Krijgsgevangenenkampen
Krijgsgevangenenkampen waren locaties waar militairen en soms burgers gevangen werden gehouden tijdens conflicten, met sterke variatie in omstandigheden afhankelijk van land, tijd en oorlogssituatie.
Duitse krijgsgevangenenkampen: Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden veel Nederlandse militairen gevangen genomen door het Duitse leger. Kampen zoals Oflag 67, Stalag 371 in Stanislau en het beroemde Colditz waren onderdeel van een uitgebreid netwerk van Oflags (officieren) en Stalags (gewone soldaten), verspreid over Duitsland en bezette gebieden
In deze kampen werden militairen vaak ondergebracht in barakken en kregen beperkte voeding; sommige werden tewerkgesteld in arbeidskommandos.
Krijgsgevangenschap in Nederlands-Indië en Japan: Tijdens de Japanse bezetting van Nederlands-Indië tussen 1942-1945 werden tienduizenden KNIL-militairen en burgers gevangen genomen. Gevangenen werden inkampen geplaatst waar ze vaak zwaar moesten werken, bijvoorbeeld bij spoorwegen, vliegvelden en mijnbouw. Europese militairen en burgers werden naar verschillende regio’s overgebracht, waaronder Java, Sumatra, Celebes, Borneo, Molukken en uiteindelijk Japan. Slechts een deel van de gevangenen overleefde deze gevangenschap, met een sterftecijfer van ongeveer 19% voor Europese militairen
Kampsystemen in de Sovjet-Unie: In de Sovjet-Unie bestonden tijdens en na de Tweede Wereldoorlog duizenden kampen voor krijgsgevangenen. Deze waren verdeeld over verschillende regio’s zoals het Europese deel van Rusland, Oekraïne, Kazachstan en Centraal-Azië. Het systeem kende hoofdlocaties met administratieve subkampen en verschillende arbeidsbataljons. Duitse krijgsgevangenen ondergingen vaak zware arbeid en beperkte leefomstandigheden
Buttons lijsten krijgsgevangenenkampen WOII