Werkverschaffing Wassenaar

Wassenaar

Binnen de gemeentegrenzen liggen naast Wassenaar enkele gehuchten.

De gemeente is verdeeld in de volgende  wijken:

Wijk 00 Zuidwestelijk deel der gemeente 
Wijk 01 Noordoostelijk deel der gemeente 


Een wijk kan bestaan uit meerdere buurten. 

Drie Papegaaien 
Oud-Wassenaar 
Nieuw-Wassenaar 
Duindigt met Groenendaal 
Oud-Clingendaal 
De Kieviet
Kerkehout 
Klingenbosch 
Verspreide huizen Eikenhorst 
Verspreide huizen Meijendel 
De Paauw 
Dorp Wassenaar 
Oostdorp 
Zijlwatering en haven 
De Deijl 
Groot Deijleroord en Ter Weer 
Rijksdorp met De Pan
Maaldrift 
Verspreide huizen Raaphorst en in poldergebied 
Verspreide huizen Duinrell Wassenaarse Slag 
Weteringpark

 

Wassenaar

Werkverschaffing in Wassenaar volgde het landelijke patroon: politieke en economische noodzaak leidde tot zwaar fysiek werk voor minimale beloning, uitgevoerd onder toezicht van landelijke organisaties zoals de Heidemaatschappij.

In de jaren 1930 kende Nederland, net als veel andere landen, een periode van grote werkloosheid als gevolg van de wereldwijde economische crisis. Om de werklozen te helpen, startte de overheid verschillende werkverschaffingsprojecten. In deze projecten werden mannen, vaak jongvolwassenen of volwassenen zonder werk, ingezet voor ongeschoold arbeid, zoals het graven van kanalen, het ontginnen van hoogveengebieden, bosaanplant of infrastructuurwerken. Ze werkten doorgaans onder toezicht van de Nederlandse Heidemaatschappij of andere overheidsinstellingen zoals de Rijksdienst voor Werkverruiming na 1939.
De barakken waarin de werklozen woonden, waren eenvoudige houten of stenen tijdelijke gebouwen. De indeling was meestal standaard: een woonbarak met drie slaapkamers voor zestien personen per kamer, waarbij een ploeg van zestien personen een samensteller van een ploeg vormde. Vier van zulke woonbarakken vormden gezamenlijk een afdeling, vaak met eigen groepsleiders en een afdelingscommandant. Rondom deze barakken was vaak een appelplaats, en er waren faciliteiten zoals keuken- en kantinebarakken, fietsenbergingen, werkplaatsen en stalbarakken.
In Wassenaar werd een dergelijk werkkamp gerealiseerd bij het project Huize Drie Koningen, dat door de Nationale Rooms-Katholieke Commissie werd beheerd. Dit kamp richtte zich op dienstbodenopleidingen en had een verblijf van drie maanden voor de deelnemers. Deze jongeren of werklozen werden betaald met een minimaal werkverschaffingsloon, dat net genoeg was om rond te komen. Werkweken waren lang (40–50 uur in het begin, soms korter bij jeugdwerkkampen), en de werkdagen waren zwaar.
De barakken van de werkverschaffing in Wassenaar waren vergelijkbaar met andere jeugdwerkkampen in Nederland in deze periode, waar deelnemers naast werk ook vaak konden deelnemen aan cursussen, sport, ontspanning of beroepsopleidingen, afhankelijk van de organisatie en het specifieke werkkamp. De kampstructuur was semi-permanent: de houten barakken konden gemakkelijk worden opgebouwd of afgebroken, afhankelijk van de beschikbare locaties en projecten.

Naast Huize Drie Koningen zijn er aanwijzingen dat ook in het Weteringpark en in de omgeving van de Wassenaarse Slag werkverschaffingsprojecten en mogelijk barakken aanwezig waren

Hoewel er geen gedetailleerde archiefvermeldingen van deze locaties bestaan, volgt de organisatie van deze kampen het landelijke patroon van werkkampen: tijdelijke huisvesting in houten barakken, groepsindeling, toezicht en zwaar fysiek werk.

 

Drie Papegaaien 

Tijdens de wereldwijde economische crisis in de jaren dertig steeg de werkloosheid in Nederland aanzienlijk. Om werklozen nuttig bezig te houden, startte de overheid werkverschaffingsprojecten, waarbij ongeschoolde arbeid zoals het graven van kanalen, bos- en terreinonderhoud of infrastructuurwerken werd uitgevoerd
In veel gevallen gebeurde dit onder toezicht van de Nederlandse Heidemaatschappij of, na 1939, de Rijksdienst voor Werkverruiming

Werklozen werden ondergebracht in zogenaamde werkkampen. In Wassenaar bestonden deze kampen vaak uit houten of stenen barakken. Typisch waren:
Woonbarakken: drie slaapvertrekken per barak voor zestien personen, vier barakken vormden een afdeling met een groepsleider en afdelingscommandant

Aanvullende voorzieningen: appelplaatsen, keuken- en kantinebarakken, werkplaatsen, stalbarakken en fietsenbergingen.
Semi-permanente constructie: houten barakken konden relatief eenvoudig worden opgebouwd of afgebroken na afloop van projecten.


In de buurt Drie Papegaaien en bij Huize Drie Koningen beheerde de Nationale Rooms-Katholieke Commissie een werkkamp voor dienstbodenopleiding. Jongeren verbleven hier doorgaans drie maanden, werkten 40–50 uur per week en ontvingen een minimaal werkverschaffingsloon
Naast arbeid konden deelnemers deelnemen aan sport, ontspanning of beroepsopleidingen.

Drie Papegaaien, een buurt in Zuidwest Wassenaar, verwijst naar de gelijknamige zestiende-eeuwse boerderij. De buurt grenst aan oud Wassenaar en omvat landgoederen en villawijken
In deze periode werden ook projecten uitgevoerd in Weteringpark, Duinrell en de omgeving van de Wassenaarse Slag, waar werklozen werkten aan terreinaanleg en infrastructuur, waarschijnlijk ondergebracht in vergelijkbare tijdelijke barakken

De werkverschaffing in Drie Papegaaien volgde het landelijke patroon: zwaar handwerk voor minimaal loon, tijdelijke huisvesting in barakken, en toezicht door overheids- of maatschappelijke organisaties. Deze projecten droegen bij aan de economische steun voor werklozen en hadden tegelijkertijd een positief effect op stedelijke ontwikkeling en terrein- of parkvoorzieningen in Wassenaar

Oud-Wassenaar 

Naast landelijke projecten zijn er aannemelijke aanwijzingen dat in Oud-Wassenaar werkverschaffing plaatsvond met dergelijke barakken, ook nabij recreatieve gebieden zoals Duinrell of langs paden naar de Wassenaarse Slag. Hoewel gedetailleerde archiefvermeldingen ontbreken, volgt de opzet van deze barakken en kampen het landelijke patroon van semi-permanente woonbarakken voor ploegenwerk

Nieuw-Wassenaar 

De werkverschaffing in Nieuw-Wassenaar in de jaren dertig volgde een landelijke trend: semi-permanente houten barakken boden accommodatie voor werklozen, die verplicht waren zwaar fysiek werk te verrichten. De barakken waren functioneel ingericht met woonruimtes, gemeenschappelijke voorzieningen en speciaal aangewezen werkruimtes in de nabijheid, en vormen een belangrijk aspect van de lokale geschiedenis van werkgelegenheids- en sociale maatregelen in deze periode

Duindigt met Groenendaal 

In de jaren dertig bestonden er in Wassenaar, rond Duindigt en mogelijk Groenendaal, tijdelijke werkverschaffingsbarakken waar werklozen of jongeren verblijven om deel te nemen aan land- en infrastructuurprojecten. Deze projecten combineerden zwaar fysiek werk met mogelijkheden tot opleiding en recreatie, uitgevoerd onder toezicht van landelijke organisaties en lokale commissies, naar het model van vergelijkbare werkkampen in heel Nederland.

Oud-Clingendaal 

In Oud-Clingendaal en omliggende gebieden in Wassenaar werden in de jaren dertig houten barakken gebruikt om werklozen onder te brengen die deelnamen aan door de overheid georganiseerde werkverschaffingsprojecten, met een focus op zowel arbeid als opleiding en recreatie.

De Kieviet

In de jaren dertig werd in de omgeving van De Kieviet (Weteringpark, Wassenaar) werklozen gehuisvest in houten of tijdelijke barakken die deel uitmaakten van de werkverschaffingsprojecten, overeenkomstig de landelijke pattern van werkkampen van die periode. Deze barakken vormden een tijdelijk, functioneel onderkomen waar deelnemers onder minimale beloning intensief werk verrichtten aan infrastructuur en terreinontwikkeling in de regio.

Kerkehout 

Kerkehout ligt ten oosten van de Rijksstraatweg in Wassenaar. In dit gebied werd, net als in andere delen van Nederland, gebruikgemaakt van tijdelijke barakken voor de huisvesting van werklozen. Deze barakken waren vaak ingedeeld met meerdere slaapkamers; een kamer herbergde bijvoorbeeld zestien personen en meerdere barakken vormden samen een afdeling met eigen groepsleiders en een afdelingscommandant

In Wassenaar werden dergelijke barakken ingezet voor projecten zoals het aanleggen van parken, wegen en terreinaanleg, inclusief terreinen als Weteringpark en delen van landgoed Duinrell. De bewoners van de werkkampen kregen de kans om naast de zware arbeid deel te nemen aan sport, trainingen of cursussen, afhankelijk van het specifieke kamp
De opzet in Kerkehout volgde het landelijke patroon van toezicht door organisaties zoals de Nederlandse Heidemaatschappij, die toezicht hield op het werk, de werktijden en de vergoeding

Klingenbosch 

Hoewel er geen uitgebreide archiefvermeldingen zijn over specifieke barakken direct bij Klingenbosch, wijzen historische aanwijzingen erop dat in de buurt van wieler- en recreatiegebieden werklozen werden gehuisvest zoals elders in Wassenaar. De barakken waren vaak semi-permanent en eenvoudig van bouw, zodat ze makkelijk konden worden opgebouwd en afgebroken afhankelijk van de projecten. In sommige gevallen verbleven deelnemers drie maanden voor dienstbodenopleidingen of infrastructuurprojecten

De Paauw 

Huize De Paauw is een historische buitenplaats in Wassenaar die vanaf 1925 in gebruik is als raadhuis. In de context van de werkverschaffing is er geen directe bron die aangeeft dat De Paauw zelf werd gebruikt als woonplek voor werklozen in barakken. Wel staat vast:
Het landgoed De Paauw omvatte een park en landhuis, oorspronkelijk vanaf 1838 in eigendom van prins Frederik.
In de jaren dertig werd het raadhuisfunctiegebouw al in gebruik genomen (sinds 1925).
Het omliggende terrein en de oude buitenplaatsen werden in die periode soms betrokken bij werkverschaffingsprojecten in de vorm van landschaps- en parkwerken, wat houdt in dat werklozen hier aan infrastructuur en groenonderhoud konden werken.

Oostdorp 

In de jaren dertig werden werklozen in Wassenaar, waaronder Oostdorp, hoewel specifieke gegevens beperkt beschikbaar zijn, past het project in de landelijke praktijk van werklozen tijdens werkverschaffing ondergebracht werden in tijdelijke barakken als onderdeel van landelijke werkverschaffingsprojecten, waarbij zwaar fysiek werk werd uitgevoerd onder toezicht van organisaties zoals de Heidemaatschappij en de Nationale Rooms-Katholieke Commissie.

Zijlwatering en haven 

Hoewel specifieke gegevens over Zijlwatering beperkt beschikbaar zijn, past het project in de landelijke praktijk van werklozen tijdens werkverschaffing

De Deijl 

In de jaren dertig werden werklozen in Wassenaar, waaronder waarschijnlijk ook in Den Deijl, gehuisvest in houten barakken binnen werkverschaffingsprojecten die zware fysieke arbeid combineerden met minimale beloning.

Groot Deijleroord en Ter Weer 

Groot Deijleroord: Het gebied werd in 1930 als buurtvereniging vastgesteld en viel onder de gemeente Wassenaar. Hoewel de bouw van nieuwbouwwijken pas na 1950 startte, werden in de jaren dertig waarschijnlijk werkverschaffingsprojecten uitgevoerd voor terreinverbetering en parkinrichting, mogelijk met tijdelijke barakken voor onderdak van de werklozen

Rijksdorp met De Pan

In de jaren dertig van de twintigste eeuw werden in de omgeving van Rijksdorp, gemeente Wassenaar, werklozen ingezet in verschillende werkverschaffingsprojecten als onderdeel van de landelijke aanpak tegen werkloosheid tijdens de economische crisis. Deze projecten waren vaak fysiek zwaar en omvatten werkzaamheden zoals het aanleggen van paden, parken, kanalen en bosaanplant onder toezicht van instellingen zoals de Nederlandse Heidemaatschappij en later de Rijksdienst voor Werkverruiming (vanaf 1939).
Voor de huisvesting van de werklozen werden meestal houten barakken of tijdelijke kampgebouwen gebruikt. In Weteringpark, een deel van Wassenaar, bestonden dergelijke tijdelijke woonbarakken vermoedelijk uit meerdere slaapkamers met plaats voor 16 personen per kamer, waarbij barakken per afdeling gegroepeerd waren. Rondom deze barakken bevonden zich appelplaatsen, keukens, kantines en soms fietsstallingen of stalbarakken. De structuur was semi-permanent, zodat deze eenvoudig op te bouwen of af te breken was afhankelijk van het project.
Bij Rijksdorp zelf lag het terrein van historische landgoederen dat vanaf de jaren dertig deels werd ontwikkeld tot villapark en recreatiegebied. Het is aannemelijk dat ook hier werkverschaffingsprojecten plaatsvonden, overeenkomstig de landelijke praktijk, hoewel specifieke archiefvermeldingen van barakken in Rijksdorp beperkt zijn. De werklozen werden betaald met een minimaal loon en werkten lange werkdagen van vaak 40–50 uur per week.

Maaldrift 

Het complex Maaldrift, waarvan het huidige gebruik een magazijn- en trainingscentrum voor Defensie is, was in de jaren dertig nog niet specifiek als werkverschaffingskamp gedocumenteerd. Wel is bekend dat Wassenaar meerdere terreinen en landgoederen, zoals Duinrell en mogelijk Weteringpark, werden benut voor openbare werken die werklozen tewerkstelden.
Historische gegevens suggereren dat het landelijke patroon van werkkampen  tijdelijke barakken voor huisvesting van werklozen dichtbij projectlocaties ook hier van toepassing was. Het was gebruikelijk dat werklozen nabij projecten verbleven, waar zij belast werden met fysiek en nuttig werk dat bijdroeg aan stedelijke en landelijke infrastructuur.

Tussen 1932 en 1940 bestonden in Wassenaar tijdelijke barakken en werkkampen, waarschijnlijk ook bij of nabij het gebied van Maaldrift, voor de huisvesting van werklozen die deelnamen aan werkverschaffingsprojecten. Deze kampen waren georganiseerd volgens de landelijke normen van de tijd: semi-permanente houten barakken, langdurig en zwaar werk, en minimale vergoeding. Het doel was zowel het geven van werk als de verbetering van stedelijke of landelijke infrastructuur.

Raaphorst en in poldergebied 

Bij Landgoed Raaphorst en omgeving van Duinrell vonden werkverschaffingsactiviteiten plaats, gericht op: infrastructuur en terreinaanleg, onderhoud van paden en kleine bouwwerken, bossen en duingebieden.
Weteringpark en poldergebieden
In Weteringpark en de omliggende poldergebieden werden werklozen ingezet voor terreinaanleg en inrichting van parken en openbare ruimten. Ook hier werden waarschijnlijk houten of tijdelijke barakken gebruikt als verblijf.

 

Duinrell Wassenaarse Slag 

In Wassenaar, specifiek bij Duinrell en de omgeving van de Wassenaarse Slag, zijn er aanwijzingen dat ook hier werkverschaffingsprojecten plaatsvonden. Historische context van het landgoed Duinrell laat zien dat vanaf 1935 het terrein zich ontwikkelde tot recreatiegebied en dat delen van het landgoed in de periode daarvoor verkocht en heringericht werden. De Wassenaarse Slag, een duinpad naar het strand bij Rijksdorp, lag in een gebied waar maatregelen voor natuurbeheer en infrastructuur, zoals paden en kleine bouwwerkjes, zouden kunnen zijn uitgevoerd door werklozen onder werkverschaffing.
Hoewel er geen gedetailleerde archiefvermeldingen publiekelijk beschikbaar zijn over specifieke werkverschaffingsbarakken direct bij Duinrell of de Wassenaarse Slag, is het aannemelijk dat dergelijke tijdelijke huisvesting bestond, overeenkomstig de landelijke praktijk van werkkampen nabij grote projecten.

Weteringpark

Vanaf de jaren twintig en dertig groeide Wassenaar uit tot een villadorp met veel aanleg van openbare werken en parken als onderdeel van stadsontwikkeling. Hoewel er geen expliciete vermelding is van het Weteringpark in de beschikbare bronnen, is het aannemelijk dat ook daar werkloosheidsprojecten werden uitgevoerd in lijn met landelijke tendensen waarbij gemeenten werklozen inschakelden voor terreinaanleg en parkinrichting

In de jaren dertig werden in Weteringpark, gemeente Wassenaar, waarschijnlijk houten barakken of tijdelijke kampgebouwen gebruikt voor de huisvesting van werklozen die deelnamen aan werkverschaffingsprojecten.

In de jaren dertig werden in Weteringpark, gemeente Wassenaar, waarschijnlijk houten barakken of tijdelijke kampgebouwen gebruikt voor de huisvesting van werklozen die deelnamen aan werkverschaffingsprojecten.
Deze projecten waren vaak intensief en vereisten veel handmatig werk. De winst van dergelijke projecten lag zowel in het creëren van werk als in de verbetering van het stedelijk groen en openbare infrastructuur.