een buitenkamp van het naziconcentratiekamp Gross-Rosen, gelegen in de buurt van Dyhernfurth (het huidige Brzeg Dolny in Polen). Het kamp werd gebruikt om dwangarbeiders in te zetten bij de bouw en exploitatie van een nabijgelegen chemische fabriek. Deze fabriek produceerde het zenuwgas Tabun als onderdeel van het Grun 3 chemische wapenprogramma. In het kamp werden met name joodse vrouwen vastgehouden, die onder andere vanuit het concentratiekamp Auschwitz naar Dyhernfurth II werden overgebracht.Het kamp was nauw verbonden met de chemische fabriek in Dyhernfurth, die een belangrijke rol speelde in de Duitse chemische oorlogsvoering.V Het kamp viel onder het administratieve beheer van het hoofdconcentratiekamp Gross-Rosen.

Dzierzazna

Dzierzazna

 

Polen

Concentratiekamp Dzierżązna (officieel een afdeling van het Polen-Jugendverwahrlager der Sicherheitspolizei in Litzmannstadt) was een berucht nazi-concentratiekamp voor Poolse meisjes in het dorp Dzierżązna, nabij de stad Łódź. Het was in gebruik van 1943 tot januari 1945. Het kamp was specifiek bedoeld voor Poolse meisjes in de leeftijd van 8 tot 16 jaar. Het diende als een agrarische afdeling van het hoofdkamp aan de Przemysłowa-straat in Łódź. De meisjes moesten zware landarbeid verrichten om het hoofdkamp van voedsel te voorzien. De gevangenen leefden onder erbarmelijke omstandigheden, gekenmerkt door ondervoeding, dwangarbeid, strenge discipline en geweld door de kampbewaking. Het kamp was gevestigd op een geconfisqueerd landgoed in Dzierżązna. De commandant was Heinrich Hans Fuge, de voormalige vice-commandant van het kamp in Łódź.

Concentratiekamp Dzhankoi

Concentratiekamp Dzhankoi

 

Oekraine

Tijdens de Tweede Wereldoorlog was er in Dzhankoi (Krim) een kamp dat fungeerde als een combinatie van een getto en een werkkamp. Dzhankoi was een van de weinige plaatsen op de Krim waar een formeel getto werd ingericht door de nazi's. Uniek aan Dzhankoi was dat Joden en Sovjet-krijgsgevangenen (POWs) samen gevangen werden gehouden in hetzelfde kamp, waar zij minimale voedselvoorraden ontvingen. De Joodse gemeenschap in Dzhankoi, die vóór de oorlog ongeveer 11% van de bevolking uitmaakte, werd grotendeels uitgeroeid door de Einsatzgruppen. Duitse Leiding: Het kamp en de regio vielen onder het gezag van het Duitse 11e Leger

Concentratiekamp Dzików Stary

Concentratiekamp Dzików Stary

 

Polen

Stary Dzików (Dzików Stary) was een van de locaties waar de nazi's tijdens de Tweede Wereldoorlog dwangarbeidskampen vestigden in de regio rond het vernietigingskamp Bełżec. Het dorp ligt in het woiwodschap Subkarpaten in zuidoost-Polen, in het district Lubaczów. Het kamp in Dzików Stary was een werkkamp (arbeidslager), een van de satellietkampen in de regio Belzec, waaronder ook Lipsko-Narol, Płazów en Cieszanów. De kampen in dit gebied werden door de Duitsers opgezet vanaf eind mei 1940, met intensieve activiteiten gedurende de periode 1940-1943. De gevangenen, voornamelijk Joodse bewoners uit de regio, werden ingezet voor dwangarbeid, waarna velen werden gedeporteerd naar het nabijgelegen vernietigingskamp Bełżec.