Werkverschaffing Weert

Weert

De gemeente Weert bestaat uit de volgende kernen:


Weert 
Stramproy 
Altweerterheide 
Tungelroy 
Swartbroek
Laar 

Naast de vijf kerkdorpen, liggen er verschillende gehuchten en buurtschappen in de gemeente Weert

Bosven,

Breyvin,

Castert,

Crixhoek,

De Berg,

De Boberden,

De Horst,

Dijkerstraat,

Hei,

Houtbroek,

Hushoven,

Oud-Boshoven,

Rietbroek,

Vlootkant,

Wisbroek.

Sinds 1998 maakt de tot dan toe zelfstandige gemeente Stramproy deel uit van Weert.

 

Weert 

Bronnen zijn summier

 
Het waterschap De Oude Graaf was na het Land van Weert het tweede waterschap dat in Limburg werd opgericht. Het initiatief tot oprichting ervan kwam ook vanuit dit oudste waterschap. In 1917 werd een voorlopig bestuur gevormd. Enkele lokale bestuurders namen hierin zitting. Vooral F. Damen, burgemeester van Nederweert en bestuurslid van het waterschap Het Land van Weert, lijkt een belangrijke rol te hebben gespeeld. In januari 1918 werden vergaderingen gehouden met de grondeigenaren in het stroomgebied van de Oude Graaf. Daaruit bleek dat er veel belangstelling was voor de verbetering van de afwatering in het gebied en de oprichting van een waterschap. Aldus diende het voorlopige bestuur bij de provincie een verzoek tot oprichting in, waartoe Provinciale Staten vervolgens op 30 december 1919 besloten. Het duurde nog tot 28 juni 1921 voordat koninklijke goedkeuring werd verkregen voor dit besluit. De oorzaak daarvan waren moeilijkheden die ontstonden met het Noord-Brabantse provinciebestuur. Omdat de Oude Graaf afwaterde naar Brabant vreesde men wateroverlast door de ontwatering van het stroomgebied rond deze beek. Een oplossing werd gevonden in het meebetalen van het waterschap De Oude Graaf aan verbeteringswerken in het gebied van het waterschap De Dommel als deze voordeel opleverden voor de Limburgse ontwatering.
Hoewel nog niet officieel opgericht, was het waterschap al in 1918 begonnen met de verbetering van de Oude Graaf. De beek werd verdiept, verbreed en rechtgetrokken. Begin jaren twintig was dit project uitgevoerd. Het honderd hectare grote moerasgebied Hugterbroek was nu klaar om te worden ontgonnen. De rijks- en provinciale subsidies voor dit werk werden pas na enkele jaren uitbetaald zodat het waterschap gedwongen was om leningen aan te gaan. De financiële situatie dwong het waterschap om de omslaggelden enkele malen te verhogen.
Een tweede project dat het waterschap uitvoerde was het verbeteren van de Rietbeek. Plannen hiervoor werden aan het eind van de jaren twintig ontwikkeld. Het project kon uitgevoerd worden door een subsidie van de gemeente Weert en de inzet van werklozen in het kader van de werkverschaffing. Halverwege de jaren dertig waren de werken voltooid.
In 1951 werd het gebied van het waterschap uitgebreid met terreinen ten noorden van de Oude Graaf in de gemeente Nederweert. Een tweede uitbreiding in 1953 betrof het nog noordelijker gelegen gebied De Kievit. De ontwatering van dit gebied vormde het volgende grote project van het waterschap. Het werd uitgevoerd in de jaren 1962-1964. Het verbeteren van het stroomgebied van de Oude Graaf was hiermee voltooid. Het waterschap kon zich nu beperken tot het kleine verbeterings- en onderhoudswerkzaamheden.
Van oudsher waren geen vaste arbeiders in dienst. Vaste dienstverbanden kon het waterschap niet bekostigen. Ook was er maar gedurende een deel van het jaar werk. Vanaf 1956 kwamen vaste arbeiders in dienst. In de perioden dat er geen werkzaamheden voorhanden waren, verrichtten zij werk voor het Bisschoppelijk College te Weert. De arbeidersploeg bestond uit een opzichter en vier medewerkers. De secretaris-penningmeester verrichtte alle voorkomende secretariaatswerkzaamheden en inde de omslaggelden.
In 1971 besloot het provinciebestuur tot een aantal fusies van waterschappen. Het kleinschalige waterschap De Oude Graaf werd bij het waterschap Midden-Limburg gevoegd. Het bestuur en de ingelanden vreesden een verhoging van de waterschapslasten. Zij wilden zelfstandig blijven en indien dit niet mogelijk was, fuseren met het Brabantse waterschap De Aa. In maart 1972 kwamen zij tot het inzicht dat een fusie onontkoombaar was. In 1972 kwam zo een einde aan het bestaan van het waterschap De Oude Graaf

 

In de jaren dertig bood Weert onder andere barakken als deel van werkverschaffingsprojecten aan werklozen, meestal mannen, die verplicht werden zwaar ongeschoold werk te verrichten. Deze kampen waren beheerd door organisaties zoals de NHM en dienden zowel als tijdelijk verblijf en controlepunt voor arbeidsprestaties binnen een groter nationaal systeem van werkloosheidsbestrijding.

Hoewel er geen specifieke archiefbronnen beschikbaar zijn voor werkverschaffing projecten in Weert, volgde de gemeente de landelijke trend van publieke werkprojecten.

Typische activiteiten in Limburgse steden omvatten:
Aanleg en onderhoud van infrastructuur, soms werden werklozen ingezet bij verbetering van landbouwgrond of bosbeheer, passend bij de regionale economie rondom Weert, aanleg van parken, speeltuinen en riolering, sommige werklozen werden betrokken bij het opknappen van kerken, scholen of historische gebouwen.

Stramproy 

Specifiek voor Stramproy is geen bewijs van werkverschaffing of kamp of barakkencomplex. Wel werd de regio, als deel van Nederlands Limburg nabij Weert, gebruikt voor ontginning van heide- en moerasgebieden, en arbeiders verbleven tijdelijk in nabijgelegen semi-permanente of eenvoudige barakken in de regio voor hun werk

Altweerterheide 

Specifiek voor Altweerterheide is geen bewijs van werkverschaffing of kamp of barakkencomplex. Wel werd de regio, als deel van Nederlands Limburg nabij Weert, gebruikt voor ontginning van heide- en moerasgebieden, en arbeiders verbleven tijdelijk in nabijgelegen semi-permanente of eenvoudige barakken in de regio voor hun werk


Tungelroy 

Er is geen directe bron die bevestigt dat Tungelroy zelf werkverschaffing of barakken had. Het dorp lag in een agrarisch gebied en ligt relatief afgelegen; eventueel werk in de regio kan elders in Weert of nabijgelegen projecten zijn uitgevoerd.

Swartbroek

Hoewel de meeste gedetailleerde documentatie over werkverschaffingsprojecten in Limburg schaarser is dan in de noordelijke provincies zoals Drenthe, zijn er aanwijzingen dat in de Kempen en Peelgebieden (waar Swartbroek ligt) de werklozen werden ingezet bij:
Ontginning van moeras- en heidegebieden, zoals peelontginningsprojecten.
Aanleg van kleine kanalen en drainage-systemen om landbouwgrond vruchtbaarder te maken.
Infrastructurele werkzaamheden zoals lokale wegen, toegangswegen tot landbouwgronden en kleine openbare werken.

Werklozen verbleven vaak in werkkampen nabij de projecten.
Slechts in het weekend mochten ze naar huis.
De arbeiders stonden onder streng toezicht van de zogenaamde stoklopers, uitvoerders van de Heidemij.
Wanprestaties of weigering konden leiden tot het verlies van zowel werk als steun; zij die niet meewerkten waren volledig afhankelijk van de armenzorg.

In Swartbroek net als in andere delen van Nederland, bood werkverschaffing een tijdelijke oplossing voor werkloosheid in de crisistijd. Het werk was zwaar en eentonig, maar diende zowel sociaal als economisch doel: het voorkomen van totale armoede en het uitvoeren van infrastructuur- en landbouwprojecten die anders niet gerealiseerd zouden zijn. De werklozen leefden vaak een regimentair bestaan en waren volledig afhankelijk van overheidssteun en toezicht.

Laar 

In de jaren dertig werden werklozen in Laar, door de overheid via werkverschaffingsprojecten ingezet voor zwaar ongeschoold werk, voornamelijk georganiseerd door de Heidemij, waarbij zij tegen minimale beloning in werkkampen verbleven.

In Limburg, waaronder ook Laar, werden veel werkverschaffingsprojecten uitgevoerd onder leiding van de Nederlandsche Heidemaatschappij (Heidemij). De overheid bepaalde de projecten, werktijden en lonen, terwijl de Heidemij toezicht hield op de uitvoering. Toezichthouders van de Heidemij werden in de volksmond stoklopers genoemd; zij hielden de productiviteit bij en handhaafden de discipline

Werklozen die niet aan de eisen konden voldoen of weigerden te werken, werden van steun uitgesloten en moesten terugvallen op de armenzorg

De werkzaamheden bestonden voornamelijk uit grond- en landbouwprojecten, zoals het ontginnen van hoogveengebieden, het graven van kanalen of aanleg van wegen. Alles gebeurde met handgereedschap zoals schop, kruiwagen en kiepkar. De werkweken bedroegen tot ongeveer 50 uur en de omstandigheden waren zwaar en vaak erbarmelijk. Werkkampen nabij de projecten verschafte onderdak, waarbij de weekenden meestal het enige moment voor thuisverblijf boden

Voor Laar zelf zijn de details minder gedocumenteerd in de bronnen, maar de projecten in Limburg vielen vrijwel zeker onder hetzelfde schema van de Heidemij-organisatie. Het is aannemelijk dat de werklozen daar werden ingezet voor ontginning en infrastructuurwerk, gehuisvest in nabijgelegen werkkampen, en dat zij werkten volgens de landelijk geldende regels en weekindeling van deze projecten
De werkverschaffing in Laar, Limburg tijdens de jaren dertig was een onderdeel van een bredere landelijke aanpak van werkloosheidsbestrijding door zwaar ongeschoold werk, uitgevoerd onder toezicht van de overheid en Heidemij, met minimale beloning en vaak zware omstandigheden, maar met als doel het bieden van economische steun en het behoud van maatschappelijke discipline

Bosven

In de jaren dertig werden werklozen in Bosven en omgeving Weert door de overheid ingezet voor werkverschaffingsprojecten zoals landontginning, aanleg van kanalen en bosaanleg, vaak onder zware omstandigheden en tegen minimaal loon. Hoewel er geen bron is die specifiek Bosven noemt, waren vergelijkbare projecten typisch voor Limburg

Breyvin

In de jaren dertig werden werklozen in Breyvin en omgeving Weert door de overheid ingezet voor werkverschaffingsprojecten zoals landontginning, aanleg van kanalen en bosaanleg, vaak onder zware omstandigheden en tegen minimaal loon. Hoewel er geen bron is die specifiek Breyvin noemt, waren vergelijkbare projecten typisch voor Limburg

Castert

In de jaren dertig werden werklozen in Castert en omgeving Weert door de overheid ingezet voor werkverschaffingsprojecten zoals landontginning, aanleg van kanalen en bosaanleg, vaak onder zware omstandigheden en tegen minimaal loon. Hoewel er geen bron is die specifiek Castert noemt, waren vergelijkbare projecten typisch voor Limburg

Crixhoek

In de jaren dertig werden werklozen in Crixhoek en omgeving Weert door de overheid ingezet voor werkverschaffingsprojecten zoals landontginning, aanleg van kanalen en bosaanleg, vaak onder zware omstandigheden en tegen minimaal loon. Hoewel er geen bron is die specifiek Crixhoek noemt, waren vergelijkbare projecten typisch voor Limburg

De Berg

In de jaren dertig werden werklozen in De Berg en omgeving Weert door de overheid ingezet voor werkverschaffingsprojecten zoals landontginning, aanleg van kanalen en bosaanleg, vaak onder zware omstandigheden en tegen minimaal loon. Hoewel er geen bron is die specifiek De Berg noemt, waren vergelijkbare projecten typisch voor Limburg

De Boberden

In de jaren dertig werden werklozen in De Boberden en omgeving Weert door de overheid ingezet voor werkverschaffingsprojecten zoals landontginning, aanleg van kanalen en bosaanleg, vaak onder zware omstandigheden en tegen minimaal loon. Hoewel er geen bron is die specifiek De Boberden noemt, waren vergelijkbare projecten typisch voor Limburg

De Horst

In de jaren dertig werden werklozen in De Horst en omgeving Weert door de overheid ingezet voor werkverschaffingsprojecten zoals landontginning, aanleg van kanalen en bosaanleg, vaak onder zware omstandigheden en tegen minimaal loon. Hoewel er geen bron is die specifiek De Horst noemt, waren vergelijkbare projecten typisch voor Limburg

Dijkerstraat

In de jaren dertig werden werklozen in Dijkerstraat en omgeving Weert door de overheid ingezet voor werkverschaffingsprojecten zoals landontginning, aanleg van kanalen en bosaanleg, vaak onder zware omstandigheden en tegen minimaal loon. Hoewel er geen bron is die specifiek Dijkerstraat noemt, waren vergelijkbare projecten typisch voor Limburg

Hei

In de jaren dertig werden werklozen in Hei en omgeving Weert door de overheid ingezet voor werkverschaffingsprojecten zoals landontginning, aanleg van kanalen en bosaanleg, vaak onder zware omstandigheden en tegen minimaal loon. Hoewel er geen bron is die specifiek Hei noemt, waren vergelijkbare projecten typisch voor Limburg

Houtbroek

In de jaren dertig werden werklozen in Houtbroek en omgeving Weert door de overheid ingezet voor werkverschaffingsprojecten zoals landontginning, aanleg van kanalen en bosaanleg, vaak onder zware omstandigheden en tegen minimaal loon. Hoewel er geen bron is die specifiek Houtbroek noemt, waren vergelijkbare projecten typisch voor Limburg

Hushoven

In de jaren dertig werden werklozen in Hushoven en omgeving Weert door de overheid ingezet voor werkverschaffingsprojecten zoals landontginning, aanleg van kanalen en bosaanleg, vaak onder zware omstandigheden en tegen minimaal loon. Hoewel er geen bron is die specifiek Hushoven noemt, waren vergelijkbare projecten typisch voor Limburg

Oud-Boshoven

In de jaren dertig werden werklozen in Oud-Boshoven en omgeving Weert door de overheid ingezet voor werkverschaffingsprojecten zoals landontginning, aanleg van kanalen en bosaanleg, vaak onder zware omstandigheden en tegen minimaal loon. Hoewel er geen bron is die specifiek Boshoven noemt, waren vergelijkbare projecten typisch voor Limburg

Rietbroek

Hoewel er geen bron is die specifiek Rietbroek noemt, waren vergelijkbare projecten typisch voor Limburg

Vlootkant

Hoewel specifieke gegevens over Vlootkant ontbreken in de beschikbare bronnen, lijkt het aannemelijk dat er vergelijkbare projecten plaatsvonden, zoals aanleg of onderhoud van kanalen, wegen of groene ruimten, aangezien grote steden en omliggende gemeenten in Limburg 

Wisbroek

Hoewel specifieke gegevens over Wisbroek ontbreken in de beschikbare bronnen, lijkt het aannemelijk dat er vergelijkbare projecten plaatsvonden, zoals aanleg of onderhoud van kanalen, wegen of groene ruimten, aangezien grote steden en omliggende gemeenten in Limburg