Werkverschaffing Woerden

Woerden

De gemeente bestaat uit de kernen Woerden, Harmelen, Kamerik en Zegveld.

 

De gemeente is verdeeld in de volgende  wijken:

Wijk 00 Woerden-Midden 

Wijk 01 Woerden-West 

Wijk 02 Woerden-Oost 

Wijk 03 Zegveld 

Wijk 04 Kamerik 

Wijk 05 Harmelen 

 

Een wijk kan bestaan uit meerdere buurten:

Binnenstad 

Bloemenwijk en industriegebied 

Woerden Noord 

Oudeland en Meander 

Staatsliedenkwartier 

Kromwijk 

Boerendijk en Bomenwijk 

Tournoijsveld 

Molenvliet 

Barwoutswaarder 

Rietveld 

Geestdorp 

Breeveld 

Snel en Polanen

Zegveld 

Rondweg-Milandweg 

Stichtse Meije 

Kamerik waaronder Kanis

Mijzijde 

Oud-Kamerik 

Teckop 

Houtdijken 

's-Gravesloot 

Verspreide huizen 

Harmelen waaronder Haanwijk 

Harmelerwaard 

Breudijk 

Gerverscop 

Reijerscop 

Verspreide huizen 

 

Woerden

In Woerden bestond tijdens de crisissjaren en de Tweede Wereldoorlog geen werkverschaffingskamp.

In en rond Woerden zijn destijds diverse infrastructurele projecten uitgevoerd. Een bekend voorbeeld is de bouw van een duurdere betonconstructie voor een brug in de regio (in plaats van hout) puur om extra werkgelegenheid te creëren

.

Harmelen

Er is geen werkkamp of werkverschaffingskamp in Harmelen geweest tijdens de crisisjaren of de Tweede Wereldoorlog

Demping van watergangen: Tijdens de crisis in de jaren dertig is er in het kader van de werkverschaffing een grote watergang in het dorp gedempt.Infrastructuur en grondwerk: Net als in de rest van de Rijnstreek werden arbeiders met schop en kruiwagen ingezet voor het verbeteren van polderwegen, het graven van sloten en het egaliseren van agrarische cultuurgronden.

 

Kamerik

Er was in de jaren dertig geen barakkenkamp voor de werkverschaffing in Kamerik.

Wel werden werkloze arbeiders in het kader van de crisisjaren en de werkverschaffing lokaal ingezet voor openbare projecten, zoals grond-, aanleg- en beplantingswerkzaamheden.

Al ver vóór de grote overheidsprojecten uit de jaren dertig bestonden er lokale initiatieven. In augustus 1887 werd de Vereeniging tot werkverschaffing aan minvermogende ingezetenen der gemeente Kamerik opgericht. Dit soort burgerinitiatieven probeerde in de wintermaanden armoede en bedelarij tegen te gaan door armen tegen een klein loon arbeid te laten verrichten.

In Kamerik en het omliggende poldergebied werd de werkverschaffing voornamelijk ingezet tijdens de economische crisisjaren dertig van de 20e eeuw en via lokale particuliere initiatieven in de 19e eeuw. Omdat Kamerik destijds een zelfstandige, agrarische gemeente was (met dezelfde burgemeester als Zegveld), richtten de overheidsprojecten zich hier met name op de infrastructuur: het verbeteren van polderwegen, het uitdiepen van sloten en het herstructureren van de waterhuishouding.

 

Zegveld

Er was in Zegveld geen werkkamp of werkverschaffingskamp uit de Tweede Wereldoorlog geweest.

 

In Zegveld en de omliggende polders heeft de werkverschaffing tijdens de crisisjaren (1930-1940) een grote rol gespeeld bij grootschalige waterbouwkundige en infrastructurele projecten. Het zware handwerk werd ingezet om de poldergronden te verbeteren, de afwatering te reguleren en nieuwe wegen aan te leggen.

Cultuurtechnische werken en de polders Drooglegging en ontwatering: In het grensgebied van Utrecht en Zuid-Holland, zoals de polder Nieuwkoop en Noorden (waarvan een deel in het oude ambacht Zegveld lag), werden plannen ingediend voor de drooglegging van lage gronden en rietlanden. Dit gebeurde onder toeziend oog van instanties zoals het Rijksbureau voor de Ontwatering. Zwaar handwerk: Omdat het projecten binnen de werkverschaffing betrof, moesten machines bewust aan de kant blijven. Werklozen uit de regio (en omliggende steden) moesten met de schop sloten graven, kades verstevigen en veengronden ontginnen.

De Meijekade: Rondom de Meijekade en de polder Zegvelderbroek zijn destijds diverse verzoekschriften ingediend om gronden via werklozenprojecten te verbeteren en geschikter te maken voor de landbouw.

Infrastructuur en wegen Kamerikse Zwarte Dijk. Net buiten Zegveld, in het aangrenzende Kamerik, werd de basis voor de latere Enschedeweg gelegd door werklozen. Het dijklichaam (de Zwarte Dijk) moest na het handmatige opspuiten eerst tien jaar inklinken voordat er een echte weg van gemaakt kon worden.

De latere Ruilverkaveling: Hoewel de echte grote ontsluiting van Zegveld (met de aanleg van de Milandweg, Middenweg en Rondweg) pas tijdens de ruilverkaveling vanaf 1958 werd voltooid, vonden de eerste polderverbeteringen en het pellen van klei- en veenlagen al plaats tijdens de crisisprojecten vóór de oorlog.